De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Handschriften van de Bijbel

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Handschriften van de Bijbel

De tekst van de Bijbel

8 minuten leestijd

Een van onze lezers, die Israël bezocht schreef ons over enige vragen, die bij hem opkwamen, toen hij zich in dat gedeelte van het Israël-Museum te Jerusalem bevond, waar de vondsten van Qumran zijn tentoongesteld, het 'heiligdom van het boek'. Wij moeten ons wel hoeden voor overdrijving; wij kussen geen rollen van de Thora of enig relikwie, niet omdat wij er te nuchter voor zijn — een kwalificatie, waarvan ik trouwens niet houd — maar omdat het onjuist is. Dit soort van verering wijzen wij af, gewaarschuwd als wij zijn door het kussen van het Baalsbeeld om alleen dit voorbeeld uit de Schrift te noemen. Maar een bezoek aan het heiligdom van het boek grijpt de bezoeker wel aan. Alles werkt ook mede om hem on­der de indruk te brengen: het voorname gebouw, niet groot maar machtig imponerend, de gewijde stilte, die hier heerst en vooral het handschrift. Achter glas is hier opgesteld het oudst bekende handschrift van een bijbelboek; het stof der eeuwen kleeft eraan. De grote Jesajarol (in het algemeen aangeduid als 1 Q Isa) is zeven meter dertig lang en ongeveer 26 centimeter hoog. De rol bevat dezelfde tekst als wij in onze Hebreeuwse bijbel vinden, die tegenwoordig allerwege gebruikt wordt, die van Kittel. En toch wie hier komt wil er zelf iets van lezen; zonder dat ga je niet weg. Het kost wat inspanning, maar een bekend gedeelte wil je ontcijferen, het Heilig, heilig heilig uit het roepingsvisioen van h. 6 en enige verzen uit Jes. 40: Troost, troost mijn volk. Hier vermenigvuldigen zich de gedachten, zoals op zovele plaatsen in Israël. Hier is het: God waakt over Zijn Woord. De vijanden hebben gezocht de eeuwen door het Woord te vernietigen, te verbranden. Weg met dat Woord, op welke manier dan ook. Maar God waakt over Zijn Woord.

In het jaar van deze opzienbare vondst in Qumran (ongeveer 12 km van Jericho verwijderd, aan de Dode Zee) stond Israël in het middelpunt van de belangstelling (1947). Met een meerderheid van tweederde nam de Algemene Vergadering van de Verenigde Naties het besluit om een onafhankelijke joodse staat in Palestina te stichten en de bewoners werden opgeroepen om de noodzakelijke stappen te nemen om deze zaak te realiseren. Deze resolutie betekende het begin van een nog steeds niet geëindigde worsteling om zelfbehoud voor de nieuwe staat. De 15de mei 1948 volgde de officiële proclamatie over de stichting van de souvereine staat Israël.

Vondsten van Qumran een zeldzame verrassing

In die bewogen tijd kwam uit nooit bezochte grotten de ene rol na de andere en het ene fragment na het andere van bijbelboeken en religieuze literatuur voor de dag. Geleerden boven zich boven het oude handschrift, bij kaarslicht, toen het elektrische licht in Jeruzalem was uitgevallen. Wij zouden denken — dat volk had wel wat anders aan zijn hoofd om tijd en geld aan te besteden, maar men heeft als met een schok de waarde van dit en andere handschriften gevoeld. Wie had daarop durven rekenen? Men kon zich voorstellen, dat in het droge zand van Egypte nog oude papyri verborgen lagen. Maar in Israël waren de klimatologische omstandigheden van dien aard, dat oude manuscripten reeds eeuwen moesten zijn vergaan. En uitgerekend in Israël vond men zeer oude rollen; de rol van Jesaja dateerde uit de tweede eeuw voor onze jaartelling. Het was sensationeel nieuws voor Israël en voor ieder, in wiens hart liefde was voor het Woord des Heeren. Het bleek één van de grootste ontdekkingen ten opzichte van de Hebreeuwse bijbel. Het is niet bij de eerste vondsten gebleven, waarvan vooral de twee rollen van Jesaja (de eerste was het beste bewaard en omvat het gehele boek Jesaja) van uitnemende betekenis zijn. Geleerden hebben grot na grot in de gehele buurt doorzocht en in letterlijke zin elke grot uitgekamd. Een van de wetenschappelijke medewerkers schreef: het lijkt wel of wij meer alpinisten zijn dan archeologen. Touwladders kwamen eraan te pas. Het kleinste fragmentje papyrus of leer was niet te min. Op het ogenblik heeft men in de vele grotten fragmenten van alle boeken van het Oude Testament gevonden, behalve van het boek Esther, alle daterende uit ongeveer dezelfde tijd als de rol van Jesaja.

De rollen hebben een lange zwerftocht gemaakt, maar via Amerika zijn zij in Jerusalem teruggekomen. Daar zijn wij dankbaar voor. In Jerusalem zijn zij thuis. Daar behoren zij. Maar Israël heeft de rollen niet cadeau gekregen. In totaal is er meer dan driehonderdduizend dollar voor neergeteld.

Deze Jesaja-rol is geschreven ongeveer 150 jaar vóór Christus. Onze Hebreeuwse bijbel is gedrukt naar de Codex Leningradus van 1008 na Christus. Daar ligt dus meer dan duizend jaar tussen. Wat kan er veel geschieden met een boek, dat zo lang in de running is. Het oudste bestaan­ de handschrift is de codex van Aleppo uit de tiende eeuw A.D. En van de Profeten zijn nog twee zeer oude codices bekend, die van Kaïro uit 895 en die van Leningrad uit 916. Twaalf eeuwen tekstgeschiedenis werden door deze vondsten ineens overbrugd.

De sinditicus

Deze vondsten in 1947 en daarna herinneren aan wat zich in de vorige eeuw heeft afgespeeld rondom het Catharina-klooster op de Sinaï. Hier ging het om de vondst van een zeer oud Grieks handschrift, dat bijna het gehele oude Testament en het complete Nieuwe Testament bevatte. Het wordt gedateerd in de vierde, vijfde eeuw. De jonge geleerde Tischendorff, die toen reeds veel werk op het gebied van tekstonderzoek van het Nieuwe Testament had verricht bezocht het klooster in 1844. In een prullemand, waarvan de inhoud verbrand zou worden vond hij enige bladen, die hij al spoedig herkende. Hij zag kans om 43 bladen, die teksten van het Oude Testament in het Grieks bevatten los te krijgen ter publikatie. Als hij na jaren terugkomt stuit zijn grote belangstelling voor handschriften op grote argwaan bij de kloosterbewoners; op een avond mag hij met veel moeite een grote hoop papieren naar zijn kamer meenemen om ze te bekijken. De zak bleek het gehele Nieuwe Testament te bevatten. Hij schreef er zelf later over: het leek mij heiligschennis om die nacht te slapen. Het einde van de zaak was, dat het handschrift cadeau gedaan werd aan de tsaar, Alexander II, die hoofd was van de Grieks-Katholieke Kerk. Dat was in 1859. Jarenlang is dit kostbare handschrift in Leningrad bewaard gebleven, totdat het in 1933 naar het Brits Museum in Londen verhuisde, aangekocht van de Russische regering voor honderdduizend pond sterling. En dat waren vooroorlogse ponden, dus meer dan een miljoen vooroorlogse guldens. Was het dat wel waard? Er waren immers fotografische kopieën gemaakt? Gelukkig, dat men er zoveel voor over gehad heeft!

Men haalt nog weleens glimlachend de schouders op over dergelijke vondsten. Zo in de zin van: Rommel uit een afvalbak hebben wij voor de studie van de Schrift niet nodig. Men meent al verder te zijn. En het valt tegen als men in kringen waar men zegt op te komen voor de H. Schrift zo weinig respect heeft voor moeitevolle arbeid van vele geleerden, die minutieuze onderzoekingen doen om zo dicht mogelijk te komen tot de alleroudste tekst van de bijbelboeken. Eerbied voor de Schrift, dat betekent eerbied voor de tittels en de jota's en daarom de noodzakelijkheid van het onderzoek of die jota's er stonden en er behoren te staan! — Bij de opgravingen en vondsten in het Heilige Land worden wij altijd weer herinnerd aan de dag der kleine dingen, die wij niet mogen verachten. Bij alle arbeid van tekstonderzoek en van vertaling en verklaring moet de eerbied voor het geschreven Woord op de voorgrond staan, zoals onze vaderen ons voorgingen als zij de Vertaling aandienden als één 'uyt de oorspronckelycke tale getrouwelyck overgezet'.

De bijzondere zorg Gods (Ned. Gel. Bel.)

Belangstelling voor de oude handschriften zowel van het Oude als van het Nieuwe Testament is niet maar een stuk interesse voor het verleden. Dat is het ook wel, omdat in elke vondst uit het verleden iets zit van de mens, die toen leefde. In elke vondst zit een stuk erfenis van vroegere geslachten en daar moet men zuinig mee zijn. Maar wij hebben hier te doen met het Woord Gods. De Heere heeft er Zelf voor gezorgd, dat Zijn Woord te boek gesteld werd. De prediking van de profeten was ook voor het navolgende geslacht. Het moest weet hebben van de loffelijke daden des Heeren, 'opdat zij hun hoop op God zouden stellen en Gods daden niet vergeten' (Ps. 78 : 1 v.v.). Het was de opdracht aan Mozes: Schrijf dit ter gedachtenis in een boek (Ex. 17 : 14). Samuel schreef het recht des koninkrijks, d.w.z. hij legde in een oorkonde de rechten en plichten van de koning voor God en het volk vast. Jesaja krijgt bevel om de profetie in een boek op te schrijven: Schrijf het voor hen, d.i. in hun bijzijn, op en teken het op (inkrassen als een inscriptie), opdat het blijve tot de laatste dag, voor altoos, tot in eeuwigheid (Jes. 30 : 8).

Artikel 3 van onze Ned. Geloofsbelijdenis wijst erop, dat het Woord Gods niet voortgekomen is uit de wil van een mens, maar door de Heilige Geest gedreven hebben mensen van Godswege gesproken. En alsof dat nog niet genoeg was heeft God, zoals de belijdenis zegt 'in zijn bijzondere zorg voor ons en ons heil aan zijn knechten de profeten en apostelen geboden zijn geopenbaarde Woord op schrift te stellen'. Hierom noemen wij deze geschriften heilig en Goddelijk. Wij houden ons aan de Belijdenis als wij de Bijbel het Woord Gods noemen; het is een geheel van Goddelijke geschriften.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Handschriften van de Bijbel

Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 juni 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's