Operatie Mobilisatie
Het m.s. ’Logos’ komt in Nederland
Het zou me niet verwonderen indien u in de afgelopen weken iets gehoord hebt of gelezen over Operatie Mobilisatie (O.M.) en het motorschip Logos dat van 7 tot 19 oktober a.s. in Nederland komt.
De Evangelische Omroep heeft er namelijk zowel in enkele uitzendingen als in Visie (o.a. 7de jaargang, nr. 31) aandacht aan besteed.
Ook in Koers (7de jaargang, nr. 158) stond hierover een artikel. Ondanks deze voorlichting lijkt het mij niet overbodig ook in de Waarheidsvriend op deze zaak in te gaan, vooral omdat het best mogelijk is dat u op 9 oktober a.s. persoonlijk met Operatie Mobilisatie en het m.s. Logos gekonfronteerd zult worden.
Wat gaat er gebeuren ?
Op genoemde datum zal er in heel wat steden en dorpen een groep(je) mensen op stap gaan om door middel van het aanbieden en verkopen van lektuur te evangeliseren. Operatie Mobilisatie heeft namelijk in het kader van de komst van de Logos, een evangelisatieschip dat de hele wereld rond vaart, een landelijke lektuurevangelisatiedag, de zgn. Logos Deur Dag opgezet.
Mogelijk zullen erdus deelnemers aan deze aktie bij u aanbellen om met u een gesprekje te voeren of iets te verkopen. Misschien wordt u wel gevraagd om zelf mee te doen. Maar wat is O.M. ?
Operatie Mobilisatie
Operatie Mobilisatie is de naam van een evangelisatiebeweging, die zich ten doel stelt om christenen te mobiliseren teneinde 'het Woord van God te verspreiden tot in de uiterste uithoeken van deze arme wereld'. Voornamelijk werken jongeren hieraan mee. En deze jongeren zijn vooral in de vakantietijd bezig in tal van landen bijbels, traktaten en christelijke lektuur te verspreiden en zo mogelijk daarover te spreken. O.M. is ontstaan in de vijftiger jaren in Amerika. Het begon met een gewone vrouw die een Johannes Evangelie aan een student van een nabij haar woning gelegen school aanbood. Deze vrouw had jaren gebeden om inzicht in de vraag wat zij in Gods Koninkrijk zou kunnen en mogen doen. Uit dit eenvoudige begin is een grote organisatie gegroeid. Op genoemde school ontstonden bijbelkringen, gebeds-en gespreksgroepen en daardoor gingen de ogen van velen open voor de geestelijke nood van miljoenen. Vanuit Amerika trokken jongeren naar Mexico om Evangeliën te verspreiden. Er ontstond een christelijke boekhandel in het noorden van Mexico, de enige in wijde omtrek. En zo is men doorgaan. In 1961 ging een groep jongeren naar Spanje, een 'gesloten land voor evangelisatie'. Menigeen zei dat je daar niet evangeliseren kon. Maar het werk werd duidelijk gezegend. Uit telefoonboeken werden duizenden adressen verzameld en aangeschreven. De mensen, die een brief ontvingen konden een gratis Johannes Evangelie aanvragen; ook werd de mogelijkheid tot het volgen van een bijbelcursus geopend. In twee maanden vroegen 20.000 mensen een evangelie of een cursus aan. Het werk breidde zich uit, vooral ook naar de Moslim-wereld in het Nabije Oosten en het Verre Oosten: Turkije, Iran, Libanon, Jordanië, India, Nepal, Sri Lanka, Bangla Desj, e.d.
In het kader van deze uitbreidingen werd het idee van een evangelisatieschip geboren. In gebed is deze zaak voor Gods aangezicht gebracht. En O.M. meende deze weg te moeten gaan. Sinds 1971 vaart in dit verband het m.s. Logos over alle zeeën, maar voornamelijk in het Nabije en Verre Oosten. De naam Logos is ontleend aan het Johannes Evangelie, hoofdstuk 1:1, waar in het Grieks voor het woord Woord, Logos staat. Door middel van dit schip worden op allerlei manieren mensen bereikt en toegerust. Soms is evangeliseren verboden, maar dan bieden zich andere mogelijkheden aan, als: even van hulp, ziekenzorg, geld, informatie. En vandaaruit groeien er dan weer kontakten. Dit schip Logos komt dus in oktober in Rotterdam. Vooral de E.O. zal daaraan veel aandacht besteden.
Uit de informatie, die ik van één van de deelnemers aan deze aktie van O.M. ontving, ontleen ik verder dat in Europa het werk zich in twee richtingen ontwikkelde. Engeland, Nederland, Zwitserland en Scandinavië werden thuislanden. Hier ligt de nadruk op het verschaffen van informatie terwijl in België, Frankrijk, Italië, Spanje en Oostenrijk de nadruk ligt op het evangelisatiewerk’.
In een aantal gevallen is samengewerkt met plaatselijke kerken of evangelisatieposten. Daarmee is dan voornamelijk het buitenland bedoeld. Nu komt er dan een stuk evangelisatiewerk van O.M. door middel van de Logos Deur Dag op 9 oktober a.s. in Nederland. Wat moeten we daar van denken ?
Wat moeten we er van denken ?
Het is duidelijk dat her en der het werk van O.M. is gezegend. Vooral in streken waar het Evangelie van Jezus Christus niet of nauwelijks getolereerd wordt heeft O.M. enige ingang gevonden. Duizenden, die nooit een Evangelie hebben gezien of gelezen zijn door deze organisatie zover gekomen.
Toch blijven er ook een behoorlijk aantal vraagtekens over. Daarover het volgende:
a. Vanuit Heverlee in België, waar ook een bijbelschool is gevestigd, is deze aktie opgezet, weliswaar in nauw kontakt met de E.O., maar zonder (voorzover mij bekend) overleg met de kerken, in elk geval niet met de IZB. Hoewel het de vraag is of de IZB aan deze aktie, indien gevraagd, zonder meer had meegewerkt, blijft het gebrek aan overleg typerend. Er wordtin ons land op diverse plaatsen aan evangelisatie (of inwendige zending) gedaan. In onze kringen is dat het geval, maar ook vanuit andere kerken gebeurt er wel het een en ander. Al staan wij uiteraard ons eigen werk voor, dienen wij toch met elkaar rekening te houden. Door de aanpak van O.M. is het mogelijk dat op 9 oktober bestaand werk ineens wordt doorkruist. Afgezien van het feit dat dat niet aardig is voor betrokkenen, is het mogelijk verwarrend voor belangstellende rand-en buitenkerkelijken. Wat moeten die er van denken ? Bestaand werk vanuit de kerken wordt als het tegenzit geschaad.
b. Het is voor de IZB belangrijk, eigenlijk wel een principieel gegeven, om vanuit de plaatselijke gemeente te werken. Dat O.M. de plaatselijke gemeenten naar het schijnt over het hoofd zag is kenmerkend. Zonder te willen of durven zeggen dat er geen goede dingen door O.M. zijn en worden gedaan, wil ik toch wijzen op dit los-van-de-gemeente optreden. Het ligt voor de hand dat dit voorkomt bij groepen, die aan of over de rand van de kerk heen opereren. Tegelijk past ons daarbij ootmoed; want alles heeft zijn oorzaak. Is het binnen de gemeenten zo goed dat wij een voorbeeld genoemd kunnen worden, ook in het evangeliseren ? Zit er in het werk van O.M. voor ons geen sein ?
c. Er zijn ook theologische verschillen tussen kerk (gemeente) en groepen. Die verschillen kunnen zich uiten in verschillend bijbelgebruik. Soms hebben groepen een nogal selektief bijbelgebruik en dat resulteert dan weer in hun visie op de mogelijkheden van de individuele mens, het wezen van de gemeente (in sommige groepen acht men de gemeente een gemeenschap van alleen maar wedergeborenen; in de kerk zien we dat niet zo), de funktie en de aard van het geloof, e.d.
Het zou onjuist zijn alle groepen waaronder O.M. over één kam te scheren en binnen de groepen het grote verschil tussen de jongeren onderling niet op te merken, maar al bekijken we het genuanceerd, dan blijven er toch een aantal van bovengenoemde zaken overeind.
Als ik dat zo zeg, meen ik tegelijk er op te moeten wijzen dat we binnen de plaatselijke gemeente niet verder komen als we ons dogmatisch zuiver opstellen zonder in de praktijk tot de daad te komen. Als we dat doen gelijken we op mensen, die zeggen het beste brood dat er bestaat te hebben zonder er echter zelf van te eten en uit te delen aan anderen.
d. De nazorg aan belangstellenden is in hun wijze van werken een moeilijk punt. Wat moeten ze doen met hen die belangstelling tonen ? Aan wie moet hun adres doorgegeven worden ? Het E.O. nazorgapparaat heeft zich bereid verklaard hier wat aan te doen, maar dat is volgens ons niet voldoende en ook niet helemaal juist. Waar zouden degenen, die benaderd zijn anders heen verwezen dienen te worden dan naar de plaatselijke gemeente(n) ? Als ik dat zeg, weet ik dat aan mijn uitspraak heel wat bezwaren kleven. Zijn er geen grote delen van ons land waar nauwelijks aan evangelisatie wordt gedaan en waar weinig — naar onze beseffen — Schriftgetrouw kerkewerk wordt verrricht ? Waarheen moet je in die gevallen mensen verwijzen ? Het is goed dat er een E.O. nazorgapparaat is, maar in die gevallen waar het mogelijk is zou de plaatselijke gemeente niet mogen worden overgeslagen. We moeten oppassen geen nieuwe kerkvorm er bij te krijgen.
e. Een laatste punt dat ik noemen wil is de methode van werken zelf. Hoewel er landelijke en regionale instruktiedagen voor de Logos Deur Dag worden gehouden lijkt mij de aanpak toch te weinig doordacht en te optimistisch. Wanneer je volgens het 'werkschema voor de Logos Deur Dag een 20 adressen per uur' kunt afhandelen, vraag ik me af wat het blijvend resultaat zal zijn. Ik ben er van overtuigd dat de lektuur (waaronder bijbels) zelf zijn werk kan en hier en daar ook zal doen. Blijft het echter toch niet waar dat de tekst van de Bijbel behoort te worden uitgelegd en toegelicht, met andere woorden kan het wel zonder een gesprek over je boodschap op basis van vertrouwen ? Wie is de mens, die je ontmoet ? Als we nagaan welk een strijd het vaak is voor een mens zich gewonnen geeft aan het Evangelie, is dan zo'n fragmentarische aanpak wel de meest juiste ? Zonder te willen zeggen dat wij op alle problemen moeten kunnen ingaan is dan toch geen bredere instruktie een dringend vereiste?
Bovengenoemde punten zijn ook ter kennis gebracht van O.M. en enkele betrokkenen bij de E.O. Het lijkt mij juist dat u als geïnteresseerde en betrokkene bij het kerkewerk van dit alles op de hoogte bent.
Konklusie
Mocht u met O.M. en de aktie Logos in aanraking komen, wijs deze dan niet zonder meer af, maar spreek eens over deze dingen met elkaar. Wijs ook eens op het bestaande kerke- en evangelisatiewerk. Misschien is er hier en daar een mogelijkheid alsnog zonder schade voor één der partijen of beide partijen, iets op te zetten. Het zou gelukkig zijn als we onszelf steeds weer willen laten corrigeren, zowel kerk als groep. Juist vanuit het Schriftgetrouw-willen-zijn hebben we elkaar nodig.
Wat is er veel geduld en wijsheid nodig om temidden van al wat er op ons afkomt een juiste weg te gaan. Bidt voortdurend om Gods zegen over Zijn eigen werk en om inzicht met het oog op uw plaats daarin.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's