Kerstreis
Ik kwam, op weg naar Bethlehem, door dorpen en door steden. Ik heb er leed en dood gezien. Er werd veel angst geleden.
Ik werd, op weg naar Bethlehem, bestormd door zoveel vragen: Heeft het wel zin om nog te gaan? Zal er ooit vrede dagen?
Heb je de eng'len ooit gezien? Is je er één verschenen? Het Kind werd toch als man vermoord? Zijn macht is toch verdwenen?
Ik moet, op weg naar Bethlehem, in dorpen en in steden, vertellen, dat het zinvol is, dat God op mijn gebeden,
gekomen is en komen zal, dat ik Hem blijf verwachten, dat Hij mijn sterkte is geweest, in bang doorwaakte nachten.
Als ik dan kom in Bethlehem, na 't dagenlange reizen, ontmoet ik daar; ik wist het wel, de Herders en de Wijzen.
Maria, Jozef en het Kind. Ik hoor de eng'len zingen. Ik vind geen woorden in dit uur, al mijn herinneringen,
zijn toegespitst op dit moment, hiertoe werd ik geboren, dat ik met alles wat ik heb, dit Kind zou toebehoren.
Ik moet weer wég uit Bethlehem, mijn weg gaat nog steeds verder. Het Kind wordt man en sterft aan 't kruis. Hij is de Goede Herder,
die stierf opdat ik leven zou, van Hem is al het Zijnde, Zijn Naam is Raad en Wonderbaar en sterkt mij tot het einde.
(Bloemen in de zon. uitg. J. H. Kok, Kampen)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 24 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 24 december 1975
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's