Heilig, heiligen en heiligmaking 2
Pastorale overwegingen
Gave en opgave
Reeds merkten we op, dat 'heiligen' geen mensen zijn, die een bijzondere prestatie leveren. Veeleer is het heilig-zijn een geschenk van God.
De verlossing, die God in Christus heeft doen komen, is immers een verlossing van de zonde en van al haar gevolgen. Daar is niet alleen in begrepen de rechtvaardiging, de vrijspraak van schuld en straf, de vergeving der zonden, maar ook de heilig-en heerlijkmaking.
Gelovigen zijn mensen, die door genade kwijtschelding van hun zondeschuld ontvingen en kennen, maar die ook mogen leven in de gemeenschap met Christus, door de Heilige Geest. Met name in de Nieuwtestamentische brieven, en vooral de paulinische, wordt er steeds weer de nadruk op gelegd, dat de Geest Gods met Christus verbindt door het geloof, en verbonden doet blijven, maar ook Christus doet wonen en werken in de harten.
De heiliging is een gave van God, een werk van God, zoals b.v. ons leren 1 Thess. 5 : 24, Fil. 1 : 6; en menigmaal vinden we de heiliging ook toegeschreven aan Christus en aan Zijn Geest, zoals we lezen in Rom. 8 : 4 en v.v., 1 Cor. 1 : 30 en Col. 1 : 22.
Maar juist omdat de heiliging een gave, een werk Gods is, worden ook de gelovigen zelf steeds vermaand met alle aandrang om heilig te leven en te wandelen. Omdat God Zijn welbehagen aan hen betoonde, Christus Zijn liefde bewees, moeten zij ook naar de Geest wandelen en niet naar het vlees. Zij zijn kinderen van het licht, Ef. 5 : 8, ze zijn opgewekt tot een nieuwe leven. Col. 3 : 2, zijn tempel van de Heilige Geest, 1 Cor. 6 : 15 en v.v. Maar vooral zien ze zich de heilige opgave van heiliging gesteld met het oog op het toekomstig en te verkrijgen loon. Het is de moeite waard om een heilige levenswandel te openbaren, want 'de godzaligheid heeft de belofte van dit en van het toekomende leven'. En God beloont degenen, die Hem zoeken. En moge de zaligheid straks gelijk zijn voor allen, die de verschijning van Christus oprecht hebben liefgehad, de heerlijkheid zal verschillend zijn, al naar gelang goede werken werden gezien. We besluiten uit dit alles, dat de heiliging werkelijk gave en opgave is.
Wat ziet men ervan?
Bekend, of moet ik zeggen: berucht (? ), is de leuze: geen woorden, maar daden! Helaas, deze valse leuze wordt aangeheven ook in de kerk, soms waar men het geheel niet zou verwachten. Woord en daad is bij God één. Zijn Woord is 'zaak', 'ding', 'werkelijkheid'. En bij Gods kinderen wordt en is het al niet anders. Hun vernieuwd leven betreft leer én leven.
Maar het is te begrijpen, dat er naar hen gezien wordt. Het mag ook. De kerk behoort de wereld de boodschap van Gods recht en genade voor te houden en voor te leven. Het geloof is toch te zien, is toch aantoonbaar, aan de werken als vruchten? !
Hoe is het te zien, dat het leven in de heiliging beoefend wordt?
Daar zijn de goede werken. Schoon is de trits van de Heidelberger: goede werken zijn die, welke voortkomen uit de goede bron, het geloof; gericht zijn op het goede doel, de eer Gods; geregeld worden naar de goede maatstaf, de wet Gods. Wat dacht u van de zelfverloochening en het-vrolijk-kruis-dragen achter Christus aan? Wat dacht u van het-alles-ervoor-over te-hebben, zoals bezit, schatten, huwelijks- en en gezinsliefde? Wat dacht u van bescheidenheid, vriendelijkheid, hulpvaardigheid, vanuit de dienende liefde van Christus? Wat dunkt u van noeste vlijt en ijver in ons werk en met name in Gods Koninkrijk? Wat dunkt u bovenal van een zich onderwerpen aan en een volbrengen van Gods wil? Zijn ons deze dingen bekend? Mogen anderen iets daarvan bij ons bespeuren en gesticht worden, voor de dienst des Heeren gewonnen? Wordt God dóór ons en óm ons geprezen? Is er enige troost, omdat we door genade in de vruchten iets van Gods werk in ons bespeuren?
Gevaarlijke verwording
Treffen we in het Nieuwe Testament herhaaldelijk de paraenese aan, de praktische vermaningen voor het zedelijk leven, een christelijk leven in de praktijk, en volgen aanvankelijk de oude kerkvaders dit spoor, langzamerhand doet zich het verschijnsel van ontaarding voor. Vooral als de kerk groter wordt, als de vervolgingen ophouden, sluipen onbijbelse gedachten binnen. De doop, of liever, Gods genade in de doop, zou alleen vergeving betekenen voor de zonden voordien bedreven, waardoor het sacrament naar een steeds later tijdstip wordt verschoven. Er wordt verschil gemaakt tussen 'lichte en zware zonden'. Het evangelie van Gods reddende genade in Christus wordt tot een nieuwe wet. Onthouding van alles en nog wat wordt verdienstelijk, tegen kluizenaars, kloostergeestelijken gaat men opzien. Huwelijksonthouding, armoede en gehoorzaamheid, aanvankelijke deugden, worden min of meer voorgeschreven regels. Alles mondt uit in de rooms-katholieke kerk met de leer van de verdienstelijkheid der goede werken. De Reformatie bracht hierin een gehele ommekeer. De rechtvaardiging van de goddeloze om niet door het geloof als Gods gave werd opnieuw het uitgangspunt. En dan niet het geloof zelf rechtvaardigt, maar de gerechtigheid in Christus, door het geloof omhelsd. Dat is de doodsteek voor alle wetticisme. Helaas, dan komt op de verwording van de filosofie en het moralisme, een deugdzaam leven. Anderzijds is daar de verwording van het mysticisme, (let wel, ik schrijf hier niet: de mystiek) waarbij men zich met een boekje in een hoekje terug trekt, een benepen leven leidt, buiten de wereld en het leven gaat staan. Tenslotte is daar de verwording van het anti-nomianisme, waarbij de gelovige van de wet af is, door het geloof in Christus, vrij en blij kan leven, en: als een gelovige zondigt, is het niet zo erg.
Me dunkt, ook te onzent is deze verwording, welke dan ook, volop aanwezig. Wereldgelijkvormigheid en wereldmij ding in negatieve zin spelen nogal een rol. Veelszins is de spanning weg uit ons leven: 'wel in, maar niet van de wereld'. Toetsen we ons op deze punten. Zelfcritiek mag niet ontbreken. Of: staan we maar veel naar ontdekkende genade, altijd weer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 november 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's