De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Irreguliere werkers

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Irreguliere werkers

9 minuten leestijd

In Gods Koninkrijk bestaat geen groot en klein, geen voorland en achterland, geen top en grondvlak. Daar is wél verscheidenheid van gaven en bedieningen maar het is één Geest. 'Een is uw meester, namelijk Christus en gij zijt allen broeders'. Er zijn thelogen, die in de wijngaard werken, en ze zijn nodig. Er zijn moeders in Israël, die in de wijngaard arbeiden, en ze zijn niet minder nodig. Er zijn wetenschapsmensen en minder geletterden bezig in de arbeid des Heeren. Als maar dezelfde Meester wordt gediend. Dan moet en mag de ene categorie niet tegen de andere worden uitgespeeld. Het gebeurt wel, dat gezegd wordt dat eenvoudige kinderen Gods soms meer inzicht hebben in de dingen van het Koninkrijk Gods dan knappe theologen. Dat zal waar zijn, als het maar niet bedoelt af te dingen op eerlijke theologische arbeid. Het komt ook voor dat de indruk gewekt wordt alsof alleen theologisch inzicht inzicht is in de dingen van Gods Koninkrijk. Laat dan het levende geloof van de gemeente niet vergeten worden. Want het hart van de kerk klopt daar waar de Geest des Heeren wederbarend, vernieuwend werkt in de gemeente. Zonder dat is theologische arbeid tot vruchteloosheid gedoemd.

Buiten de paadjes

Er zijn door de tijden heen tot op vandaag ook altijd weer de wat ik zou willen noemen irreguliere arbeiders in Gods Koninkrijk geweest. De mensen die door alle kaders heenbraken, buiten de platgetreden paden gingen, in geen enkel schema te persen waren, maar die wel Gods Stem hoorden en Zijn weg gingen. Mensen soms die zich om theologie en dogmatiek weinig bekommerden maar hun gang gingen met het Woord in het hart en in de mond en in de hand.

Het verhaal is al in vele vormen en varianten verteld, het verhaal van Glady Aylward. Het trof me toen ik het dezer dagen opnieuw las in het boek van mevrouw M. A. Mijnders van Woerden 'De vrouw niet het Boek'.

Het verhaal van het meisje dat de zonde, de wereld zocht in de theaters en toneelzalen van Londen. Op weg naar zo'n plaats passeerde ze een kerk. Een groepje jongelui dwong haar — uit baldadigheid — naar binnen te gaan. Daar hoort ze het woord: 'Want wij allen moeten geopenbaard worden voor de rechterstoel van Christus, opdat een iegelijk wegdrage hetgeen door het lichaam geschiedt naardat hij gedaan heeft, hetzij goed, hetzij kwaad'. Het bracht de wending in haar leven. Haar leven werd een dienen van de Meester die haar greep. Ze kreeg een zendingsroeping naar China. Ze wendt zich tot de China Inland Mission. Maar na drie maanden proefopleiding rapporteert haar docent dat zij zeer weinig of geen vorderingen in haar studie maakt. 'Haar vroegere schoolopleiding is zeer eenvoudig geweest en haar kennis en ervaring van de christelijke geloofsleer is beperkt'. Maar als God roept wie zal het dan keren ? De commissie van beoordeling zegt: 'het zou niet eerlijk tegenover u zijn, te verzwijgen dat wij uw ontwikkeling en aanleg te gering achten voor het leren van de Chinese taal. Wij kunnen u niet uitzenden naar China'. Maar het meisje brengt iedere week drie Engelse ponden naar het postkantoor tot het geld voor de goedkoopste reis naar China bijeen is. Ze komt er na een zware reis door Siberië met veel ontberingen. En in China wordt de door haar begonnen herberg voor ezeldrijvers in Yang Cheng het centrum voor de Evangelieverkondiging. Wat een inzet voor de dienst van God, wat een bewogenheid voor het lot van de mensen in hun tijdelijk bestaan maar dan ook in het perspectief van de eeuwigheid. 'Tot voor koningen en overheden' werd om zo te zeggen Gods Naam beleden. De mandarijn van Yang Cheng, een vorst die het alléén voor het vertellen had of dacht te hebben, moest telkens weei: door de knieën gaan voor wat hem uit het Woord van God werd voorgehouden juist ook waar het zijn regeringsverantwoordelijkheid tegenover de mensen betrof. Totdat hij tenslotte zelf door de knieën ging. Hij, die zoveel wonderen had gezien daar waar deze eenvoudige vrouw met haar boodschap was (een gevangenisoproer werd n.b. gestild toen Glady kwam) kwam tot de vraag of hij Christus' Naam mocht belijden.

Indrukwekkend is het ook als Glady Aylward met een groep kinderen vlucht voor de Japanse legers. Gekomen bij de Gele Rivier kunnen ze niet meer verder. De laatste boten zijn vertrokken met de vluchtelingen. Eén van de kinderen wijst op de doortocht van Israël door de Rode Zee. Daarvan had miss Aylward toch verteld ? Diezelfde God van wonderen bestond toch nóg ? Dan zingen ze met elkaar uit Psalm 68, vers na vers, totdat ze gehoord worden door een laatste soldaat, die, met zijn bootje in het riet verscholen, spioneert wanneer de vijand komt. Zo komt de redding.

Het verhaal zal verschillende van de lezers niet onbekend zijn. De beschrijving ervan door mevrouw Mijnders van Woerden brengt echter de dingen weer in levende herinnering. Het is volkomen juist wat de begeleidende tekst bij het boek stelt:

'Haar roeping om naar China te gaan, haar leven vol zorgen, beproevingen en gebedsverhoringen, zijn uiterst nauwkeurig onderzocht en in dit boek beschreven. Gods wondere leiding, bijzonder na haar vlucht uit Noord-China; haar reis naar het lama-klooster in Tibet; de vreselijke vervolging van de christenen in China door het atheïstisch communisme; het ontzagwekkende lijden en sterven van 200 jonge Chinese christenen die op één dag werden gedood om hun getuigenis van Jezus Christus als de Verlosser... zal iedere lezer ten diepste ontroeren. Haar verloftijd in Engeland, haar terugkeer naar Hong Kong en Formosa in 1957; en tenslotte haar laatste levensjaren en haar sterven op het eiland Taiwan in 1970, vormen de levensgeschiedenis van een eenvoudige zendelinge in dienst van haar grote MEESTER.'

Het werk van Glady Aylward is wereld­ wijd bekend geworden. We herhalen het dat er geen groten en kleinen in Gods Koninkrijk zijn, maar hier is wel een groot werk geschied. Moeder Glady is in 1970 in Tappei op Tanwan, gestorven in het werk dat haar lief was.

Niet geordende weg

Het is goed ook zulke arbeiders in de wijngaard te gedenken. Ze zijn bezig geweest terzijde van de heirbaan waar de theologische karavaan langs trekt maar waren intussen wél bezig op de grote heirbaan van Gods handelen. De CIM vond de ontwikkeling en de aanleg van miss Aylward te gering. Maar God vond dat ze ontwikkeling en aanleg genoeg had. Ook hier gold dat armen met goederen werden vervuld terwijl misschien rijken leeg werden weggezonden.

Niemand zal willen tegenspreken, dat in de kerk orde en regelmaat een goede zaak is. Van ordeloosheid en relativisme hebben we niet zoveel goeds gezien. Maar de Heere heeft ook de ongeordende soldaten in het leger, maar ze dienen wél onder het vaandel. Glady Aylward was niet de enige. Er zijn er telkens weer geweest die tot bijzondere arbeid werden geroepen langs een op het oog niet-geordende weg, maar toch een gebaande weg. Soms zijn mensen door kerkelijke muren, groepsmuren, dogmatische muren heengebroken (omdat zé moesten) om in het veld waar God hen riep te, dienen. Ook hier mag beseft dat Gods werk wereldwijd is.

Soms werden eenvoudige oefenaren gebruikt om knappe theologen te beschamen. Ik weet hoe gevaarlijk het is om dit te zeggen omdat sommigen van die uitzonderingen regel willen maken. Maar het moet toch gezegd. Gods werk is niet gebonden. De irreguliere werkers mochten er ook zijn. Soms gold het zelfs theologen, irreguliere theologen, die later profeten bleken te zijn geweest. Maar — en dat moet gezegd — de echte hebben nooit de geordende werkers voor de voeten gelopen. Ze werden op bijzondere plaatsen geroepen langs bijzondere wegen terwijl elders het gewone kerkewerk doorgang mocht vinden met de nodige ordeningen fen theologische bezinningen.

Voor de rechterstoel

Glady Aylward werd gegrepen door de verkondiging aangaande de rechterstoel van Christus, waarvoor wij allen (mét alles) moeten worden geopenbaard. Het is opvallend hoe vaak bij Calvijn ook in zijn theologische bezinning, de dagvaarding plaats vindt voor Christus' rechterstoel. Moet zó inderdaad de theologie niet gericht zijn op de toekomst als alle dingen in het gericht zullen worden gebracht ? Moeten zó theologie en verkondiging niet ineengrijpen in hetzelfde doel, namelijk het wijzen naar de toekomst van Christus ? Als dat beseft wordt zal er geen tegenstelling gemaakt worden of althans niet mogen zijn tussen de theologische bezinning en de meest eenvoudige dienst in Gods Koninkrijk.

Dit te stellen doet me de verbinding leggen tussen het boek over Glady Aylward en een klein boekje, dat dezer dagen verscheen onder de titel: 'Waarom een nieuwe opleiding 7' Het bevat een verantwoording uit de kring van de Vrijgemaakt Gereformeerden (buiten verband) over een nieuw te vormen theologisch seminarie. Men streeft na 'reformatie van de opleiding', t.w. in een nieuwe opleiding 'waarin Gods Woord metterdaad in het centrum staat en niet de wetenschappelijke theologie'. Nu mag daartussen dunkt me geen tegenstelling bestaan, zodat wetenschappelijke theologie gewoon bijbelse theologie is. Maar het wordt duidelijk wat bedoeld wordt als gewezen wordt op de 'verwetenschappelijking' van het kerkelijk leven. En het wordt nóg duidelijker als gezegd wordt: 'twee kerkscheuringen, die van 1944 en die van de jaren 60, zijn uit de wetenschapsverering voortgekomen'. En: 'daardoor zijn de opleidingen mede oorzaak van veel geestelijke en intellectuele verwarring onder de studenten, met alle gevolgen voor het kerkelijk leven'. Het is uiteraard de vraag of het nieuw bedoelde seminarie aan deze gevaren ontsnappen zal. Maar het signalement is helaas maar al te juist.

Er is een verwetenschappelijking van de theologie mogelijk die het Woord kapot praat en de kerk stuk maakt in verbijzondering op verbijzondering. En dan zeggen we: de theologie kan en raag alleen maar theologie-met-het-Boek zijn en met g^en ander doel dan de vrouw had met het Boek. Als de theologie niet meer de theologie met het Boek is dan moet men zich er niet over verbazen dat irreguliere werkers de taak met het Boek gaan overnemen.

Voorlopig houden we het er echter toch maar op, dat én de theologische bezinning én het werk van mensen als Glady Aylward, hoewel gekenschetst als een vrouw met weinig inzicht, samen dienst mogen zijn voor dezelfde Meester.


M. A. Mijnders van, Woerden: 'De vrouw met het Boek'. Uitgave Den Hertog's Uitgeverij B.V., Utrecht; 327 pagina's; ƒ 19, 50.

'Waarom een nieuwe opleiding ? ' Uitgave van de Stichting Nederlands Gereformeerd Seminarie, verkrijgbaar bij Buijten en Schipperheijn te Amsterdam; 59 pagina's.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Irreguliere werkers

Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 juni 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's