Aan de ingang van 1974
Onze hulp is in de Naam des HEEREN, die hemel en aarde gemaakt heeft! Met deze woorden wordt doorgaans elke dienst des Woords aangevangen. Het is een woord uit een der liederen hammaaloth, namelijk uit Psalm 124.
In de tijd van de hagepreken nam men dit woord aan tot begin- en wijdingswoord van de samenkomst van de gemeente. Treffend, juist uit een psalm der samenkomsten in tijden van vervolgingen. 'Ten ware de HEERE, die bij ons geweest is (zegge nu Israël), ten ware de HEERE, die bij ons geweest is, als de mensen tegen ons opstonden, zo zouden zij ons levend verslonden hebben, als hun toorn tegen ons ontstak; zo zouden ons de wateren overlopen hebben, een stroom zou over onze ziel gegaan zijn; zo zouden de stoute wateren over onze ziel gegaan zijn. De HEERE zij geloofd, die ons in hun handen niet heeft overgegeven tot een roof. Onze ziel is ontkomen als een vogel uit den strik des vogelvangers; de strik is gebroken, en wij zijn ontkomen.' En dan volgt het wijdingswoord der hageprekers.
Een woord gesproken in diepe nood. Maar ook een woord vol geloofsvertrouwen. Een woord waarin de lof Gods niet ontbreekt. Er staat niet: Onze hulp zij, maar onze hulp is in de Naam des HEEREN. Wij vervormen dat nogal eens.
De vaderen stonden wat meer in het geloof, waar wij het hoogstens tot een hopen brengen. Mij dunkt met dit woord kunnen wij dit jaar 1974 in. Al is er veel wat internationaal, nationaal, kerkelijk en persoonlijk met zorg kan vervullen. Daar is toch altijd de God der hulp, de God van ons betrouwen, daar is toch altijd de God van onze lof. Ten ware de HEERE, die bij ons geweest is — als het toch niet was, dat de HEERE bij ons geweest is — dit zegge nu Israël.
Welnu dan, met dit openingswoord dan de dienst van onze God over dit hele jaar begonnen. Onze hulp is in de Naam . . . Hij die in Zijn Zoon de hemel en de aarde gemaakt heeft, die in de Heere Christus ook die hemel en deze aarde draagt en onderhoudt en bestuurt. Ook het kleine kuddeke van Zijn kerk, ook ons kleine leventje, ook ons misschien wat kleine werk (wat dat dan ook zij). Hij plaatst het tenslotte in Zijn grote werk, dat hemel en aarde omspannen heeft, omspant en omspannen zal. Daar zullen de toorn der mensen, daar zullen de wateren, de stoute wateren niets tegen vermogen.
Dit is ons belijden, dit is ons gelovig verwachten voor onze kerk, voor onze predikanten, predikantsweduwen, leden van de Bond en niet het minst ook hen, die met zoveel zorg wekelijks de uitgave van dit blad verzorgen. Het jaar dat wij ingaan is tenslotte een van de jaren onzes HEEREN.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 1974
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 januari 1974
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's