De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het wereldwijde  en het persoonlijke

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het wereldwijde en het persoonlijke

Predikantenconferentie in Leicester

12 minuten leestijd

Vorige week heb ik enkele impressies gegeven van de predikantenvergadering, die door enkele predikanten en mij werd bijgewoond te Leicester in Engeland. Vandaag wil ik nog enkele dingen weergeven van de referaten die we hebben gehoord. Op de conferenties van de Banner of Truth Trust laat men telkens personen uit verschillende delen van de wereld iets vertellen over de kerkelijke situatie in hun land, met name over het gereformeerd kerkelijk leven aldaar. Zo ook nu. Peter Savage vertelde iets over Zuid-Amerika, waar hij werkt, en een jong theoloog, Henri Blocher, vertelde over de Franse situatie. Over deze beide referaten eerst iets.

Zuid-Amerika
Om als gereformeerd predikant in Zuid-Amerika te werken is geen sinecure. Men werkt dan als eenling temidden van de velen die anders zijn, mensen die geen enkele band aan kerk en godsdienst hebben, rooms-katholieken en voorzover het de protestanten betreft voor het merendeel niet-gereformeerden. Groepen die een min of meer bloeiend bestaan hebben zijn de pinkstergroeperingen. Bovendien leeft men in een samenleving met grote tegenstellingen op sociaal gebied en in allerlei opzichten wanverhoudingen. De lector liet er geen onduidelijkheid over bestaan dat dit zo was. Wat ervan te denken, dat een groep boeren, die in een district hun belangen kwamen bepleiten bij de overheid, werden uitgemoord? En dan komt de vraag op: Hoe geef je gestalte aan de bijbelse opdracht om bezig te zijn in de samenleving en daarin te streven naar rechtvaardige verhoudingen, zonder in de greep van de revolutie, van de marxistische ideologieën te geraken. De lector Savage maakte duidelijk hoe diegenen, die vanuit de gereformeerde belijdenis willen werken, ook alle ernst willen maken met de vragen van de samenleving, waartoe men dan ook gesprekskringen en studiegroepen heeft. Maar intussen deed hij een beroep op landen overzee om hulp. Het thema waarover hij sprak was de Macedonische roep: Kom over en help ons! Zend mensen naar Zuid-Amerika, die vanuit de gereformeerde religie willen leven en werken. Zend boeken naar Zuid-Amerika in het Spaans. Help bij het geven van leiding, bij het opleiden van werkers. Christenen moeten leren internationale verantwoordelijkheid te dragen. Christus zegt: Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde (Matth. 28: 18). Die macht is universeel. Hebben christenen dan ook niet een universele verantwoordelijkheid? Het Evangelie is niet beperkt tot één volk
Wat de verkondiging van het Evangelie betreft, daarvan stelde de inleider terecht dat dit niet alleen een kwestie is van van deur tot deur brengen, van mens tot mens, maar in situaties als in Zuid-Amerika uitdrukkelijk ook — en waar niet? — tot de leiders van het volk, tot de regeringen. De Schotse Reformatie is begonnen met de confrontatie van John Knox, de Schotse Reformator, met de koningin. En heeft Calvijn ook niet met name de stads- en landsoverheden bij de Reformatie op het oog gehad?
De inleider sprak met overtuiging, vanuit het geloof in de macht van het Woord, de macht van Christus. 'Alle oog zal Hem zien en alle knie zal zich voor Hem buigen'. Dat is de ernst aan de ene kant. Maar ook: Ik ben met u al de dagen . . . op de preekstoel en in de gevangenis. Een bemoedigend woord van een werker op een vooruitgeschoven post.

Frankrijk
De Franse theoloog Henri Blocher vertelde één en ander over Frankrijk. Ook daar een smal gereformeerd kerkelijk leven, al wilde de lector 'de 7000' niet vergeten. Maar hij vergeleek de situatie met die in de gemeente van Sardes: 'versterk het overige, dat dreigt te sterven'.
Er zijn door de jaren heen in Frankrijk allerlei golfbewegingen geweest: de Hugenoten, de greep die de Franse Revolutie aan het eind van de 18de eeuw op de kerk kreeg (80% van de Franse dienaren des Woords tekenden de idee van de revolutie), de opwekkingsbeweging in de negentiende eeuw en de zendingsbeweging, vooral in de kring van de baptisten.
Na de Tweede Wereldoorlog kwam het Franse protestantisme sterk in de greep van de theologie van Karl Barth. Barth werd als een tweede Calvijn gezien. Zijn theologie zou een beweging op gang brengen terug naar de Reformatie. Er bleven ongeveer 60 onafhankelijke gereformeerde gemeenten, die met deze beweging echter niet meegingen. Zij kregen een theologische opleidingsmogelijkheid in Aix en Provence.
Intussen is de ontwikkeling verder voortgegaan. Via de Rooms-Katholieke Kerk werd de theologie van Bultmann in Frankrijk geïntroduceerd en vandaaruit beïnvloedde deze theologie ook de protestantse kerken. Het kenmerkende van de nieuwe beweging was: — en we kennen het ook in onze situatie — je bent verlost en wees nu maar bezig in de wereld. Deze theologie, die vrijwel uitsluitend de wereld nog in het blikveld heeft, radicaliseerde meer en meer, zodat op een conferentie van theologen in Montpellier een jong predikant stelde, dat hij in twee jaar niet de Naam van God op de kansel had genoemd. Het marxisme deed zijn greep op de theologie gevoelen. Een marxistisch rooms-katholiek hoogleraar werd aan de r.-k. universiteit vanwege zijn ideeën ontslagen maar direct bood de protestantse faculteit van Parijs hem een plaats aan.
Temidden van dit alles nemen de gereformeerd-gezinden in Frankrijk slechts een bescheiden plaats in. Wel bloeit er dan hier en dan daar weer wat op, een calvinistische beweging Ichthus met 3400 leden, een nieuwe protestantse faculteit in Parijs met 45 studenten. Maar ook hier geldt, dat de situatie zorgelijk is.

Twee preken voor dominees
Vorige week vermeldde ik al, dat op de conferentie een jonge Schotse dominee uit Glasgow twee preken hield voor de aanwezige predikanten. Het was dominee Donald Macleod, die gedurende tweemaal anderhalf uur de aanwezigen in de ban had met zijn preken, zeg theologische voordrachten — geheel uit het hoofd gebracht — over de zekerheid van het geloof. Bij het horen van deze voordrachten voelden we de sterke verwantschap in geloof en belijden, gevoelden we ook een gemeenschappelijk probleem, daar en hiér, wanneer het gaat om de zekerheid des geloofs, de toeëigening des heils. Men kon bemerken dat de inleider door deze vragen, door de pastorale vragen, die hier liggen, was heengekropen, met name ook vanuit Calvijn en Luther, maar ook in confrontatie met de school van de Engelse en Schotse theologen zoals de Erskines, Gray, McCheyne, Boston e.a.
De lector stelde de vraag waarom er nu zo weinig volle verzekerdheid van het geloof is, terwijl dit in het Nieuwe Testament de normale toestand van alle gelovigen is. Waarbij hij overigens direct opmerkte dat deze ombuiging van het nieuwtestamentische patroon niet te herstellen is door alleen op de leer te wijzen, want de zekerheid van het geloof is ook een zaak van ervaring, van bevinding. Maar de normale nieuwtestamentische toestand moet ook de normatieve zijn, dat wil zeggen moet ook norm zijn voor nu. De lector vroeg daarbij of de leer van de rechtvaardiging wel op de juiste wijze functioneerde.
Rechtvaardiging is rechtvaardiging door het gelóóf, door het geloof in Christus. En of dat nu zwak of sterk geloof is, het geloof is rechtvaardigend geloof. Dat geloof staat niet los van de ervaring, van het gevoel — we zijn mensen met een gevoel — maar de zekerheid ligt nooit in het gevoel, maar in het geloof in Christus. De vastheid ligt niet in het staan op de rots, maar in de rots waarop we staan. De leer van de rechtvaardiging van de goddeloze mag niet verduisterd worden, niet door evangelische hypocryten, die het heil toch weer van ons 'meewerken' verwachten, en niet door wettische hypocryten, die het heil verwachten van stipte wetsbetrachting, van gebod op gebod, regel op regel.
Ten aanzien van de bekering stelde de inleider, dat er verschillende wegen zijn om tot God te komen. Eén ding is daarbij uiteindelijk bepalend: ben ik in Christus? En niet: wat waren de omstandigheden van mijn bekering!
Tenslotte waarschuwde de lector ervoor de kenmerken van het gelóóf niet te verwarren met de kenmerken van een sterk geloof.

Kenmerken van het geloof
Op de kenmerken van het geloof ging de spreker uitvoerig in. Eerst op de vraag wat géén kenmerken zijn, bijvoorbeeld orthodoxie als zodanig niet, zo min als theologische competentie, inzicht in de theologische vragen en verhoudingen. Vrees voor straf op de zonde is nog niet overtuiging van schuld, overtuiging van zonde, en als zodanig óók geen kenmerk van genade. Overtuiging van zonde zélf, met welke emotionele gevoelens dit ook gepaard moge gaan, is eveneens geen kenmerk van genade, is ontoereikend als het de toevlucht niet doet nemen tot Christus en Zijn bloed, als het niet doet vluchten van onze eigengerechtigheid af tot de gerechtigheid van Christus.
Daarbij is het zo, dat er evenzeer een evangelische overtuiging van zonde kan zijn, als een overtuiging, die bijvoorbeeld John Bunyan heeft gehad. Als het er maar om gaat dat we al onze slechte en kwade werken opnemen, bundelen en ermee vluchten tot Christus.
Ook desillusie, ontreddering in het leven, een aantal mislukkingen in het leven zijn geen kenmerken van genade. Wat dit betreft zouden anders al die mensen, die mislukken in het leven, al die jongeren, die zonder illusies voortleven, deze kenmerken hebben.
Ook als de Schrift in bepaalde toestanden van het leven spreekt, met invallende teksten, is dat nog geen kenmerk van geloof, al is dat spreken in concrete toestanden er wel. Maar Gods Woord spreekt tot ons in Zijn totaliteit. We worden geleid door de zin en mening van de Schriften. Niet het complex van gevoelens en de daarbij inkomende gedachten aan bijbelteksten zijn de basis voor onze zekerheid. Want als gelovigen delen we in al de beloften van het Woord van God. Al de beloften zijn uwe!
Maar wat zijn dan de positieve kenmerken van het geloof? Er is geen kenmerkender kenmerk dan het geloof zelf. Ik zie mijn geloof in mijn gebed, in mijn toevlucht nemen tot het bloed van Christus. Een tweede kenmerk is de toewijding aan God met een nieuwe gehoorzaamheid. Er is een andere wet in mij, zegt Paulus, die strijdt met de wet van mijn gemoed. Het is: Een vermaak in de wet Gods naar de inwendige mens (Rom. 7: 22). Waarbij er intussen de strijd is: Wie zal mij verlossen? En het gebed: Leid mij niet in verzoeking! Behalve het geloof zelf en het vermaak in de wet Gods is er de liefde, met name ook de liefde tot de broeders, die we zo lief hebben als onszelf, de liefde tot het volk Gods. De wereld haat hen. Wij hebben hen lief. En waar is het volk Gods? Niet alleen daar, waar God in hen werkt maar waar ze in het publiek zijn, als lid van de gemeente Gods.
Een ander kenmerk is: We hebben de schoonheid van de Heere gezien, we hebben de Koning in Zijn schoonheid, in Zijn heerlijkheid gezien. En we zullen Hem zien zoals Hij is, niet zoals Hij was en niet zoals we denken dat Hij is. Als kenmerk van genade werd verder genoemd het lijden om de Naam van Christus, en tenslotte het gezegend zijn met 'elke geestelijke zegening' in Christus (Ef. 1: 3). De oprechte gelovigen hebben de Geest van God, ze zijn tempelen van de Heilige Geest, ze hebben het getuigenis van de Heilige Geest in hun harten en ze worden door de Heilige Geest overtuigd van het gezag van het Woord,
ledere gelovige heeft kenmerken van genade en het is de Heilige Geest die ons van de kenmerken van deze genade overtuigt.

Ten besluite
Wanneer iemand drie uren aan het woord is en zó geladen spreekt als Macleod deed, dan is het onmogelijk om dit verantwoord weer te geven in zo kort bestek als ik hier deed. Men moet dit geheel hebben gehoord om te weten van welk een indringendheid dit betoog was. Ik heb er iets van weergegeven omdat, zoals ik al zei, dezelfde vragen ten aanzien van de zekerheid van het geloof in onze kringen, in onze kerk ook leven. Er liggen hier levensgrote vragen voor velen in de gemeente. Ik dacht, zouden de gemeenten er niet bij gebaat zijn als er van tijd tot tijd op gemeente-avonden of in een serie preken eens ingegaan werd op de vragen rondom de zekerheid van het geloof?
Tenslotte gaat het daar toch ten diepste om in elk mensenleven? De wijze waarop Macleod de dingen behandelde maakte indruk. Telkens wijzen van ons zelf af naar Christus en Zijn Woord en tegelijk telkens weer laten uitkomen dat het werk van Christus in ons — bevindelijk — gestalte krijgt.
Ik denk aan een opmerking die ik eens hoorde over Kohlbrügge en zijn prediking. Het kenmerkende daarvan is: je mag van de bevinding geen grond maken, maar dat moet je wel bevindelijk aan de weet komen. Macleod sneed alle gronden in ons zelf af, in onze gevoelens, in onze overtuigingen, ook in de gevoelige overtuigingen van zonde, maar wierp het anker daar, waar het geworpen moet worden: in de vaste grond van het Woord en de vaste bodem van het werk van Christus; waarbij het de Heilige Geest is die getuigenis geeft in de harten, getuigenis van zonde, getuigenis van oordeel, getuigenis van genade, van gerechtigheid.
Toen Macleod gesproken had zei iemand: een tweede McCheyne, de jonge begenadigde Schotse dominee, die al zo jong overleed. Hoe dan ook, een man die de gave en de wijsheid had om diep door te dringen in de vragen van het hart en antwoorden gaf vanuit de veelkleurige wijsheid van de Schriften. Over Geest en léven. Zo werden we op deze conferentie geconfronteerd met het wereldwijde werk van het Woord maar ook met het persoonlijke. Het één staat niet los van het ander, het ander staat niet los van het één.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 april 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Het wereldwijde  en het persoonlijke

Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 april 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's