De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Het is tijd om te ontwaken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het is tijd om te ontwaken

Opmerkingen over onze Evangelisatorische roeping

6 minuten leestijd

1

Enkele weken geleden hebben we in de dagbladen en in de kerkelijke pers, waaronder ook de Waarheidsvriend kunnen lezen dat de visitatoren-generaal van onze Hervormde Kerk op de laatstgehouden synodevergadering hun vijfjaarlijkse rapport, waarin het wel en wee van het kerkelijk leven in al zijn facetten beschreven staat, hebben aangeboden en ter bespreking voorgelegd.

Alwie met onze kerk meeleeft kan niet anders dan geïnteresseerd zijn in wat hierin aan ons bekend gemaakt wordt. Het gaat tenslotte om de kerk waarvan wij zelf deel uitmaken, waarvoor wij ook medeverantwoordelijk zijn.

Het rapport

Het lijkt mij nuttig om enkele opmerkingen over dit rapport vooraf te maken. Om u een indruk te geven van de inhoud noem ik u de indeling van dit stuk:

1. Inleiding.

2. Het leven van de gemeente (situatie- tekening).

3. Eenheid en verscheidenheid in de gemeente.

4. De gemeente in de kerkdienst.

5. Toerusting van de gemeente.

6. De financiën van de gemeente.

7. Hoe funktioneert de gemeente in de wereld.

8. De gemeente en de meerdere vergaderingen.

9. De oecumene.

10. De toekomst van de gemeente.

Zoals u ziet is dit een rij belangrijke onderwerpen waarover we graag geïnformeerd willen worden. Toch blijft de gewenste informatie vaak wat vaag. Daar zijn meerdere oorzaken voor aan te wijzen. Ik noem er een paar:

a. Dit rapport is, zoals gebruikelijk en voorgeschreven is, door het college van visitatoren-generaal samengesteld mede aan de hand van de overzichten, die de visitatoren-provinciaal voor hun werkgebied maken. Op grond van deze werkwijze kan het vijfjaarlijkse rapport moeilijk een harmonieuze eenheid vormen. De verschillende visies van de provinciale visita­ toren zijn duidelijk merkbaar. Hoewel begrijpelijk is het toch jammer dat er niet wat meer eenheid in visie uit kon komen, zowel praktisch als principieel.

b. Een vijfjaarlijks rapport kan niet anders dan algemeen zijn, omdat het al te veel ingaan op bijzonderheden een nogal vertekend beeld zou geven van het geheel.

c. De visitatoren zelf constateren dat er bij de visitatie nogal eens wat onder de tafel blijft (pag. 7); dit werkt de versluiering van het geheel uiteraard ook in de hand.

d. Ook het visiteren zelf verloopt niet altijd even vlekkeloos volgens de geldende regels (pag. 8).

Het beeld dat we krijgen is dus nogal algemeen en vaag; het bevat veel signalen, die wijzen op toenemende nood, alhoewel er ook hoopvolle zaken in staan. Al met al lijkt mij de conclusie van Trouw van 10 maart j.l. al te gemakkelijk getrokken en te weinig doordacht. Daarin staat namelijk boven het verslag van de vergadering waarop over dit rapport gesproken werd in dikke letters: 'Geen reden tot somberheid'. Beter is de eerste zin van het verslag zelf: 'De Hervormde Kerk maakte een moeilijke periode door'. Het ligt niet in mijn bedoeling om het hele rapport te gaan bespreken (hoewel dat ook nuttig zou kunnen zijn), maar om vanuit een aantal in het rapport gesignaleerde zaken, wat opmerkingen te maken, die ons tot bezinning op het leven van onze kerk kunnen leiden en tegelijkertijd een stimulans vormen voor ons eigen bezig zijn.

Zending en evangelisatie

In hoofdstuk VII van het rapport wordt itigegaan op zending en apostolaat (evangelisatie/inwendige zending). Enkele, ten aanzien van de zending gemaakte opmerkingen zijn:

— 'Overal zijn classicale zendingskommissies en in de meeste gemeenten ook plaatselijke zendingskommissies. Dit is trouwens kerkordelij k voorgeschreven. Of ze overal goed funktioneren is een tweede'.

— 'In meerdere delen van de kerk leeft deze zaak (van ontwikkelingshulp en 2% aktie) niet'.

— 'Toch hebben we de indruk, dat over het algemeen het werelddiakonaat wat beter in de markt ligt bij de meer orthodoxe gemeenten, dan de ontwikkelingshulp en de 2% aktie'.

— 'De onderlinge samenhangen tussen zending, werelddiakonaat, ontwikkelingshulp of - samenwerking en de 2% aktie zijn trouwens voor vele mensen niet geheel duidelijk. Hier ligt voor de desbetreffende organen van de kerk nog een ruim arbeidsveld op het gebied van de voorlichting'.

— 'Aangaande de zending mag opgemerkt worden dat deze wel leeft in de gemeenten'.

Wanneer we deze gegevens taxeren zouden we kunnen zeggen dat de houding ten aanzien van de zending nogal meevalt, alhoewel er over reële opbrengsten en verhoudingen niets gezegd wordt. Het zou belangrijk zijn om te weten hoe de zaken procentueel liggen, zowel met het oog op het totale budget als met het oog op de grootte van de gemeente.

Heel anders wordt over het apostolaat gesproken (evangelisatie). Opnieuw enkele opmerkingen uit het rapport:

— 'Een provinciaal rapport zegt: op praktisch geen enkele visitatie is die een serieus punt van behandeling geweest'.

— 'De kerkklok luidt toch voor iedereen (andere provincie)'.

— 'Het apostolaat verkrijgt veelal niet die aandacht, die het verdient'.

— 'Het apostolaat komt op de tweede plaats'.

— 'Verlegenheid bij vele kerkeraden'.

— 'Van grote aktiviteit is op dit gebied geen sprake'.

— 'Een provincie wijst op het feit dat het begrip 'inwendige zending wel leeft in G.B .-kringen'.

De visitatoren zeggen zelf in een toevoeging aan de gegevens uit de provincie: 'pastoraat rond ziekte en dood bij nominaal hervormden kan gezien worden als een stuk apostolaat (zin door mij (C. S.) verkort)'.

Is nu zo vraag ik me af, de gemeente alleen maar introvert (naar binnen gericht) of is er meer aan de hand ?

Onze kerk is na de tweede wereldoorlog met veel apostolair élan aan het werk gegaan. Ook in de kerkorde van onze kerk (1951) is dat te zien. Daarin plaatste men het artikel over het apostolaat voor dat over het belijden (resp. artikel VIII en X). Tegen deze opzet is van meet af aan verzet geweest. 'Zal de situatie niet overgewaardeerd worden ten koste van het belijden en de belijdenis', zullen we niet zozeer op de situatie ingaan dat we er in op gaan ? ' en 'zal het eigene van de kerk wel voldoende tot zijn recht kunnen komen ? ' waren vragen die terecht gesteld werden zoals thans uit de toestand, waarin onze kerk verkeert, ook kan blijken.

Ik vraag me af of de kerk alleen maar introvert is of dat er meer aan de hand is. Zou het niet zo zijn dat het op de vraag' van het 'gemeente-zijn zelf' vastzit in vele gevallen ? Ik vraag maar.

Het moet toch boekdelen spreken als de toenemende ontkerstening en de afbraak van het kerkelijke leven de gemeenteleden, die nog over zijn, niet zozeer aanspreken dat ze komen tot een ontwaken.

(wordt vervolgd)

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Het is tijd om te ontwaken

Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 mei 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's