De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De Geest der uitbranding

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De Geest der uitbranding

5 minuten leestijd

'En door de Geest der uitbranding'. Jesaja 4 : 4b

De bovenstaande woorden komen voor in een aangrijpende samenhang. Het loont werkelijk de moeite de bijbel eens ter hand te nemen en het gehele voorafgaande hoofdstuk over te lezen. Het gaat daarin over de trotse vrouwen van Jeruzalem. De profeet toont zich uitermate goed thuis te zijn in de damesmode van die dagen, want een gehele snuisterij en winkel van oorhangers, armbanden, hoofddoeken, tasjes, reukflesjes, handspiegels en sluiers verschijnt ten tonele. Niet dat de profeet er op zichzelf zoveel behagen in stelt dit alles op te sommen — ge leest het tegendeel. Want wat geschiedt er? Over de stad breekt het oordeel los. De-koketterie van Jeruzalem was hem een uiting van Juda's hoogmoed. Daarom voorspelt Jesaja daarover het oordeel des Heeren. Het behaagzieke volk zal tenonder gaan. In plaats van specerijen komt er stank, in plaats van haarvlechten kaalheid, en een rouwkleed voor een pronkgewaad. Evenwel, niet geheel het volk zal door Gods oordeel te gronde gaan. Er zal 'n rest zijn, die op bijzondere wijze 's Heeren tegenwoordigheid zal ervaren en Zijn heil zal ontvangen. Deze heilsbelofte, die een aanvankelijke vervulling vond in de terugkeer van een deel van het volk uit gevangenschap, vond haar vollere vervulling in de komst van Christus en zal uiteindelijk vervuld worden in het komen van het Rijk Gods in al zijn glorie en luister van de nieuwe hemel en de nieuwe aarde. De Geest der uitbranding vaagt in het gericht als met Zijn adem alle bozen met hun goddeloosheid weg. Men heeft hier weer de twee zijden van het gericht: de zondaren vergaan erdoor en de gelovigen worden erdoor gereinigd en behouden.

Ge leest hier: de Geest der uitbranding. We moeten ons er wel goed rekenschap van geven, wat dit inhoudt. Wij bidden gewoonlijk rondom de pinkstertijd meer dan gewoonlijk om 'n krachtige doorwerking des Geestes. Maar weten wij wel, dat wij zo bidden om de doorbreking van een machtige vuurstroom, die als een gericht door ons heen gaat? Staan wij er wel bij stil, dat dit een gebed om onze eigen vernietiging is voor zover 't de oude mens aangaat, — een gebed om aangegrepen te Worden, door een verzengende gloed, die invreet en doorvreet tot in het diepst van ons wezen? Wanneer de Heilige Geest zijn intrede in het boze hart doet, tast Hij alle ongerechtigheid aan, die er heerst en schroeit haar als met een brandijzer weg. Smetten, die de oppervlakte ontsieren wissen wij af. Maar wat zo diep zit als de onreinheid der zonde, kan niet met water gewassen worden, noch met zeep gezuiverd, noch met enig reinigingsmiddel worden weggedaan; hier is nodig het vuur, dat doorgloeit tot in de kern der dingen, om te vernietigen, wat niet voor Gods heilig oog kan bestaan. Wij vragen in dit gebed zeker om voorziening in een behoefte, die wij niet uit ons zelf leerden kennen. Onze eigen geest immers wil zelfhandhaving, en lijfbehoud voor Gods aangezicht. Daarom, wanneer hier sprake is van een bede om de Geest der uitbranding — dat moet alleen komen van Godswege. Het vuur der uitbranding moet slaan door de verborgenste afdwalingen, het moet schroeien en verteren de geheimste pogingen zichzelf rechtvaardig te achten voor God. Hebt ge er wel eens oog voor gekregen hoe listig, hoe vroom de mens zich voor de Allerhoogste op de been houdt? O, wanneer daarom dat vuur dier uitbranding door u heenslaat, daar gaan uw edele voornemens, ze kunnen niet bestaan voor Gods gericht. Daar fladderen onze goede werken als verzengde papieren in de lucht. Ze schenken geen grond èn hoop om voor God te bestaan.

De brand Gods slaat door uw leven heen. De laaiende vlamroen vreten gretig alles aan. Uw wereldliefde, uw eigengerechtigheid, uw eigenwillige godsdienst, uw ingebeelde verdienstelijkheid — ge grijpt er wanhopig naar, maar de wind heeft ze meegevoerd, het zijn snippers voor uw voet geworden. Daar liggen ze nu, ge hebt er niets meer aan. Al waar ge op wilde steunen, bezweek en viel...

Maar dan is er plaats voor die andere regel. Dan komt er: ai, laat mij op U leunen met heel mijn ziel. Dan laten wij ons als arme zondaren geheel zinken op Gods barmhartigheid in Christus. Dit branden en uitbranden doet pijn, maar toch is het een zegenend werk. Het vuur verslindt, maar het reinigt door te verslinden. Het verdelgt om te behouden. Het loutert en heiligt. En wat zien we dan? Wie door de brand des Geestes is heengegaan, komt eruit tevoorschijn overtogen met de glans der genade. Hij heeft alles — zichzelf — verloren. Maar hij heeft alles — Jezus Christus — gewonnen. Voorzeker, dat betekent niet een gemakkelijk leven. Op Christus' kosten te bestaan, wil beduiden uit genade te leven. We komen daartoe hier beneden slechts ten dele. Luther zeide: 'het is hier niet een christen zijn, maar een christen worden'. Wat is het moeilijk, maar wat is het anderszins ook gemakkelijk. Het gaat door de Geest, die alles uit Christus neemt en het ons toepast. Zo worden wij de Vader in Hem voorgesteld. Het beeld wordt vernieuwd, al gaat het langzaam. Maar 't zal gewis geschieden. Pinksterkinderen, de volle zomer komt!

A. van Brummelen

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De Geest der uitbranding

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 juni 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's