Het getuigenis des Geestes in onze harten?
Uit onze voorgaande artikelen is wel duidelijk geworden, dat in artikel 5 van onze Nederlandse Geloofsbelijdenis over het Schriftgezag alle nadruk valt op het getuigenis des Geestes in onze harten. Daardoor is het vooral, dat de Schrift met gezag entree krijgt in ons leven.
Calvijn, Bavinck en de Bijbel zelf
Waarin bestaat dit zogenaamde Testimonium? Calvijn zegt ervan: 'Het is die werking van de heilige Geest, waardoor de ogen van ons verstand geopend worden voor de majesteit van Gods Woord en waardoor tevens dit Woord in ons ontsloten hart bezegeld wordt'. H. Bavinck brengt het aldus onder woorden: 'De heilige Geest, Die de Schrift gaf, geeft ook getuigenis aan die Schrift in het hart der gelovigen'. 'De Schrift zorgt voor haar eigen'zegepraal in het bewustzijn der gemeente van Christus' (Ger. Dogmatiek, I, 80).
De Schrift zelf spreekt ook uitdrukkelijk over dit werk van de heilige Geest in de harten, waardoor de heilige Geest het opneemt als een hemelse Advocaat voor hetgeen God in Christus heeft geopenbaard. Terecht brengt H. Bavinck dat als volgt onder woorden: Als God in de laatste dagen tot ons gesproken heeft door de Zoon, dan komt de H. Geest, die het bij de wereld voor Christus opneemt. Zijn zaak bepleit. Zijn Woord verdedigt en de harten der mensen tot gehoorzaamheid neigt. De H. Geest is de grote, machtige Getuige van Christus, objectief in de Schrift, subjectief in 's mensen eigen geest. Door die Geest ontvangt de mens een adaequaat (geschikt, gepast) orgaan voor de uitwendige openbaring. God kan alleen door God worden gekend; in Zijn licht kan alleen het licht worden gezien. Niemand kent de Vader, dan wie het de Zoon wil openbaren en niemand kan zeggen Jezus de Heere te zijn dan door de H. Geest'. Men leze Matth. 11:27, Luc. 10 : 22, 1 Kor. 12 : 3. Er is een bijzondere trekking des Vaders door de heilige Geest tot de Zoon (Joh. 6 : 44) 'Die het van de Vader gehoord en geleerd heeft, die komt tot Christus (vs. 45). En het zijn de gegevenen des Vaders, die onder deze bijzondere bearbeiding des Geestes staan, die tot de Zoon komen (vs. 37). De natuurlijke mens begrijpt niet de dingen, die des Geestes Gods zijn; want ze zijn hem dwaasheid en hij kan ze niet verstaan, omdat ze geestelijk onderscheiden worden' (1 Cor. 2 : 14). Maar wie de Geest, Die uit God is ontvangen heeft, die mag weten de dingen, die Hem van God geschonken zijn (vs. 12).
Er is dus een tweevoudige verlichting door de heilige Geest: een verlichting van het Evangelie, waardoor het Woord van God als een zon gaat stralen. Maar daarnaast ook een inwendige verlichting in het hart, waardoor wij het licht van deze zon gaan zien. Het beeld is van Calvijn. God opende Lydia's hart, terwijl zij stond te luisteren naar Paulus, zodat zij acht nam op hetgeen van Paulus gesproken werd (Hand. 16 : 14). Hier is duidelijk sprake van een werk des Geestes in het hart naast die in het (gepredikte) Woord. Hoeveel verbanden er ook gelegd kunnen en moeten worden tussen deze zogenaamde tweevoudige verlichting des Geestes, we moeten hier toch ook duidelijk onderscheiden. Het is de heilige Geest, Die het niet alleen in de Schrift voor God en Zijn Christus opneemt, maar ook in de harten der gegevenen des Vaders voor de God der Schriften en voor de Schriften zelf.
Geen aparte openbaringen
Nu ntioeten we ons echter dit getuigenis des Geestes in het hart wel op de goede wijze voorstellen. Berkouwer (in Dogmatische Studiën, De hl. Schrift, I, blz. 45) zegt ervan: 'In ieder geval is er geen sprake van... een stem, die ons iets influistert over de oorsprong en qualiteit der Schrift'. Het is duidelijk, dat op dit punt een dopers, spiritualistisch gevaar om de hoek komt kijken. Daardoor immers wordt het inwendige licht verheerlijkt ten koste van de Schrift. Men leeft dan bij bijzondere openbaringen, door de heilige Geest direct in het hart gelegd, die achteraf door de Bijbel bevestigd worden. Men krijgt een woord van God, waarvan men heel niet weet, dat het in de Bijbel staat en dat later door een vindplaats in de Bijbel wordt onderstreept. Op deze wijze gaat echter de Bijbel het Geesteswerk in het hart bevestigen inplaats van omgekeerd. Wat God direct buiten de Bijbel om, in het hart openbaart door Zijn Geest, komt op die manier op hetzelfde niveau te staan en in het verlengde te liggen van wat God vroeger aan de Bijbelschrijvers openbaarde. Men vergeet dan echter het verschil in bediening des Geestes tussen de tijd van de Bijbelschrijvers (directe openbaring) en de tijd, waarin wij leven en waarin de Geest via het geschreven Woord tot ons komt. En dan wordt straks soms zelfs de eenvoudige betekenis van het Bijbelwoord weggeëxegetiseerd door de meest vreemde 'Geestesopenbaringen' in het hart. Laat het ons een groot voorrecht vinden, dat we een Bijbel hebben en dat we die lezen kunnen. En laat ons bij de lezing daarvan bidden om en uitzien naar de krachtige toepassing daarvan in ons hart. Zo werkt immers de heilige Geest.
Kohlhrügge en het krijgen van teksten
Kohlbrügge zegt ergens in een preek naar aanleiding van de Heidelbergse Catechismus (vraag en antwoord 65) over de tekst 'Zo iemand Mij liefheeft die zal Mijn Woord bewaren (Joh. 14 : 23): Men moet eerst verloren zijn geweest, zo verloren, dat er geen denken meer aan was om ooit verlost te worden. Alles, wat men tot nu toe bezat, is verloren geraakt. Eindelijk is het Woord van de Heere Jezus gekomen en daarin heeft men redding gevonden. Zo heeft men dan geleerd, welk een macht er in dit Woord schuilt. Dit Woord heeft men in de nood gevonden op het Bijbelblad en men heeft zich daaraan vastgehouden'. En even verder in diezelfde preek zegt Kohlbrügge dan: In het hart werkt de heilige Geest het geloof. Waardoor? Doet Hij dat onmiddellijk, door Hem zomaar opeens in het hart uit te storten? Neen, door de prediking van het heilig Evangelie. De prediking is dus noodzakelijk. Het is noodzakelijk, dat men op de dag des Heeren de prediking hoort en dagelijks een hoofdstuk of twee in de heilige Schrift leest. Dan zijn er gewoonlijk een paar woorden, twee of drie, al naar het de Heere behaagt, die tot het hart doordringen en blijven. En wat men voor jaar en dag gelezen heeft, dat komt ons in de nood weer te binnen. De ondervinding heeft mij dat geleerd. Ik ben in de allerschrikkelijkste noden geweest, maar nog in geen nood was ik, of er was een Woord, dat mij uithielp'.
Hiermee is, dunkt mij, door Kohlbrügge niet ontkend, dat het de heilige Geest is Die het hart voor het Woord opent. Maar wel legt hij hier een nauwer verband tussen het ontstaan en voortbestaan van het geloof enerzijds en de prediking en de lezing van de heilige Schrift anderzijds. Als de heilige Geest het hart opent voor de Schrift en ons op het Woord van God werpt in de nood van ons bestaan, dan maakt Hij daarbij niet zelden gebruik van wat in ons geheugen is blijven hangen uit de prediking en de Schriftlezing van vroeger tijd en geeft het voor ons glans en aantrekkelijkheid. In die zin kunnen we spreken over het krijgen van teksten. En op deze wijze, in de nood van ons leven, gaan de Schriften voor ons open en wordt het gezag van Gods Woord bevindelijk in ons hart ingedragen.
De heilige Geest werpt ons dus in de existentiële nood van ons bestaan, in de doorleving van de onwaarachtigheid en leugenachtigheid van ons bestaan buiten God, op het Woord des Heeren terug als op het enig houvast, waarmee we leven en sterven kunnen. Maar als dat zo is, dan kunnen we van het Woord Gods ook nooit meer scheiden. We hebben er de levende God in ontmoet. We gaan er teer mee om. We achten het voor hoogst betrouwbaar. We vrezen om er historisch of normatief iets van af te doen. Mij dunkt, dat eerst zo in deze weg van het getuigenis des Geestes in het hart, een behoorlijk tegenweer gegeven is tegen de Schriftcritiek, die de Schrift in stukken slaat.
Schriftgeloof en heilsgeloof
Uit het bovenstaande is nu wel duidelijk geworden, dat het getuigenis van de heilige Geest in het hart niet buiten bekering en geloof omgaat. In de weg van bekering en geloof, waardoor de heilige Geest de heilgeheimen van de Schrift voor ons ontsluit, komt ook die diepe achting voor de Schrift als het onfeilbare Woord van God eerst recht in zijn volheid door in onze ziel. Zo geeft de heilige Geest getuigenis in onze harten, dat de Schriften van God zijn (artikel 5 N.G.B.). Zo doet de heilige Geest er ons voor buigen en vallen. Heilsgeloof en Schriftgeloof gaan hand in hand. Dr. J. Veenhof (in Revelatie en Inspiratie, blz. 494v) maakt duidelijk, dat de zaken er zo ook voor staan in de werken van Calvijn. Bavinck heeft zich volgens hem vergist, toen hij beweerde, dat bij Calvijn het Getuigenis van de heilige Geest in het hart vooral zou slaan op de Goddelijkheid van de Schrift en dat een mens daarvan verzekerd wordt door de heilige Geest om eerst daarna te (kunnen) komen tot de omhelzing van de beloften der Goddelijke welwillendheid in de Schrift jegens die mens. Volgens Veenhof heeft Calvijn de dingen zo niet uit elkaar gehaald. Bij hem is toch ook het geloof in de Schrift het geloof in Christus, Die als in het gewaad der Schrift tot ons komt. Inderdaad moeten we Schriftgeloof en heilsgeloof zo dicht mogelijk bij elkaar houden, zoals we dat boven ook deden. Schriftgeloof in de volle, diepe zin van het woord kan toch niet slechts bestaan in een buigen voor de Goddelijkheid van de Schrift zonder een hartelijke betrokkenheid op de heilsboodschap van het Woord Gods tegelijk.
Het Schriftgezag in het historisch geloof
Dat wil echter niet zeggen, dat de heilige Geest in ons niet enig besef van de Goddelijkheid der Schrift kan bewerken, zonder dat er nog een hartelijk omhelzen van de Christus der Schriften mee verbonden is. Ik zou willen zeggen, dat het beslag van de heilige Geest ook daar, waar de hartelijke geloofsverbondenheid met Christus (nog) niet is, soms zo groot is, dat men aan de Schrift niet wil tornen en met een historisch geloof het gezag van de Bijbel erkent. Ik weet wel, dat hier het gevaar van een wettische omgang met de Schrift levensgroot voor ons komt te staan. Wanneer men geen hartelijke kennis heeft aan de Christus der Schriften, gaat men vaak op een intellectuele manier en op een wettische wijze met de Schrift om. Men houdt oude waarheden staande, men vecht voor de oude leer, maar de Schrift heeft voor zulk één nooit meer waarde gekregen dan een boek met Goddelijke regels, die men verkrampt wil nakomen of waarvan men slechts wil erkennen, dat ze ons veroordelen, zonder ooit door de Schrift zelf van onder de vloek vandaan gehaald te zijn. Niettemin houd ik vast, dat het soms zo er naar toe gaat, dat een mens èn doordat hij regelmatig onder de prediking komt èn uit kracht van opvoeding èn door het beslag van de heilige Geest in zijn innerlijk overtuigd raakt van de Goddelijkheid van de Schrift, en eerst later hartelijk in de volheid van de heilsboodschap van Gods Woord wordt ingezet.
De doorbraak van het Schriftgezag in wedergeboorte en geloof
Duidelijk is het evenwel, dat het gezag van de heilige Schrift als openbaring van Gods heilswil ten aanzien van zondaren dan ook eerst recht doorstraalt in het hart, wanneer de heilige Geest ons in een weg van wedergeboorte en geloof overtuigt, dat we in de Bijbel van doen hebben met Godzelf in Zijn toorn en liefde, in Zijn wet en Evangelie. En eerst zo zijn we in het hart van wat artikel 5 van onze Nederlandse Geloofsbelijdenis noemt: het getuigenis van de heilige Geest in onze harten, waardoor het rotsvast en diep vertroostend voor ons vastligt, dat de Schriften van God zijn. Zo rotsvast, dat alle machten der hel het er niet meer uitkrijgen. Gods Woord houdt stand in eeuwigheid en zal geen duimbreed wijken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1972
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 5 oktober 1972
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's