Gereformeerde Gezindte en katholiciteit
Het nu volgende citaat van dr. A. Kuyper kwamen we tegen in een nummer van de Heraut van de jaargang 1919:
’De Gereformeerde gezindheid in ons vaderland, om deze uitdrukking van Groen over te nemen, boet niet het minst haar kracht en beteekenis in door de verbrokkeling en verdeeldheid, waaronder zij lijdt.
Numeriek sterk is deze Gereformeerde gezindheid in ons vaderland nooit geweest. Zelfs in de bloeiperiode van onze vaderen telde zij aan besliste aanhangers niet meer dan een tiende deetonzer bevolking. Niet aan haar getalsterkte, maar aan haar onderlinge eenheid, aan de beslistheid van haar overtuiging, aan haar niets ontzienden ijver voor haar beginsel, dankte zij haar machtigen invloed op onze volkshistorie.
Juist daarom is het echter zoo diep te betreuren, dat in de 19e eeuw de splijtzwam in deze Gereformeerde gezindheid binnendrong, en zij uiteenviel in verschillende groepen, die maar al te vaak veelmeer in onderlingen broedertwist, dan in een aanval op den gemeenschappelijken vijand kracht zochten. Tot wat namelooze schade dit voor de ontwikkeling van het Calvinisme zelf is geweest, behoeft wel niet gezegd te worden. Niet alleen brak het onzen invloed naar buiten; deed het ons menig uitnemend talent derven, dat voor allen tot een zegen had kunnen zijn; maar het stelde ons ook bloot aan het gevaar van allerlei verslappende invloeden, waardoor aan de zuiverheid van ons beginsel schade werd toegebracht. ..'
We zien bij het citeren van deze uitspraak van Kuyper nu maar af van het feit, dat diens Doleantie zélf een nieuwe tak aan de reeds bestaande gereformeerde denominaties toevoegde en (opnieuw) een uiteenvallen van een gereformeerd deel bewerkte (nl. van die gereformeerden, die nog in de Hervormde Kerk waren). Belangrijker is dat we Kuyper bij moeten vallen in zijn stelling, dat de splijtzwam of de broeder twist de kracht van de Gereformeerde Gezindte brak en dat daardoor schade werd toegebracht aan de zuiverheid van het beginsel.
Eenzijdigheden
Het laatste is onmiskenbaar waar, als we bedenken, dat elk van de gereformeerdheden in ons land z'n eigen toespitsing in dogmatisch opzicht kreeg. Dit bracht onherroepelijk in elk van de groeperingen eigen eenzijdigheden om eigen 'bestaansrecht' te rechtvaardigen en daardoor verlies aan breed gereformeerd gehalte, verlies aan zicht op de totaalinhoud van de confessie met zich mee. Sinds Kuyper is dit proces alléén nog maar verder gegaan, zodat binnen het hele spectrum van gereformeerd hetende kerken en kringen kloven gegroeid zijn, die onoverkomelijk (lijken te) zijn, het beroep op de gereformeerde belijdenis ten spijt.
Zicht op de katholiciteit
Ligt de zwakte van het gereformeerde volk — ik gebruik nu met opzet déze benaming (volk), omdat de gereformeerde religie toch in het volk wil wortelen — niet hierin, dat het artikel van de 'ene heilige algemene christelijke kerk', van de katholieke kerk dus, het stiefkind onder de geloofsartikelen gebleven is? Hebben we de breed gereformeerde allure van Calvijn niet al té zeer verloren ? Hij was bereid de Augsburgse Confessie te ondertekenen, hoewel er écht wel verschillen waren tussen hem en de Lutheranen. We moeten helaas binnen de kringen der gereformeerden (in de Geref. Gezindte dus) constateren dat vaak het zicht op de kerk, en zeker op de katholiciteit van de kerk ontbreekt. We zullen bij het signaleren hiervan niet ver van huis gaan, niét buiten eigen kerk treden. Gevraagd mag worden of het zicht op de kerk en op de katholiciteit van de kerk onder ons als Hervormd Gereformeerden overal en dan voldoende aanwezig is. Dat zou namelijk betekenen: in bepaalde gevallen meer zicht op het ambt en op de instellingen Gods als de sacramenten. Moeten we niet zeggen, dat ook 'onder ons' het individualisme het meer zicht hebben op 'de dominee' dan op het ambt en het vormen van de groep of het groepje een levensgroot gevaar is ? Dan brenge God ons maar telkens weer af van onze eigen individuele of groepsgrondjes. God heeft in Zijn erbarmen een gemeente verkoren ten leven, een gemeente die heenbreekt door al onze (groeps)vooroordelen. Wanneer we in onze tijd zo gemakkelijk de theologische en kerkelijke zonden en ontsporingen bij anderen weten aan te wijzen, dan mag niet over het hoofd worden gezien dat individualisme en het daardoor ook elkaar wel zelfs ambtelijk voor de voeten lopen een zonde is van het gereformeerde deel van de kerk(en).
Kracht gebroken
Onze kracht is gebroken omdat we, zo gereformeerd als we zijn, niet meer katholiek kunnen zijn en we deze naam noodgedwongen hebben verspeeld aan wie wij 'roomsen' noemen. We noemen ons zelf te gemakkelijk gereformeerd, of (zelfs) reformatorisch. Maar we vergeten dat gereformeerd zijn betekent: óók telkens gereformeerd worden. Dat betekent dus altijd maar weer openstaan voor correctie uit het Woord en dus ook het aannemen van wat bij anderen of in andere kerken beter bewaard is gebleven uit 't reformatorisch erfgoed. Of hebben we het zélf (alleen) ? De kracht is gebroken en ons beginsel verslapt.
En intussen dromen we van 'één reformatorische kerk'. Maar daarover droomde Kuyper ook al. Daarover volgende week.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 19 augustus 1976
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's