De volmacht van de prediking 2
De bevindelijkheid van de volmacht
Aan de gelovigen wordt, volgens de Heid. Cat-, betuigd de vergeving van zonden, aan allen en een iegelijk (Latijn: universis et singulis). Dat is: zowel corporatief (het lichaam der gemeente-als-geheel beslaande) als persoonlijk. We moeten dat 'corporatief' niet verwarren met 'algemeen'. Zondevergeving is naar haar aard nooit algemeen in de zin van vanzelfsprekend geldig. Zij wil geloofd worden. Zij is een hoogstpersoonlijke daad van God de Vader om Christus' wil door de Heilige Geest. En zij wil allerpersoonlijkst gehoord worden, omarmd, ontvangen, bemind, doorleefd. Maar haar afkondiging geschiedt toch in de vorm van een generaal pardon, een 'algemene', royale en ruimhartige amnestie voor de grootste der zondaren. Zij geldt voor de gelovige gemeente als lichaam van Christus. Dit corporatieve moet de prediker niet bij voorbaat verdoezelen of ontwijken. Wij hebben geen plooien glad te strijken die het gewaad van Gods Woord vertoont. We hebben ze slechts open te vouwen. De zondagse Woordbediening wordt niet aangehoord door heidense toehoorders of neutrale medereizigers, maar door de gemeente die in Christus' Naam is samengeroepen en samengekomen. Zij is gemeente, uitgeroepenheid. Of men haar nu aanspreekt met gemeente of gemeente des Heeren, maakt geen verschil. Het laatste is alleen dubbelop; niet naar de letter natuurlijk, maar naar het wezen. Wie dit gemeentelijke element in de prediking veronachtzaamt, zou per consequentie hetzelfde moeten doen met de kinderdoop en met de behandeling van b.v. zondag 31, vraag 34 uit de Heid. Cat.
Dit alles sluit de persoonlijke gerichtheid niet uit, maar in. Binnen het ene lichaam van de gemeente zijn er de leden, die ieder persoonlijk worden opgetild uit de veelheid. Niet eruit getild en helemaal apart gezet, zodat ze de gemeente, de gemeenschap der heiligen zouden kunnen verwaarlozen. Maar opgetild in die zin, dat de neergebogene volstrekt particulier wordt opgericht, dat de verhevene even particulier wordt neergehaald, dat de tegenstander persoonlijk de hand van verzoening en gemeenschap wordt toegestoken, dat de armlastige persoonlijk op de Naam mag betrouwen. De greep van de Heilige Geest omvat niet slechts de hele kerk, maar ook elke gemeente. En ook elke gelovige in het bijzonder weet zijn hoofd en hart aangeraakt door de handen van Christus in het Woord. En elk gemeentelid (die zich evenwel uitgestoten zich kan bevinden als de bloedvloeiende vrouw) mag de onreine handen uitstrekken naar de zomen van Christus' kleed.
Daarom, hoe corporatief de gevolmachtigde prediking ook is, zij heeft haar uiterste spits in de allerpersoonlijkste aanspraak tot 'mijn' ziel, in de omgang met 'mijn' ik. Noem dat de 'bevindelijke' ondertoon van de Schrift, die zo'n welluidende weerklank heeft gevonden in de Heid. Cat. Daar heet het immers zo vaak: wat nut u, wat baat u? Dat heeft niets van doen met zwakzinnige mystiek of ziekelijk egoïsme. Maar het is geënt op het besef dat de leer der godzaligheid geen uitwendige, algemene kennis van de hersens is, maar een geestelijke kracht die het hart en geweten raakt, doordringt en in beslag neemt. Daar, aan de wanden van onze ziel, wordt het Woord in haar geestelijke volmacht ingeschreven. De prediking wordt ingestempeld in de binnenste verblijven van ons leven. Wie dit dode fossielen uit vervlogen tijden noemt, misduidt het werk van de Heilige Geest. Wie dit een piëtistisch restant acht dat slechts in de Gereformeerde Gezindte als een relikwie wordt bewaard, die vergeet dat deze bevindelijkheid authentiek bijbels is. En rasecht reformatorisch en confessioneel.
Ontmoeting
De prediking scheept ons niet af met een aantal verstandelijke waarheden of met jaartallen die je koud laten. Maar er vindt een ontmoeting plaats. Dat smeedt contact. Het schept gemeenschap tussen God en mij. Weliswaar in een merkwaardige dubbelheid. Enerzijds word ik er immers telkens helemaal buiten gezet: zo verbruid en verbeurd hebben we het dat God met ons geen gemeenschap wil. Daarom zorgde de Heere voor een nieuwe mens: Christus. Wij hebben afgedaan. En met Hem begint God als het ware opnieuw en in Hem volvoert Hij Zijn welbehagen. We gevoelen wel: hier ligt de ergernis van het Evangelie. Dit is verlammend en verbrijzelend. Maar de andere kant is dat ik er ook helemaal bijgehaald en binnengezet word. De Heilige Geest komt het Woord zo diep in ons hart thuisbrengen en toeëigenen, dat we het 'mijnen': niet ik, maar Hij! 'Mijn' zeggen: persoonlijker kan het al niet. Beide elementen zijn onmisbaar en kenmerkend voor de volmacht. Juist omdat de prediking volmacht heeft van Godswege, wordt mijn diepste bestaan erdoor ingewonnen, in belijden van schuld en vergeving. Nee, de prediking is geen zakelijke en neutrale mededeling, maar wat eerst een objectieve, historische, algemene waarheid was, wordt in de prediking een onmiddelijke, persoonlijke werkelijkheid. Dan gaat het niet meer 'over' Christus, maar Hij staat zelf oog in oog, en draagt met Zijn Woord het volbrachte heilswerk ons hart binnen. Het Evangelie, als de prediking van Christus en als het werk van de Heilige Geest, is nooit algemeen, nooit massaal, nooit objectief en onpersoonlijk. Het heeft altijd enkeling-karakter. Het stelt de mens altijd in de verhouding van de persoonlijke ontmoeting. Het is nooit anoniem, maar altijd op naam . . . Wie dus het Evangelie zó nooit heeft verstaan, heeft ook de prediking als het werk van Christus en van de Heilige Geest nog niet verstaan. Prediking is de persoonlijke toereiking van de genade door de priester, die ons de genade verworven heeft. Prediking is, dat Christus 'indachtig gemaakt wordt' (Joh. 14 : 26) (W. Aalders). =)Heilige Geest, is nooit algemeen, nooit massaal, nooit objectief en onpersoonlijk. Het heeft altijd enkeling-karakter. Het stelt de mens altijd in de verhouding van de persoonlijke ontmoeting. Het is nooit anoniem, maar altijd op naam... Wie dus het Evangelie zó nooit heeft verstaan, heeft ook de prediking als het werk van Christus en van de Heilige Geest nog niet verstaan. Prediking is de persoonlijke toereiking van de genade door de priester, die ons de genade verworven heeft. Prediking is, dat Christus 'indachtig gemaakt wordt' (Joh. 14 : 26) (W. Aalders).5)
Geen beschrijving
Het is duidelijk dat deze volmachtsprediking bij de prediker nog wel wat meer veronderstelt dan vak-theologische kennis. Zij kan slechts opbloeien waar de prediker staat in de beweeglijkheid, geladenheid en vervuldheid van de Heilige Geest. Haar bodem is een hart dat de schrik des Heeren kent en van waaruit de liefde van Christus opdringt (2 Cor. 5). Zo niet, dan ontaardt de prediking tot beschrijving, en dat is objectivering, vertekening en verdorring. Hetzij in de zin van mededeling en uitleg van feiten uit de Bijbel. Hetzij in de zin van verhandeling van bevindelijke ervaringen. Maar dan is de vaart, directheid en dynamiek van de volmacht eruit. Daar is de Geest niet in de raderen, maar treedt Hij terug. Omdat Hij bedroefd wordt. Waar niet Christus wordt tegenwoordig gesteld voor Gods aangezicht en het aangezicht van de zondaar, daar is de Heilige Geest niet in zijn element. Daar heeft de prediking een schijn, een wetenschappelijke of een vrome. Wat dat laatste betreft: verstaat men dan niet dat die onderwerpelijke prediking die 'bevindingen' tot voorwerp (!) van verhandeling maakt, het tegendeel van onderwerpelijk is? Wat tot object, voorwerp gedegradeerd wordt, is immers geen subject, onderwerp meer. Zulke voorwerpelijking is verwerpelijk als zeer lichte kost. Prediking in volmacht is 'de gestalte, waarin wij het mysterie van de genadeopenbaring in ons midden hebben. En daarin zijn wij niet armer dan zij, die leefden in de tijd van de aartsvaders, de profeten, de apostelen. Maar dan moeten wij de prediking ook mysterie, verborgenheid laten zijn, en er geen kerkelijk beroep of theologisch vakwerk van maken. Zij is het eigen werk van Christus en van de Heilige Geest, en daarom — wonder, levend wonder' (W. Aalders). 6)
Tholen A. de Reuver
5) Dr. W. Aalders, a.w., blz. 110 v.
6) Dr. W. Aalders, a.w., blz. 113.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 29 november 1973
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's