De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De prediking  van de gelijkenissen 1

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De prediking van de gelijkenissen 1

5 minuten leestijd

Een experiment
Een jong predikant kreeg kort na zijn bevestiging in zijn eerste gemeente van een trouwe kerkganger het goedbedoelde advies: 'Dominee, als ik u was, dan zou ik de eerste tijd maar niet al te moeilijke stoffen behandelen'. Op de vraag van de predikant welke teksten hij dan wel moest kiezen, luidde het antwoord: 'Ik zou voorlopig maar over de gelijkenissen preken'.
Misschien was de dominee wat eigenwijs, maar hij heeft deze raad in de wind geslagen. Pas in zijn vijfde jaar begon hij zich wat in de gelijkenissen te verdiepen en heeft hij zich eraan gewaagd een serie preken over de gelijkenissen te houden.
Hij vindt dat experiment niet zó geslaagd dat hij de moed heeft, nu zijn methode ook aan anderen voor te schrijven. Als hij er — op verzoek — toch iets over meedeelt, dan is het alleen om te laten zien, enerzijds hoe het wèl zou kunnen, anderzijds hoe het niet moet. En wil iemand die er meer licht in heeft, of er meer ervaring mee heeft, hem aanvullen of verbeteren, dan houdt hij zich graag aanbevolen!

De gelijkenissen
Wanneer we spreken over de gelijkenissen, dan bedoelen we de gelijkenissen van het Nieuwe Testament, die zulk een belangrijk onderdeel uitmaken van de prediking van de Heere Jezus. Ook het Oude Testament bevat verschillende gelijkenissen. De profeet Nathan bestraft David in de vorm van de gelijkenis van de man met het éne ooilam (2 Sam. 12: 1—4). Het beeld van Israël als Gods wijngaard komt veelvuldig voor (o.a. in Psalm 80: 9—16 en in Jes. 5: 1—7). De verhouding van de Heere tot Zijn volk Israël wordt vergeleken met de verhouding van een herder tot zijn schapen (Ezech. 34).
Ook het Nieuwe Testament heeft heel wat beeldspraak, die we toch niet tot de gelijkenissen rekenen. 'Wat ziet ge de splinter die in het oog van uw broeder is, maar de balk die in uw oog is merkt gij niet? ' 'Leest men ook een druif van doornen of vijgen van distelen?' 'Gelijkenis' is echter de technische term geworden van een zelfstandig verhaal, dat om een zelfstandige toepassing vraagt. Een gelijkenis verhaalt een natuurgebeuren of een feit uit het alledaagse leven waarin opgenomen zijn alle belangrijke trekken die tot zulk een gebeuren behoren, terwijl de bedoeling is, daarmee een andere werkelijkheid aan te duiden.

Het geheim van de gelijkenissen
Er is iets in de gelijkenissen dat kerkmensen en buitenkerkelijken, mensen die bij het Woord opgegroeid zijn en mensen die de bijbel nauwelijks kennen, altijd weer aanspreekt. Of men nu de gelijkenis van de verloren zoon, of van de barmhartige Samaritaan, of van de rijke man en Lazarus, voor de tiende keer of voor de honderdste keer leest, ze zijn altijd weer nieuw en telkens ontdekt men weer andere trekken.
Wat is het geheim dat in de gelijkenissen schuilt? Zijn het de beelden die zo levendig en kleurrijk zijn dat ze iedereen boeien? Of is het het levensechte dat ons zo aanspreekt? We zien nu eens een zaaier over het land gaan, dan weer een herder zijn schapen leiden, dan weer een vrouw haar brood bakken. We beleven de vreugde van de terugkeer van de verloren zoon, we zijn getuigen van een bruiloft. Bedelaars, tollenaars, Samaritanen trekken aan ons oog voorbij. Kortom, zo zegt C. Brouwer in 'Het Koninkrijk Gods in gelijkenissen': 'Heel het oosterse bestaan in zijn bonte bekoorlijkheid gaat in de gelijkenissen voor ons leven en dat met een gloed en expressie die zijn weerga niet vindt. De lachende velden van Galiléa en de dorre heuvels van Judéa, de dorpen en de steden in de laaiende zonnehitte, de blauwe zee, die de stralende hemel weerspiegelt, zij zijn het panorama, dat de gelijkenissen telkens weer voor ons ontrollen'.
En toch ligt het geheim van de gelijkenissen dieper. Het schuilt niet in de beelden op zichzelf, maar in de kracht waarmee de beelden op de hoorders afkomen. Aan het eind van de bergrede zegt Mattheüs: 'Hij leerde hen als Machthebbende', d.w.z. Zijn Woord kwam met gezag, het trof doel, het raakte het hart, men kon er niet onderuit. Dat mag ook wel gezegd worden van de gelijkenissen. Soms is dat héél duidelijk, wanneer Jezus bijvoorbeeld een gelijkenis inluidt met de woorden: 'Waarbij zal Ik dit geslacht vergelijken? of: 'Maar wat dunkt ulieden?' Dan moet er een antwoord gegeven worden, een conclusie getrokken worden.
Wanneer iemand Jezus wil dwingen om als scheidsrechter op te treden in een erfeniskwestie, dan wordt hij terechtgewezen met de gelijkenis van de rijke dwaas. Wanneer Simon de Farizeeër zijn taak als gastheer niet blijkt te verstaan en dan ook nog kritiek heeft op de vrouw, die Jezus' voeten nat maakt met haar tranen, dan zegt Jezus: 'Simon, Ik heb u wat te zeggen'. En wat Hij te zeggen heeft, dat zegt Hij in de gelijkenis van de twee schuldenaars. ,
Dat dit appèl op het hart en op het geweten van de hoorders ook gevoeld werd, blijkt verschillende keren uit de reakties van de Schriftgeleerden en de Farizeeërs. Wanneer Jezus verteld heeft van de boze wijngaardeniers, die de ene dienstknecht na de andere doodden en tenslotte zelfs de handen sloegen aan de zoon, dan lezen we: 'En als de overpriesters en Farizeeërs deze Zijn gelijkenissen hoorden, verstonden zij dat Hij van hèn sprak . . .'
Het geheim van de gelijkenissen is, dat de mens van alle tijden zichzelf herkent, hetzij in de verloren zoon, hetzij in de oudste zoon; hetzij in de Farizeeër, hetzij in de tollenaar; hetzij in de rijke man, hetzij in Lazarus.
Wanneer de vraag aan de orde komt, hoe er gepreekt moet worden — en die vraag blijft aktueel — dan moeten we eerst maar luisteren naar Hem Wiens Woord was met macht. In Zijn prediking gaat de hoogste eenvoud gepaard met de zwaarste klem. 
Ridderkerk,                                                                                                 W. van Gorsel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De prediking  van de gelijkenissen 1

Bekijk de hele uitgave van donderdag 7 februari 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's