De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Zien

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Zien

In gesprek met het gezin

8 minuten leestijd

U moet vooral het onderwerp van dit gesprek niet belangrijker vinden, dan dat van de beide vorige. Het gaat feitelijk over hetzelfde: wat lezen we, wat horen we, wat zien we. En dat in verband met het gezinsleven; de verantwoordelijkheid van ouders en kinderen, de vertrouwelijkheid met elkaar.
Het gezin is geen gesloten gemeenschap meer, het ligt naar alle kanten open. De man gaat naar zijn werk, de vrouw gaat aan haar werk, de kinderen gaan naar school en komen uit school. De hele dagindeling rekent daarmee. We leven veel verspreider dan vroeger. Daardoor raken we gemakkelijker elkaar kwijt.
Open, ook in die zin, dat er veel meer bij ons binnenkomt. Voorzover wij huiselijke mensen gebleven zijn, hebben wij daarmee te maken. We halen heel wat in huis sinds we radio hebben. En . . . sinds de televisie haar intrede deed, zij het dat we haar wat terughoudend begroetten.
Dankzij de televisie, kijken wij veel verder, we kijken de hele wereld rond, we kijken ons de ogen uit. Naar alles wat er gebeurt, wat er te koop is, noemen we dat. Naar alles wat het beeldscherm ons biedt. En hier schuilt een groot gevaar, we zijn daarvan, denk ik, allen wel overtuigd.
Sommige mensen houden het toestel voor een duivels ding. Het zou trouwens de bedoeling niet zijn, dat we zo vér keken. En het zou ons leven te sterk beroeren en beïnvloeden ten kwade. Zonder te ontkennen, dat de dingen er met de mensen vandoor kunnen gaan — de mens door de techniek beheerst, technocratie — moeten we stellen: de technische mogelijkheden zijn op zich niet uit den boze. Ik onthoud mij hier van een oordeel over de technische ontwikkeling, die niet zo rooskleurig is als haar bewonderaars het doen voorkomen. Maar dat geldt van die ontwikkeling als geheel, niet alleen van de televisie. We hebben er op ieder gebied mee te maken; niemand kan eraan denken de klok terug te draaien, en wij maken er allen gebruik van, zolang en voorzover dat kan.
Zaten we erom te springen in het gezin? Dat nu niet bepaald. Maar het toestel kreeg zijn plaats, ook in onze gezinnen. Overdag wat aan de kant geschoven, scharen wij er ons 's avonds omheen, de kleinere en de grotere kinderen, vader en moeder. Het geeft wel eens aanleiding tot twist en tweedracht; de een wil dit, de ander dat zien, maar dat valt te regelen.
We lopen op straat, langs de ramen van de huizen. We rijden met de trein en kijken naar de torenflats, waar zoveel mensen moeten wonen. Gordijnen worden niet meer dichtgeschoven — de beslotenheid van het gezin wordt niet meer begeerd. We zien overal hetzelfde. Een televisietoestel, in het middelpunt van de kring. Iedereen zit en ligt in de richting van dat toestel. Het is haast griezelig. Vogels in een kooitje, pikkend uit een bakje met voer. Even wegwippend, maar weer gauw terug. Het doet wat onwezenlijk aan, maar het is werkelijk zo.
We moeten er toch maar eens met elkaar over praten. Wat wordt ons geboden? En wie gaat erover! Twee vraagtekens, die we niet moeten uitvlakken. Wat? Nu, daar is een grote verscheidenheid, avond aan avond. Voor klein en groot. We worden niet alleen op de hoogte gehouden, we worden ook beziggehouden. ledere omroep moet in haar program ook aan het laatste denken. Het gaat er niet alleen om ons te informeren, maar ook om ons te amuseren. Inspanning en ontspanning dus. Van allerlei soort.
U begrijpt, dat we hier geen weekprogramma met elkaar kunnen doorlopen. Welke omroep het programma verzorgt maakt gelukig nog wel verschil. Al wegen de bezwaren, die wij tegen de informatie en de oriëntatie van de radio, hadden, hier, zo mogelijk nog zwaarder. Rijp en groen krijgen we voorgeschoteld. In toenemende mate geldt, dat daarbij de toets van de wet Gods ontbreekt. Veel uitzendingen zijn propaganda voor het 'eigentijdse' leven en denken. Zowel politiek, als sociaal, als moreel worden maatstaven aangelegd, die niet geijkt zijn door het Woord des Heeren. Daarvoor is het oppassen geblazen. Er bestaat immers geen neutraliteit, en het doet zo neutraal aan. ledere mening heeft haar eigen vooronderstellingen en daarover worden we in het onzekere gelaten.
Daarnaast, wordt ons gezichtsveld verruimd. We worden ook toeschouwers in vreemde landen, in de wereld van de mensen, en van de dieren. Dat is meegenomen, daar kunnen we onze winst mee doen. Het komt mij voor, dat het gewone leven eerder te weinig dan te veel aandacht krijgt. En het is zo belangrijk. De televisie dringt ons allerlei op, dat van voorbijgaande aard is en onze belangstelling eigenlijk niet waard. Uit het leven gegrepen, uit het dagelijkse leven, is er vaak niet bij. Neemt u het kerkelijk leven eens. Voor heel velen van ons volk nog steeds belangrijk! Maar dat zou u niet zeggen, als u de programma's nagaat. Wat op het beeldscherm komt, is allesbehalve een weerspiegeling van het kerkelijk leven. Wie dat meent, laat zich misleiden.
Het is goed dat men zich van deze en andere dingen in het gezin eens rekenschap geeft. Wat wordt ons geboden? Wat is de bedoeling? Waarom dat vertekende beeld, en wie vertekenen het? Kritisch zijn we vandaag. Het ware te wensen! Ik ben mij bewust, wat ons geboden wordt verschilt niet zoveel van wat krant en radio ons bieden. De wind waait nu eenmaal uit een bepaalde hoek. Ik wil er alleen een pleit voor voeren, om vast te stellen uit welke hoek. En te bedenken, dat wat de televisie ons biedt, indringender overkomt. Nee, nu volgt geen vertoog over het verschil tussen horen en zien. Al is er wel wat aan de hand, wanneer de overdracht van kennis steeds minder door het woord en steeds meer door het beeld geschiedt. We raken wat ontwend aan het woord, we moeten ons meer inspanning getroosten om te luisteren en dat komt op den duur de predikdienst niet ten goede.
Rest de vraag: wie gaat erover? Laten we ons door het toestel ringeloren? Het toestel heeft een knop. Men kan het af- en aanzetten. Wat iemand niet wil zien, behoeft hij niet te zien. Dat is nogal eenvoudig. Of . . . Slappelingen zijn we. We zitten aan het toestel gekluisterd. Wat ons geboden wordt is 'boeiend'. Ik zou niet graag de kost geven aan kerkelijke mensen, die nooit naar de bioscoop gingen, voor wie cabaret, circus, ballet, om maar iets te noemen, verboden was en die met de televisie dat alles zonder bezwaren binnenlieten. Dat verraadt een gebrek aan eerlijkheid. Ze kijken naar alles. Ze horen vloeken en spotten en ze vertrekken geen spier, laat staat dat ze de knop indrukken. Ze doen overal aan mee, zodoende, ook zaterdagsavonds — voorbereiding! — en 's zondags. Ze geven een slecht voorbeeld aan hun kinderen. Het gezinsleven gaat achteruit. Hoe gaat u met de dingen om, dat is de vraag. Of bent u eraan verslaafd?
Wat een tijd nemen dan de uitzendingen in beslag. Tijd die u beter zou kunnen besteden bijvoorbeeld aan een onderling gesprek. De jeugd wordt het hier en daar al moe. Ze mogen zich nauwelijks bewegen, want . . . Een snauw en een grauw. Wat er aan drank en snoep nodig is ligt vlak bij de hand, men zou het kijken eens even moeten onderbreken! En, o wee als er gebeld wordt. We doen niet open. Of we wijzen onze gasten een plaats in de schemerige kamer: ze kunnen meekijken. De dominee moet vooral met vervolg-uitzendingen rekenen en met voetbalwedstrijden. Huisbezoek . . ., ongewenst. Soms moet je erom glimlachen. Je staat voor de deur, en ziet door het raam de mensen zitten kijken naar . . . nu dat zei ik al. Eenmaal binnen, kan het gebeuren, dat men ach en wee roept over het verval van land en volk. Vindt de dominee, de ouderling ook niet? Alles kan er maar mee door, tegenwoordig! Dan knik ik van pure instemming. Maar nog eens: niet het toestel, maar de verenigingen die uitzenden en de mensen die ernaar kijken.
Als we nu eens afspraken . . . Geen televisie. Het zou echt geen ramp zijn. Als u geen toestel heeft, als u om gezinsredenen bedenkingen heeft, als u het uzelf en uw kinderen niet toevertrouwt: schaf er geen aan. Maar zoek de fout niet in de televisie als zodanig.
Wel televisie. Maar dan niet klakkeloos en roekeloos kijken. Dan met het Woord te rade gaan. Uw tijd kostbaar vinden en dienovereenkomstig besteden. Niet leven bij wat uw ogen zien en uw oren horen. Vragen naar de wil des Heeren. Want de wereld — en hoe vertoont zij zich via de televisie — gaat voorbij met al haar begeerlijkheden. Maar die de wil van God doet blijft in eeuwigheid. Een mooie tekst om het gesprek te voorkomen. O nee. Praat er eens over in uw gezin. En plaats uw opvattingen dan in het licht van het Woord. Het zal uw gezinsleven bouwen. Wijsheid toegewenst en waarheid!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Zien

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 april 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's