De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Aandacht voor het gesprek der modaliteiten

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Aandacht voor het gesprek der modaliteiten

Synodale behandeling van het visitatie-rapport

6 minuten leestijd

Na de uitvoerige weergave, die we enkele weken geleden gaven van de inhoud van het vijfjaarlijks visitatierapport over het leven van de Hervormde Kerk, laten we thans nog kort enkele impressies volgen uit de synode, waar dit rapport behandeld werd. We doen dit zonder commentaar, omdat ieder wel aanvoelt hoe verschillend tegen de diagnose en de therapie van de kerkelijke kwalen wordt aangekeken.

De heer J. C. Braber, ouderling-te Renesse, vond de financiële consequenties van het teruglopen van het aantal belijdeniscatechisanten minder erg dan de gevolgen voor het verkrijgen van ambtsdragers. Moeten we — zo vroeg hij verder — naar een ontkoppeling van belijdenis en avondmaal ?

Ds. B. Duisterhof (Yerseke) hekelde het optreden van illegale groepen, die hotelletjes stichten aan de Ooster-en Westerschelde en daarbij gesteund werden door predikheren uit het westen des lands. Hij doelde daarmee op evangelisaties van G.B.signatuur. De synode moest daaraan iets doen.

Ds. H. Binnekamp (Maarsen) stelde, dat een woord van bemoediging naar de gemeente moest worden doorgegeven. Er is zorg maar ook hoop: Christus zorgt voor Zijn Kerk. Wat de verhouding der modaliteiten betreft stelde hij, dat er zorg is over het functieverlies van de belijdenis. De heer J. Morreau (Hilversum) meende dat de pluriformiteit (veelvormigheid) van onze kerk thans op de tocht staat. Door de afkalving van de vrijzinnigheid en de midden-orthodoxie neemt de invloed van de rechterflank namelijk toe. Hij vroeg waar de oorzaak van die afkalving ligt. Hij vroeg ook hoe het mogelijk is, dat in korte tijd ƒ 800.000, — bijeen wordt gebracht voor een kerkgebouw (een hoop stenen), daarbij doelend op de Hilversumse actie, terwijl voor andere doelen nauwelijks mensen te motiveren zijn.

Dr. K. Blei (Haarlem) hekelde dat in het visitatoren-rapport bedektelijk de Hervormde Jeugdraad en de Raad voor de Zaken van Overheid en Samenleving kritiek kregen en de Raad voor de Catechese een pluim.

Ds. C. van Sliedregt (Oude-Tonge) wilde het gesprek tussen de modaliteiten gevoerd zien vanuit Efeze 3 : 10: opdat nu door de gemeente bekendgemaakt worde aan de overheden en de machten in de hemel de veelkleurige wijsheid Gods. Hoe verstaan we de Schrift, hoe waarderen we de brieven van Paulus ? Hij kritiseerde de mening van dr. H. Bartels in de gevoerde discussie in Woord en Dienst over het denken van de Gereformeerde Bond in zeventiende-eeuwse denkkaders. Ds. J. Pronk (Rijsoord) had tot zijn vreugde gelezen dat de visitatoren in hun visitatie de Confessionele Vereniging niet waren tegengekomen (wij willen een brug slaan in de kerk). Hij hekelde intussen de 'venijnige en hoogmoedige reacties' in Woord en Dienst op de discussie over de Gereformeerde Bond van hen 'die in de ivoren toren van hun eigen hoogverlichte denken' neerzien op de anderen t.w. de Gereformeerde Bonders, die niet zo denken als zij. Ds. Pronk betreurde het verder, dat de discussie over het Getuigenis was opgehouden.

Ds. J. Vroegindewey (Emmeloord) be­ treurde het dat door te accentueren dat in de classis Bommel de avondmaalsgang zo gering was (soms 2 a 3 deelnemers per gemeente) de indruk werd gewekt als zou dit overal zo zijn in G.B.gemeenten. Het gaat hier echter om uitzonderingen. Hij zette verder een streep onder de opmerking in het visitatie-rapport, dat de jeugd over de Bijbel wil horen. Over de opmerking van de Groningse visitatie t.a.v. 'verhoogde activiteit' van de Geref. Bond in Groningen was zijn vraag: 'Gaat het in Groningen slecht in gemeenten waar een G.B.-predikant is ?

Ds. J. van Rossem (Meeuwen) vroeg waarom er telkens zulke harde noten moeten worden gekraakt over de Gereformeerde Bond. Men blijft verder steken in het formele, zei hij. We maken ons druk over de gevolgen van een onbijbelse prediking maar over de kwaal zélf spreken we niet. 'De kerk is ziek omdat haar prediking ziek is'. Waar de prediking van de twee wegen ontbreekt krijgen we zulke situaties.

Prof. dr. H. Jonker stelde, dat verbreiding en verdediging van de Waarheid (in de naam van de G.B.) moet zijn het gedenken van de trouw, de verbondstrouw van God. Het betekent: de ganse dag de handen uitstrekken tot een tegenstrevend volk. Een gesprek met de Gereformeerde Bond ? , vroeg prof. Jonker. Akkoord ! Maar dan ook het gesprek met de maatschappij-kritische theologen, want de hele kwestie van de politieke prediking is in 1972, na het Getuigenis, de mist in gegaan.

Intussen deed prof. Jonker nog het diepingrijpende voorstel de visitatie af te schaffen en te komen tot het aanstellen van moderatoren, predikanten 'met gezag' die in een bepaald gebied, naast het dienen van een kleine gemeente, pastoraat zouden oefenen over predikanten in de regio (pastores pastorum dus, pastors over de pastors).

Dr. C. P. van Andel vond het visitatierapport eenzijdig en gevaarlijk. Er zijn veel meer tekenen van hoop: interkerkelijke samenwerking, city-pastoraat, liturgische vernieuwing, gezinscommunie, de activiteiten van de predikanten voor buitengewone werkzaamheden.

De visitatoren ds. A. W. Kranenborg (Hoogeveen) en ds. G. Bieshroek (Ede) gingen op de gemaakte opmerkingen in. Ds. Biesbroek met name uitte zijn bezorgdheid over de polarisatie. Hij deed een beroep op de kerk zich niet te laten leiden door wat men persoonlijk ziet, maar door wat de Schrift en de belijdenis van de kerk bieden. Paulus zegt in 1 Cor. 12, dat ieder komt met eigen gaven maar niet tot opbouw van het lichaam van Christus. Er moet meer gehandeld worden uit de liefde.

In tweede ronde — nadat ds. Spilt herinnerd had aan de vrouw uit het evangelie, die van veel dokters veel geleden had — kwam ds. A. Bijl (Haren) nog weer eens het optreden van de G.B. in Groningen hekelen: 'grove middelen geven misverstanden'.

Ds. C. van Sliedregt vroeg in het gesprek der richtingen aandacht voor Ef. 3 : 10 en Joh. 7 : 38 (Wie in Mij gelooft, stromen van levend water zullen uit zijn binnenste vloeien). Het gaat om het mystieke (Wie in Mij gelooft) en het theocratische (stromen van levend water die uitvloeien). Het gaat verder om de verborgen omgang voor Gods Aangezicht met elkaar.

In de besluitvorming wordt gesteld, dat in gemeenten waar een federatieve samenwerking tussen Hervormden en Gereformeerden is, gezamenlijke Hervormde en Gereformeerde visitatie dient te worden gehouden. Verder zal er op de novembervergadering een plan ter tafel komen van de Raad voor de Zaken van Kerk en Theologie om het vastgelopen gesprek tussen de modaliteiten (met name met de G.B.) opnieuw op gang te brengen.

De suggestie van prof. Jonker inzake de moderatoren zal aan de orde komen in het kader van de doordenking van de verbetering der visitatie. Daarover zal ongetwijfeld nog wel discussie komen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Aandacht voor het gesprek der modaliteiten

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 april 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's