De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Tijdens de dienst

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Tijdens de dienst

7 minuten leestijd

En het geschiedde, als hij het priesterambt bediende.. . (Lucas 1 vs. 8—10)

Wordt het al licht ? Er is nog niets van te zien, dat niet. En hoe gaat het met die beide mensen, van de vorige week. Zij maken het goed. Niets bijzonders ! Nee, hun gewone doen. Want dat Zacharias naar Jeruzalem gaat is niets bijzonders, hij houdt zich aan het dienstrooster. Elisabeth kan niet met hem mee. Hij is trouwens niet lang van huis, na een week zien ze elkaar weer. Het is de beurt van zijn dagorde, om als priester in de tempel dienst te doen. De diensttijd liep van sabbath tot sabbath. Op de grote feestdagen deden alle afdelingen dienst; dan liepen ze elkaar bijna voor de voeten, zoveel waren het er. Nu is het geen grote feestdag, op bescheiden schaal vervullen de priesters hun plicht. Zij bedienen het priesterambt. Laat niemand daar minachtend de schouders over ophalen: het is me het priesterschap wel. De Heere stelde de dienst en het ambt in, en wij willen niet wijzer zijn dan Hij. Veracht Gods instellingen niet. Zet geen eigen dienst op touw en ga niet slordig met de ambten om. Het moge heel beginselvast, bijbelgetrouw, geestelijk heten het is louter willekeur en eigendunk.

Zacharias bedient het priesterschap^ voor God. Voor Zijn aangezicht. Bezig zijn met de dingen die bij God te doen zijn, als in Zijn tegenwoordigheid. Hij doet het, denk ik, niet werktuigelijk. Mensen zijn geen automaten; dienen is niet: zet die plaat eens op, en dan draaien we die wel. Helaas, ook daardoor wordt de priesterdienst bedreigd en neergehaald. Zacharias is er telkens weer over verwonderd dat hij verkoren werd tot dit dienstwerk voor God. Mijn ziel is begerig en bezwijkt nu van verlangen naar de voorhoven des Heeren. Daar woont de Heere in het midden van Zijn volk. Daar wordt de gemeenschap bezegeld in de verzoening. Geweldig is dat. De priester is verbonden aan de Heere en aan het volk des Heeren.

Hij groet zijn vrouw en gaat naar de stad. Elisabeth kijkt hem na, ze leeft met hem mee, ze denkt: zal hij deze keer het heilige mogen betreden om het reukoffer te brengen. Dat reukoffer werd 's morgens gebracht voor het brandoffer en 's avonds na het brandoffer. Hierbij werd dan een mengsel van geurige kruiden op het reukofferaltaar, dat in het heilige stond, verbrand. U weet wat daarvan de betekenis was. Het hield verband met het gebed. Mijn gebed wordt gesteld als reukwerk voor Uw aangezicht. Zoals de rook van dit offer, met een liefelijke geur opstijgt, zo stijgt het gebed op tot God. De priester brengt het biddend.

Nu gold het ontsteken van het reukoffer als de heiligste van alle handelingen die een priester mocht verrichten, al was het alleen maar omdat hij dan het eigenlijke huis des Heeren mocht binnentreden: het heilige. Wie zou het vandaag doen ? Daar werd, eerlijkheidshalve, om geloot. Er waren zoveel gegadigden, dat dit voorrecht iemand slechts éénmaal in zijn leven te beurt viel. Ditmaal is het: Zacharias. Dat is geen toeval. De Heere wil deze man ontmoeten in het heiligdom en in zijn dienst. Want spoedig zal tot zijn tempel komen die Heere, die gij zoekt. Daar loopt de Heere met Zacharias vast op vooruit.

Hij gaat met twee mededienaren het heilige binnen. De een haalt de verbrande kolen van het altaar weg — wat sintels en wat as — de ander draagt gloeiende kolen aan. Als het altaar in gereedheid gebracht is trekken zij zich terug. Zacharias staat alleen in het heiligdom. Vóór hem het reukaltaar; rechts de tafel met de toonbroden en links de kandelaar. De achterwand is het voorhangsel. Hij strooit de wierook over de kolen van het altaar en weldra stijgen de rookwolken omhoog en trekt de geur van de wierook door het heilige, tot in de voorhoven.

Dat is de priesterlijke dienst bij uitstek. Israël kan met zijn gebeden niet vóór God komen, niet tot God doordringen, de rook slaat neer. De priester is middelaar, zijn dienst is de dienst der gebeden. Hij neemt de gebeden van het volk als het ware mee; de ene voor de velen. Die thuis bidden, stellen zich met dit gebed in verbinding. Zij bidden, omdat er in het heilige gebeden wordt. Zij mogen hun korrels wierook in het vat doen, dat de priester zwaait: hij offert het reukwerk.

Ik zie Zacharias. Ik zie Christus. Hij is de priester. Hij heeft gebeden en smekingen geofferd in de dagen van zijn vlees. Zacharias, Hij die na Johannes komt, doet het; de middelaar Gods en der mensen. Mijn gebed doe ik over aan Hem die in het hemelse heiligdom is binnengegaan, die ook voor ons bidt. Deze Christus een overbodig werk ? Nee, Hij doet een noodzakelijk werk. Wij hebben een priester nodig, we hebben dit offer nodig... Op Hem viel het lot. Hij werd ertoe geroepen in de volheid des tij ds en Hij is priester tot in eeuwigheid. Ook he­ den doet Hij dienst voor mensen, die God met hun gebeden niet bereiken kunnen, die soms over hun biddeloosheid moeten klagen. Die geen weg weten met hun bidden en hun danken, indien Hij er niet was, indien Hij het niet deed. En vergeet de volgorde niet. Eerst het brandoffer. Dan het reukoffer. Het brandoffer baant de weg, de verse en levende weg waarlangs wij met vrijmoedigheid mogen toegaan. Om onze priester, die het brandoffer bracht, bij het reukofferaltaar bezig te zien. Is dat niet bemoedigend ? Ik zou het maar eens met Hem wagen, aan Hem overlaten, aan Hem toevertrouwen.

De priester doet het namens het volk en met het volk. De menigte van het volk, zo lees ik, was buiten biddende ter ure van het reukoffer. Buiten, dat is in de voorhof. En verder in heel het land, in al de landen, waarheen ze verstrooid waren, keert men het gezicht naar Jeruzalem en biedt. Dat is deelnemen aan de dienst. Zacharias vertegenwoordigt het volk bij de Heere. Hun gebeden zijn het en zij bidden ze mee. Het zijn er vandaag velen, mannen en vrouwen, en het zijn er meer dan die hier staan. Zie ik daar Hanna niet en Simeon ? Ze zouden niet graag de dienst verzuimen. Er heerste veel onverschilligheid onder het volk. Velen ook namen genoegen met de vorm: het is zover, even bidden. Maar zij die de Heere verwachtten waren aan de dienst gehecht. Ze liepen naar de tempel en wierpen zich ter aarde of hieven hun handen op, zij paarden hun stem aan die van de dienstdoende priester. Wie wel eens bij de klaagmuur stond, weet hoe dat eraan toeging, met welk een toewijding en hoe hartstochtelijk. Daarbij vergeleken is onze dienst der gebeden wat bleek en mat. Doen wij werkelijk mee ? Al het volk was biddende.

Daar staan ze in de voorhof. Een kudde schapen, die blaten om de herder. O, herder van Israël neem ter ore. Het psalmboek is een gebedenboek, en het werd in de tempeldienst gebruikt. O God, breng ons weder, laat Uw aanschijn lichten, zo zullen wij verlost worden. Och, dat Israels verlossing uit Sion kwam. Zij smeken erom, ze zijn in gebed verzonken. Ze herinneren de Heere aan Zijn Woord en aan Zijn eed. Wachters zijn het, die het tijdens de dienst uitschreeuwen — het hart schreit —: de morgen, ach wanneer. Buiten. Daarbinnen kringelt de rook van het offer naar boven. De Heere hoort; Hij zal Israël verlossen. Hij zal het doen dagen. Nooit zijn ze daarvan meer verzekerd dan in deze ure van het gebed.

En nooit was de dag dichterbij. De dag der verhoring en der verlossing. Zacharias, uw gebed is verhoord. Volk in de voorhof, het offer werd aanvaard. Wat u biddende vraagt zult u dankend ontvangen. Hoort u de schapen blaten, bent u zo'n schaap, die een herder nodig hebt ? Ik zal naar Mijn schapen vragen, zegt de Heere. En Ik zal een enige herder over hen aanstellen, die zal hen weiden. Dat is de Heere Jezus. Hij komt eraan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1975

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Tijdens de dienst

Bekijk de hele uitgave van donderdag 18 december 1975

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's