Kunnen we als christenen daaraan meedoen?
Kritische benadering van de Sensitivity Training
3
De enkele voorbeelden die ik in het tweede artikel gaf van de verbale-en nonverbale trainingen zoals die wel worden toegepast, waren maar een heel kleine selectie van de vele vormen waarin men s.t. tegenkomt. Wie zich wat meer in de literatuur verdiept komt tot de ontdekking dat de benaming creatieve trainingen ook wel toepasselijk is. Men probeert telkens weer nieuwe methoden en mogelijkheden om de mensen 'los' te krijgen, gevoelig te maken en zo te bevrijden van agressieve gevoelens, om ze tot een 'gevoelig' mens voor zichzelf en voor de ander, om te turnen.
Dit laatste is zoals ik al schreef de bedoeling van heel de sensitivity-training: een ander mens van hem maken, die vrij is van alle vooroordelen en open staat voor geheel nieuwe ideeën en indrukken. Wanneer we nog even letten op het Engelse woord 'encounter-groups' geeft dat nog een nevenbetekenis aan n.l. dat men in zo'n groep elkaar niet alleen 'ontmoet', maar dit woord heeft in z'n grondbetekenis toch altijd iets in zich van het 'zich tegenover elkaar opstellen', zelfs van 'op elkaar stoten, vechten'. Het lijkt er soms op dat de trainer, resp. de veranderingsagent zich hierop ten volle kan uitleven, mede al naar gelang de scholing die hij heeft ontvangen en het uiteindelijk doel dat hij nastreeft.
We komen nu tot de vraag welke verandering de deelnemer aan zo'n sensitivity-training heeft ondergaan. Ruwweg kan men het zo stellen: er zijn deelnemers die zich werkelijk anders voelen, béter voelen, een soort bevrijding ervaren, waardoor ze menen geheel anders en beter hun omgeving, resp. de maatschappij, tegemoet te kunnen treden; andere deelnemers doet het in feite (schijnbaar) niets, ze blijven wat ze waren en hebben het hoogstens als een interessante ervaring meebeleefd; een derde groep is door de training zó geschokt dat ze totaal uit het lood geslagen is; niet zelden komen zulke deelnemers bij een psychiater terecht, zich schamend dat ze zo meegedaan hebben, soms met gedachten aan zelfmoord rondlopend omdat ze elk gevoel van eigenwaarde hebben verloren.
Ten aanzien van de eerste groep zou ik willen opmerken dat de bevrijding die ze ervaren toch wel heel iets anders moet zijn dan wat de Bijbel ons leert. Hier bevrijdt men elkaar door elkaar z'n 'zonden' te bekennen en langs 'een harde lijn' van elkaar te leren hoe we elkaar moeten accepteren. Ik neem nu de resultaten nog in de beste zin, rekening houdend met de 'goede' bedoelingen die men met zo'n training kan hebben.
Daarbij ontbreekt echter volkomen de verticale lijn. Voor het: 'tegen U, U alleen heb ik gezondigd' is hier geen plaats. De strijd tegen het zondige 'ik' wordt verplaatst naar een afreageren van gevoelens, wat mijns inziens op zichzelf al zondig voor God kan zijn. Is hier iets in van 'het vlees met zijn hartstochten kruisigen', of van éen 'belijden dat we met onze zondige aard te strijden hebben'? En nogmaals: de bevrijding ontvangen wij alléén in Hem die voor ons is gestorven aan het kruis en opgestaan is tot onze gerechtigheid'.
We kunnen en mógen elkaar helpen om daar de ware bevrijding te ervaren, maar alléén de Geest van Christus zal ons werkelijk tot 'vrije' mensen maken.
Ik kom nu tot de toepassing van s.t. op de verschillende terreinen van het leven. Aanvankelijk was het vooral een training van managers van grote bedrijven. Je zou kunnen zeggen: het was een training voor de élite (een elitaire vorming, waarbij de deelnemers universitair geschoold waren of daarmee gelijk staand).
In Amerika had men geleerd dat zo'n training de interne verhoudingen in de bedrijven ten goede kwam en dat daardoor de produktie werd opgevoerd. Soms werden verbazingwekkende resultaten vermeld. Geen wonder dat al gauw trainingscentra ontstonden waar men in Amerika geleerde methoden op verschillende manieren in praktijk bracht.
In dat stadium, dat was in het begin van de zestiger jaren, hoorde men nog betrekkelijk weinig van 'ongelukken' of nadelige gevolgen, misschien omdat men in zulke groepen vooral de mentaal sterkeren bijeenbracht, die zich bovendien zeker niet door een willekeurige veranderingsagent lieten manipuleren.
Wel waren de door mij radicaal afgewezen grondprincipes en ook de methoden dezelfde, zij het dan in uiteenlopende vormen.
In discussies over dit onderwerp werd mij herhaaldelijk de vraag gesteld óf het opzichzelf verkeerd is om op deze wijze een groep mensen beter te leren functioneren, in hun werksituatie; soms werd gewezen op bepaalde gesprekstechnieken of op rollenspelen die in feite maar weinig afwijken van wat men bij de s.t. doet.
Hèt verschil is mijns inziens, dat men bij de s.t. er nadrukkeijk van uit gaat dat men een blanco-situatie wil scheppen in de geest van de mens, waarop men dan datgene bouwt of bouwen wil wat men bedoelt te bereiken, bijv. de ideale manager, personeelschef, of andere werknemer, de ideale verpleegster enz., die in de omgang met z'n medemens optimaal functioneert.
Niet het gevoelig worden voor zichzelf of het gevoelig leren zijn voor de ander die naast me werkt is uiteindelijk het motief, maar heel vaak wil men een mens creëren die inen na 'n hersenspoeling vol kan stoppen met die ideeën, die de trainer wenst. We kunnen dan direct denken aan ideologieën, zoals in communistische landen, waar' de veranderingsagent altijd iemand zal zijn, die de marxistische gedachten via s.t. bij de groep ingang moet doen vinden. In dit opzicht is communistisch China met z'n Mao-cultus wel eens 'één groot s.t. kamp' genoemd.
Behalve voor managers van grote bedrijven gaat men s.t. de laatste jaren steeds meer toepassen op 'lagere' niveau's. Ik denk hierbij aan de cursussen voor verpleegsters bijv. Vaak weet men niet eens waaraan men begint, waarbij toch deelname min of meer verplicht gesteld wordt.
Zeer terecht werd in het door mij reeds enkele malen aangehaalde Maandblad Geestelijke Volksgezondheid, erop gewezen dat men van te voren goed op de hoogte gesteld. dient te worden van wat er tijdens zo'n training gaat gebeuren (pag. 143). Nadrukkelijk wordt zelfs de raad gegeven er zo fit mogelijk naar toe te gaan om die dagen te kunnen doorstaan (pag. 139). Wanneer dat door deskundigen zo met klem gesteld wordt mag men zich, de verslagen horend over allerlei trainingen, toch wel afvragen wat daarvan terecht komt. Naar de deskundigheid van de veranderingsagent wordt door de deelnemers doorgaans niet eens gevraagd. Er zijn ook geen voorschriften voor! Welke ideologie draagt hij uit, wat wil hij bereiken, er in krijgen? De 'ongelukken' zijn, getuige allerlei ingezonden stukken in dagbladen, niet zeldzaam. (Op pag. 139 van het M.G.V. maart 1975, wordt gesproken over 'groepen waaruit een onbehoorlijk groot aantal 'slachtoffers' voortkwamen.)
Voor sommigen is het risico dat men loopt door aan de training deel te nemen, een vanzelfsprekendheid die men maar moet accepteren. Voor mij is het uit christelijk oogpunt gezien, weer onaanvaardbaar! Mag men de psychisch niet zo sterk staande mens blootstellen aan een dagenlange 'stress' met het risico dat hij z'n geloof verliest en metterdaad 'omgeturnd' wordt tot een ander mens, die eigen zekerheden heeft verloren en nieuwe (en welke dan? ) daarvoor in de plaats krijgt? Mag men zó te werk gaan met mensen, met schepselen Gods, ieder met een eigen individualiteit, om ze tot groepsmens te maken met één, meestal niet te hoog staand, groepsideaal ?
Immers alle ethische normen worden ter discussie gesteld en zal de groepsmoraal zich doorgaans niet richten naar de laagststaande in de groep? Via s.t. maakt men de mens tot een massa-mens.
Dit is geen 'pastoraal' werk, waarbij men zoekt en tast naar een juiste benadering, maar een ruwe verstoring van wat mogelijk met grote voorzichtigheid en wijsheid, aan de hand van Gods Woord is opgebouwd. '
In dit verband nam ik ook kennis van de klinisch pastorale trainingen zoals die in cursussen van enkele maanden ook, en juist in het bijzonder in ons land, zijn opgezet.
In het boekje van E. Smit; De gevaren van sensitivity-training, wordt aangehaald hoe o.a. dr. W. Zijlstra indertijd heeft gesproken over de waarde van s.t. bij de pastorale zorg. (pag. 18)
Over de klinische pastorale zorg zoals die in West-Duitsland plaats vindt, heeft prof. dr. Dietrich Stollberg uitvoerig geschreven in zijn boek 'Seelsorge durch die Gruppe'.
Hij legt duidelijk de s.t. aan de zielszorg ten grondslag. Als ik zijn stellingen lees komt telkens de vraag bij mij op óf de Bijbel nog wel mag functioneren bij die zielszorg. Raad geven aan de hand van Gods Woord voor hem/haar die in nood verkeert is uit den boze. Men moet volledig naast de 'kliënt' gaan staan en hem zelf naar de oplossing leiden.
We herkennen daarin direct de methode van Rogers, uitgaande van de autonomie van de mens.
Het doet dan ook heel anders, en werkelijk bijbels aan, als men het boek van Jay E. Adams leest over 'Befreiende Seelsorge' (bevrijdende zielszorg) die bijv. op pag. 88 schrijft: 'We hebben geen methoden nodig, waarvan het doel is zondige gevoelens-4e accepteren, maar zulke, die tot boete en verzoening leiden'. Adams wijst s.t., waarbij men feitelijk de zonde accepteert of alleen maar naar 'ontlading of afreageren' van allerlei vaa'k zondige gevoelens streeft, radicaal af. 'k Geloof dat we dan met hem op bijbelse bodem staan. Kijken we tenslotte nog even naar s.t. zoals die op het terrein van het onderwijs veld wint dan slaat ons de schrik om het hart. Op vele universiteiten is s.t. bij bepaalde studies volledig een onderdeel van het programma aan het worden.
Inplaats van ontgroenen zien we nu dat s.t. gebruikt wordt om de eerstejaars studenten in te wijden (zie De Volkskrant van 20 september 1975).
En op vele sociale academies kan men niet meer zonder deze methoden, die ik herhaaldelijk op bijbelse gronden onaanvaardbaar noemde. In het volgende artikel kom ik nog daarop terug, gezien ook de consequenties voor onze jonge mensen.
Amersfoort
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's