Machteloosheid
Mensen staan persoonlijk machteloos wanneer zich in de samenleving ontwikkelingen op grote schaal voltrekken, die men niet kan meemaken. Mensen staan ook machteloos wanneer zich in de kerk(en) ontwikkelingen voltrekken waar men niet achter kan staan. We staan als gereformeerde belijders stuk voor stuk óók machteloos als het gaat om de vraag van het herstel van de kerk, om het bijeen brengen wat bijeen hoort, om de brokstukken van de kerk tot eenheid te brengen. Dat gevoel van machteloosheid werd op een bepaald moment ook eerlijk onder woorden gebracht op de conferentie van het COGG toen het ging om de vraag van kerkherstel. Het is een zaak van eerlijkheid om dit zo te zeggen. Want wat is er door de jaren heen niet gepraat en geschreven over deze dingen. En alles bleef zo als het was. Eerder herhaalden zich de scheuringen dan dat er iets geheeld werd.
Toch geeft het eerlijk uitspreken van die machteloosheid velen een gevoel van teleurstelling. Dat blijkt uit ingezonden stukken nadat in de pers één en ander over de conferentie was weergegeven.
Uit diverse brieven bleek me hetzelfde. 'Mijn indruk was, ze hebben wat gepraat en het bleef zo het was, ' schreef iemand. Iemand anders schreef: 'Saul op het gebergte hoog geklommen ziet de Filistijnen. Machteloos. Het werd Endor, maar het had moeten zijn de God van Israël. Alle voorbeelden van profeten en apostelen ten spijt, machteloos, en Hebreeën 11 dan? ...Ik vraag onder het oog van de Meester, kerk waar zijt gij? Is dat uw belijdenis, machteloos? Is het graf vol en gesloten? Heeft Sölle dan toch gelijk...? ' En zo waren er meer reacties.
Ik begrijp zo goed, dat er zo gereageerd wordt. Wat kan een mens niet lijden aan de kerk, ook aan de kerkelijke verdeeldheid? Wat kan een mens zich dan zelf niet machteloos voelen. En als het dan zó, op een kerkelijke bijeenkomst, ook uitgesproken wordt, dan kan er teleurstelling zijn. En toch: ls ik zwak ben ben ik machtig, zegt de Schrift. En Gods kracht wordt in onze zwakheid volbracht. En vooral dit: k zal heengaan en weder keren tot Mijn plaats, totdat zij zichzelf schuldig kennen en Mijn Aangezicht zoeken; als hun bang zal zijn zullen zij Mij vroeg zoeken.' (Hos. 5 : 15).
Misschien voelen we ons als kerken nog wel te weinig machteloos. We verheffen ons op wat we bezitten, op wat ons onderscheidt van anderen, op wat we méér zijn of hebben dan 'de anderen'.
Als we ons niet schuldig kennen, mee schuldig aan de nood en het verval van de gehele kerk, dan is er geen sprake van echte machteloosheid. Dan praten we nog wel wat (goed) en we houden ons op de been met stukwerk. Maar alleen in de échte machteloosheid is er houvast. Dan houden we ons niet vast aan eigen leerstellingen, aan eigen gereformeerde verbizonderingen, waaraan de Gereformeerde Gezindte zo rijk is, maar dan houden we ons vast aan Hem, die ook nu de sterren in Zijn rechterhand houdt.
Het graf is open. En de Heilige Geest is uitgestort, 't Kerkvergaderende werk van de Heilige Geest ging tot op deze dag door, dwars door onze kerkelijke twisten heen. De geschiedenis van de kerk is vaak geweest geschiedenis van kerkverva/. En dat er kerkgeschiedenis geschreven kon worden is vaak alleen mogelijk geweest bij de gratie van kwesties en onverkwikkelijkheden. Maar door alles heen heeft God — wonder boven wonder — gewerkt. Daarom houden we ons vast aan Hem, als ziende de Onzienlijke.
Iemand schreef mij: Ik woon in een bejaardencentrum uitgaande van vijf protestantse kerken. Ik ben 87 jaar oud en heb altijd meegeleefd. Doch als je dan de beleving hoort. De een gelooft, dat hij tot de vaderlandse kerk behoort en daardoor al een eind op weg is. De ander behoort tot het verbond en is gedoopt, hallelujah. De ander: och en ach, mocht het eens gebeuren. Klachten die vanzelf overgaan. En zo komt er weinig de blijdschap van het echte beleven. Doch God heeft mij geleerd amen te zeggen op Gods rijke belofte ...'. In onze machteloosheid is er ruimte voor de belofte. Ik ben met u tot het eind van de dagen! Daarom mag machteloosheid niet omslaan in fatalisme, in gelatenheid. En machteloosheid mag ook niet inhouden, dat we ons dan maar terugtrekken op eigen kerkelijk gelijk. Maar echte machteloosheid leidt tot het bestormen van de hemel. We praten misschien te veel en we bidden misschien te weinig. Maar het is met praten en met klagen niet te doen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 mei 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's