De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Opstanding en heiliging

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Opstanding en heiliging

11 minuten leestijd

Vijand

Wanneer wij gaan nadenken over de opstanding van onze Heere Jezus Christus, kunnen wij er niet omheen de vijand te noemen die het aangelegd heeft op de vernietiging, de uitblussing van alle levenskracht. Tegenover de achtergrond van de dood immers wordt Pasen pas stralend licht. Wat bedoelen wij met deze woorden ? Wel, toen de zonde in de wereld gekomen is en door de zonde de dood, is daarmee een macht werkzaam geworden in de wereld tegen wie geen enkel leven bestand is. De doodsnood en de doodskracht, de onttakeling en de verwording van het zuivere leven. Zie, dat zijn de machten waartegen alle pure blijde levensheerlijkheid het onverbiddelijk moet afleggen. Nooit is ons dit zo duidelijk geworden als toen wij jaren geleden eens stonden op een oorlogskerkhof. Rij aan rij stonden daar de kruisen, droef stonden hier en daar wat oudere mensen bij het graf van hun zoon. En ineens werd het ons duidelijk: daar zien wij de grijparmen van de dood, die zich hebben uitgestrekt naar jongere bloeiende mensenlevens; die lichamen hebben vermorzeld en tot niet gemaakt. Maar wij zagen ook daar de kromgebogen lichamen van de ouders staan en voorvoelden opeens: Ook die straks naar het graf, verslonden door de ondergang. En al peinzende zagen wij niet alleen de mensenwereld, maar ook de dierenwereld, de natuur, ja alle dingen onderworpen aan de koning der verschrikking. Heel de wereld voert immense strijd om het leven te behouden. Denk aan de medische wetenschap, - denk aan de economie, denk aan de verljeten strijd om het bestaan. Maar vergeet ook niet, dat zelfs de oorlog van de ene partij tegen de andere ten doel heeft het leven er bij over te houden. Daar staande ging ons het ene vergezicht na het andere open en wij kwamen daar, verloren in de ruimte, terecht bij de val in het paradijs. Alle kamp en verzet tegen de dood moet het tenslotte gewonnen geven, want hèt Leven dat uit God is, dat zijn wij kwijt. Er is een vijandige macht, een oergeweld dat moet overwonnen worden. Houdt bij alle denken aan Pasen rekening met deze achtergrond. Het gaat ons op dit ogenblik nu niet zozeer om de correcte benamingen, om de zuiver dogmatische formuleringen, wij willen slechts beklemtonen, dat èn in de puur lichamelijke wereld én in de geesteswereld een dictatuur der zonde is met openlijk en heimelijk geweld, die wij nooit veronachtzamen mogen, willen wij de zegen van Pasen verstaan. De levensvernieuwing van Pasen wordt alleen maar duidelijk tegenover deze duisternis.

Aanval

Is deze doodswerkelijheid, deze duisternis nu de laatste werkelijkheid in de wereld en tijd ? Gode zij dank, néén. Wij worden, belijdt de kerk, door Christus' kracht opgewekt tot een nieuw leven. Het eerste wat die kracht doet is doden, vernietigen. De kracht van Christus geeft de doodsteek aan de dood in het hart. Het is uit met de dictatuur der zonde. Haar openlijk of heimelijk geweld is nog wel niet definitief, maar toch in beginsel gebroken. De zonde is van nu af de andere, dat is vreemde, niet meer in de mens thuishorende wet. Een volkomen gewijzigde verhouding en gesteldheid dus. Want tegenover de verslagen vijand begint terstond het regiem van de nieuwe macht. De kracht van Christus verjaagt, neemt in bezit, maar tegelijk is het de kracht der vernieuwing. De mens wordt de vijand van zijn vijandschap en daardoor de wettige heer van zijn hart. Dit wordt bedoeld met nieuw leven. God maakte ons met een krachtig, volledig samenstel van vermogens, afschijnsels van goddelijke deugden, zodat de mens beeld van God was. In het hebben en in het werken van die ambtsgaven bestond zijn menselijk leven.. Het werk van Christus is deze verziekte en misbruikte vermogens los te maken uit de klem van de dood en er in te blazen de geest van nieuwe fleur en schoonheid zodat wij weer beantwoorden aan Gods scheppingskracht. Nieuw leven betekent dus: nieuwe mens. Wij kunnen het ook anders zeggen: nieuw leven betekent ook de gecentraliseerde mens. De mens, die weer op het middelpunt van zijn leven wordt aangelegd. Uit de verderfenis der zonde, uit de ontbinding van de dood weer gebonden aan God in Christus. De psalmdichter bidt ergens: verenig mijn hart tot de vreze Uws Naams. Hij belijdt dus dat een geweldige decentraliserende macht in zijn hart woont. Hoe waar is dat. De zondemacht doet ons overal heenvliegen. Nergens kunnen wij ons bij bepalen. Maar het Paasleven herstelt. Het bindt bijeen, het bindt tezamen. Het leven door de kracht van Christus is herstel, maar het is méér. Door de schepping is de mens het beeld Gods, maar door de herschepping is hij het beeld van Christus, in wie de volheid Gods lichamelijk woont. Er is dus voortgang, vastheid, voleinding, verdieping van hetgeen God begon in het paradijs. Nieuwe deugden Gods, zoals de verdragende liefde, de offerende barmhartigheid, de koninklijke moed, worden in Christus openbaar en tekenen zich af in het door Christus verwekte leven. Nieuwe verhoudingen ontstaan, namelijk van de boetvaardige tegenover de Heilige, van de dankbare tegenover de Weldoener. Christus, die het nieuwe leven wekt, is de vorst des Levens, de leidsman des geloofs, de hoop der heerlijkheid. Christus, de levendmakende geest, het hoofd der gemeente, zodat Hij met haar één lichaam vormt. Dat is misschien van alle uitdrukkingen de sterkste. Christus, de verheerlijkte Zoon van God, zo één met Zijn volk, dat zij zonder Hem, maar Hij zonder haar niet bestaat. De verborgen eenheid, die in de Schrift zo sterk op de voorgrond wordt gesteld, dat de gemeente en het hoofd samen de éne Christus zijn. Waar dus Christus uit de doden opstaat, daar ook zijn gemeente. Zij wordt opgewekt tot een nieuw leven.

Versta dit intussen niet verkeerd. Het is niet gezien als een gedurige opwekking, aansporing of bemoediging van een ietwat trage leerling. U moet het zo concreet mogelijk nemen. Het is een opwekken in de, _eigenlijkste zin van het Woord, namelijk in verband met en als vrucht van de opwekking waardoor de dode Jezus levend werd. Paaskracht van Christus vloeit in ons over. De lenteweelde der genade maakt de winterse dood tot eeuwigheidsleven. Deze opwekking tot een nieuw leven is een wonder van scheppende almacht. Doodsbeenderen worden mensen. Stokken worden takken. De belijdenis spreekt van een gans bovennatuurlijke onuitputtelijke werking, in haar kracht niet minder dan de schepping of de opwekking der doden. Zie het bovenal als een stormaanval van het Leven, in Christus verschenen, op de doodsmacht. Alleen met dit verschil: in de wereldlijke strijd van partij tegen partij kost het vaak veel bloed en tranen, terwijl de aanvaller dikwijls verliest. De kracht, die God in Christus teweerstelt tegen de triomf van Satan Op het doodsveld en het kekelhuis van de wereld, is onoverwinnelijk. Die kracht is zelfs machtiger en glorieuser dan de opwekking tot het eerste leven, toen God de mensen verwekte uit het stof der aarden. De opwekking tot het nieuwe leven heeft meerwaarde. Ze werpt lichtvonken en lichtspranken, die het eeuwig overwinningsleven voorspellen, in mensen, die nu nog zijn weggedoken onder de dikke duisternis. Die opwekking geschiedt in mensen, die door boze lusten geregeerd worden, mensen met taaie zelfzucht, gloeiende zinnelijkheid, vinnige haat en laaiende hoogmoed. Als kind zaten we eens in een schuilkelder weggedoken, terwijl over ons het trommelvuur roffelde. Toen werd het langzamerhand stiller, de avond kwam en opeens schoven voetstappen nader tot de ingang van de schuilkelder. Dodelijke spanning, tastbare angst. Toen klonk het zachte fluisteren van een Engels woord en als een golf sloeg het door ons heen: daar zijn de bevrijders. Welnu, zo zacht als een gefluister van een woord, maar zo zeker in zijn uitwerking is de Paaskracht van Christus. Het geschiedt in het donker, maar het beoogt ons te brengen tot de vreugde van het eeuwige licht.

Duur

Vergeet intussen niet dat in de worsteling om dood of leven de vlag niet spoedig gehesen wordt. Zonde, dood is een kracht evenzeer. De geestelijke dode is een woelige, strijdende mens tot het uitterste, steeds in de aanval tot Christus hem te sterk wordt en zijn overwinning plant op de ruïne van de overwonnene. Ontwen u er aan in triomfale termen te denken.

Christusgemeenschap heet die nieuwe levenskracht, waarvan wij spraken, maar die gaat voort op de wijze der schepping. Uw kinderen zijn geen wonderbomen. Ze doen er jaren over eer zij groot zijn. In de herschepping volgt God het patroon van de schepping. Hij slaat geen schakel, geen blad over. Vouw na vouw ontplooit Hij het nieuwe kleed. En zoals in de lente het tere groen openbaar komt in de tuin, dat waarborg en profetie is van de pracht van de zomer, zo schuift het Paasleven stil en zacht door de kieren van het oude leven heen, zodat wij zelfs soms niet weten hoe het kwam en werkte. In verwondering komt over ons de erkentenis van een nieuw levensbesef. Vroeger waren wij gewikkeld in al de dorre zekerheden en staketsels van de wereld van nu. Toen hadden wij overal onze formules en drukknoppen voor. Maar nu is het alles wegevallen. Tot zelfs in onze gewone levensverrichtingen toe behoeven wij Gods hulp en kracht. En zo het ooit ons waar geworden is, dan is het nu waar: zonder Mij kunt gij niets doen. Er komt ook een nieuwe verantwoordelijkheid en taak. Ik meen ook een nieuw uitzicht en waardeoordeel. O, dat nieuwe leven golft in de overdenking voort tot aan de eeuwige dag. 't Is als de schoolkinderen, die grindsteentjes gooiden in de beek en verrukt bleven staren hoe de golfslag al maar meer zich verbreedde om het middelpunt heen, waar het grind in de beek was geplonsd. God leert ons in Christus zien: onze dagelijkse roeping, onze taak, onze kinderen, ons volk, ons vaderland. Het komt met kracht op ons af. Overweldigend hoog. Daarom klagen wij aan de ene kant over dorheid en doodsheid. Maar bidden aan de andere zijde om vernieuwing van ons hart, om meer ijver in het onderzoek van Gods rechten. Wij staan óp tot de strijd en steken de vaandelen op in naam van onze God.

Dit is het nieuwe leven. Het openbaart zich, beide als gave en daad, in iedere bekering, in voortgang van Schriftonderzoek, in kennis, arbeid en bouw van Gods koninkrijk. Het zijn altemaal levenssignalen van de eeuwige dag.

Let wel - signalen, want koning dood heerst alsnog.

't Schijnt soms dat hij alsnog wint. In het Koninkrijk Gods zijn tijden en tijden.

Tijden van opgang, winst, bloei, en vreugde.

Maar ook perioden van stilstand en achteruitgang.

Eertijds bloeiende kerken verdorren en kwijnen weg.

Eertijds bloeiende gemeenten zakken af. Is dan het Woord der genade vergeefs geweest ?

Zo lijkt het wel, maar zo is het niet. God doet zijn Werk in de stilte voortgaan. Maar - het wordt beproefd. Wij zouden ons zo licht op successen gaan beroemen. Vooral in onze tijd komt de vraag bij menigeen op: wat is toch het resultaat geweest, heeft God al dat onderzoek van Zijn Woord, al die voortgang van levenstucht in het staatkundig leven aan de ijdelheid prijsgegeven ?

Waar is de vrucht van de erfenis der geslachten ?

Waar de wijsheid der wijzen ?

Het lijkt waarlijk wel of wij geheel opnieuw beginnen moeten in ons land. Er schijnt stilstand te wezen in het Werk Gods. Doodstriomf.

Zege

En toch - het is maar schijn. Tot het léven der heiliging behoort ook de ervaring, dat Hij alles doet om Zijns Zelfs wil. Soms sluit de Heere alle succes als het ware van ons weg. Want wij moeten leren dat Hem de ere is. Pasen is: Hij wekt op tot een nieuw leven. Bij de overdenking van de gang der geschiedenis van de kerk in ons land hebben wij wel ons voor de vraag zien geplaatst: moeten wij misschien in deze landen de ervaring van een Jeremia opdoen, die in het oordeel over de Joodse kerkstaat geheel op de Heere werd teruggeworpen ?

Er is in het verleden in vele grote mannen wel eens een geur van eigengerechtigheid geweest.

Evenzeer wel eens een doe-het-zelfbouw van het Rijk. Dat wordt ons nu tot de wortel toe afgeleerd. Deze les kan ook nuttig zijn, wanneer ze ons brengt tot de ervaring dat het alles vastligt in God. In de Vader, Die Zijn Zoon ons gegeven heeft en ons met Hem alle dingen schenkt. ln de Zoon, Die als de Middelaar van het Genadeverbond de schuld betaald en de gerechtigheid heeft aangebracht. En in de Heilige Geest, Die het geloof in onze harten werkt, ons van het eeuwige leven verzekert en eeuwig bij ons blijft.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1976

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's

Opstanding en heiliging

Bekijk de hele uitgave van donderdag 15 april 1976

De Waarheidsvriend | 14 Pagina's