De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Bezinning op de zending

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bezinning op de zending

6 minuten leestijd

Opnieuw kwamen tientallen, vooral jongeren, op 7 juni in Utrecht samen om zich als gereformeerde belijders te bezinnen op de vragen, waarmee de zending momenteel te maken heeft. Door het vervroegd vertrek van ds. Vreugdenhil (i.v.m. de moord op een zendingspost van de Gereformeerde Gemeenten) naar West-Irian, is de opengevallen plaats in het driemanschap, dat de Gereformeerde Bezinning op de Zending (GBZ) op gang bracht, ingenomen door de heer De Graaf uit Zoetermeer, eveneens lid van de Geref. Gemeenten. Onder leiding van ds. Tigchelaar was het goed vergaderen. Drs. C. Fahner (voorheen in dienst van zendingsdeputaten van de Gereformeerde Gemeenten) bracht ons in aanraking met de moeite van het vertalen van de Bijbel, in een lezing onder de (aan de telefoon erg vlot bedachte) titel:

Bijbelvertalen in de context van de bestaande culturen
Drs. Fahner keek eerst even terug naar de duizenden uren vertaalwerk, waardoor nu een N.T. klaar is in de taal van de Jalies. Het bijbelvertalen is een gevolg van het uitstorten van de Heilige Geest (Hand. 2) en als zodanig is het bijbel vertaalwerk een zeer belangrijk deel van de missiologie. Het vertaalwerk raakt heel de verkondiging. Wanneer het Evangelie een bestaande cultuur openbreekt en nieuwe antwoorden geeft, komen ook nieuwe vragen naar voren, waarop we vanuit de Bijbel weer een antwoord moeten geven.

Het vertaalwerk zelf
We moeten zoeken naar een zo eerlijk mogelijke vertaling van de grondtekst. Er zijn echter verschillende opvattingen over het vertaalwerk. Met name worden genoemd de letterlijke (waarbij woord voor woord vertaald wordt, wat in Europa nog kan leiden tot een draagbaar resultaat, maar in andere taalgebieden de bijbelse boodschap daardoor precies niet weergeeft) en de dynamisch-equivalente (waarbij men de nadruk legt op de eigen manier van spreken van de mensen tot wie het komt, met het gevaar dat het meest wezenlijke niet gezegd kan worden). Het is nog niet zo eenvoudig om de diepe woorden en woordverbindingen goed door te geven, waarbij komt dat we als westerse mensen spoedig te abstract denken. Een methode, die wordt aange­prezen is: ontleed de tekst in de kleinst mogelijke uitspraken en probeer daarvoor een equivalent te vinden.

Voorbeelden in de Jalie-taal
De Jalie-taal is de taal van een stam in West-Irian. Een taal, die aan de ene kant veel armer is dan het Nederlands (bepaalde begrippen komen er niet in voor), anderzijds een onvoorstelbare rijkdom heeft, omdat men een werkwoord op een menigte situaties kan toepassen, soms wel in duizend vormen. In de Jalie-taal is 'vrede' een negatief begrip, een tijdelijk onderbroken worden van de oorlog. Heel anders dan in de Bijbel zelf. 'Genade' is in de wereld van de sterke man onbekend en 'bekering' komt als totale verandering van leven niet voor. 'Verlossing' is zelfs in negatieve zin eigenlijk onvertaalbaar en voor 'hoop' is geen equivalent in de Jalietaal te vinden. Woorden als bekering, zaligheid en droefheid (om slechts enkele te noemen) zijn in het Jalies moeilijk te verwoorden, omdat men daar de uitgangen -ing en -heid helemaal niet kent. Voor deze werkelijkheden moeten daarom andere woorden gekozen worden.
Voor bepaalde teksten is volkomen herstructurering noodzakelijk, omdat de Jalie het logisch gevolg van iets niet aan kan geven, maar wel het tijdelijke gevolg. Als voorbeeld wordt genoemd Hand. 3. Eerst moet verteld worden dat deze man er ligt en dan pas dat Petrus en Johannes komen. Hetzelfde geldt van sommige gedeelten van 1 Cor. 15.
De inhoud van de bijbelse boodschap moet zo dicht mogelijk benaderd worden. Dat staat niet los van het werk van de Heilige Geest, die de boodschap van het Evangelie zegt in hun eigen taal. Opvallend is dat de Jalies sterk vragen om de verlichting door de Heilige Geest van hun gedachten.
Door gebrek aan inzicht in het eigene van een taal kan grote geestelijke schade worden aangericht. Wij spreken over de 'Handelingen' der apostelen. In de Jalie-taal is het woord 'handelingen' in een bepaald verband 'dingen doen', met de bijbetekenis van overspel doen, zodat hier een volstrekt ander woord gekozen dient te worden. Hetzelfde geldt t.a.v. de 'wapenrusting Gods', een uitdrukking die door onjuiste woordkeuze bij de Jalies kan overkomen als God, die een krijgsman is, met veren op Zijn hoofd. De Jalie-taal kent geen abstracte begrippen. Het is een taal, die echt en concreet is, bedoeld voor het dagelijks gebruik van een volk dat leeft bij de natuur. Zo kunnen we de vraag stellen of deze taal niet dichter bij de bijbelse taal staat dan de onze. Is onze taal niet zo verworden dat de werkelijkheid meer abstracte werkelijkheid geworden is, zoals bij de Grieken? Worden door ons bijbelse kernwoorden, zoals zonde en genade, nog wel werkelijk verstaan? Is de mogelijkheid niet aanwezig dat de christelijke westerse cultuur even afgesloten geworden is als die bij de Jalies? Is ons (westers) leven zo afgesloten, dat het Evangelie de vernieuwende werking mist?

Hoe is het mogelijk te vertalen, zodat de Bijbel goed overkomt?
Bij de bespreking blijkt dat drs. Fahner zonder kennis van de Jalie-taal in de Jalie-wereld is ingestapt, uit de klankenstroom woorden opving en zo langzamerhand een beeld kreeg van de taal, waarna de rest van het werk op gang is gekomen. De Jalies waren en zijn tegemoetkomend tegenover de blanken. Ze gebruiken soms voor de verstaanbaarheid een eenvoudiger taal. De taal op de zendingspost kan zelfs een enigszins andere taal worden dan die van het dorp. Zonder een eerste vertaling, zo wordt gesteld, was geen eerste bakering mogelijk. Maar daarna moet de vertaling gebruikt worden door mensen, die door bekering de Bijbel zijn gaan verstaan en nu vanuit hun eigen cultuurwereld andere woorden kunnen zoeken om de bijbelse boodschap nog duidelijker door te geven. Voortdurende revisie van een vertaling is derhalve mogelijk en noodzakelijk.

Wat nu?
Uiteraard kwam deze vraag naar voren. Hebben we zelf in prediking en pastoraat wel voldoende oog voor het 'overkomen' van de bijbelse boodschap? Welke taal spreken wij in de kerk van Nederland? Passen we ons in ons woordgebruik aan en zo ja, waaraan? Hoe moet de bijbelse boodschap onverkort in de taal van vandaag doorgegeven worden? Deze en meerdere vragen kwamen zo spontaan naar voren en waren in staat om zozeer de aanwezigen te boeien, dat besloten werd in een volgende bijeenkomst aan deze dingen meer aandacht te schenken. Zending is niet alleen een zaak in de verte, maar evenzeer een zaak dicht bij huis.
De volgende bijeenkomst is gepland op vrijdag 13 september om 7 uur, weer in een van de lokalen van de christelijk gereformeerde kerk aan de Wittevrouwensingel 33 te Utrecht.
Enschede

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Bezinning op de zending

Bekijk de hele uitgave van donderdag 8 augustus 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's