De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het gezin in de branding van angst en smart

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het gezin in de branding van angst en smart

In gesprek met het gezin

6 minuten leestijd

Het is met grote bewogenheid, dat we gezinnen binnenstappen, waar zich donkere wolken van angst en smart hebben samengepakt. Vader en moeder staan verslagen bij een doodziek kind.

Ze zijn op het ergste voorbereid.

Jawel. . . maar zolang er leven is ...

En de liefde hoopt nog, zelfs in wanhopige omstandigheden.

En het geloof? Doet het niet nog een laatste beroep op Gods ingrijpen, vlak voor de grijparmen van de dood kunnen toeslaan?

Wie kan er inkomen? In zo'n situatie, waarin ouders verkeren met de andere kinderen in het gezin?

En wie kan in de situatie inkomen, waarbij een jong levenslustig kind gezond en wel het ouderlijk huis heeft verlaten en er niet meer levend in is teruggekeerd?

Een verschrikkelijk ongeluk vond plaats ... met dodelijke afloop. Vader en moeder staan bij hun dode kind.

Zonder voorbereiding terechtgekomen in een diepte van smart, die niet te peilen is. Onvoorstelbaar leed, waar alleen maar stilzwijgen bij past. Elk mensenwoord is te veel.

Mensenwoorden schieten ten enemale te kort of kunnen goedkoop aankomen.

Toch kan er niet blijvend het zwijgen toe worden-gedaan.

Juist een gesprek is zo erg belangrijk en zo hard nodig. Al is het vader-en moederhart dichtgeslagen, het zit boordevol met vragen en overleggingen aangaande de dood van hun kind. En die zoeken een uitweg.

Wie durft zich aan een gesprek met zulke gezinnen onttrekken, al is het nog zo moeilijk?

Gelukkig, als de Heere het zo leidt, dat de mogelijkheid geboden wordt en de weg er toe geopend.

Inderdaad stormen de vragen en overleggingen omhoog, nadat het verslagen gezin de eerste schok enigszins heeft verwerkt, Vragen van het 'waarom', vragen van het 'waartoe' dringen zich op en dringen om de voorrang.

Honderden malen wordt overlegd: als toch maar dit. . . als toch maar dat... Maar al die overleggingen lopen muurvast op de radicaliteit van de dood.

En wat geldt dat ook juist op ontroerende wijze rondom het sterven van een kind. Een leven in de knop, wat afgesneden wordt. Een kind in de worsteling met de dood.

Wie zou daar zonder diepe ontroering aan voorbij kunnen gaan? Ook al weten we nog zo goed, dat een mensenleven en dus ook een kinderleven, zo broos en zo teer is. En ook al weten we nog zo goed, dat een mensenleven maar een handbreed gesteld is.

Laten we daarom ook erg voorzichtig zijn om in zulke omstandigheden met algemene waarheden wat al te gemakkelijk te komen aandragen.

De rouwkaart in het gezin 

'Na een langdurige ziekte van ons weggenomen ...' Ja, vader en moeder hebben het al lange tijd zien aankomen. Die verschrikkelijk slopende ziekte. De dokter had al eens duidelijk gezegd: 'U moet er wel rekening mee houden, dat uw kind niet zo lang meer zal kunnen leven. U ziet het misschien zelf ook wel.'

O zeker hebben vader en moeder dat gezien. Maar daardoor is hun gebed tot de levende God des te dringender geworden. Het gebed om het leven van hun kind. En wat zijn ze bepaald bij hun steile afhankelijkheid van de Heere. Bij Hem zijn toch uitkomsten tegen de dood?

Ja, die zijn er. Maar als de Heere nu toch .. De dood kwam al dichter en dichter bij. Het gezin werd geconfronteerd met datgene, waar het al zo menigmaal rekening mee hield.

Maar ach, die voorbereiding en die theorie, ze schieten tekort, ze kunnen niet helpen, wanneer hun kind daar in doodsnood neerligt. Daar is alleen maar de worsteling op hoop tegen hoop.

Het kan ook niet anders van mensenkant bezien.

Toch is er ook die andere kant. ,

Daar moeten we toch nader met elkaar over spreken.

Het is de weg van de Heere met een kind, met een jong mensenleven. O God, is het mogelijk, dat U zo'n weg gaat met een kind?

Is dat mogelijk, al kan ik het niet overzien en al is die weg omringd met duizend vragen?

Is het mogelijk, dat een kind reeds Gods raad kan hebben s uitgediend? Kan zo'n jong leven al tot zijn doel zijn geraakt? Zou het mogelijk zijn, dat de Heere door de doodsnood en de doodsstrijd heen een kind bereidt om eeuwig te zingen van Gods goedertierenheên ?

En zou dat ook voor mijn'kind kunnen gelden?

Wat een vragen, die zich opstapelen.

Toch zijn we er mee op de goede weg. Het gesprek er over moge leiden tot een drin­ gend onderhoud met de Heere Zelf.

Immers gelukkige vader en moeder, die door de smart en het verdriet heen hun kind kwijt raken aan de Heere door het geloof. Zo alleen worden de tranen milder. En zou dat niet de weg kunnen zijn om juist van de zin van het zo korte leven van ons kind iets te mogen zien.:

Wat zijn er immers een voorbeelden bekend, dat God tijdens het leven van een kind Zijn Naam zichtbaar en hoorbaar verheerlijkt.

Tot zelfs op het sterfbed toe. Is het niet ontroerend, dat een kind bereid is om te sterven? Wat een getuigenis gaat er van uit.

Hoort, de Heere spreekt bij monde van een kind. Hij maakt Zijn Woord waar: Uit de mond der jonge kinderen en der zuigelingen hebt Gij U löf toebereid.

Zou er voor de Heere iets te wonderlijks zijn?

Nee, dat is het niet.

Daar boven juicht een grote schaar, van kind'ren voor Gods troon! Maar wat gaat er aan dit belijdéhd zingen een strijd en worsteling vooraf!

Het is tenslotte de rijkste zegen en troost om te mogen zeggen tot de God des levens in Jezus Christus: In Uw handen, Heere, is ons kind wel toebetrouwd.

Inderdaad een geweldige geloofsuitspraak. Die maken we zelf niet, maar is van de Heere door Zijn Woord en Geest.

Vanuit deze geloofswerkelijkheid spraken ook onze vaderen in de Dordtse leerregels: 'Nademaal wij van de wil Gods uit Zijn Woord moeten oordelen, hetwelk getuigt, dat de kinderen der gelovigen heilig zijn, niet van nature, maar uit kracht van het genadeverbond, in hetwelk zij met hun ouders begrepen zijn, zo moeten de godzalige ouders niet twijfelen aan de verkiezing en zaligheid van hun kinderen, welke God in hun kindsheid uit dit leven wegneemt'.

Een. volgende keer willen we daar nog nader over doorspreken.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Het gezin in de branding van angst en smart

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 oktober 1973

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's