De uitrusting tot de strijd
Staat dan, uw lendenen omgord hebbende met de waarheid, en aangedaan hebbende het borstwapen der gerechtigheid. En de voeten geschoeid hebbende met de bereidheid van het Evangelie des vredes. (Efeze 6: 14, 15)
God laat Zijn kinderen niet onuitgerust aan het front staan. Zij mogen krachtig zijn in Hem. Maar voor het ontvangen van die kracht krijgen we wél aanwijzingen, we moeten een wapenrusting dragen. In de verzen 14—17 noemt Paulus de onderdelen. Hij begint te zeggen, dat de lendenen omgord moeten zijn met de waarheid.
Vroeger - in de tijd dat men heel lange kleding droeg - moest men, om zich snel te kunnen bewegen, dat lange kleed opschorten en om de heup samenbinden door een gordel. Hing het kleed los en lang op de voeten dan kon men er bij snelle gang of beweging gemakkelijk over struikelen. Daarom trok men het omhoog.
Omgorde lendenen zijn in de H. Schrift het beeld van het bereid zijn. Denk aan het Woord van de Heere Jezus in Luc. 12: 35: 'Laat uw lendenen omgord zijn en de kaarsen brandende'. D.w.z.: weest altijd toegerust om u in beweging te kunnen zetten en niets u in uw loop vertraagt.
Nu wil Paulus zeggen: denk eraan, dat de leugen uw aardse levensgang niet vertraagt, omgordt u altijd met de waarheid. Er is niets wat het leven van de gelovigen, zó belemmert als de onwaarheid. Dan is hun krediet weg, dan zijn ze niet meer geloofwaardig. Óns leven moet transparant (= doorzichtig) zijn. God heeft lust tot waarheid in het binnenste (Ps. 51: 8). En dat leven in de waarheid stempelt de gelovigen. Vandaar ook het gebed: leid mij in Uw waarheid. Wie bidt dat? Die de noodlottige gevolgen van de leugen ontdekt heeft en een blik geslagen heeft in eigen verlengend, natuurlijk bestaan. De waarheid moet ontdekt worden door de Heilige Geest, die de Geest der waarheid wordt genoemd. De waarheid Gods doorlicht de gehele situatie van ons menselijk leven. Ze moet paraat zijn bij de ware gelovigen. Wij zullen tonen, dat we door de waarheid gegrepen zijn. Christus heeft niet anders gedaan dan van de waarheid getuigenis geven en zouden Zijn volgelingen dan de leugen liefnebben? Dat zou betekenen: een wapen van satan in handen nemen, een droeve zaak. Maar wie door de waarheid van Christus gegrepen is, ontdekt, dat men met dit wapen zelfmoord pleegt. Buiten de heilige stad zal een iegelijk zijn, die de leugen liefheeft en doet (Openb. 22: 15). De waarheid maakt vrij van alle banden en geeft gemeenschap met de God der waarheid. Met deze waarheid omgord leert de gemeente van Christus strijden op alle fronten. En zij zal ermee overwinnen.
Verder spreekt de apostel over het borstwapen der gerechtigheid. Het borstwapen moest vroeger bescherming bieden tegen dodelijke slagen. Het was een soort pantser. Deze beschermt de meest kwetsbare lichaamsdelen. Zonder dit zou elke wond dodelijk zijn. Maar dit borstwapen of pantser vangt de dodelijke slagen op. Het was een onmisbare bescherming in de strijd. Welnu (zegt Paulus) als christgelovige hebt u óók zo'n borstwapen nodig. En wat noemt hij dan? De gerechtigheid. Nu kunnen we met dat woord verschillende kanten uit. Omdat hij uitdrukkelijk het lidwoord erbij gebruikt zullen we hier moeten denken aan de goddelijke gerechtigheid, die in Christus geschonken is. Daarop ketsen alle vijandige pijlen en zwaardstoten af. Als de gerechtigheid van Christus ons deel is, zal géén vijand het van ons winnen. Al hebben ongerechtige dingen ons in haar greep gehad en belagen zij ons nóg, de gerechtigheid van Christus is een eeuwige gerechtigheid. Dat mogen allen, die Hem kennen in het geloof, zich voor gezegd houden.
Toen Luther weer eens heftig bestreden werd en satan hem zijn schuldregister weer voorhield, mocht hij zeggen: duivel ge zijt aan het verkeerde adres, ge moet op Golgotha zijn. Daar zijn mijn zonden uitgewist, daar zijn ze aan het kruishout achtergebleven, daar heb ik het kleed der gerechtigheid ontvangen. Ik lig gehéél voor rekening van Hem, die mij liefgehad heeft met een eeuwige liefde. Dat is nu het aandoen van het borstwapen der gerechtigheid. Want in de geestelijke strijd doet satan niets liever dan op onze vuilheid en ongerechtigheid wijzen. Zo was het éénmaal bij Jozua de hogepriester en zo is het nog dagelijks bij de gekenden des Heeren. Het zwarte schuldregister heeft al menigeen van Gods kinderen verschrikt. Wat staat ons dan anders te doen dan (met Luther) te wijzen op de gerechtigheid van Christus en daarin te schuilen? Dan kunnen we de aanvallen van de boze trotseren. Het is een krachtig borstwapen. Wie zal beschuldiging inbrengen tegen de uitverkorenen Gods? Als God in Christus rechtvaardigt, zal áárde én hél moeten zwijgen.
Ja maar, wanneer gevoel ik, dat het borstwapen van Christus' gerechtigheid mij beschermt? Als ik diep in het Evangelie van Gods vergevende liefde mag blikken. Als de Heilige Geest dat Evangelie in mijn hart schrijft. Alleen via het Woord wordt de gerechtigheid van Christus mijn deel. In het gewaad van Zijn Woord versterkt Christus de Zijnen. En dan noemt Paulus in de tekst het schoeisel van de bereidheid van het Evangelie des vredes. Schoenen zijn om te lopen. Zo hebben ook de gelovigen een wandel in deze wereld. In die wandel moeten we bereid zijn te gaan in de wapenrusting Gods. Welnu: het Evangelie des vredes geeft ons de bereidheid, de gewilligheid daartoe. Wanneer de vrede, die het Evangelie schenkt, werkelijk in onze harten gekomen is, zullen we ook de bereidheid aan de dag leggen om te gaan de weg, die de Heere voor ons uitgestippeld heeft. Ook al is dat een moeilijke weg, met scherpe bochten en langs diepe ravijnen. Het Evangelie des vredes houdt immers in, dat de Heere bij ons is? Waar we ons dan ook bevinden, Hij tróóst ons met Zijn vrede. Deze vrede geeft kracht in de meest felle strijd aan het front. Als wij ons met God verzoend mogen weten, wie kan ons dan eigenlijk nog schade berokkenen? Zo God vóór ons is, wie zal dan tégen ons zijn? Zo kan er in de heilige oorlog, waar ons hart soms hevig bonst, tóch vrede zijn. Deze vrede geeft de hemel in het hart. Deze vrede verlost ons van het oordeel van mensen. Want behalve de duivel staan er ook nog mensen aan het front, mensen wiens tong een scherp zwaard en wiens tanden spiesen en pijlen zijn. Wie heeft hen nooit ontmoet? Wee onzer, als de Heere er niet tussen kwam met het Evangelie des vredes. Ten ware de Heere, die bij ons geweest is, toen de mensen tegen ons opstonden, ons niet geholpen had, ze zouden ons, levend verslonden hebben. Maar ... de Heere was er. Komt er dan geen bereidheid om Hém alléén te volgen? Daar wil Paulus op aanhouden. Schoei uw voeten met de bereidheid om te gaan waar de Heere u de wég wijst. Dan blijkt dat het Evangelie des vredes u vergezelt. Dan zal de vrede Gods uw harten en zinnen bewaren in Christus Jezus. We ervaren wat het betekent: Het is volbracht! Die dat sprak, is de Koning, van Israels God gegeven. Dat is Koning Jezus, die het kruis heeft verdragen en schande veracht en is gezeten aan de rechterhand van de troon van God. En Hij maakt bereid. Vertrouwt u Hem?
P. J. V.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 1974
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 25 juli 1974
De Waarheidsvriend | 8 Pagina's