Boekbespreking
Dr. K. Bouhuijs en dr. K. A. Deurloo: In de ark, in de kark zei de dominee; wat ze een getuigenis noemen. Uitgave Bosch en Keuning, Baarn; 80 pagina's.
In de verwarring van deze tijd met de apocalyptische dreiging van het jaar 2000 Tiebben de opstellers van het Getuigenis het zich wel erg gemakkelijk gemaakt door te menen dat ze met een herhaling van zestiende-eeuwse geloofsformuleringen blijk hebben gegeven de tekenen des tijds te hebben verstaan'. Zo luidt de toelichting op de achterflap van dit boekje, geschreven door twee oud-leerlingen van prof. Van Niftrik, die direct na de verschijning van het Getuigenis er op een keiharde wijze tegenaan gingen. In dit boekje met de insinuerende ondertitel 'wat ze een getuigenis noemen' — hetgeen dan bedoelt te slaan op wat de profeten een getuigenis noemen — zal het dan wél gaan om het verstaan van de tekenen van de tijd.
Welnu, om maar direct de kern te raken: de boodschap van redding in Christus voor verlorenen is in dit boekje ver te zoeken. In speelse taal, vaak aansluitend bij alledaagse min of meer populaire uitdrukkingen, hetgeen het boekje iets theologisch-snobistisch geeft, wordt een visie ontwikkeld die blijft steken in een bepaalde interpretatie van het Oude Testament, waarbij het Getuigenis steeds als achtergrond moet dienen om te zeggen hoe het volgens de schrijvers niet is, waarbij dan soms uitdrukkingen vallen als theologische krentenwegerij en kruideniersmentaliteit.
Vele vraagtekens plaatste ik dan ook bij het lezen van dit boekje. Barth, Bonhoeffer, Rosenzweig, De Jong en Breukelman zouden verrassender en ingrijpender ontdekkingen hebben gedaan dan de reformatoren zelf (p. 7). Gods stem zou worden gehoord in het lied van een boeddhistische monnik, die de rechten van zijn volk bepleit (p. 25). Rechtvaardiging van de goddeloze zou zoveel betekenen als: ons leven heeft zin. Me dunkt dat wie dit laatste zo stelt nooit het geheimenis van dit centrum van onze belijdenis heeft gepeild en ervaren. Want dat de mens goddeloze is en blijft wordt bij de schrijvers in feite ontkend door af te geven op een prediking, waar men 'steeds opnieuw tot zondaar gedreund moet worden om de rechtvaardiging van de goddeloze tot zich te kunnen nemen'. Ze spreken erover dat dit slechts een lekker religieus gevoel oplevert (p. 35). Terwijl dan over de jongeren die hun derde-wereldwinkeltje drijven wordt gezegd dat het hun een zorg zal zijn of dat drijven van hun winkeltje rechtvaardiging of heiliging heet. Men moet wel ver van het reformatorisch belijden afstaan wil men dit zo kunnen zeggen.
Soms komt in dit boekje dr. Buskes om de hoek kijken, b.v. als gezegd wordt dat de Heer van Israël van generatie tot generatie niet hetzelfde maar wel dezelfde is, waarmee men dan in feite de weg vrijmaakt om met een nieuw belijden het oude belijden van zich af te kunnen schudden. Evenals met de uitdrukking: het gaat om een levende persoon, niet om een leer, een doctrine (p. 44); hetgen niet anders dan een valse tegenstelling is.
De ark zou zijn 'de vraag naar het behoud van de schepping en de mensheid door de crisis heen'. Wie zo'n zin leest vraagt zich af wie dit snapt en wat de gemeente daar mee aan moet. Dit wordt dan gezegd in verweer tegen het Getuigenis, dat stelde, dat de kerk weer zou moeten worden een ark van Noach, die redding en veiligheid biedt wanneer de golven van het oordeel Gods over de wereld gaan. Bij de passages uit het Getuigenis, waarin onder meer gezegd wordt 'onze zonden zijn vergeven en onze schuld is verzoend door het offer van Jezus Christus aan het kruis van Golgotha' tekenen de schrijvers aan, dat dit 'partijleuzen van de gereformeerde gezindte zijn' (p. 65). Ontstellend.
En even verder wordt dan gezegd dat jongeren in het 'Jezus Uw verzoenend sterven, is het rustpunt van mijn hart' zo het geheim niet meer horen kunnen. Welke jongeren bedoelen de schrijvers eigenlijk en waarin horen zij het geheimenis dan wel ?
Maar ik stop ermee. Een boekje als dit wil ik kwalificeren als theologisch-snobistisch, waarin overigens duidelijk wordt hoe een bepaalde vorm van joods denken, wat de schrijvers blijken aan te hangen, leidt tot eliminering van het Evangelie. Een boekje als dit maakt duidelijk waarom het Getuigenis ontstaan moest.
v. d. G.
Tobius Brocher, Aufstand gegen die Tradition; Kreuz Verlag; Stuttgart-Berlin.
Brocher onderzocht in dit werk de oorzaak of oorzaken van het huidige generatieconflict. Aan de hand van een viertal trefwoorden: gezag, vrijheid, agressie, seksualiteit, verzamelde hij de stof. Hij kwam tot de conclusie dat het grondpatroon van alle verzet is de opstand tegen de traditie. De titel schiet terecht in de roos.
Als oplossing ziet hij de bewuswording van een gemeenschappelijke verantwoordelijkheid voor de toekomst. Dit boek is uitnemend geschikt voor allen die voortdurend met de jeugd te maken hebben. Ze kunnen er het terrein door overzien. Toch is het waar, dat we van het jeugdprobleem geen halszaak moeten maken. De diepste genezing van het verschil tussen de generaties ligt in de gehoorzaamheid aan Gods gebod. Kent de Bijbel wel een jeugdvraagstuk ? Wendt u naar Mij toe ! Leer de jongeren het oude beginsel — de vreze des Heeren! Is dat niet de kern van de zaak?
A. v. Br.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 september 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's