De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Dynamisch denken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Dynamisch denken

Belijden en Belijdenis

8 minuten leestijd

Wij hebben de vorige maal stilgestaan bij enkele momenten in de geschiedenis van de kerk, waarop toen al de spanning tussen Belijden en Belijdenis naar voren kwam. Wij willen nu laten zien, hoe dit ook in onze tijd zich voortzet. Daarvoor is allereerst nodig om enig inzicht te krijgen in de achtergronden van ons moderne denken en leven. Wij zijn allen ervan onder de indruk, dat er in onze tijd zo ontzaglijk veel verandert. Wij letten dan vooral op wat wij concreet met onze ogen opmerken in het alledaags gebeuren. Wat is er in de laatste jaren niet veel veranderd in de techniek, in de stedenbouw, in het verkeer, enz. Nog weer op een andere wijze worden wij bepaald bij het sterk veranderende van onze tijd, als wij letten op de normen, die nu worden gehanteerd voor het zedelijk en geestelijke leven. Ontzaglijk veel gewoonten en zeden, geboden en verboden van vroeger zijn nu weggevallen en hebben geen gezag en betekenis meer. Men spreekt van een nieuwe moraal en de voorstellen tot wetswijzigingen op dit terrein liegen er niet om. We voelen, dat de veranderingen op dit gebied nog weer veel dieper grijpen.
Achter dit alles echter zit een nog dieper ingrijpende verandering, waarvoor wij oog moeten hebben. De buitenkant van het leven verandert, omdat de binnenkant veranderd is. De handelingen van de mensen wijzigen zich, omdat de denkwereld en de gezindheid der mensen veranderd is.

Deze laatste verandering zouden wij op verschillende manieren kunnen duidelijk maken. In verband met ons onderwerp willen wij nu vooral in de volgende richting denken. In vroeger tijd had de oude en het oude gezag. Dat wat uit het verleden tot ons kwam, vond respect onder de mensen. Dat kwam, omdat men wist, dat dit oude beproefd was. Het was geijkt door de ervaring van generaties. Men wist, dat men alleen met schade en schande hieraan voorbij kon gaan. Daarom sloten de volgende generaties zich aan bij de bestaande leefpatronen. Men stond in een traditie van eeuwen. En men wilde deze traditie voortzetten. Dit leefklimaat heeft eeuwenlang geheerst. Men noemt dit nu een statisch leefpatroon. Men wil daarmee zeggen, dat het bestaande gezag heeft, men hecht waarde aan de continuïteit, men zoekt de lijn voort te zetten en men heeft geen behoefte aan verandering, omdat (een echt oud-hollands, statisch spreekwoord) elke verandering nog geen verbetering is.
Welnu, aan dit leefklimaat begint in onze tijd een eind te komen. Men bezit nu veelmeer een levensgevoel, dat in een tegenovergestelde richting zich begeeft. Nu wil men niet meer statisch leven, maar dynamisch. Men hecht niet aan het verleden, maar men richt zich naar de toekomst. Men staat niet op handhaving van het oude, maar men stort zich op vernieuwing. Wat uit het verleden tot ons komt, heeft niet meer het gezag, het superieure, aan zich, maar veelmeer het inferieure, het minder goede en het minder bruikbare. Daarom wordt er ook geen gezag meer aan toegekend.
Het zou niet moeilijk zijn om dit nieuwe leefklimaat aan talloos veel verschijnselen in onze tijd duidelijk te maken. Maar dat voert ons te ver. Waar wij wel op willen wijzen is, dat deze gezindheid zich ook heeft breed gemaakt in de kerk, in de theologie en ook als het gaat om het belijden van de kerk. We weten allen, dat de stroming in de kerk, die uit is op vernieuwing, en die elke verandering toejuicht, steeds groter is geworden in de laatste jaren. Alles moet op de helling: de liturgie van de kerk, de prediking en de eredienst, ook de orde van de kerk en de ambten. Alles moet aangepast worden aan de nieuwe tijd.

Dit gaat nog verder. Het is niet alleen zo, dat men streeft naar verandering en vernieuwing. Dat zou namelijk nog zo voor te stellen zijn, dat men dan, als men de dingen eenmaal vernieuwd heeft, toch weer tot een zekere consolidering zou komen. Als wij het beperken tot het belijden van de kerk, is het voor te stellen, dat men in het kader van deze nieuwe tijd komt ot een nieuw belijden en dat dan doet in de vorm van een nieuw belijdenisgeschrift. Een goede twintig jaar geleden dacht men er ook inderdaad nog zo over. We denken aan de toen verschenen Proeve van een nieuw Belijden.
Maar intussen is de gezindheid van velen in de kerk nog weer zo veel verder ontwikkeld in de richting van een dynamisch denken, dat men ook al niet meer denkt aan een nieuwe vorm van een belijdenisgeschrift. Wij leven in zo'n snel veranderende tijd, dat dit niet meer mogelijk en gewenst geacht wordt. We moeten bedenken (zo zegt men), dat de verandering zo wezenlijk met de tijd en met de dingen gegeven is, dat wij principieel niet meer moeten staan naar een consolidering van het belijden in de vorm van een belijdenis. Nee, het is een vloeiende stroom, die nooit ophoudt. Daarom moet het belijden van de kerk principieel open gehouden worden voor een voortdurende vernieuwing. Dat betekent, dat men hoogstens eens een momentopname kan maken, een inventarisatie van de huidige stand van zaken, een doorlichting ervan hoe de zaken er momenteel voorstaan, maar geen belijdenisgeschrift meer, dat als een gezagsdocument in de kerk gaat functioneren. Daar kunnen wij in deze dynamische tijd niet meer mee uit de voeten, zo redeneert men. Het is duidelijk, dat als dit de overheersende gezindheid in de kerk gaat worden er dan wel een enorme spanning komt tussen Belijden en Belijdenis. De spanning groeit dan uit tot een principiële tegenstelling, tot een onoverbrugbare afstand. Met een belijdenis kan dan niets meer worden begonnen, zelfs niet met een nieuwe belijdenis, laat staan met de oude. Wat overblijft is een voortdurend nieuw actueel belijden, dat principieel voor elke verandering open staat.

Het is te begrijpen, dat als het deze kant opgaat er dan ook stemmen opkomen, die zeggen: laten wij ons helemaal niet meer druk maken over het belijden. Want als wij aan belijden denken, denken wij toch altijd nog aan woorden-spreken. En wat heeft dat in onze tijd te betekenen?
Wij leven immers niet alleen in een dynamische tijd, maar ook in wat men noemt een functionele tijd. Dat wil zeggen, dat nu alleen waarde heeft, wat daadwerkelijk iets uitwerkt. Geen woorden, maar daden. Het gaat niet om een belijdenis van woorden, maar om een leven in daden. De kerk is geen woord-instantie, maar ten diepste een actiegroep. En als er dan nog woorden worden gesproken, dienen zij alleen om tot deze actie te inspireren en te begeleiden. Zo ver komt men nu. En dat is te begrijpen. Want ook deze ontwikkeling staat niet stil. Waar zal ze tenslotte op uitlopen? Als we de geluiden goed opvangen en verstaan, vermoed ik, dat het uitloopt op een volstrekte identificatie tussen de kerk en de maatschappij (organisatie). Vakbond en kerk naderen elkaar dan steeds dichter. Zoals ook de boodschap van de kerk steeds dichter het sociale actieprogram nadert. Zoals het heil steeds dichter de humaniteit nadert en de verlossing de ideale maatschappelijke structuren.

Maar of we dan op het goed pad zitten, is natuurlijk wel een steeds dringender wordende vraag. Een vraag, die wij ook zo kunnen formuleren: moet de kerk wel meegaan in deze hele ontwikkeling van een dynamisch-functioneel denken? Zou het niet kunnen zijn, dat dit de moderne vorm van wereldgelijkvormigheid is, waartegen de apostel Paulus waarschuwt in Rom. 12: 2. Dan zou nodig zijn, dat de kerk vernieuwd wordt in haar denken, om zo te beproeven, niet wat actueel en in zwang is in de wereld, maar wat de welbehagelijke wil van God is. En dan zou het wel eens kunnen zijn, dat wij een principieel 'neen' moeten laten horen tegen de ontwikkeling, die nu bezig is te gebeuren, en die ten diepste haar wortels heeft in de geest van de Verlichting, toen de mens zijn eigen autonomie, zijn eigen mondigheid ging ontdekken, los van God en van Zijn Woord.

Aan de andere kant bestaat het gevaar, dat wij in reactie op het moderne dynamische denken terecht komen in een verstarring, die het statische denken van vroeger zo gaat verabsoluteren, dat dit wordt uitgeroepen tot het alleen-christelijke denken. Wij zijn dan geneigd om tegenover de veranderingsdrift van onze tijd alleen nadruk te leggen op de onveranderlijkheid der dingen. Toegespitst op de verhouding belijden en belijdenis zou dat betekenen, dat wij menen volledig en voor altijd met de oude belijdenissen te kunnen volstaan en een nieuwe belijdenis in onze tijd voor principieel onmogelijk en onnodig houden. Het is de vraag, of dit een juist dilemma is. Het ligt voor de hand om dit dilemma te aanvaarden, maar het zou kunnen zijn, dat wij ook dan toch ons laten vangen in een ander schema van wereldlijk denken, waarvan wij evenzeer moeten worden bekeerd.
Het is opmerkelijk, dat zowel het nieuwe dynamische denken als ook het oude statische denken hun wortels vinden in het klassieke griekse denken. En grieks denken is principieel niet-christelijk, heidens denken. Dat zou er op kunnen wijzen, dat het bijbelse denken zowel tegenover het dynamische als tegenover het statische denken critisch en onafhankelijk staat.
Daarom willen wij in een volgend artikel nagaan, wat wij in de Schrift kunnen vinden, als het gaat om de vragen rondom belijden en belijdenis.
De B.                                                           C. G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 oktober 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Dynamisch denken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 oktober 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's