Operatie Supermens
3
Positieve eugenese
Nadat eerst de negatieve eugenese is belicht, stelt de schijver nu de positieve eugenese aan de orde.
De titel van het betreffende hoofdstuk 'Schudden en knutselen met genen' geeft al direct aan, waarop de verbeteringen gericht zijn. Als men de mens wil zien als een product van de evolutie, heeft de positieve eugenese als achtergrond de evolueerbaarheid ( ontwikkelbaarheid ) van de mens. Juist met deze gedachtengang is de auteur het niet eens. Want de leer der evolutie is niet bevestigd. Velen hangen de evolutieleer niet aan op wetenschappelijke gronden maar uit een hartgrondige afkeer van het Christendom. Een citaat van een groot geleerde als Dobzhansky mag dit illustreren: 'Wanneer een hypothese eenmaal een volledige bevestiging gevonden heeft, dan kunnen we ze als een veilige leidraad bij ons theoretisch en praktisch werk aanvaarden. Zij die niet overtuigd zijn, dat het nu voorhanden bewijsmateriaal de aanvaarding van het ontstaan van de thans levende organismen door evolutie onvermijdelijk maakt, hebben het recht deze mening vol te houden. De bewijsvoering heeft echter in het geval van de evolutie het stadium bereikt waarop het nutteloos lijkt om te gaan zoeken naar nog meer bewijsmateriaal van de soort waarop men tot dusverre zijn overtuiging gebaseerd heeft.
Zij die er de voorkeur aan geven te geloven dat God iedere soort afzonderlijk in de staat waarin wij ze kennen, geschapen heeft, maar dan op zulk een wijze dat we de indruk moeten krijgen dat ze het resultaat is van een evolutionele ontwikkeling, zijn kennelijk niet te overtuigen. Al wat we kunnen zeggen, is dat hun geloof een verkapte godslastering is, want het schrijft aan God een verbijsterende kronkelende manier van doen toe !
Kunstmatige inseminatie
De positieve eugenese heeft twee methodieken tot haar beschikking. Namelijk de kunstmatige selectie van gunstige erffactoren en het ingrijpen in de erfelijke aanleg.
Van verschillende kanten is sterk aangedrongen op toepassing van deze methoden omdat de mens door zijn intelligentie zijn eigen evolutie kan gaan beïnvloeden en richten.
Deze kunstmatige selectie (germinal choice) kan men nastreven door het afgeven van huwelijks-en babyvergunningen. Want alleen die paren mogen huwen of kinderen verwekken, die aan bepaalde genetische eisen voldoen. Men kan dit nog zorgvuldiger uitvoeren door geschikte vrouwen kunstmatig te insemineren met zaadcellen van geselecteerde manlijke donors. Ook transplantatie van eicellen behoort tot de mogelijkheden.
Nog ingewikkelder is de tweede methode, namelijk het ingrijpen in de erfelijke aanleg (genetic engineering) door toediening van betere genen. Aan deze techniek kleven verschillende genetische bezwaren, die nog niet te overzien zijn. Maar ook de ethische bedenkingen zijn niet gering. De gereserveerdheid ten aanzien van de kunstmatige inseminatie blijkt duidelijk uit de volgende benamingen: 'gynaecologisch overspel', 'kunstmatige prostitutie' en 'ontucht vanuit het diepvrieskorfje'. Maar nog ernstiger is, dat de voortplanting wordt losgemaakt van het huwelijk, zodat Gods scheppingsorde wordt verbroken. Daarom vindt de auteur, dat elke voortplanting buiten het huwelijk om onaanvaardbaar is en daarom de kunstmatige inseminatie moet worden verworpen. Wel laat hij ruimte voor enige uitzonderingen.
Implantatie van eicellen
Eicellen, weggenomen bij geschikte donors, kunnen geïmplanteerd worden bij onvruchtbare vrouwen. Ook buiten het lichaam zijn al kweekproeven verrricht, waarbij men menselijke stadia verkreeg van circa 100 cellen. Maar wat dan, zo vraagt Ouweneel zich af. Wat moet er gebeuren met de minder geschikte embryo's als alleen de betere individuen na selectie worden voortgekweekt. De auteur geeft enkele voorbeelden, waaruit blijkt, dat verschillende transplantatieproeven zijn uitgevoerd bij dieren en hij concludeert, dat deze technieken evengoed bij mensen zijn toe te passen. Heel opzien barend zijn de experimenten van Petrucci met menselijke embryo's, die twee maanden in leven werden gehouden.
Het zal dan ook geen verbazing wekken als van verschillende zijden wordt aangedrongen op een beëindiging van dergelijke experimenten, zoals we al in de inleiding stelden.
Even angstaanjagend is het verschijnsel van de kloonvorming. Door kerntransplantaties is het gelukt kikkers in serie te copiëren. Alle dieren waren ontstaan uit darmcelkernen van één kikkervis.
Ook bij zoogdieren zijn dergelijke experimenten verricht. Zal, zo vraagt de auteur zich af, ook de 'ideale' mens in massa's geproduceerd worden. Gaat het straks alleen nog om kunstmensen met dezelfde erfelijke aanleg die in series gevormd worden door kerntranplantaties, kunstmatige inseminaties en andere technieken, zoals genetic engineering. Dit laatste houdt in, dat men genen in de cellen vervangt door gunstiger genen. Maar al zal men allerlei technieken op verantwoorde wijze gaan gebruiken, vroeg of laat zullen minder gewetensvolle medici en biologen ze toepassen met alle gevolgen vandien. De schrijver is bevreesd, dat een autoritaire regeerkliek op deze wijze haar onderdanen volkomen naar haar hand zal zetten. Ook het aspect van de genregulatie wordt in het boek uitvoerig belicht, maar naar onze mening is deze stof alleen toegankelijk voor de in deze materie meer ingewijden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 22 april 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's