De zendingsdag van de G.Z.B.
Enkele weken geleden schreef ik een stukje onder de titel triunifalisme, waarin ik er op wees dat het gevaarlijk is te gaan opgeven van de grootte van de groep, van de groei en de bloei van 'onze kring'. Dat houd ik mezelf voor ogen als ik een impressie geef van de toogdag van de G.Z.B., die dit jaar onder zulke prachtige weersomstandigheden werd gehouden. Die triumfantelijk wil gaan doen eindigt in het getal: vijftienduizend aanwezigen; weer meer mensen dan vorig jaar; het terrein wordt te klein.
Laten we echter niet eindigen in het getal maar in de boodschap. Want het is de boodschap die de duizenden samen bracht, de boodschap van zonde en genade, van bekering en vergeving voor Joden en heidenen, voor Oosterlingen en Westerlingen. In die boodschap ligt het geheim van de trekkracht, die ook in onze tijd nog op duizenden uitgaat. Verander het karakter van een dag als deze, maak er een dag van waarop niet meer de prediking van het evangelie van Christus centraal staat en de duizenden van nu zullen niet meer komen. Op een dag als deze kijk je toch weer het gereformeerde volk in het hart dat zich om de prediking verzamelen laat. Natuurlijk, het is ook een gezellige dag; natuurlijk, je zit heerlijk buiten in de vrije natuur en waar dan mensen komen willen mensen zijn. Dat element is er óók, maar nogmaals het karakter van de dag bepaalt de toeloop. Waar overal in de zendingstheologie gediscussieerd wordt over begrippen als dialoog, presentie en bevrijding, met een spits naar het sociale leven, ging het hier om de authentieke zendingsgedachte: gaat dan heen, onderwijst alle volken, ze dopende in de Naam des Vaders, des Zoons en des Heiligen Geestes. Het ging hier om de oude boodschap, die altijd weer nieuw is en waarom een zendingsdag als deze iets heeft van een zendingsfeest van de gemeente.
Ik kon ditmaal helaas niet de hele dag meemaken. Maar zeer getroffen werd ik door een element in de toespraak van dr. Goedhart. Wees gegroet, was het thema. Alle heiligen groeten u (Fil. 4 : 22) was de boodschap die hij vanuit Afrika meebracht. Die uitdrukking heiligen is naar ons gevoel alleen van toepassing als het ver weg is, ver in de tijd of ver wat de plaats betreft. Heiligen, die waren er in Paulus' dagen: Alle heiligen groeten u! Heiligen, die zijn er misschien nu ook wel, maar dan bijvoorbeeld in Schotland of in Afrika. De heiligen in Afrika groeten u, zei dr. Goedhart. Maar toen keerde hij het om: De heiligen hier groeten de gemeente daar. En die groet werd ter afsluiting van zijn preek vertolkt met het staande zingen van Psalm 122 : 3: Dat vrede en aangename rust en milde zegen u verblij.
Wij hier heiligen?, denk je dan. Want dan komt het dichtbij. En toch, wat zit daar, alles in. De heiligen waarover Paulus spreekt zijn geheiligden. Goedhart stelde dan ook: ik breng de groeten niet over namens de ongelovigen maar namens de gelovigen. En zo is het wederkerig. Het zijn de afgezonderden die elkaar groeten. De afgezonderden van de wereld, van de schema's van de wereld, van de Afrikaanse en de Westerse wereld. Alleen voorzover we afgezonderd zijn door de Heilige Geest, door het geloof in de ene Naam tot zaligheid gegeven, zijn we ook heiligen in Hem. Zij die in Hem geheiligd zijn worden heiligen genoemd, hoe bestaat het. Zo zongen de heiligen hier naar de heiligen daar, terwijl we met elkaar op de ene zondaarshoop liggen. De continenten raakten elkaar. Ik vond het een indrukwekkend moment. En je denkt aan een woord van Luther: simul iustus et peccator; tegelijk gerechtvaardigd en zondaar. Zondaren kunnen alleen maar recht op hun voeten staan voor God door de geschonken gerechtigheid van Christus. Zo kunnen zondaren heiligen worden en dan ook zo genoemd worden.
Een zendingsdag als deze mag niet in triumfalisme eindigen maar heeft toch ook vanuit de verkondiging het triumfantelijke: in Hem zijn we meer dan overwinnaars; heiligen zelfs!
Het was een goede dag in het Driebergse bos. Een feestdag, waar jong en oud samen zijn en iets van het feestelijke ondergaan. De Scheveningse bakker, die 400 beste krentenbroden had gebakken en ze voor ƒ 2, 50 voor de zending verkocht, de jongelui die meehielpen bij de verkoop van allerlei dingen, de kinderen die met speldjes rondgingen, de sprekers en de luisteraars, de leden van het hoofdbestuur en de mensen van de regelingscommissie, ze vormden allemaal kleine schakeltjes in het geheel. Boven dit alles uit maar ook in dit alles ]ag de glans van de opdracht: gaat dan heen en verkondig!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 1973
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 9 augustus 1973
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's