De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

'Hier en Heden'

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

'Hier en Heden'

5 minuten leestijd

de roomsen

Wij leven weinig bestendig. Wisselingen zijn aan de orde en onze opvattingen over de gang van zaken zijn moment-opnamen. Elke week moeten wij onze waarnemingen corrigeren en onze apparatuur dienen wij bij te stellen. Het is jammer dat wij zoveel moeten lezen per dag om bij te blijven. Een dwarsdoorsnee schiet er niet op over. Door de geweldige vracht van informatie over de dag van heden wordt alles van gisteren verdrongen en raakt alles van vorige maand onvindbaar.

Hoe leerzaam zou het wezen om bijvoorbeeld achter elkaar te lezen wat enkele vooraanstaande politici achtereenvolgens als hun laatste bolwerk hebben verkondigd gedurende het kwartaal, dat Burger ervoor nam om een kabinet te formeren. Een kabinet, dat er tenslotte niet kwam. Wanneer iemand de uitspraken van dag tot dag gedaan naast elkaar of onder elkaar legt dan ziet hij de verschuivingen. Het gaat bij de dag geleidelijk. Per week is het heel wat en gedurende een maand is het een kilometer.

Ik noem dit illustratieve voorbeeld. Ik bedoel echter wat anders. Het is een poosje geleden, dat ik enkele malen in oecumenebevorderende lectuur verschillende malen de uitdrukking tegenkwam dat alles in de Rooms-Katholieke Kerk zo heerlijk ging. De kerk die gedurende eeuwen vele eeuwen achterliep had de pedes apostolorum erin gezet en liep minstens jaren voor. Diverse protestanten waren jaloers. Al frissigheid waaide door Rome's kerken en reformata reformanda ten spijt bleef het een suffe en ingedommelde boel in onze Stoffige protestante heiligdommen. Geestdriftige beschouwingen van die inhoud ben ik tegengekomen. Het waren opvattingen van een dag en een week.

Tegenwoordig hoor je van dat niets meer. Er zijn bisschoppen, die de lampekous omlaag schroeven, opdat het licht niet walmt en het glas niet beroet raakt. Wij horen hoe de verantwoordelijke leiders in de R.-K. Kerk oproepen tot bekering en tot zondebesef. Want het is beleving van schuld die bij velen radicaal ontbreekt. Zo radicaal zijn wij dan radicaal. Boze lusten van het vlees hebben bij de massa de overhand en daar moet uit alle macht en uit alle kracht tegen geageerd worden. Ik moet zeggen dat ik die geluiden wel mag. Het gaat er niet om op dit moment hoe de kerkelijke leiders zich het allemaal, indenken. Van welke geaardheid en welke diepgang dat zondebesef moet wezen. Ook niet om de vraag op welke wijze het zondebesef plaats maakt voor het bevrijdend gevoel van Gods onverdiende genade en Gods pure gunst. De klank is weldadig.

Het is broodnodig dat er zondebesef is en dat het volk zich bekeert van de leegheid en de bedriegelijke schijn, die geen blijvende en ware bevrediging biedt. Weet u wat nu echter vreemd is? Dat de geestdriftige stemmen zijn verstomd, die de ontwikkelingen in de Rooms-Katholieke Kerk ons vurig hebben aangepraat.

Ineens is die machtige zender uit de lucht. De stilte is luid, wil ik haast zeggen. Laat ik niet beweren dat ik die geluiden goed vindt. Want dan zou die zwijgende zender, die uit de lucht viel, gaan grommen.

gereformeerden

Als ik domweg gereformeerden schrijf, weet ieder welke gereformeerden ik bedoel. Er zijn talloze stammen van gereformeerden, maar er zijn ook de gereformeerden. Gereformeerden die helaas echter druk bezig waren te ontgereformeerden.

Tegen die snelle afloop van wateren rezen in eigen boezem bezwaren en daartegen kwamen in eigen gelederen verontrusten in opstand. Onlangs kwamen zij bijeen. Er was inderdaad wel reden en aanleiding om de bezorgd lijkende en kijkende hoofden bij elkaar te steken.

Als zoiets gebeurt zijn wij hervormd-gereformeerden, die al jaren en jaren aan het doleren zijn binnen de Ned. Hervormde Kerk, extra nieuwsgierig. Wat gaat er gezegd worden wanneer dolerenden gaan doleren binnen hun vanouds dolerende kerken?

Ik schreef dat wij hervormd-gereformeerden grote belangstelling aan den dag leggen. Wij bevinden ons namelijk op een merkwaardig kruispunt. Zeg dat het hele kerkelijke vraagstuk, de kerkelijke gedeeldheid, een log en zwaar groot kruis is. Een balk van een nationale kerk, die velen verlieten en een geduchte dwarsbalk van gescheiden kerken. Waar die elkaar kruisen zijn wij. Wij zijn zowel op de ene als op de andere baan. Daarom ook van voren en van achter, van links en van rechts geduwd en getrokken.

Daar zit je op je kruispunt te luisteren en het gehoorde van het congres te verwerken. 'Wij willen geen Gereformeerde Bond worden in de Gereformeerde Kerken'. Zin nummer één. 'Wij willen geen achtenvijftigste kerk worden naast de zevenenvijftig'. Applaus! Prima dat applaus. Ter zake echter. Twee dingen wilt gij niet. Wat dan wel?

De Gereformeerde Bond wordt door velen in de kerkelijke menagerie als een wonderlijk gedrocht ervaren. Een ecclesiologisch wanschepsel. Zij zijn kennelijk niet gescheiden en evenmin niet volstrekt nietgescheiden. Wat doe je ermee en wat kun je van hen verwachten?

Zij zijn bezig met twee dingen. Zij willen zich niet afscheiden van de kerk en zij laten niet af om zich binnen de kerk af te scheiden van hen en van wat in de kerk niet van de kerk is. Zij horen tot het wonderlijkste geslacht van alle tijden. Zij horen tot het geslacht van de 'nochtansers', als u ze soms kent.

Ik kan me best voorstellen, dat iemand zegt: Wij willen geen hum hum hum worden. Het lijkt niet plezierig vanuit eigen positie zo'n bond te worden, ondanks veel strijd en moeite, veel innerlijke strijd bovendien, is er niets plezierigers om te wezen. Als je doende bent om je los te maken van velen in de kerk en veel in de kerk wat niet van de kerk is, ruk je op naar het hart van de kerk, krijg je die kerk op geestelijke wijze meer lief dan ooit. Het kan in een ongeestelijke kerk godzaliger ernaar toegaan dan in een kerk, die als een kaars druipt, druipt van onnatuurlijke geestelijkheid, van gemaakte geestelijkheid. Nochtans. Het zou de groet kunnen worden, waarmee je elkaar blij begroet, zodra je elkaar ontmoet. Nochtans, het is ditmaal mijn afscheidsgroet.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 april 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

'Hier en Heden'

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 april 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's