De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het gebed

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het gebed

Het openbare gebed 2

4 minuten leestijd

De inhoud van het openbare gebed
Tot op zekere hoogte bevat het openbare gebed dezelfde elementen als het persoonlijke. De verhouding Schepper-schepsel, Rechtvaardige-schuldige, Heilige-onheilige, Barmhartige en Genadige in Christus-toevluchtnemend gelovige, staat altijd en overal centraal. Maar terwijl het persoonlijke gebed het bijzonder karakter van ieders lichamelijke en geestelijke nooddruft voor Gods aangezicht brengt, is het openbare gebed in zeker opzicht meer algemeen en samenvattend. Anderzijds zijn in dat gemeenschappelijke gebed juist elementen, die meer dan in het persoonlijke gebed naar voren treden. De gemeente heeft haar vreugden en smarten, haar zieken en bejaarden, haar eenzamen, leden der gemeente, die door donkere wegen geleid werden, haar jonge mensen, die het moeilijk hebben temidden van de stroomversnellingen en verwarringen in kerk en wereld in deze tijd, moeilijk ook met allerlei verzoekingen en bestrijdingen, haar kleingelovigen, die gesterkt en haar schijngelovigen, die gewaarschuwd moeten worden. Het openbare gebed vergete al deze nood niet; ook niet die van hen, die zo licht vergeten worden, die wel leden der gemeente zijn en toch vaak zo eenzaam door het leven gaan. Er zijn er ook, die tot de gemeente behoren en stof tot bijzondere dankzegging hebben en de gemeente, die geroepen wordt om blijde te zijn met de blijden, zegge ook dank met de dankenden. Het is een goede zaak, dat in onze kerkbladen de gemeente daarop wordt voorbereid of dat een enkele naam vóór het gebed aan de gemeente wordt bekend gemaakt, opdat zij er niet naar behoeve te raden, wie het wel is, voor wie voorbede of namens wie dankzegging zal worden gedaan.
En dan — de gemeente als geheel heeft haar eigen leven. Zij heeft haar perioden van inzinking of bloei, haar teleurstellingen en haar verrassingen (b.v. in verband met het beroepingswerk), haar verborgen of zelfs openlijke conflicten en spanningen, haar situatie en haar arbeid in deze tijd door ambtsdragers en zovele anderen, die bij het werk der gemeente betrokken zijn en die het nodig hebben te weten, dat de gemeente al deze omstandigheden en werkzaamheden voorlegt aan Hem, aan Wiens zegen alles gelegen is.
Maar die gemeente maakt ook deel uit van het grote geheel van kerk en Koninkrijk Gods. Die kerk heeft nodig vernieuwd te worden tot een eendrachtig en waarachtig getuige van Gods waarheid en van Zijn heil en heel de Schrift, maar in het bijzonder het Nieuwe Testament laat zien, hoe nauw ook in het leven der kerk bidden en werken verbonden zijn. De Heere Jezus leert ook bidden om arbeiders in de oogst. Niet omdat God de Heere niet zou weten, dat ze nodig zijn. Maar de manier waarop God met Zijn gemeente omgaat is niet die van de kille, zakelijke redenering, maar die van de warme betrokkenheid bij Zijn zaak, die ook haar zaak is. Daarom geldt haar gebed ook de arbeid van zending en evangelisatie.
Bovendien staat de gemeente in een wereld, waarin God Zijn ordeningen gegeven heeft, opdat, ondanks de kwaadwilligheid van ons bedorven mensengeslacht, er nog een samenleving mogelijk zal zijn, binnen welke God Zijn weg gaat met het levende Woord en de levenwekkende werking van Zijn Geest. Vandaar dat de Schrift de overheden maakt tot voorwerp van ons gebed. Zelfs 'voor alle dingen' (1 Tim. 2: 1—4). Dat wil niet zeggen, dat God niet machtig is ook, tegen het geweld van een vijandige overheid in, Zijn werk te volbrengen en op verborgen wijze te sterken, zoals de geschiedenis van de kerk in verleden en heden menigmaal laat zien. Dan bidden Paulus en Silas in de gevangenis. En zij zingen nog ook.
Verder — de gemeente leeft niet tijdloos. Zij is met haar bestaan en met haar belangstelling verbonden aan het wereldleven, met z'n geestelijke, staatkundige, sociale en culturele spanningen. Verschillende op de voorgrond tredende gebeurtenissen, tijdsverschijnselen, dreigingen of zegeningen mogen en moeten met gebeden en dankzeggingen door de biddende gemeente voor God gebracht worden, om alles in Zijn hand te leggen en uit Zijn hand te ontvangen, om oordelen af te bidden, genezing en hulp in te roepen en Hem voor Zijn weldaden te prijzen.
Zowel in het openbare als in het persoonlijke leven gaat het om het concrete. Het is belangrijker in ons eigen leven de zonde tot in de verborgen schuilhoeken van ons hart op te sporen, met name te noemen en uit te leveren, dan dat wij de zwaarste veroordelingen uit de boetepsalmen met de lippen alleen overnemen.
Zo moeten en mogen ook de dingen die het openbare leven van de gemeente, de kerk en de wereld aangaan, duidelijk genoemd worden, opdat wij niet te veel in gemeenplaatsen vervallen. Die vindt men juist in de gebeden in de Bijbel niet. Lees ze maar na: in de psalmen, bij de profeten, in de Handelingen der apostelen, of waar dan ook.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Het gebed

Bekijk de hele uitgave van donderdag 14 maart 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's