De Herders
’Kom vrienden, ga met mij het Kindeke zoeken. Godzelf zal de Wachter der kudde wel zijn. Het ligt in de kribbe. in doeken gewonden. Dat zou - sprak de engel - het teken toch zijn? ’
Zij spoeden zich voort in het nachtelijk duister. Nóg klinkt in hun oren de engelenzang. Zij jubelden: 'Ere zij God in den hoge. en vrede op aarde, zo donker en bang’.
Zij vinden de stal en zij vinden de kribbe. In stille verwondering knielen zij neer. Nu is dan vervuld de aloude belofte: 'Eens komt de Messias. uw Heiland en Heer’.
In zalige blijdschap die stil maakt en need'rig, gaan zij weer terug door de donkere nacht. Zij vinden de schapen in rust bij elkander. Niet één wordt gemist, want Godzelf hield de wacht.
F. v. d. Schoot-van Dam
uit: Een goed gerucht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1976
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 23 december 1976
De Waarheidsvriend | 16 Pagina's