De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

De verkiezing in de prediking

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De verkiezing in de prediking

1

6 minuten leestijd

Deze serie van vijf artikelen bevat de enigszins gewijzigde en aangevulde tekst van een  lezing, die door ds. W. van Gorsel, predikant  te Ridderkerk werd gehouden op 20 november 1975 voor de Ring van ambtsdragers op  het eiland Tholen en St. Philipsland. 

Een vraagteken

Achter de titel van dit onderwerp willen we eerst een vraagteken zetten. De verkiezing in de prediking?

Immers, de vraag wordt gesteld welke plaats de praedestinatie inneemt in de prediking. Maar daar moet een andere vraag aan voorafgaan. Deze vraag: Hééft de verkiezing eigenlijk wel een plaats in de prediking? Behoort de verkiezing niet tot de verborgen dingen? En zo ja, kunnen we er dan niet beter over zwijgen?

We kennen het woord van Mozes: 'De verborgen dingen zijn voor de Heere onze God, maar de geopenbaarde voor ons en voor onze kinderen tot in eeuwigheid, om te doen al de woorden dezer Wet'.

Verborgen dingen. Daar zouden we heel wat voorbeelden van kunnen geven. We belijden dat de Heere de wereld regeert. Maar we begrijpen daar niet zoveel van. Waarom doet de Heere dat zus en dat zo? Dat behoort tot de verborgen dingen. Onze Nederlandse Geloofsbelijdenis zegt in Art. 13 over de Voorzienigheid Gods: 'En aangaande hetgeen Hij doet boven ons verstand, dat moeten wij niet curieuselijk onderzoeken, meer dan ons begrip verdragen .kan, maar wij aanbidden met alle ootmoedigheid de rechtvaardige oordelen Gods die voor ons verborgen zijn'.

En dat is het wat Mozes bedoelt: De verborgen dingen moeten we voor de Heere onze God laten. Die gaan ons niet aan. Daar hebben wij niets mee te maken.

Waar we wèl mee te maken hebben, dat zijn de geopenbaarde dingen. En wat hebben we daarmee te maken? Wel, om te doen alle woorden dezer Wet. Die zijn voor ons en voor onze kinderen. Daar hebben we genoeg aan. Daar hebben we zelfs de handen vol aan. Daar moeten we ons leven naar richten.

Inplaats van ons met de verborgen dingen te bemoeien, waar we niets mee te maken hebben, moeten we dus onze aandacht richten op de dingen die door God zijn geopenbaard.

En nu is de vraag deze: Gods verkiezing, hoort die tot de verborgen dingen of tot de geopenbaarde dingen?

Verborgen of geopenbaard?

De Rooms-Katholieke Kerk is van mening dat de verkiezing behoort tot de verborgen dingen. Op het Concilie van Trente heeft zij uitgesproken dat de verkiezing 'een verborgen mysterie' is. Rome loochent niet dat God verkoren heeft. Rome zegt alleen dat we onmogelijk kunnen weten wie God verkoren heeft. Met één uitzondering: De Heere kan een mens op een buitengewone wijze, door een bijzondere openbaring, bekendmaker dat hij een verkorene is. Maar verder is het uitgesloten van z'n verkiezing tot zaligheid zeker te zijn.

En velen uit de kerken der Reformatie vallen hierin Rome bij. Wat weten we van de verkiezing? Wie durft met zekerheid zeggen dat hij een verkorene is? Hier en daar zijn stemmen te beluisteren die zeggen: Dat kan een mens nooit zeker weten. Je kunt alleen maar het beste hopen.

Het is dan niet alleen zo dat men zelf de zekerheid van het geloof mist, maar dat men ook categorisch ontkent dat iemand van die zaligheid zeker zou kunnen zijn.

Vandaar hebben sommigen gezegd: De verkiezing is een verborgen ding. Je kunt er beter maar het zwijgen toe doen. Je zou de mensen maar in verwarring brengen of misschien zelfs tot de wanhoop voeren.

Maar wanneer we dat zouden doen — zwijgen over de verkiezing — dan zouden we toch heel wat teksten uit de Heilige Schrift moeten laten liggen. Erger nog: Dan zouden we aan een deel van Gods openbaring geen recht doen. Want de bijbel spreekt zeer nadrukkelijk en ook zeer duidelijk over de Goddelijke verkiezing.

Het is niet zo moeilijk, nu al een conclusie te trekken. Wat de Heere ons in Zijn Woord heeft geopenbaard, dat moeten wij niet verborgen willen houden. En waar de bijbel vele malen over spreekt, daar moeten wij niet over zwijgen. De verkiezing behoort niet tot de verborgen, maar tot de geopenbaarde dingen.

Spreken, maar hóe?

Rome heeft dus de leer van de Goddelijke verkiezing onder tafel gewerkt. Ze zou ook in het geheel niet passen in het semi-Pelagianisme, waarin aan de vrije wil van de mens een grote plaats wordt toegekend. En helaas zijn vele kinderen van de Reformatie in deze zaak 'roomser' dan zij zelf weten.

We zullen ook hierin moeten luisteren naar de klare getuigenis van de Reformatie. En dan denken we als vanzelf aan de Dordtse Leerregels, die stellen:

'Voorts, gelijk deze leer van de Goddelijke verkiezing, naar Gods wijze raad, door de profeten, door Christus Zelf, en door de apostelen, zowel in het Oude als in het Nieuwe Testament gepredikt is, en daarna in de Heilige Schrift voorgesteld en nagelaten, alzo moet zij ook heden ten dage te zijner tijd en plaats in de Kerk Gods voorgesteld worden, (maar) met de geest des onderscheids en met godvruchtige eerbiedigheid, heiliglijk en zonder nieuwsgierige onderzoeking van de wegen des Allerhoogsten, ter ere van Gods heilige Naam en tot een levendige troost van Zijn volk'(1, 14).

Schadelijk zwijgen

Wie dus over de verkiezing meent te moeten zwijgen — uit paedagogisch of pastorale overwegingen — diens bedoelingen zijn misschien wel zuiver, maar die moet toch wel goed weten wat hij doet.

Want ten eerste laat hij een gedeelte van Gods openbaring liggen. Dat wil zeggen: Hij is wijzer dan God, Die in Zijn Woord heel nadrukkelijk over de verkiezing heeft gesproken.

Ten tweede doet Hij tekort aan de eer van God. Want God heeft ons de verkiezing geopenbaard tot Zijn eer. God is groot en wij begrijpen Hem niet. Hij is de grote Pottenbakker, Die macht heeft over het leem. Wij hebben ook inzake de verkiezing God God te laten. Wij hebben Hem zelfs te prijzen over Zijn eeuwige raad. Over het feit-dat Hij van eeuwigheid af al gedachten des vredes heeft gehad.

Ten derde doet hij tekort aan zichzelf en aan de gemeente. Want de Heere heeft de verkiezing geopenbaard — zeggen de Leerregels — tot een levendige troost van Zijn volk. Wie dus niet over de verkiezing wil spreken, berooft de gemeente van Christus van haar troost. Die werpt die gemeente uiteindelijk terug op zichzelf.

Maar nogmaals, wij moeten wel goed toezien hóe wij over de verkiezing spreken. Calvijn zegt in dit verband: 'Zij die zonder het Woord de eeuwige raad willen naspeuren, werpen zich in een dodelijke afgrond'. En op een andere plaats: 'Die storten zich neer in de diepte van een onmetelijke draaikolk om verzwolgen te worden; die verwarren zich in talloze en onontwarbare strikken; die begraven zich in een afgrond van blinde duisternis'.

 

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

De verkiezing in de prediking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 12 februari 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's