Kunnen we als christenen daaraan meedoen?
Kritische benadering van de Sensitivity Training
2
In het eerste artikel ben ik ingegaan op doel en achtergronden van de s.t., waarbij ik kwam tot een volstrekte afwijzing. Daarbij wees ik reeds op een artikel van de Westduitse prof. Ellinger.
Wanneer ik hier inga op de bij de s.t. gebruikte methoden, wil ik vooraf nog enkele zinnen uit zijn artikel aanhalen. Hij wijst namelijk op de psychologische achtergrond van de s.t., niet alleen wat het historisch materialisme betreft, (de mens is het produkt van de maatschappij, van de 'Gesellschaft' waarin hij opgroeit) maar ook in die zin dat 'de mens voor de mensen het hoogste wezen is' ook in geestelijke, in psychologische zin. Hij vestigt er de aandacht op 'hoe ontstellend het eigenlijk is dat deze stelling opgehouden heeft iets speciaal marxistisch te zijn, maar dat ze in alle moderne wetenschappen is doorgedrongen', zeker ook in de psychologie en de sociologie. 'Ook de geestelijke bovenbouw van de mens hebben ze volgens dezelfde wetmatigheid geanaliseerd, waarbij de psycho-analyse van Freud niet alleen op het individu maar ook op de groep (mensen) wordt toegepast'. (Prof. dr. Ellinger: Das Fondament, Mai 1975). Ik citeer enigszins vrij maar wat hij wil zeggen komt daar toch wel op neer. Een ernstige waarschuwing voegt hij eraan toe n.l.: 'het is géén onschuldige methode van de groepssociologie maar een geraffineerd opgebouwde aanval op het geloof van de christen'.
Laten we dit in gedachten houden als ik hieronder enkele voorbeelden geef van methoden die bij sensitivity-training worden toegepast:
In zo'n groepstraining worden, ook blijkens de definitie van de N.T.L., die ik in het eerste artikel gaf, de geloofswaarheden openlijk ter discussie gesteld. Men kan zich afvragen of dit op zich niet goed kan zijn. Men kan immers ook verstrikt zijn in bepaalde geloofswaarheden, die, als men er grondig over doorpraat, tot helder inzicht leiden. Maar dat zal dan ook moeten gebeuren op grond van de Bijbel, als wij als christen bezig zijn.
Dit is echter juist niet het geval, dat kan en mag zelfs niet volgens de methoden bij sensitivity-training. Je moet je daarvan losmaken om geheel 'vrij' te zijn. Je moet eerst met de groep 'in dezelfde blanco situatie komen', zegt men dan. Dat is een citaat uit Spel en Tegenspel, (pag. 18) een boek van Hans Korteweg dat o.a. op veel sociale academies als handboek gebruikt wordt. Op pag. 9 van datzelfde boek lees il^: 'Je weet inderdaad niet hoe het is om vrij en zonder gezag boven je (van papa en mama, van de schooljuffrouw, van de dominee, van de wet, van de politie, van het fatsoen, van je baas, van de partij) samen met anderen te zijn. Daar heb je in één zin de ervaring die men wil laten opdoen door s.t.; dat is de blanco situatie waarop men dan bouwt aan de nieuwe mens. Dit fundament wijzen we als christen volstrekt af. Het is trouwens een fundament dat door de eeuwen heen bewezen is ondeugdelijk te zijn. De mens is geen blanco stuk papier, waarop men schrijven kan wat men wil. 'k Zou willen zeggen: hebben twee wereldoorlogen ons niet geleerd wie en wat de mens eigenlijk is. Ook Hitler bouwde op zijn wijze op dat valse fundament met zijn 'Kraft durch Freude'. Het resultaat waren o.a. de gaskamers van Auschwitz en dergelijke.
We kunnen slechts bouwen op het enige fundament Jezus Christus en daarbij moet een ieder nog wel toezien hóe hij daarop bouwt. (1 Cor. 3 : 10).
Ik geef nu een paar voorbeelden hoe men via de s.t. tot zo'n 'blanco situatie' geraakt, waarbij men dan 'gevoelig' wordt voor de ander enz., waarbij men dus een soort hersenspoeling ondergaat die tegelijk betekent, zoals prof. Ellinger het zegt en ik herhaal het nog eens: 'een geraffineerd opgebouwde aanval op het geloof'. Voorop moet staan: als je deelneemt aan zo'n sensitivity-training moet je bereid zijn je te onderwerpen aan de groep: de groep is bepalend, de groep oordeelt, de groept vormt een mening, de groep spreekt zich uit. Als je niet bereid bent je zó 'uit te leveren' pas je er niet in, kun je beterniet meedoen. Met andere woorden: je moet ervoor gemotiveerd zijn voor je met elkaar 'aan 't werk gaat'. (In het Maandblad Geestelijke Volksgezondheid van maart 1975 wordt dit nog eens duidelijk gesteld op pag. 154 en volgende in het op zichzelf uitstekende artikel van prof. dr. G. Cohen).
Ik zei al: zo'n groep is een gesloten groep, het is zoiets al 'in retraite zijn' met elkaar.
Eerst komt dan de kennismaking, door bijvoorbeeld een ontmoetingsspel: De deelnemers gaan in een kring staan, stappen om de beurt naar 't midden, noemen hun naam en vertellen hoe ze zich voelen.
Soms doet men het zo dat iedereen daarna zwijgt en verder doet wat hij wil. Soms wordt het uiterste gevraagd van concentratie op zichzelf of op de anderen.
Op een gegeven moment kan iemand het niet langer uithouden en verbreekt de stilte.
De veranderingsagent houdt zich zoveel mogelijk op de achtergrond maar zal dan misschien de anderen uitdagen op wat gezegd werd te reageren. Dat mag en móét soms zelfs op een grove manier. De bedoeling is dan immers 'innerlijke spanningen en agressieve gevoelens af te reageren'. Doe het maar op een ongezouten manier, al komt dat dan soms hard aan. Je moet bereid zijn je bloot te geven, bijvoorbeeld als het gaat over huwelijkstrouw, over je geloof, over de moraal die je aanhangt enz. Vragen als: Weet je het wel zeker dat je van je man houdt, hoe weet je dat, weet je zeker dat hij van jou houdt, is je geloof maar niet een aangeleerd praatje; waarop baseer je dat? enz. enz. worden in de groep ter discussie gesteld en zo mogelijk tot de grond toe 'afgebroken'.
Of je daarbij een ander 'pijn' doet is eieigenlijk van geen betekenis: het doel schijnt hier dus de middelen te heiligen. Soms gaat het vooral om het punt 'hoe je op de ander overkomt'. Men zegt dat dan weer in termen die men in een normaal gezelschap nooit zou gebruiken.
Voor sommige leden van de groep komt dit dikwijls zeer hard aan, vooral als bijna heel de groep zich tegen één persoon richt. Dat men dan totaal ontredderd raakt, aan zichzelf gaat twijfelen en aan z'n geloof of aan z'n liefdegevoelens is een heel gewoon verschijnsel. Soms lijkt het erop dat men persé iemand zover wil krijgen dat hij huilend wegloopt of ten einde raad raakt. Wie zich 'verzet' of 'staande blijft' wordt dan geacht niet eerlijk te zijn, zijn gevoelens niet te willen exposeren, niet te willen 'biechten' aan de groep en verbreekt daar dan de eenheid en brengt het 'gezamenlijke doel' in gevaar.
Uit christelijk oogpunt moet ik tegen dit soort methoden onmiddellijk bezwaren aantekenen. Hier is niet de liefde volgens 1 Cor. : 13 de drijfveer om elkaar te helpen en elkaar te begrijpen. De liefde immers 'kwetst niemands gevoel', zij is goedertieren en lankmoedig. Alles bedekt zij, alles verdraagt zij (zie 1 Cor. 13 : 4-7).
Een tweede bezwaar is, en dat zei ik al kort hierboven, dat bijvoorbeeld geloofswaarheden of huwelijkstrouw en vaderlandsliefde openlijk ter discussie worden gesteld. Een beroep op de Bijbel en de normen die ons daarin gegeven zijn is niet aan de orde.
Mag een christen dat zo doen? Mijns inziens niet.
Als de Bijbel ons duidelijk de normen geeft; als de Heere ons een richtsnoer geeft om naar te handelen, wie zijn wij dan dat we het aandurven om de groep te laten beslissen of dit wel geldig is? Dit zijn dan nog allemaal zogenaamde verbale trainingen: dat wil zeggen men laat het bij woorden.
Een heel andere vorm krijgt men bij de zogenaamde nonverbale kennismakingen, c.q. trainingen. 'k Geef daarvan een paar voorbeelden: Eén van de deelnemers gaat midden in de kring op de grond liggen, de anderen moeten hem betasten, van top tot teen. Men moet dan zeggen welke gevoelens men heeft en dit leidt dan weer tot verdere kennismaking, verdere discussie, verdere soms zeer intieme ontboezemingen. Steeds is het de bedoeling dat ieder zich volledig gééft, meedoet, zéker niet dat men koel observeert. Als dit zo enkele dagen en halve nachten doorgaat zijn er maar weinigen die tegen de psychologische effecten bestand zijn. De één na de ander 'knapt af', wordt 'gevoelig' soms verliefd, erotisch geprikkeld, krijgt huilbuien, wil soms weg maar durft zich niet onttrekken, schaamt zich eigenlijk, maar wil dit niet erkennen enz. Geen wonder dat velen na zo'n training er eigenlijk maar liever niet over praten. Blijkbaar wordt dikwijls het omgekeerde bereikt van wat met de training werd beoogt. Velen 'functioneren' er niet beter maar slechter door als ze terugkeren in de maatschappij.
Soms wordt het nog veel bonter gemaakt. In een donkere kamer of anders met de ogen dicht, moet men elkaar van top tot teen 'betasten', en zo elkaar (en zichzelf) leren kennen en gevoelig worden. Men kiest dan een partner en de 'taboes (die in 't gewone leven gelden) gaan verdwijnen'. Ik citeer een kritisch deelnemer aan zo'n training: 'vijf keer ben ik zo gevoelig geworden, dat ik voelde dat ik mijn geest en mijn lichaam niet meer in de hand had'. 'Door, een bepaalde aanraking ben ik zelfs op één der deelneemsters verliefd geworden'. 'Als mij dit 10 jaar geleden overkomen was, onvoorbereid, had ik waarschijnlijk mijn God verloochend' enz.
(uit J. E. de Vries: Sensitivity Training, een therapeutische etische toetsing).
Hier wordt het voor mij totaal onbegrijpelijk en onaanvaardbaar. Mag men als kind van God zich in zulke situaties begeven als men van te voren weet welke gevolgen het kan hebben en bijna altijd heeft? Geldt dan niet het woord van Paulus (2 Cor. 7:1): laten wij ons reinigen van alle bezoedehng des vlezes en des geestes en zo onze heiligheid volmaken in de vreze Gods. Het is onverantwoord zich zo 'in de gevaren van zonde en onreinheid van gedachten' te begeven.
Ik spreek nu nog niet eens over wat ik bijvoorbeeld in Duitse kranten las, waar men in advertenties uitgenodigd werd voor 'ego-trips' waarbij men tijdens een lang weekend bij elkaar komt voor sensitivity-training en soms ontkleed met elkaar kennis maakt enz. De schandalen in Zuid-Afrika op dit terrein bereikten ook onze dagbladen.
U kunt zelf kennis nemen van allerlei 'nettere' vormen van training als u sommige handboeken doorneemt, maar steeds valt op: liefdeloos, hard, koud, schokkend agressief. Het kan Gods wil niet zijn om zó elkaar te gaan helpen om je leven te verbeteren. De mens moet zo de mens bevrijden door bekentenissen, beschuldigingen, zelfontleding en ga zo maar door.
Wat staat dit vér af van een pastorale bearbeiding waarbij bijv. Psalm 139 als uitgangspunt van een gesprek mag dienen onl iemand te helpen die in nood verkeert, vanwege z'n zondige agressieve aard, z'n verwarring in komplexen, of wat ook. Niet deze horizontale bevrijding maar het: Heer, die mij ziet zoals ik ben, dieper dan ik mijzelf ooit ken, kent Gij mij. Gij weet waar ik ga. Gij volgt mij waar ik zit of sta. Wat mij ten diepste houdt bewogen, 't ligt alles open voor uw ogen'. (Ps. 139 : 1) spreekt van de weg naar waarachtige bevrijding. Dat is de taal van de mens, die gevoelig geworden is voor God en dan ook voor z'n medemens.
In het derde artikel wil ik nader ingaan op de methoden van s.t., zoals die in de maatschappij, in de kerk en bij het onderwijs worden toegepast.
Amersfoort
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 11 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's