De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De leer der Mormonen 1

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De leer der Mormonen 1

De Mormonen

8 minuten leestijd

'De Vader heeft een lichaam van vlees en beenderen, even tastbaar als dat van de mens; de Zoon eveneens; maar de Heilige Geest heeft geen lichaam van vlees en beenderen, doch is een Persoon van geest'. Als we deze uitspraak, die te lezen is in één van de heilige boeken van de Mormonen, Leer en Verbonden, goed op ons laten inwerken, kunnen we niet anders zeggen dan: de God der Mormonen is, ook al belijden ze Vader, Zoon en Heilige Geest, een andere God dan de God van de Bijbel. 'Bij wie dan zult gij Mij vergelijken dat Ik die gelijk zij? zegt de Heilige' (Jes. 40: 25). 'Zie de hemelen, ja de hemel der hemelen zouden U niet bevatten; hoeveel te min dit huis dat ik gebouwd heb?' (1 Kon. 8:•27). De Godsleer der Mormonen (God in een mensengedaante) berust o.a. op de visioenen van Joseph Smith, die zegt God lichamelijk gezien te hebben, en op de woorden uit Gen. 1: God schiep de mens naar Zijn beeld, naar het beeld Gods schiep Hij hen; man en vrouw schiep Hij ze'. 

Dit is echter niet alles. God is bij de Mormonen ook geen Schepper te noemen in dié zin, dat Hij de absolute Schepper van hemel en aarde is, We lezen namelijk verschillende malen in de boeken der Mormonen, dat God de dingen heeft 'georganiseerd'. God is veel meer Degene die orde heeft geschapen in de stof en in de elementen, die op zichzelf eeuwig zijn. De mens en de menselijke intelligenties (wat we daar ook onder moeten verstaan) waren reeds in den beginne bij God en werden door Hem georganiseerd eer de wereld was. Daarom is het niet toevallig, dat het eerste artikel van de Mormoonse Geloofsbelijdenis niet spreekt van God, de Vader, de Almachtige, SCHEPPER des hemels en der aarde, maar: 'Wij geloven in God, de eeuwige Vader, en in Zijn Zoon Jezus Christus, en in de Heilige Geest'.
Zelfs is het de vraag of we wel kunnen zeggen, dat de Mormonen één enig God belijden. We lezen namelijk in hun heilige boeken verschillende malen van Goden. En in het boek Leer en Verbonden staat te lezen, dat er in de toekomende tijd zal worden geopenbaard of er één God is of dat er meerdere goden zijn.

Waar komen wij vandaan?
Eén van de meest wezenlijke leerstellingen, die diep in de Kerk van de Heilige der Laatste Dagen geworteld is, is dat elk mens al eerder heeft geleefd in een voorbestaan bij God. Voordat ons lichaam vlees en beenderen werd gegeven, hebben wij geleefd als geest. Die geest had, ondanks dat het geen vlees en beenderen bezat, toch ogen om te zien, oren om te horen, intelligentie, de mogelijkheid zich van de ene naar de andere plaats te begeven, in kennis toe te nemen enz. Alle mensen bestonden voordat de wereld werd geschapen in hun zgn. eerste staat, een voorbestaan als geest. Die geest werd uit God geboren, waardoor we kunnen zeggen, dat de mens waarachtig een kind van God was en alle mensen in de ware zin des woords broeders. De mormoonse dichteres Eliza Snow heeft dit onder woorden gebracht in één van de heilige lofzangen van de Mormonen: ,

O mijn Vader, die daar boven
woont in heerlijkheid en licht;
wanneer ach, herwin 'k Uw bijzijn
en zie 'k weer Uw aangezicht?
Woonde in Uw heil'ge woning
eenmaal niet mijn geest?
Met een wijs en heerlijk oogmerk
zondt Gij mij naar d' aarde heen;
en onthield mij de herinnering
aan mijn toestand in 't verleen.

Er zijn geesten, zegt het Mormonisme, ook menselijke geesten, die in hun eerste staat bij God niet staande zijn gebleven maar onder aanvoering van de duivel in opstand kwamen. Deze geesten zijn door God veroordeeld om nooit als mensen op aarde geboren te worden, maar eeuwig zonder lichaam te verblijven, verworpen van God. Zij die in hun eerste staat gehoorzaam bleven ontvingen hun tweede staat: mens met vlees en beenderen, met de belofte daarbij, dat eeuwig meerdere heerlijkheid hun deel zal zijn, wanneer zij in hun tweede staat gehoorzaam leven.
Wat wordt in het leven hier dan van hen gevraagd? Heel eenvoudig: dat zij zullen leven naar de wetten en verordeningen van God, waardoor ze op verhoging in de toekomstige eeuwigheid mogen rekenen. Wat zijn die wetten en verordeningen van God? Geloof, bekering, heilige doop (volwassendoop) en handoplegging voor het ontvangen van de Heilige Geest. En verder: een dagelijks leven naar de geboden van God jegens God en de naaste.

Waarom zijn wij hier?
Als we zo het bovenstaande lezen, zullen we begrijpen welk groot doel volgens de Mormonen God voor ogen heeft gehad met ons mensen: God heeft de aarde geschapen alleen maar om Zijn kinderen (de mens als geest) op die aarde een proeftijd te doen ondergaan, opdat zij door die proeftijd, weer teruggekeerd bij God, in een hogere staat zullen voortleven. Het leven op aarde in een sterfelijk lichaam van vlees en beenderen is alleen maar een stapje verder op onze lange, eeuwige levenswandel. Hier op aarde hebben wij de gelegenheid om ervaring op te doen, ons te verbeteren, ons te bekeren en vooruitgang te maken. En op basis van hetgeen wij hier geloven en doen en laten, zullen wij in het hiernamaals loon ontvangen, ja nog verdere vooruitgang maken.
Het zal duidelijk zijn, dat de Mormonen hier op een spoor zijn gekomen, waarvan we niets in de Bijbel vinden. De Schrift spreekt niet van een voorbestaan bij God als geest en van een leven hier op aarde als een proeftijd om straks in meerdere heerlijkheid te mogen terugkeren. Zelfs is het de vraag of het Mormoonse denken niet veel verder gaat: 'God was eens wat wij nu zijn, en wij zullen eens zijn, wat Hij nu is' luidt een Mormoons gezegde. Ds. Spier schrijft in zijn boekje Mormonen in Opmars: 'Het Mormonisme beweert dat de ganse natuur, zowel op aarde als in de hemel, werkt volgens het beginsel van vooruitgang en ontwikkeling, en dat ook de Eeuwige Vader zelf een Wezen in ontwikkeling is. Gods volmaaktheid bezit de mogelijkheid om eeuwig vooruitgang te maken, zodat wij van een God-in-wording kunnen spreken, een God, die zich steeds meer ontwikkelt. En omdat de mens ook 'een God in kiemtoestand' is moet de mens ook God worden, al kan het wel eeuwigheden duren voor hij de status van een God bereikt. Maar, zegt ds. Spier, als de zaken zo staan, dat God een verheven mens is van vlees en beenderen, een God die niet de Schepper maar alleen de Organisator is van hemel en aarde, een God die goden naast zich heeft, een God die in ontwikkeling is en verder nog volmaakt moet worden, dan rijst de vraag of wij wel, ondanks het gebruik van hetzelfde woord, met de Mormonen in dezelfde God geloven. En dan moet het antwoord luiden, met pijn in het hart, maar tegelijk ook heel duidelijk: neen!'

Zonde en genade
In het Mormonisme is de zondeval goed beschouwd een noodzakelijke schakel in het plan Gods met de mensheid. Op de weg van de mens van zijn voorbestaan als geest naar de ongekende ontwikkeling in de eeuwigheid, moet de mens naar het plan Gods ook kennis ontvangen van goed en kwaad en sterfelijkheid ontvangen om sterfelijke mensen te kunnen voortbrengen. Die zondeval is nodig! Zo horen we Eva in De Parel van Grote waarde na de zondeval verheugd (!) zeggen: 'Ware het niet, dat wij overtreden hadden, dan zouden wij nimmer zaad (nakomelingen) hebben gehad en nimmer het goed en het kwaad en de vreugde van onze verlossing hebben gekend'. En we horen Adam na de zondeval profeteren: 'Geprezen zij de Naam van God, want wegens mijn overtreding zijn mijn ogen geopend en in dit leven zal ik vreugde hebben'. Zo is de zonde geen zonde tegen God, maar opgenomen in het plan van God van de eeuwige ontwikkeling en vooruitgang van Zijn kinderen. Zelfs zegt het Mormonisme: 'Door de zondeval van Adam en Eva is het mogelijk geworden, dat de mens een nageslacht kon krijgen; Adam viel, opdat de mensen mochten zijn en de mensen zijn, opdat zij vreugde mogen hebben'. En artikel 2 van de Mormoonse Geloofsbelijdenis luidt: 'Wij geloven, dat de mens zal worden bestraft voor zijn eigen zonden en niet wegens Adams overtreding'.
Het is duidelijk, dat in het Mormonisme niet is gepeild de ernst en de diepte van onze zonde en onze verlorenheid voor God. Hoe is het dan met de genade? Christus is wel de Middelaar, zegt het Mormonisme, Hij is onze Verlosser en Heiland; zonder Hem is er geen zaligheid mogelijk. Maar daar hoort onmiddellijk bij, dat wij alleen tot Hem kunnen komen in gehoorzaamheid aan de wetten die Hij heeft voorgeschreven. 'Wij geloven, dat dank zij de verzoening van Christus alle mensen door gehoorzaamheid aan de wetten en verordeningen van het evangelie zalig kunnen worden' (artikel 3). Genade is de barmhartige liefde van God voor Zijn kinderen, dat Hij het plan der zaligheid heeft ingesteld opdat zij de kracht zouden verkrijgen vooruitgang te maken en meer aan Hem gelijk te worden. Zaligheid door genade houdt in: zaligheid door de genade (het barmhartige plan dat God heeft ingesteld) samen met de gehoorzaamheid aan de wetten en verordeningen van het evangelie.
Echter: is dit wel genade? Een genade waarbij de mens nog wat moet doen is erg duur. In ieder geval is het niet de genade van het sola gratia van de Reformatie.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De leer der Mormonen 1

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 november 1974

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's