De Jehovah's Getuigen 2
Het hiernamaals
Veel aandacht geven de Jehovah's Getuigen aan het leven na dit leven. Hun opvattingen zijn vaak vrijzinnig. Zij hebben dan ook over het leven na dit leven allerlei theorieën, die lijnrecht ingaan tegen het getuigenis van de Heilige Schrift. Twee Griekse woorden vragen vooral onze aandacht:
a. Hades, wat vaak overgezet wordt met onze begrippen hel, dodenrijk, onderwereld. En natuurlijk is er een plaats, waar de doden na het sterven tijdelijk terechtkomen. De Bijbel zegt immers in verband met de opstanding op de jongste dag 'De graven zullen geopend worden' en 'de zee zal haar doden weer geven';
b. Gehenna, wat met 'hel' vertaald wordt. Volgens de Jehovah's Getuigen bestaat er geen hel! Wat wij onder hel verstaan, is volgens hen alleen maar 'graf' of 'vernietiging'. Zij achten het van de christelijke kerken onschriftuurlijk dat een mens verloren kan gaan.
Ter weerlegging van hun dwaling verwijs ik u o.a. naar Matth. 8: 12, Matth. 10 vers 28; Matth. 25; Joh. 5: 29. (vanwege de ruimte volsta ik met naar deze en andere teksten te verwijzen).
Dat zij beïnvloed worden door de gnostiek, is ongetwijfeld waar; aanhangers van de gnostiek stellen de kennis (gnosis) ver boven de genade. Wat verstandelijk niet bewijsbaar is wordt verworpen.
Wat is dan —volgens de Jehovah's Getuigen — sterven? De reeds genoemde Rutherford zegt, dat sterven te vergelijken is met de stoom van de stoommachine. Die stoom is op een zeker ogenblik weg! Zó zou de dood een mens geheel doen verdwijnen naar lichaam én ziel. Ter weerlegging verwijzen we u onder anderen naar Prediker 12: 7; 2 Corinthe 5; Lucas 16; Openb. van Joh. 6: 9—11. Bovendien staat in Openb. van Joh. 14: 13 geschreven 'Zalig zijn de doden, die in de Heere sterven van nu aan'.
Openlijk durven de. Jehovah's Getuigen te beweren, dat de mens geen ziel heeft, maar ziel is! Deze dwaling gronden zij op Deut. 10: 22, waar staat, dat 'uw vaderen naar Egypte aftogen met zeventig zielen'. Natuurlijk kan 'ziel' als één bepaalde betekenis hebben: persoon, maar dat niet alléén! Dat mag nl. zeker niet ten koste gaan van wat we lezen in Matth. 10: 28: Vreest veel meer Hem, die beide, ziel en lichaam, kan verderven in de hel'.
Het eindgericht
Een belangrijk woord in hun literatuur is 'armageddon'. Dit woord brengen zij in verband met Richteren 5: 19, waar vermeld staat, dat Israël tegen de koningen van Kanaan (o.a. Sisera) streed en overwon, omdat de HEERE voor hen streed. Zij mochten 'stille zijn'. Deze slag brengen de Jehovah's Getuigen in verband met het eindgericht, welke zou aanbreken in het jaar 1918. De 'Israëlieten' zijn dan ... de Jehovah's Getuigen, de Kanaanieten zijn de communisten, de kerken en de Verenigde Naties. Maar ... armageddon bleef uit!! De Bijbel leert ons, dat van die dag niemand weet, noch de Zoon, dan de Vader.
De tijden
Wat de tijden betreft Ieren zij, dat van 609 vóór Christus af tot 1914 na Christus, de duivel als 'satan van de wereld' geregeerd zou hebben, maar dat na 1914 Christus hier op aarde aan het bewind is gekomen. Van 1914 af zou het Duizendjarig Rijk aangebroken zijn. Maar — zo vragen wij — wie regeerde dan op aarde, toen Jezus aan het kruis uitriep: Het is volbracht' en de moordenaar toezegde: Heden zult gij met Mij in het Paradijs zijn?!' Hoe is die scheidslijn van het jaar 1914 ook te rijmen met hetgeen geschreven staat in Matth. 28: 18: Mij is gegeven alle macht in de hemel en op aarde !' Er staat toch duidelijk: is gegeven'. Niet 'zal gegeven worden vanaf 1914'.
Casüistiek
Brachten de farizeeërs het zeer ver in de leer der casuïstiek, de Jehovah's Getuigen kunnen er ook wat van. Zij verzetten zich terecht tegen waarzeggerij, relletjes, abortus enz. Verbieden zij het roken, dan is daar — om gezondheidsredenen — veel voor te zeggen, maar het is onjuist om dat te gronden op 2 Kon. 3: 3, waar staat, dat het volk Israël 'offerde en rookte op de hoogten'. Trouwens ... vroeger waren er nog geen sigaren en sigaretten. Zich beroepend op Hand. 15 leren zij dat geen bloedworst gegeten mag worden. In dit hoofdstuk is het grote verschil tussen joden-christenen, en heiden-christenen aan de orde en het ergernis geven (hierover nu uitweiden zou teveel ruimte kosten). We verwijzen u vervolgens naar Matth. 15: 11: Hetgeen de mond ingaat, verontreinigt de mens niet, maar hetgeen de mond uitgaat, verontreinigt de mens'. Bloedtransfusie zou dan ook op grond van Handelingen 15 verboden zijn. Door dat te verbieden, maken zij zich mijns inziens schuldig aan de overtreding van Gods bevel 'Gij zult niet doodslaan'.
Waarom zij tegen dienstplicht zijn, is u nu wel duidelijk: de burgerlijke overheid erkennen zij niet, zoals wij en de Verenigde Naties behoren tot Satans Organisatie; je gaat toch niet in dienst bij een satansorganisatie?! Vervolgens zou het verboden zijn onze verjaardag te vieren, omdat in de Bijbel alleen de verjaardagen van twee heidenen vermeld staan: de Farao van Egypte (Gen. 40) en die van Herodes Antipas (Matth. 14). Maar ... de Heere leert ons in Zijn Woord: Vier uw vierdagen ...' (Nahum 1: 15). In dit verband spreken Ps. 77: 12 en Ps. 103: 2 boekdelen!
Een tweede kans?
Een uitzonderlijke dwaling bij hen is wel, dat er een tweede kans tot bekering zou zijn na ons sterven. Zelfs de goddeloze keizer Nero krijgt nog een kans om het over te doen! De Jehovah's Getuigen leren: Zij die loyaal jegens God blijven, zullen het eeuwig leven waardig geoordeeld worden. Jehovah zal hun het recht hierop geven en hun namen in Zijn boek des levens schrijven'. U bemerkt hoe zij de verlossingsleer van de mens uit preken en dat hier niets te bespeuren valt van het Welbehagen des HEEREN in Christus Jezus, die de Weg, de Waarheid en het Leven is! Bovendien leert Openbaring van Johannes 20: 12 ons, dat het 'schrijven' reeds gebeurd is!
Is er een tweede kans tot bekering na de dood? Nee, want er is een heden der genade! Verder verwijzen we u o.a. naar Matth. 25: 10; Hebr. 9: 27; 2 Corinthe 5: 10. Hun zg. 'tweede kans tot bekering later' houdt uiteindelijk deze valse leer in: Vrede, vrede en geen gevaar!' Je krijgt later toch nog een kans. Dan kun je het nog eens overdoen!
De sacramenten
Hun visie op de sacramentsleer gaat ook alle perken te buiten. Bij de H. Doop en H. Avondmaal staat volgens de Schrift de HEERE centraal. In het teken van Gods verbondstrouw schenkt de HEERE zichzelf weg aan zondige mensen, maar 't gaat — zo zegt Luther zo treffend — om de betekenende zaak! Dit laatste houdt in: 't gaat om de beleving (door het geloof in onze harten) van wat de HEERE ons o.a. in de beloften van de Heilige Doop toezegt (vgl. vraag en antwoord 66, 67 en 69 van de Heid. Catechismus).
De Jehovah's Getuigen schrijven echter: 'De doop is veeleer 'n openbaar getuigenis ten teken dat men zich plechtig aan Jehovah God heeft opgedragen en zich aanbiedt om Zijn wil te doen'. Ook hier klinkt de verlossingsleer vanuit de mens door. Gelukkig leert de Bijbel ons, dat God de Eerste is in het leven van Zijn kinderen; dat Hij de Alpha en de Omega is.
De Jehovah's Getuigen nemen door hun dwaalleer de troost die er van het geloof uit zo rijk in ligt, weg uit het sacrament van de Heilige Doop.
Aan het Heilig Avondmaal mogen alleen leden die tot de hemelse klasse behoren deel nemen. Dus niet ... de aanhangers van de Jonadabs, de mensen o.a., die bij ons langs de huizen lopen.
Ongeveer in 1914 kwam er een eind aan de bijvoeging tot de hemelse klasse, uitgezonderd een rest. De Jonadabs mogen bij de één jaarlijkse Heilig Avondmaalsviering (op Goede Vrijdag !) alléén maar toezien. .
Wij zijn zeer dankbaar, dat Christus in Openbaring van Johannes zegt: 'Zie, Ik sta aan de deur en Ik klop: indien iemand Mijn stem zal horen en de deur opendoen: Ik zal tot hem inkomen en Ik zal met hem Avondmaal houden en hij met Mij.' Gelukkig staat hier niet, dat na het jaar 1914 een einde aan de belofte zal komen: 'Ik zal met hem Avondmaal houden en hij met Mij.'
Tot onze grote troost blijft deze belofte van kracht tot aan de jongste dag!
Nijkerk S. P. van Assenbergh
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1974
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1974
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's