De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Gereformeerd gezinden bijeen

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Gereformeerd gezinden bijeen

Openingswoord op predikantenconferentie

7 minuten leestijd

Als wij hier als Gereformeerd gezinden bijeen zijn uit verschillende kerken van Gereformeerde signatuur in ons land, dan heten wij u als Gereformeerde Bond in de Hervormde Kerk van harte welkom en dan heten wij u welkom op kerkelijk Gereformeerde bodem. Eigenlijk hadden wij als uw gastheren u moeten ontvangen op een historische bodem, bijvoorbeeld in de Statiezaal te Dordrecht. De keuze van deze plaats moge dan gezien worden als een schrede in de richting van de gescheiden broederen, nog een pas verder en dan hebben wij Apeldoorn en dan wat passen terug dan hebben wij Rotterdam. Maar ziet onze stad is dan maar Dordt. Wij zijn dan dus welkom bij elkaar en naar elkaar toe. Reeds meermalen is een poging ondempmen de Gereformeerden uit de verschillende kerken bijeen te brengen, door studenten van de C.S.F.R.en door het C.O.G.G. Niet om deze acties te verbeteren of te doorkruisen is deze vergadering belegd. Zij is gedacht als een vervolg op het Getuigenis. Dat bedoelde niet slechts te zijn een woord voor de Hervormde Kerk alleen, maar een woord voon de kerk van Nederland. De geest van de tijd heeft zich gemeld aan ons aller deuren. De dwalingen en het verlaten van God en Zijn dienst, de geest van revolutie dringen zich op aan ons hele volk en de een minder, de ander meer aan alle kerken, niet het minst aan de Rooms-katholieke Kerk, de Hervormde Kerk en de Gereformeerde Kerken. — De jaren 1834, 1852, 1886 en 1892 liggen achter ons en wij maken ze niet teniet. Behalve die jaren is er een gestadig druppelende afscheiding geweest uit onze kerk. 'k Wil nu niet spreken over onderlinge verschuivingen van de ene kerk naar de andere kerk. De Hervormde Kerk heeft aan dit alles wel een grote schuld en wij mogen dit als een laat nageslacht wel ootmoedig erkennen. Mogelijk is er ook bij u ten opzichte van de Hervormde Kerk en ten opzichte van elkander wel wat te belijden. Wij hebben dat allen wel eens wat gepreekt binnen eigen kerk en voor elkander, maar veel verder heeft ons dat niet gebracht. Wij zullen wel allen een zeker gevoel van saamhorigheid hebben jegens elkander, een zeker verlangen naar elkander en er zal hier en daar wel zijn een droefheid om de verbreking van Jozef, en om de verstrooidheid als de beenderen aan de mond van het graf, maar dat zal dan hier en daar individueel zijn.

Nu kan men onderling openen een kerkelijk gesprek, het zij dan gericht op wat scheidt of op wat verbindt. Het C.O.G.G. heeft dit verscheidene jaren achtereen gedaan en doet dit nog. De Hervormde Kerk heeft officieel contact met de Gereformeerde Kerken. Als nu ergens een goede reden mag worden gezien voor een goed, een hecht en een diep contact, dan moest het toch-zeker onder ons zijn, mannen die van één belijdenis zijn. Wij staan allen een onverkorte belijdenis voor. Dit wordt ons van links ook nog al eens voor de voeten geworpen, als wij in de Hervormde Kerk sterk pleiten voor het onderhouden van de belijdenis: 'Gij kunt rond de belijdenis elkaar nog niet eens vinden!'

Mogelijk doen wij goed om boven de belijdenis uit (hoe zeer lief wij die ook hebben! ) het Woord Gods en de leer des Heeren, de hemelse leer, zoals Calvijn die noemt, als een banier omhoog te heffen, elk voor eigen kring en voor elkander. Het Woord Gods is toch ten diepste 'hèt instrument', waardoor het de Heilige Geest belieft Christus' kerk te doen ontstaan, waar het Woord genoemd wordt het zaad der wedergeboorte. En het is wederom het Woord, waardoor Christus Zich een gemeente vergadert. Het Woord heeft levenwekkende kracht, het heeft ook vergaderend vermogen. Daar zit in het Woord bindende, bijeenhoudende, bewarende kracht. Met het Woord bouwt de Heilige Geest Zijn gemeente. Zijn kerk. Als er dan één ding nodig is, dan is het dit, dat het Woord in zijn totaliteit klinkt. Nergens treden verbijzonderingen meer door op, nergens worden apartheden, meer door bevorderd, dan door bepaalde delen van de waarheid des Woords bijzonder onder de aandacht te stellen. Waar men bijzonder onder de aandacht brengt, worden doorgaans andere delen van het geloof wat meer of soms geheel in de schaduw gelaten. Nominaal zal men die stukken zeker geloven, maar ze functioneren niet in de prediking en dan zeker niet in het geloof der gemeente. Wat dit betreft moge ik een drietal zaken noemen. Daar is voor eerst het verkondigen van al de raad Gods. Dat is volgens de Catechismus in de wortelzondag van het geloof. Zondag 8, het geloof van God de Vader en onze schepping, van God de Zoon en onze verlossing en van God de Heilige Geest en onze heiligmaking. Als men in onze kringen spreekt over 'al de raad Gods ' en over het komen in de stukken, dan bedoelt men daarmee echter de 'orde des heils'. Inderdaad kostelijke geloofsstukken: de verkiezing, de roeping, de wedergeboorte, de rechtvaardigmaking, de heiligmaking, de heerlijkmaking. Maar zij vormen slechts een onderdeel van de leer van de Heilige Geest. De grote hoofdstukken zijn: de Vader en de schepping, dan de Zoon en onze verlossing en dan de Heilige Geest, Wiens werken zijn de schepping, de inspiratie van het Woord vele eeuwen door, de ontvangenis van de Zoon, de toevergadering van de kerk en dan de orde des heils. Zouden die grote hoofdstukken van de leer des Heeren, de voorwerpelijke waarheid niét meer en breder theologisch behandeld en bepreekt moeten worden? Zou de totaliteit van de leer ons niet meer op kunnen heffen op een Reformatorisch niveau? Zou dat onze religie niet wat algemener kunnen maken en tevens die toepassing des heils, de bevinding des geloofs niet wat breder en dieper kunnen maken?

Zo kom ik aan het tweede, wat in ons aller kringen dacht ik aandacht verdient. Wij behoeven misschien in deze kringen niet te waarschuwen tegen te grote voorwerpelijkheid. Maar is de bevindelijkheid niet vaak een overwoekering van de leer geworden? Is de bevinding niet een eigen leven gaan leven, zodat men ons zelfs is gaan noemen een bevindelijk christendom? Wij hopen waarlijk een bevindelijk prediker, van Gods Woord te zijn, maar dan slechts met een bevinding des geloofs, dat wil zeggen met een bevinding, gehangen aan de Godsleer. En dan komen wij tot die sobere, maar diepe bevinding, zoals Calvijn die heeft, predikt en voorstaat, d.w.z. alleen die uit de Schriften komt, alleen die het geloof eigen is.

Wat deze tijd bijzonder vereist, dat is dat de kerk bijzonder leiding geeft in een weldoordachte levensleer. Het woord ethiek is te zeer van Griekse afkomst, om ons bijbels bedoelen weer te geven. Reeds de toevoeging Christelijke ethiek of zelfs Gereformeerde ethiek doet het niet toereikende van dit begrip verstaan. Ergens komen wij hier mee bij de gewoonheid in Israël, zoals wij die aantreffen in de Richteren en Ruth, maar dat was de tijd waarin ieder deed, wat goed was in zijn ogen, Wij zouden kunnen denken aan een levenskunst of wellevenskunst. Mogelijk ook aan de pietas, maar dit woord voert ons naar de Middeleeuwen met hun kloostervroomheid. Nog zo gek niet is het woord van onze kerkorde: de dankbare gehoorzaamheid aan het Woord en de gemeenschap met de belijdenis.

Zo toch één ding nodig is, dan is het leiding geven in het leven, nu een Russisch Marxistisch en mogelijk zelfs Oosters levenspatroon veld wint, revolutionaire, chaotische toestanden optreden in de staat en ook in de kerken. De afbraak van kerken kon wel eens een profetie voor de toekomst worden. De publiciteitsmedia, de vorming van de jeugd mogen wel waarlijk vanuit de Schriften der profeten, de redenen van Christus in de Evangeliën en de practische raadgevingen in de brieven, onze zorg hebben. Dan zijn wij met het geheel van de leer der waarheid rond.

Zodat ik maar zeggen wil: wij kunnen elkander alleen dienen en alleen van elkander gediend zijn, als wij de banier der waarheid breed ontplooien. De banier is het verzamelpunt, en waar zij breed uitwaait, verzamelt zij velen onder zich. Vandaar, mijne broeders, dat Romeinen 12 het thema voor dit congres bedoelde te zijn.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 1972

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Gereformeerd gezinden bijeen

Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 november 1972

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's