Het ontstaan en het bewaren van de Bijbelboeken
De tekst van de Bijbel
De wordingsgeschiedenis een bijbelboek
Hoe ontstond zulk een boek nu ? Wij nemen de ontstaansgeschiedenis van het boek Jeremia als een voorbeeld. In 604, dus slechts weinige jaren voor de inname van Jeruzalem en de verwoesting van de tempel (586) door de Babyloniërs kreeg Jeremia de opdracht de woorden des Heeren op te schrijven. En Jeremia's secretaris Baruch schreef het alles 'uit de mond van Jeremia' op een rol. Wat was koning Jojakim boos, toen dat boek aan hem in zijn winterhuis werd voorgelezen. Hij vond maar één middel om de profetie tot zwijgen te brengen: de schrijver laten oppakken en het boek verbranden. Ondanks waarschuwingen van mannen als Elnathan en Gemarja sneed Jojakim de rol stuk en hij wierp de snippers in het vuur. Bovendien gaf hij het bevel om Jeremia gevangen te nemen. Hij was niet de laatste, die deze tactiek heeft gevolgd: men verbood het bezit van de Bijbel, ver brandde de boeken, doodde de belijders van dit Woord of wierp hen in gevangenissen en concentratiekampen. Maar het Woord Gods is niet gebonden - en is ook niet te binden !
Reeds in die dagen komt uit, wat de belijdenis zegt van de bijzondere zorg Gods voor ons en onze zaligheid. Jeremia krijgt de opdracht om een andere rol te nemen en opnieuw te beginnen. Deze rol was uitgebreider dan de eerste: r werden vele zodanige woorden aan toegevoegd (Jer. 36 : 32) 'Uit het kwade komt goeds voort! Ook op het Woord Gods mag men wel toepassen: het bloed der martelaren is het zaad der kerk'.
Zo is — ik mag wel zeggen bij stukjes en beetjes — het boek van Jeremia ontstaan. Eerst de oerrol, waarvan h. 36 spreekt (wellicht de hoofdstukken 1 tot 10 bevattend) en het slot is mogelijk in Egypte opgeschreven. — Zo is ook het boek van de Psalmen gegroeid; niet ineens is het onststaan, maar langzamerhand, zoals b.v. ook uit de doxologieën aan het eind van bepaalde verzameling (Ps. 41 : 14; 72 : 20; 89 : 53; 106 : 48) en uit parallelle psalmen blijkt (Ps. 14 en 53; Ps. 40 : 14—18 en 70; Ps. 57 : 8 v.v; 60 : 7 v. en Ps. 108). Elk boek heeft een ontstaansgeschiedenis, heeft een stuk geschiedenis nog voordat het opgeschreven is. Voor het Nieuwe Testament verwijs ik naar de inleiding van het evangelie van Lucas. Van deze boeken nu belijdt de kerk de eeuwen door. wat zij canoniek zijn — om het geloof daarnaar te regelen, daarop te gronden en daarmee te bevestigen. Het zijn canonieke boeken 'waartegen niets te zeggen valt' (art. 4; de laatste woorden vinden wij niet in de belijdenis van La Rochelle van 1559).
Vragen rondom de canon
Ook hier liggen heel wat vragen. Hoe is deze canon ontstaan. Waarom zijn deze boeken opgenomen in de canon en andere niet ? Het valt niet te ontkenne, dat over sommige boeken lang verschil van mening is geweest, b.v. over het boek der Openbaring van Johannes. En wat het Oude Testament betreft verwerpen wij de apocriefe boeken als de boeken der Maccabeeën, Wijsheid van Jezus Sirach enz. — Deze vragen komen aan de orde in de geschiedenis van de canon.
Verantwoordelijkheid ontvangen boek
Wij gaan uit van deze canonieke boeken en stellen ons nu de vraag: Wat heeft nu de kerk stuk voor stuk met deze boeken gedaan ? Het Woord moest bewaard blijven; het mocht niet wegraken. En bij bewaard blijven denk ik niet alleen aan de mogelijkheid, dat men het Woord kwijtraakte, zoals men het boek van het wetboek des Heeren was kwijtgeraakt en het in de dagen van Josia bij een tempelrestauratie terugvond (622). Het volk had het Woord niet bewaard in het hart; het was geen levende werkelijkheid meer voor hen; het betekende niet veel en daarom was het Woord gewoon weggeraakt. Maar bij de tempelrestauratie werd het Woord weer gevonden. — Deze geschiedenis heeft zich in de geschiedenis herhaald. Men was het Woord kwijtgeraakt in de tijd van de Middeleeuwen en als de Hervorming doorbreekt, dan wordt de schat van het Woord des Heeren weer ontdekt en opgediept.
Het Schriftgeworden Woord is aan de kerk toevertrouwd. En heeft de kerk nu wel al de zorg aan die bewaring besteed, die zij schuldig was ? Het volk van Israël heeft geweten, dat het schatbewaarder was. Uit de geschiedenis van Josia's restauratie blijkt wel, dat er rekening mee gehouden is, dat het Woord Gods wel eens zo in het vergeetboek zou raken, dat het nergens meer te vinden was. Daarom dat wegbergen ergens in de Tempel van het Wetboek: het was een schat, die als in een kluis werd weggesloten. (Ik weet wel, dat ook een ander motief voor het weg bergen van het boek kan worden opgenoemd).
De schrijfkunst
Nu kan men de vraag stellen: en kon dus in die tijd reeds schrijven ? Hyperkritische geleerden hebben in de vorige eeuw met een enkel woord gehele stukken van de Schrift afgekraakt door met grote stelligheid te poneren: In de tijd van Mozes kon men nog niet schrijven. Maar eer de negentiende, eeuw ten einde was was men geheel teruggekomen op dergelijke radicale stellingen, die de betrouwbaarheid van de Bijbel geheel in twijfel trokken. De vondsten in Egypte, Babel en Nineve getuigden wel anders; de Bijbel veronderstelt kennis van lezen en schrijven op velerlei plaatsen. Terloops horen wij b.v. in de geschiedenis van Gideon, hoe een krijgsgevangen man de oversten en oudsten van Sukkoth opschrijft, zevenenzeventig man (Richt. 8 : 14). Sedert de vondsten van Ras Sjamra (1929 en later) in Noord-Syrië weten we van een alfabetisch schrift uit de tijd van 1400 v. Christus. En wij geven maar geen opsomming over wat er aan schrift bekend is in Mesopotamië en elders in de tijd van vóór 3000 jaar voor onze jaartelling. Daar hebben wij dus geen moeilijkheden.
Het materiaal waarop men schreef
Het materiaal, waarop men schreef — ik laat nu daar kleinere briefjes en zo — was gedurende vele eeuwen papyrus. Men plakte twee lagen van de bast van de papyrusplant aaneen en daarop schreef men dan. Van Wen Amon (1100 v. Chr.) lezen wij dat hij op een reis naar Phoenicië 500 rollen fijn papyrus met zich meenam als ruilmiddel voor cederhout. De Grieken noemden de Syrische havenplaats waar het Egyptische papyrus werd ingevoerd en aangevoerd Byblos (het oude Gebal aan de voet van de Libanon; de Israëlieten hebben het niet veroverd (Jos. 13 : 5). De papyrusplant wordt genoemd in Job 8:11. — Zeer oud was de gewoonte om op leer te schrijven. De rollen van Jesaja, die in Qumran zijn gevonden zijn van leer (de huid van een schaap of een geit). Leer was veel minder aan slijtage onderworpen dan papyrus. Sedert ongeveer tweehonderd jaar voor onze jaartelling zien wij het prachtige perkament als schrijfmateriaal op de markt komen. Het was verkregen door een bijzondere bewerking van leer; het was veel duurder, maar ook veel duurzamer dan papyrus, dat het in de vierde eeuw na Christus praktisch geheel verdrongen heeft. Men schreef ook op rollen perkament, zoals men ook wel papyrusrollen kende. De Schrift op verscheiden plaatsen van rollen, b.v. in Ps. 40 lezen wij over de rol des boeks; in Ez. 2 : 9 over een rol, die binnen en van buiten beschreven is. Jes. spreekt van de hemel, die opgerold wordt als een boek(rol) (Jes. 34 : 4), Jer. 36 : 2; Zach. 5 : 2. De rollen van Qumran werden in kruiken bewaard. Dat vinden wij ook in het Oude Testament b.v. bij Jeremia: De verzegelde en de open brief — het koopcontract van de akker — moet in een aarden kruik worden bewaard (Jer. 32 : 14).
In het Nieuwe Testament lezen wij ook van parkamenten. Paulus vraagt om de perkamenten, die hij, in Troas heeft achergelaten. Dat zullen wel afschriften van boeken van het Oude Testament zijn geweest (2 Tim. 2 : 13) en met de boeken waarvan Paulus in datzelfde vers schrijft, zullen wel papyrus-codices zijn bedoeld. Het is vooral door het gebruik van het perkament, dat de codex-vorm en daaree dus de boekvorm in zwang geraakt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 juni 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's