De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Boekbespreking

4 minuten leestijd

Feitse Boerwinkel: Einde of nieuw begin; 255 blz.; ƒ 15, —. Uitgeverij Ambo.
Dit boek, fraai uitgegeven en van een handig formaat, wordt door de schrijver als een informatie- en werkboek aangeduid. Het informeert ons over allerlei ontwikkelingen, die in versnelde vaart, onze samenleving grondig veranderen. Wie daarover inlichtingen wenst, kan hier terecht, vooral ook omdat er naar veel literatuur verwezen wordt. Sterker nog: het is aan te bevelen hiervan terdege kennis te nemen, wil men voeling houden met de tijd, en dat is een vereiste.
Einde. Volgens de schrijver beleven wij het versneld ten einde gaan, van niet minder dan zes tijdperken! Ik noem ze even: het agrarisch tijdperk, het constantijns tijdperk, het renaissancistisch tijdperk; het tijdperk van de blanke suprematie, het tijdperk van de mannensuprematie en het tijdperk van de joodse ballingschap. Nu weet de schrijver ook wel, dat de geschiedenis zich niet zo makkelijk en niet zo duidelijk in tijdperken laat indelen. Toch waagt hij het erop. En dan zes tegelijk! Die door elkaar heenlopen, en nu samen op een eind lopen. Geen wonder dat het bij wat vage definities moet blijven, en dat het betoog telkens door een voorbehoud wordt onderbroken. Dat geeft aan dat betoog iets rommeligs, het is historisch gezien, nogal aanvechtbaar. Einde van het Constantijns tijdperk, bij voorbeeld. Wanneer eindigt dat? Met de Franse Revolutie? Nee, daarmee eindigt de Theodosiaanse fase. De Constantijnse eindigt nu. Wat is dat: Constantijns. De staatskerk. Het vanzelfsprekend lid van een kerk zijn. Tien punten worden genoemd, maar ... de gewraakte ontwikkelingen zijn eerder, soms veel eerder begonnen. Arme Constantijn, die dit alles op z'n brood krijgt! En is het nu ten einde? Dat is de vraag? De schrijver ziet overal nog restanten. Waarmee heel het begrip: tijdperk van een vraagteken dient te worden voorzien.
Een boekbespreking leent er zich niet toe, om met de schrijver van gedachten te wisselen. Maar hij veegt wel veel op één hoop. Dat er andere machten werkzaam waren, brengt hij nauwelijks in rekening. Ik zou hem willen vragen: heeft het corpus christianum, misschien met de theocratie te maken? Is kerstening een geringe of zelfs een verkeerde zaak? Is het waar, dat wereldverachting en wereldverandering zó tegenover elkaar staan — en dan die politieke overmoedigheid. Tenslotte ziet men door de bomen het bos niet. De schrijver ziet mogelijkheden voor een nieuw begin. Er valt ruimte open, nu het gebouw van vroeger gesloopt wordt. Hij ziet dat nieuwe begin hier en daar gestalte aannemen, in ontmoetingen — vijf in getal. Waarachter vraagtekens geplaatst kunnen worden.
De grote vraag is: Waar gaat de auteur vanuit?
En worden de ontwikkelingen getoetst aan de Heilige Schrift? Hier blijft hij duidelijk in gebreke. Wie de geschiedenis leest bij het licht van de Schrift, zal niet alleen allerlei ontwikkelingen anders beoordelen — ten goede en ten kwade — maar ook zien, dat zich nog hele andere ontwikkelingen aan het voltrekken zijn. Einde?
Het einde! De anti-christ. De wederkomst. Het nieuwe begin. Dat schept nieuwe verwachtingen. Al met al een onbevredigend boek. Wie het leest, vindt veel wetenswaardigheden, maar wijzer zal hij er niet van worden, vrees ik.
L. K.

Dr. W. van 't Spijker: Eenheid en Verscheidenheid. (De identiteitscrisis binnen de Gereformeerde Gezindte). Uitg. J. H. Kok, Kampen; 96 bladzijden.
Dit boekje, dat als nr. 11 verschenen is in de serie Theologie en Gemeente, bevat de uitgewerkte en enigszins aangevulde inhoud van het referaat dat de Apeldoornse hoogleraar gehouden heeft tijdens de conferentie van het Contactorgaan van de Gereformeerde Gezindte op 4 en 5 april 1973.
De auteur zoekt een antwoord op de vraag wat de wezenstrekken zijn van het gereformeerd protestantisme. 'Op gevaar af te schematiseren en daarmee onvermijdelijk ook te reduceren' komt hij tot drie hoofdtrekken: het Woord, de Zelfopenbaring van God als bron van het gereformeerde leven; de kerk, de werkplaats van de Heilige Geest als middel tot het heil; en de gereformeerde vroomheid als gestalte van de genade. Dit zijn dan ook de punten waarop de crisis binnen de Gereformeerde Gezindte zich openbaart en waarop de kritiek zich richt.
Na een brede en diepe uitwerking van deze punten komt de vraag aan de orde of de gereformeerde identiteit nog houdbaar is, met andere woorden: of de belijdenis van de Refoimatie nog bij machte is in deze tijd antwoord te geven op de vragen van de moderne mens.
Een waardevol boekje, dat zeker wel enige kennis van zaken veronderstelt en dat zich niet in een adem laat uitlezen (de stijl is niet altijd even gemakkelijk!), maar dat bij aandachtige lezing en bestudering veel gesprekstof verschaft voor een eerlijke en indringende discussie over wat de Gereformeerde Gezindte verbindt en wat haar gescheiden houdt.
W. van Gorsel

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 september 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's