De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Burger van twee werelden *  1

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Burger van twee werelden * 1

7 minuten leestijd

Door omstandigheden heeft de bespreking van het boek van dr. Aalders, dat bovenstaande titel draagt, eerst nu plaats. Schrijver en uitgever mogen ervan verzekerd zijn dat de oorzaak hiervan bepaald niet ligt in het boek, de inhoud en de thematiek ervan. Integendeel, om allerlei redenen lokt juist het thema van dit boek, de christelijke hoop, tot lezen. Vooreerst omdat het een voluit bijbels thema is; Wij denken aan de prediking van de profeten Israels, aan het getuigenis van de Hebreeënbrief over de stad die fundamenten heeft, over de geloofsgetuigen, wier hoop op God gevestigd was (Hebr. 11), aan de brief van Petrus, wel de apostel der hoop genoemd. Voorts is, het een reformatorisch thema. Geloof en hoop krijgen bijvoorbeeld in de Institutie van Calvijn brede aandacht. Men denke slechts aan de prachtige hoofdstukken uit boek III over het christelijk leven, de overdenking van het toekomende leven en over het gebruik van het tegenwoordige leven. Voorts is het een actueel thema. Moltmanns , boek. Theologie van de hoop, kreeg brede aandacht. Temeer omdat de hoop gezien werd als inspiratiebron voor bevrijdend de vraag op naar de verhouding van het Rijk van God, het heil des Heeren en het leven hier en nu. Wij zien dat de theologie van de hoop bij Moltmann en anderen wordt tot een theologie van bevrijding en revolutie, een politiek messianisme dat sterk op vernieuwing van de maatschappij gericht is. Deze messianistische theologie ontving tegelijk haar impulsen vanuit het marxisme.

Het is tegen deze trend in de theologie dat Aalders zich scherp verzet. Zijn boek is een hartstochtelijk pleidooi voor de elementaire oergestalte van het geloof, voor een bijbels-reformatorisch verstaan van het heil dat nooit te vatten is in wereldse kaders, voor de reformatorische belijdenis van de rechtvaardiging van de goddeloze als het hart van het Evangelie, voor een zodanige verbinding van heiliging en hoop, dat weer waarlijk ernst gemaakt wordt met de opwekking van Colossenzen 3 te zoeken de dingen die boven zijn, m.a.w. de pelgrimage naar de stad die fundamenten heeft, het hemels Jeruzalem. Het gaat Aalders om een bijbels-reformatorisch reveil. Wat bedoelt hij daarmee ? Op blz. 186 schrijft Aalders: 'Dat wij in de ontmoeting met de Bijbel afgebracht worden van al de vragen en belangen waarmee wij aankomen en de Bijbel weer ontdekken, horen en verstaan als: het Woord van God en het Woord over God. Dat wij gaan zien, dat het in de Bijbel gaat om God, zonder bijgeluiden; om Zijn eer. Zijn recht. Zijn liefde, zonder bijmotieven. Dat de Bijbel ons voert tot God zelf; tot de levende God in Zijn waarheid, heiligheid, liefde. En dat God alles is; een fontein van alle goeds en oneindig ver verheven boven mens, wereld, schepping en geschiedenis.'

Aalders bezweert ons op nagenoeg elke bladzijde van zijn boek in een haast profetische geladenheid het Woord van God niet ondergeschikt te maken aan onze werkelijkheid, het Evangelie niet te benaderen met aardse waarden en het geloof niet te verbasteren tot werelds christendom. Dat is de doorlopende lijn in dit boek, dat in drie delen uiteenvalt: De oude wereld, de nieuwe wereld, burger van twee werelden.

Vlees en Geest, zo horen we op blz. 13 staan in een onverzoenlijke tegenstelling tot elkaar. Daarbij merkt Aalders nadrukkelijk op dat het vlees niet met de mens of met de schepping gegeven is. Het is goed dit ter harte te nemen. Hoezeer Aalders ook de radicaliteit en de ernst van de zonde onderstreept, het verleidt hem niet tot een dopers dualisme. Al moet ik wel bekennen wat moeite te hebben met de m.i. onduidelijke zinsnede op blz. 14: Klaarblijkelijk was er dus in de schepping van aanvang af het sluimerend beginsel van de duisternis, de anarchie.

De ontbindende uitwerking van het vlees in de mens openbaart zich met enorme schaalvergroting in de geschiedenis. Illustratief is wat de auteur schrijft over de torenbouw van Babel, een van de boeiendste hoofdstukken uit dit boek, waarin Aalders laat zien hoe het streven van deze torenbouwers, uitgedrukt in het trotse 'Kom aan' het streven is naar een 'messiaanse' cultuur waarin de mens de geschiedenis in eigen handen wil nemen, en zelf wil ombouwen tot het heil. Men kan zich afvragen of het woord 'messiaans' hier gelukkig gekozen is, de bedoeling is duidelijk. Tegenover dit trotse streven is er het wonen onder de regenboog, het leven in de verwachting van het heil des Heeren, zoals dat in Sems geslacht gevonden wordt. Leven onder de regenboog is leven in de wereld met de wetenschap dat zij een wereld van zonde en dood is, die God nochtans in stand wil houden. In die wachtenstijd, zegt Aalders, met een citaat van J. G. Hamann 'heeft God ons kinderspelen gegeven om ons de tijd tot zijn verschijning niet te lang te doen vallen'. Het leven in de geschiedenis van hen die de Naam des Heeren kennen, draagt voorts de trekken van het martelaarschap.

Datzelfde zien we niet alleen in het Oude Testament, het spitst zich juist toe als God zich in Christus openbaart. Ook hier de waarschuwing deze openbaring Gods niet werelds te verbasteren. Er is sprake van een kritisch keerpunt: In de geschonden, stervende, ondergaande wereld heeft God in Christus het nieuwe begin, de nieuwe dag van een nieuwe schepping aangekondigd. Deze nieuwe schepping is geen proces in de oude schepping. Wij moeten van het heilshistorische denken af. Om het volstrekt nieuwe van de daad van Gods welbehagen te verstaan.

Typerend voor Aalders' opvatting is zijn behandeling van Joh. 14 : 9, het woord van Christus tot Filippus: wie Mij gezien heeft, heeft de Vader gezien. Het gaat erom, zegt Aalders, de meerwaarde in Hem te zien. Wie Hem op èen binnen-wereldse wijze ziet, miskent Hem.

Jezus Christus is de werelds niet-toepasbare, niet in te voegen jn de wereldse denksystemen. Daarom is, zo lezen we op blz. 72, de dialoog met het marxisme zo onvruchtbaar. Ook de uitleg die Aalders geeft van het scheuren van het voorhangsel is typerend voor de hoofdstrekking van zijn boek. Dit scheuren is het gericht over Israël en zijn heiligdom, het wereldse heiligdom is leeg geworden; maar God heeft een nieuw heiligdom opgericht, de tempel des Geestes. Het scheuren van het voorhangsel is een definitief oordeel over alle religiositeit. Maar Christus is de tempel, het offer, de priester. Er is een nieuw hemels Jeruzalem gekomen.

In dit verband schrijft Aalders over de hemelvaart en het hogepriesterlijk gebed van Christus, over de verborgenheid van de prediking als het wonder van de tegenwoordigheid van de Opgestane. Ook hier treft ons de geladenheid waarmee Aalders schrijft over de nood der prediking, de schuld der kerk. Vanuit Jezus Christus valt ook te spreken over de gemeente, waarbij we ook hier weer de gedachte tegenkomen, bekend uit andere publikaties van Aalders, dat de gemeente kleiner is dan de kerk.

Uitvoerig schrijft Aalders over het werk van de Heilige Geest, wiens werk met name in het evangelie van Johannes gekarakteriseerd wordt door het woordje 'in'. Dit 'in-werk' van de Geest als verheerlijking van Christus betekent afzondering van de wereld. De afzondering van de gemeente is gevolg van het geheel anders zijn door de 'in-werking' van de Geest. In dit kader wordt dan ook gesproken over het bedroeven van de Geest als wereldgelijkvormigheid, het opgaan van de mens en op laten gaan van het heil in de kaders van deze wereld. Toch blijft er in deze afzondering een taak voor de gemeente: getuige-zijn zoals Elia. Leven uit de rechtvaardiging betekent niet de wereld de wereld laten en de heiliging veronachtzamen. Het gaat om het wachten, het bidden en het getuigen, als burger van twee werelden, gericht op de hemelse Godsstad.

Het zijn slechts enkele flitsen uit dit indringend geschreven boek. Ik hoop, dat ze u duidelijk maken, van welk een eminent belang dit alles is. Tegenover alle verburgerlijking, moralisme, wetticisme en horizontalistisch christendom komt Aalders op voor het hart van het Evangelie, de prediking van het heil in Christus, dat werelds niet toepasbaar is. De bewogenheid waarmee de auteur schrijft, de indringende kracht maken het lezen van dit boek tot een boeiende zaak. Of anders gezegd: de auteur dwingt zijn lezers positie te kiezen.

 


* Dr. W. Aalders, Burgers van twee werelden, uitgave J. N. Voorhoeve, 208 blz. Prijs ƒ 14, 90.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 augustus 1973

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's

Burger van twee werelden *  1

Bekijk de hele uitgave van donderdag 2 augustus 1973

De Waarheidsvriend | 8 Pagina's