De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Mag een gelovige eer hebben?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mag een gelovige eer hebben?

Pastorale overwegingen

5 minuten leestijd

3

Woorden van waarschuwing

We besloten de laatste keer samen te luisteren naar de grote Leraar der gerechtigheid. En als het dan over eer gaat, denkt menigeen van ons toch aan het ernstig vermaan zich ervoor te hoeden, dat iedereen wel van ons spreekt. De Heiland spreekt er een 'wee' over uit. En hoe bestraft Hij in de bergrede de Farizeeërs, omdat zij bij hun godsdienstige verrichtingen streefden naar eer van mensen. Hoort het gebed niet in het verborgene te geschieden, als 'werk van de binnenkamer? ' Hoe ontdekkend en bestraffend was Zijn woord tot de discipelen, omdat zij zo graag de meeste wilden zijn, terwijl Hij voortging op de weg om de minste te wezen en om Zich te openbaren als één, die dient! In dat voetspoor wijst Paulus de gemeenten van Rome en Korinthie op de dwaasheid en zonde om opgeblazen te zijn en boven anderen te willen uitkomen. Allen, die godzalig willen leven, moeten wel rekenen op vervolging. En anderzijds liet Paulus zich ook niets gelegen liggen aan het oordeel van mensen over zich en zijn dienstwerk. 'Het is mij voor het minste om van ulieden geoordeeld te worden... die mij oordeelt is de Heere'.

Blijken van welgeva llen

Wie de Schrift leest, bemerkt ook hoe de Heere Jezus Zich anderzijds liet eren. Wanneer men spontaan, uit pure liefde Hem weldeed, liet Hij de mensen begaan, nam Hij gunstig en genadig hun eerbewijzen aan. Hij nam het voor Maria op, toen ze Hem zalfde met de kostelijke nardus. Hij verdedigde Zijn jongeren, toen ze Hem hulde bereidden bij de intocht in Jeruzalem, zeggend, 'dat, als zij zouden zwijgen, de stenen haast spreken zouden', Luc. 19 : 39. Verweet Hij Simon de Farizeeër niet om zijn onbeleefde houding tegenover Zich en nam Hij het niet daarentegen voor de sprekende hulde van de zondige vrouw op? En Paulus liet de zich grievende behandeling in Filippi — de geseling, onverhoord, terwijl hij een Romein was — niet zo maar passeren. Paulus weet ook dat, als Gods volk doet wat voor de Heere recht is, zij zo handelen, zoals men dat onder de mensen ook voor eerbaar houdt. De apostel Petrus zegt, dat de kinderen des Heeren de mond stoppen aan de kwaaddoeners door te doen wat goed is. Van de Zaligmaker wordt getuigd dat Hij genade had bij God en bij de mensen, terwijl haat, verachting en tegenstand ook toenemen. De moedergemeente in Jeruzalem was tot in de wijde omgeving gerespecteerd en in achting. Handelingen 2, terwijl ook een steeds scherper tegenstelling tot de ongelovigen naar voren treedt.

Wat leert dus de Schrift?

Duidelijk is wel, dat menselijke eer dus maar betrekkelijk is. Beslist verkeerd is het om koortsachtig zich in te spannen toch vooral een goede naam te maken onder de mensen, om aardig en vriendelijk te heten tot elke prijs. Nog minder om trots en zelfgenoegzaam de anderen uit de hoogte te behandelen. Maar aan de andere kant is het ook een uitermate slechte zaak als een kind van God ergernis en opspraak verwekt. Paulus heeft er zich dan toch maar in geoefend om voor God en de mensen een onergerlijke conscientie te hebben. In diepe afhankelijkheid van de gunst des Heeren, onbekommerd om wat mensen zeggen, dient het leven der gelovigen op aarde gericht te worden op de ere Gods en het welzijn van de naaste. Dat dit ook in beginsel alleen uit de bediening van Christus door de Heilige Geest ook geschiedt, behoef ik u toch niet erbij te zeggen? Neen, niet de eer onder de mensen is doel of maatstaf. O, wat zouden we er dan slecht aan toe zijn. Voor de één te licht, voor de ander te zwaar. Johannes kwam, noch etende, noch drinkende, men moest hem niet. De Zaligmaker kwam, wel etende, wel drinkende, men moest Hem niet. Men schold Hem een vraat en wijnzuiper. Nooit doet men het goed. En o, ze kijken toe in de wereld, hoe u leeft als u bij en naar de Schrift door genade leeft. Ze nemen u waar. Evenals Uw Heere en Koning. En altijd blijft er een groot verschil tussen wat het leven der genade beoogt en wat de natuurlijke mens najaagt. Dat stemt nooit overeen. Dat botst. Dat brengt gedurig smaad voor Gods volk mee. Maar wij behoeven de oneer, de botsing, het gescholden-worden ook niet te zoeken. Ten koste van de waarheid zoeke men zich geen vriendschap. Maar men make ook geen grond voor de eeuwigheid van het feit, dat men niet in tel is, ja gehaat wordt. Want is dat wel om het beginsel? Of hebt u tegenstanders om uw lastig gestel, uw norse blik, uw bits spreken? Zelfbedrog is toch zo erg. We maken van een vrucht zo gauw de grond. Men lette maar op het Woord, verstandig en nauwgezet. Banden van vriendschap om het Woord zijn kostelijk. Vijandschap om het beginsel behoort tot het loon.' Het zijn 'aardse ridderordes van de Koning'. Och, zou vlees ons deren?

Katwijk aan Zee

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 1975

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Mag een gelovige eer hebben?

Bekijk de hele uitgave van woensdag 31 december 1975

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's