De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Goed nabij God!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Goed nabij God!

8 minuten leestijd

'Maar mij aangaande, het is mij goed nabij God te wezen'. Psalm 73 : 28a

Schijn bedriegt!

Dat heeft ook Asaf ontdekt. Echt niet, omdat hij er zó'n goede kijk op had. Asaf verkeek zich juist lelijk op de schijn van het leven van alle dag. God gaf hem het juiste inzicht en doorzicht.

Eén en ander belijdt deze dichter. In vs 2 leest u ook dit 'maar mij aangaande'. Het klinkt duidelijk als schuldbelijdenis. In vers 28 hoort u hetzelfde woord, maar nu klinkt het als geloofsbelijdenis! Dankzij Gods openbaring.

U kent Asafs situatie. Hij is een geplaagd man, aangevochten, geërgerd. Afgunstig op de voorspoed van de goddelozen. Tegenover eigen lijden steekt het geluk van mensen die de Heere niet vrezen schril af. In felle kleuren schildert hij de brute overmoed, de uitbuiting, de pralende hoogmoed van de goddelozen. Zij bestaan het de Allerhoogste te tarten. Hoe kan God dit allemaal toelaten? Waarom hebben dwazen voorspoed en rechtvaardigen tegenspoed? Waarom grijpt de Heere niet in... Asaf komt met dit probleem niet klaar; hij komt er niet uit...totdat God Zelf hem uit de droom, uit het warnet van eigen ideeën helpt!

En het is voor ons, die eveneens zoveel moeite hebben met het doen en laten van God, leerzaam en heilzaam om mee te luisteren.

God leert Asaf verder kijken. Hij krijgt de realiteit op langere en kortere termijn te zien: de hoogmoedige goddeloze bevindt zich werkelijk op glad ijs; de ogenblikkelijke verwoesting nabij (vs. 18, 19); God zal hen verachten en veroordelen (vs 20).

Tot dit juiste inzicht gebracht belijdt Asaf een dwaas te zijn. Nu begrijpt hij: wie ver van de Heere zijn, worden uitgeroeid, maar... En dat is de allesbeslissende tegenstelling: 'maar mij aangaande, het is mij goed om nabij God te wezen'.

Het is zinvol er op te letten, waar Asaf deze tegenstelling ontdekt en hoe hij tot dat rechte inzicht komt. Nl. in Gods heiligdommen. Daar dus, waar de Heere Zich te kennen geeft en Zijn geheimen open legt. In Gods huis en in Gods dienst gaat hem het licht op.

Zo gaat de Heere God nog te werk. De Heilige Geest geeft inlichting en voorlichting in het Woord, in de uitleg daarvan. Daardoor maakt Hij ons wijzer dan wij zijn. We krijgen vanuit de openbaring zicht op God en Zijn wonderlijke daden, licht over Zijn beleid. In de werkplaats van de Geest wordt het Boek opengedaan over ieders leven. De Heere weet, wat Hij doet, al zijn Zijn wegen en gedachten hoger. Het komt wél goed!

Wie bij God in de leer is, belijdt in geloof: maar mij aangaande het is mij goed. Nee, niet parmantig, maar heel ootmoedig. Geloof belijden in Gods wijze handelswijs, is altijd de Heere loven!

Wat dat is, nabij God te wezen? In de voorafgaande verzen 23—26 krijgt u antwoord. Het houdt wat in! Je mag volop delen in Zijn gemeenschap, genieten van Zijn liefde en trouw. Hij houdt je vast en leidt door Zijn Raad. Je mag een plaats hebben in Gods hart en je krijgt een plaats in Zijn heerlijkheid.

Dat is goed. Let u er wel op, dat Asaf het niet vergelijkenderwijze bedoelt. Zoals wij wel eens zeggen: dit is beter dan dat. Alleen het nabij God zijn is goed! Daar kan gewoonweg niets anders mee vergeleken worden! Het leven met de Heere is op zichzelf en in zichzelf goed. Waarom? Wel omdat de Héére goed is!

Daarom zegt Asaf evenmin: het zal mij goed zijn, straks in heerlijkheid. Dat zal waar zijn. Maar op aarde, nu is het al goed in Gods nabijheid.

Wellicht vindt u, dat Asaf maar hoog van de toren blaast. Weet hij wel, wie hij is als zondaar? Weet hij wel Wie hij voor zich heeft? Je kunt toch niet in Gods nabijheid verkeren. Van nature wil je zelfs niet; alles liever dan dit! Zegt de Bijbel niet, dat God een verterend vuur is... Wie kan er wonen bij die eeuwige gloed? Wee mij ik verga, zei Jesaja toch. Asaf weet heus wel wat hij zegt.

Asaf belijdt dit in geloof en bij het altaar. In Gods heiligdommen, in de dienst van de verzoening wordt hij door God aangezien en aangenomen. De Heere neemt hem alleen uit genade, om Christus wil, op in Zijn gemeenschap.

En dat geldt nog rijker, nog vaster voor de Gemeente van het nieuwe verbond; het is met bloed bezegeld! Door Jezus Christus is de waarheid van deze tekst verdiend en bewezen. In Hem is God ons o zo nabij gekomen: Immanuël! Dwazen worden wijsgemaakt door de prediking van het kruis van Christus. In de Middelaar is de Heere onuitsprekelijk goed. Die ook Zijn eigen Zoon niet gespaard heeft, maar Hem heeft overgegeven. Zal Hij ons met Hem niet alle dingen: verzoening, vrede, gemeenschap schenken?

Voor wie op Christus ziet in geloof, wie achter Zijn bloed leert schuilen, gaat het wonder open: geen toorn en verderf, maar leven en goedguntigheid. Nabij God zijn in Christus Jezus.

De vraag klemt: kent u Christus de Zaligmaker? Is uw leven met Christus verborgen in God? Is de Heere u eerst nabij gekomen en bent u getrokken uit de duisternis, uit de vervreemding en vijandschap? Terecht gebracht door de Geest bij de Heere Jezus? Daar komt het op aan. Daar draait alles in leven en sterven om. Die kennis, die gave van God is noodzakelijk. Al het andere mag en kan u gestolen worden, maar dit goed niet.

Het nabij God zijn, is dan niet vanzelfsprekend of zondermeer onbekend, onbereikbaar. Christus is vol van genade en waarheid. Zijn Geest maakt dit goed bekend en deelachtig. Door de Geest weet u zichzelf een buitenstaander: een groot beest bij U. Door de Geest komt de roep om Christus, om Zijn gerechtigheid en heiligheid los. In Christus is de gemeenschap met God mogelijk. De Geest verheerlijkt Hem. Door Christus wordt de rust geschonken: genade zij u en vrede. Goed is het te horen uit Gods mond, in uw hart en denken: 'Ik zal niet meer op u toornen en niet meer op u schelden'. 'Gij zijt duur gekocht'. Goed is het, welzalig wie het mag gebeuren, dat God naar recht hem niet wil schuldig keuren. Als goddeloze gerechtvaardigd om niet door 't geloof in Christus en zo: vrede met God. Een nieuw leven: 'wie in Christus Jezus is, die is een nieuw schepsel'. Heilig in Hem — 'zie het oude is voorbij gegaan, het is alles nieuw geworden'.

Dat nabij God zijn is het wonder van Gods genadige verkiezing. Verkoren in Christus tot dit goede. Juist in Gods heiligdommen maakt de Heere het ons bekend: 'Ik heb u liefgehad met een eeuwige liefde, daarom heb ik u getrokken!'

De Geest trekt alle registers van het Woord open. Wat een goedheid in God, wat een goedheid van God! 'Welgelukzalig is degene die gij verkiest en doet naderen, dat hij wone in uw voorhoven.' De Heere verzadigt ons met het goede, het vette van Zijn huis. Alles in Christus.

Wanneer wij dat door geloof persoonlijk en samen kennen en vieren mogen, zullen we het voor de Heere en Zijn gemeente uitspreken, uitzingen. Ons leven krijgt zin in de verheerlijking van God. Wij verlangen Hem te kennen, nog meer te kennen. Want, wat zou mijn hart, wat zou mijn oog op aarde nevens u toch lusten? Niets is er waar ik in kan rusten! Het leven in Gods nabijheid is een heerlijk leven en een heilig leven. Kentu dit, verlangt u het boven alles uit?

Zonder Gods nabijheid in Christus bent u er werkelijk armzalig aan toe. U mag nog zoveel hebben aan levensvulling en levensvreugde, maar het is surrogaat en vergaat. Wat meer zegt: u vergaat door de toorn van God Die u niet kent. Buiten Christus is het nergens goed en nooit goed. Dan is God een verterend vuur.

Bedenk dit en beleid wat tot uw eeuwige vrede dient. Die aansporing van Christus Zelf is uitnodigend genoeg. Armen worden door Hem met goederen vervuld. God geeft zo graag Zijn gemeenschap weg. Zijn beloften wijzen u de weg, vol als ze zijn van Zijn welbehagen. Pleit er op en leef er uit. Christus is niet tevergeefs gestorven! Zoek voortdurend die nabijheid in het Woord en door gebed, naar de regel van gebod en belofte. En weet, dat de Heere Zelf eeuwig bij Zijn volk wil zijn.

Niet alleen de bruid maar vooral en het meest verlangt de Bruidegom daarnaar. En de Vriend van de Bruidegom, de Heilige Geest niet minder: Maranatha! Eeuwig en ongestoord zal de Heere u Zijn volle gunst betonen.

Het is waar en het wordt waar: 'ontbonden te zijn en met Christus te wezen, is zeer verre het beste'.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 1973

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

Goed nabij God!

Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 oktober 1973

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's