De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Een vogel in het open veld

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een vogel in het open veld

5 minuten leestijd

'En hij zal over hem, die van de melaatsheid te reinigen is, zevenmaal sprengen; daarna zal hij hem rein verklaren en de levende vogel in het open veld laten vliegen.' Leviticus 14: 7

De lezing van het boek Leviticus zal voor niet veel bijbellezers direct stichtelijk genot verschaffen. Integendeel, al die wetten en voorschriften vindt men onbelangrijk en vervelend. En dat is te begrijpen.
Het interesseert menigeen ook niet al die bijzonderheden te horen van de manier waarop offers gebracht, verschillende onreine toestanden ontstaan, ontdekt en gereinigd worden. Het is immers de ceremoniële wet, die voor de christen toch niet meer geldt. Dat al deze dingen zeer belangrijk zijn voor een joodse lezer en dan ook nog eens weer eindeloos uitgesponnen worden in de Talmoed, dat ligt voor de hand. Dat een priesterlijke geest, zoals die in het Schriftgeleerdendom ten volle zijn triomfen viert, omdat de profetische visie ten enenmale in de casuïstiek is versluierd en de religie deed verstarren in wat wij zouden kunnen noemen: moralisme, hier toch steeds weer dankbare motieven en thema's vindt. Wij kunnen het begrijpen. Maar wat hebben wij, kinderen van het Nieuwe Verbond nog met deze dingen te maken? Dat men onder het nationaal-socialisme het gehele Oude Testament in bloed- en rassenwaan overboord wierp, dat gaat ons te ver, maar Leviticus zouden we toch gevoegelijk kunnen missen, zo oppervlakkig bezien. Voordat we daarover oordelen, is het goed naar het gehele boek Leviticus te luisteren. De hoofdtoonschap van dit gedeelte van de Heilige Schrift is dan deze, dat zonder verzoening vergeving onmogelijk is, en dat na de verzoening en vergeving de heiliging moet volgen.
***
Met deze woorden kunner we de tekst al vrij wat beter benaderen. Wanneer er iemand onder Israël genezen was van de afzichtelijke melaatsheid, die in de Schrift steeds als beeld der zonde voorkomt, moest de priester hem rein verklaren. Dit geschiedde door een zinnebeeldige handeling. Hij nam twee levende vogels, benevens cederhout, scharlaken en hysop. De ene vogel werd geslacht over een aarden vat, dat met levend water was gevuld. De andere vogel werd gedoopt in dit bad van water en bloed, om vervolgens in het open veld in vrijheid te worden gesteld. De overgebleven vogel had de vrijheid in de wijde ruimte te danken aan de dood van z'n medegenoot, genomen uit zijn eigen soort en geslacht, en kon de vleugels uitslaan omdat zijn vleugels met het bloed van een ander besprenkeld waren.
Hier vinden wij het symbool van de ontkoming aan de dood in de vrijheid van het nieuwe leven. Uit de afzondering vrijgelaten. Ook zit daarbij de gedachte voor, dat de onreinheid weggedragen werd en verdween.
***
Wie de grondgedachte van het boek Leviticus voor ogen komt, zal hier denken aan de Middelaar van het Nieuwe Verbond, die onzer Eén geworden is, en zichzelf door de eeuwige Geest Gode onstraffelijk opgeofferd heeft, om door Zijn bloed ons geweten te reinigen van dode werken en ons in vrijheid te stellen. Er is in de dood van de Zoon van God een fontein van eeuwig leven voor de Zijnen ontsloten. De wereld vindt dit alles dwaasheid, maar indien we er oog voor hebben ontvangen, zien wij in de overgebleven vogel, die klapwiekend omhoog steeg uit het bloed van zijn soortgenoot, het beeld van onze eigen ziel, die, met Christus in zijn dood gedompeld, dankend uit die bloedige besprenkeling opkomt, om op te stijgen naar het verzoenende vaderhart van God. De klem is van ons geweten opgelicht. De vrijlating is op Golgotha verkondigd, wij mogen in de vrijheid wandelen. Geheel de doemende vrees voor God is uit ons hart verdwenen. Onze ziel was vóórdien benepen en beschroomd. Er was een nijpende, verstikkende vrees voor God. Maar na de verlossing door het bloed van Christus durven wij de vleugels uit te slaan, om een eerbiedig en voorzichtig gebruik te maken van de vrijheid, waarmee Christus ons heeft vrijgemaakt.
***
Het is een schitterend beeld: de levende vogel, die zijn wieken uitslaat en zich opwaarts verheft in de vrije lucht! Niet voor niets spreken wij van 'als een vogel zo vrij'. Ontheven van beknelling en ook rein en zuiver. Gelijk de vogel nu heenvliegt, waarheen hij maar wil en naar zijn nest terugkeert, nadat hij vroeger gevangen was geweest, zo mag ook de gereinigde, uit de banden van zijn melaatsheid verlost, van nu aan zich vrij bewegen en tot de zijnen terugkeren! Het nu geschonken leven wordt als een blijvend, fris en gezond leven, gelijk de reine leden van Gods volk het bezitten, zinnebeeldig voorgesteld door de drie bestanddelen, waaruit de sprengkwast is samengesteld. Cederhout is bederfwerend, hysop reinigt, scharlaken is de kleur van het bloed.
Neen, ge moet het niet zo verstaan, dat we deze vrijheid mogen misbruiken tot een oorzaak van het vlees. Maar wel vinden we van nu voortaan onze lust in de dingen die boven zijn. In het open veld is alles wel ruim en vrij, hartverheffend en zielverkwikkend, maar voor de losbandigheid van een slordige wandel is er geen plaats. Onze ziel draagt het teken van bloed aan de vleugels, zij kan nooit vergeten uit wat diepte van schuld zij verlost is, en tot welk een heilige wandel deze verlossing haar oproept.
Zij slaat de wieken uit, de wiekslag van het geloof, om al hoger te gaan. En is er vooralsnog véél, dat die hoge vlucht belemmert, is er onnoembaar veel dat naar de aarde richt, eens komt evenwel de dag van de volle vrijheid. Dan gaan we hoger en hoger, door de ruimte op de wolken, langs de zon en de sterren de Heere tegemoet in de lucht en alzo zullen wij altijd met de Heere wezen.
Gij die God zoekt in al uw zielsverdriet!
Houdt aan, grijpt moed;
uw hart zal vrolijk leven;
Nooddruftigen veracht Zijn goedheid niet;
Nooit zal Hij Zijn gevangenen begeven.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Een vogel in het open veld

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's