De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Motivatie en situatie

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Motivatie en situatie

De gezondheidszorg

5 minuten leestijd

2

Vanuit het woord van Jezus, uit Joh. 15, dat we de vorige maal aanhaalden zegt de apostel Johannes later: Hieraan hebben wij de liefde gekend, dat Hij zijn leven voor ons gesteld heeft, en wij zijn schuldig voor de broeders het leven te stellen'. (1 Joh. 3 : 16). En even later zegt hij: Hierin is de liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft liefgehad en Zijn Zoon gezonden heeft tot een verzoening voor onze zonden'. (1 Joh. 4:10).

Als we, als christen, voor het beroep van verpleegkundige kiezen, zouden we dit dan niet in onze motivatie dienen op te nemen, let wel: motivatie wederom ziende als een proces ! Dit moet door verpleegkundigen verdisconteerd worden, willen de christelijke diakonale waarden in de openheid komen, vanuit dit echte beginsel, om te voorkomen dat deze waarden door overigens goedbedoelde 'goedigheid' ontaarden in het chaotische.

Deze waarden — zoals die vanuit het evangelie, vanuit de brieven tot ons komen — dient men, werkzaam in een confessionele inrichting, gezamenlijk waar te maken, werkzaam als men, ook als verpleegkundige, is in teamverband.

Problemen

Maar dan komen de praktische problemen ! Bijvoorbeeld: U zit, als christenverpleegkundige, in een behandelend team rondom een ongeneeslijke zieke; de meerderheid van het team stelt dat het een natuurlijk gebeuren is, dat de mens sterft. Men stelt: het is onvermijdelijk, het komt er op aan de mensen te helpen dit natuurlijke en onvermijdelijke zo moedig, zo waardig, zo menselijk mogelijk onder ogen te zien. En men gaat ervan uit: voorzover een christen, door middel van zijn christendom, daarbij helpen kan, is hij of zij van harte welkom, maar dan wel verstaan: voor zover hij daarbij helpen kan. Namelijk om die mens kalm, vredig, stil en overgegeven (waaraan ? ) te doen sterven.

In zo'n team wordt van u, als christen, niet verwacht, dat u zult zeggen, dat wij allen voor de rechterstoel van Christus openbaar moeten worden (2 Cor. 5 : 10), want dan wordt u een veroorzaker van angst en het was nu juist nét de bedoeling om alle angst weg te nemen !

Het is heus geen geheim, als ik stel, dat ook in confessionele ziekenhuizen deze idee heerst, dat de dood geen geheimenis meer is, maar een resultaat van aftakeling, een uiteenvallen van atomen.

We zullen, als christenen samen, verpleegkundigen, andere werkers, pastores, we zullen toch moeten trachten iets te zeggen in dat soort situaties over de liefde en de heiligheid van God, waarvan de majesteit en de verschrikking van de dood een zwak spiegelbeeld zijn.

U, als verpleegkundigen — ja, wij allen — lopen het gevaar in de ziekenhuizen van vandaag, ingekapseld te worden in een beschouwing en behandeling van de dood, die optreedt met de pretententie de enig wetenschappelijke te zijn, zogenaamd afrekenend met alle nog bestaande, voortlevende taboes.

Wat we, als christenen, te zeggen hebben is: het evangelie van die Christus, die geleden heeft, die gestorven is en ten derde dage wederom opgestaan van de doden. En als we dat vanuit een doorleefde motivatie zeggen, dan slaat dat aan bij patiënten, hun bezoekers, ongeacht hun kerkelijk lidmaatschap, het niet of wel praktiseren, het christen-of niet-christen-zijn.

Liefde

In onze motivatie dient te staan dat woord van 1 Joh. 4 : 'Hierin is de liefde, niet dat wij God liefgehad hebben, maar dat Hij ons heeft lief gehad !' — en dat woord uit 1 Joh. 3 : 'Zo behoren ook wij voor de broeders ons leven in te zetten !’

Liefhebben van de naaste als jezelf !

Daar zit ook in: een je-zelf-voor-lief nemen, een aanvaarden van jezelf als gave en opgave. Daarvoor moeten we blijvend opkomen.

En het is heden nog de moeite waard om met déze liefde funktioneel te opereren: het is de inspiratiebron voor een ziekenhuis !

Het komt mij voor, dat déze inzichten in onze tijd, waarin de opname in ziekenhuizen voor velen eenzamer en onpersoonlijker is geworden, in onze tijd, waarin velen er moeite mee hebben in het ziekenhuis behandeld te worden als een ding, een object, een nummer, dat beklopt, betast, gewogen, geröntgend wordt — deze inzichten hebben in deze tijd een bijzondere kans, omdat vanuit deze geloofsovertuiging iets kan doorwerken van een geheim, dat de bijbel noemt de 'verborgen omgang met de Heere’.

Dat klinkt wat 'stichtelijk' ! Zo is het niet bedoeld ! Zo wordt 't ook niet meer aanvaard !

De christen-jongeren van deze tijd wensen functioneel bezig te zijn, vanuit hun over­tuiging; zij wensen — terecht — niet in de wijde grazige mogelijkheden van stichtelijkheid te vertoeven.

Vorming

Zo bezig te zijn vraagt vorming, voortdurende vorming; u moogt bidden om vorming van bovenaf. Van eminent belang ! God heeft ons echter ook gesteld in een gemeenschap, die tot onderlinge vorming geroepen is ! Ik zou willen pleiten voor 'vormingswerk' — een ietwat belast woord — ik bedoel 'vormingswerk' vanuit het reformatorisch belijden.

Dagelijks confronteren wij vele werkers in de gezondheidszorg tijdens de uitoefening van hun taak met diep ingrijpende levensproblematiek. Ze kunnen daar veel leren ! Niemand zal het ontkennen! Maar zij kunnen er ook tot verloochening komen ! En als u daarbij dan nog wilt bedenken, dat van alle werkenden zich 60% bevindt in de leeftijdsfase van 18-25 jaar. In de ontmoeting met de zieke mens ervaren zij op een leeftijd, waarin ze zelf nog bezig zijn met hun uitgroei — geestelijk en lichamelijk — ervaren zij, sterker dan hun leeftijdsgenoten, zeer ingrijpende facetten van het mens-zijn: lijden, tragische ontwikkelingen en tenslotte de dood, als loon op de zonde.

Daarom mijn pleidooi; we zullen — vanuit het reformatorisch belijden der kerk — dienen te beogen bij onze werkers in de gezondheidszorg een bewustwording van de eigen situatie, de eigen mogelijkheden én grenzen, opdat men 'gemotiveerd' leert kiezen, opdat men ook — op een verantwoorde wijze — stelling leert nemen in de situatie, waarin men verkeert.

Voor ons allen geldt in dat opzicht het woord van de apostel Johannes, voor ons allen, die de broeders en zusters in de ziekenhuizen de helpende hand kunnen bieden:

’Zo behoren ook wij voor de broeders en zusters het leven te stellen !’

Groningen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Motivatie en situatie

Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 oktober 1976

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's