De dubbele praedestinatie in de prediking
Op de eerste dag van de contio van predikanten hield drs. H. J. de Bie uit Huizen een referaat onder bovengenoemde titel: de dubbele praedestinatie (verkiezing én verwerping) in de prediking. Onder grote aandacht vertelde hij zijn gehoor eerst ter inleiding, dat hij zijn stof had afgegrensd naar verschillende zijden. Men moet niet van hem verwachten allerlei vragen te zien beantwoord van theologisch-systematische aard, evenmin historisch dogmatische overzichten van de theologie van Calvijn of Luther op dit punt. Zeker is er verschil in benadering tussen de grote reformatoren dienaangaande. Nog minder zal hij spreken over wat ter synode van Dordrecht is gezegd, in de Nadere Reformatie of ten aanzien van het infra-en supralapsarisme.
De eigenlijke aanleiding van zijn lezing wordt bepaald door een drietal redenen. De praedestinatie staat in de belangstelling omdat de dogmatiek van Berkhof het nodige hiervan zegt. Alleen het klassieke belijden wordt hier wel in een geheel ander licht geplaatst. De volharding van de mens wordt daar verkiezing. Bovendien verscheen het eenparig geloof sgetuigenis (Berkouwer en Ridderbos), waarin de notie der verkiezing ontbreekt. Tenslotte kunnen wij noemen de bekende uitzending van de televisie-documentaire over Tholen 'Aan deze zijde van het graf'. Op de noemer van de Gereformeerde Bond wordt daar het fatalisme gebracht. In het algemeen worden Bijbels-theologische argumenten aangedragen tegen de leer van de dubbele praedestinatie. Berkouwer beroept zich op de barmhartigheid Gods teneinde de dubbele praedestinatie zijn klem te ontnemen. Berkhof doet hetzelfde met het oog op het verbond. Maar beider uitgangspunt is gelegen in het feit, dat zij zich laten leiden door het Bijbels-theologisch materiaal, waarin naar hun oordeel geen sprake is van een dubbele praedestinatie. Het is op dit punt, dat de referent wil inspringen en zijn bezwaren kenbaar wil maken. Het is ten enenmale onjuist om te beweren, dat de Bijbelse theologie geen stof hiervoor aandraagt. Evenals in oude tijden de Dordtse leerregels valse aantijgingen tegen dit leerstuk van de zijde van het Stoïcisme, Libertinisme en Manichaeisme ontzenuwden, zo moeten wij in onze dagen opkomen voor het sola gratia (alléén genade) en dat houdt in dat wij al te gemakkelijk gevolgtrekkingen van het theologisch denken moeten ontmaskeren. Zoals het leerstuk van sola gratia roemt in Gods onverdiende barmhartigheid, zo is de keerzijde daarvan de verdiende verwerping.
Twee aspecten
Drs. De Bie verdeelde zijn stof in twee aspecten. Eerst stelde hij de vraag: is de leer van de dubbele praedestinatie werkelijk zo, dat God wordt voorgesteld als de absolute macht? Maakt de gereformeerde leer God tot een tyran? Tot de voorstelling van een koning in de oud-oosterse wereld behoorde dat hij verkiest en verwerpt. Zie slechts bij Farao en Nebukadnezar. Men kan in ongenade vallen en genade vinden in iemands ogen. Gaat men nu de Bijbelse gegevens na, zo komt tevoorschijn, dat deze koningen superdespoten waren en dat zij zich lieten leiden door een grenzeloze willekeur. Naar een bepaald aspect beschouwd, wordt verkiezen en verwerpen ook gezegd van God. Denk slechts aan de lofzangen van Hanna en Maria. Hongerigen heeft hij met goederen vervuld en rijken ledig wegezonden. Zo openbaart ons de Heilige Schrift ook wel degelijk Gods almacht. Hoe komt nu de Bijbelse theologie er toe dit te ontkennen? De oorzaak is te vinden in de methode van de Bijbelse theologie. Men gebruikt de opzichzelf staande resultaten van het moderne onderzoek als waarheden en verabsoluteert ze dan, zonder het Bijbelse verband van diverse begrippen in ogenschouw te nemen. Daarom is het verrassend te bemerken, dat in de Schrift God inderdaad ook verkiest en verwerpt, maar altijd in samenhang met het aspect van het genadeverbond. Zo komt in de prediking bij de verhouding van verkiezing en verbond juist de verkiezing en verwerping uit. Een verbondsmatige prediking is derhalve een onderscheiden prediking. In dit verband wordt de aandacht gevestigd op het geschrift van wijlen ds. Kievit: Verbond en prediking. Het verbond met God lijkt op de oud-oosterse verdragen, maar is wel unieker in zijn soort. God verwacht immers niets van Israël. Zo is het verbond teken van souvereine verkiezing. Het is dan ook voluit Bijbels gefundeerd, dat verkiezing en verwerping van eeuwigheid zijn. Het hangt vast aan de daden Gods in de geschiedenis. Spreker noemt diverse voorbeelden uit de Schrift. Wél moeten wij ons hoeden voor de gedachte aan praedestinatie als grenzeloze willekeur. Er schuilt een diep geheim in, dat is waar — maar naar de menselijke zijde komt er weerzin uit. De verworpenen zijn de goddelozen, die groeien als het kruid. Er is in God geen onrecht. Maar wel in de mens schuld. Hier waarschuwt ook de referent voor isolatie en abstrahering van de praedestinatie.
Wij vermogen niet in het geheim Gods door te dringen, maar het penetrerend verstand moet tot eerbied gemaand worden. De souvereiniteit Gods kan nooit losgemaakt worden van Gods deugden. Juist de prediking is er het bewijs van dat God ons behoud zoekt en niet fatalisme wil.
Trede van Gods troon
In het tweede deel van zijn lezing betoogt drs. De Bie dat bij de heidenen een intieme relatie tussen goden en mensen ontbreekt. Zij hebben wel een orakel, maar overigens geen openbaring. In de Schrift tintelt de schat van de prediking. Er is daar een God, die zijn onderdanen opzoekt. De koning meldt zich bij zijn onderdanen. De heidense goden hullen zich enkel in stilzwijgen. Vandaar dat in de prediking een geweldige klem wordt vernomen. Spreker vergelijkt de kansel met een trede van Gods troon. Op de kansel mag de proclamatie worden gehoord van Gods troon. De dienaar hantere er de sleutelen van het hemelrijk. Over de verwerping mag niet op dezelfde manier gesproken worden als over de verkiezing. Men verabsolutere niet overeenkomstig Schilder tot een eeuwige haat en een eeuwige liefde. Fatalisme past niet. Juist de prediking is het bewijs van Gods opzoekende liefde. God onderhoudt voortdurend relatie met zijn schepping. Daarom voltrekt zich in de prediking van dag tot dag de verkiezing en de verwerping.
In het slot van de lezing stelde de referent nog een aantal conclusies op. Onder meer noemde hij het fatalisme daar een verminkte Godskennis. Het aanbod der genade is van kracht, het geeft rust in de benauwdheid der tijden. Weliswaar wordt hier ons niet elke vraag duidelijk, maar de eindtijd zal ons alles verklaren. Zo is God souverein. In tweeërlei opzicht wekt de praedestinatie reactie. Het anathema, de vervloeking geschiedt over alle goddelozen, die Hem verworpen hebben. En anderzijds het maranatha der vromen, die naar Gods dag verlangen. Het toppunt der praedestinatie is de doxologie.
Bespreking
In de discussie ontspon zich de vraag in hoeverre het trinitarisch handelen Gods hier werd besproken. In een aantal vragen kwam naar voren in hoeverre het Bijbels-theologisch denken een handgreep vormt voor een bestrijding van een dor fatalisme. Het Oosters denken geeft hier een geheel ander klimaat dan het westerse. Zelfs ontbrak niet de aanwijzing van het gevaar van abstractie en rationalisatie.
Maar over het geheel werd grote waardering uitgesproken voor dit doorwrochte referaat. Het boeide de aanwezigen zeer en zal ongetwijfeld het verder doordenken stimuleren.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 16 januari 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's