Boekbespreking
Prof. dr. K. A. Deurloo en prof. dr. C. Graafland, Een Bijbel, twee gedachten, 63 blz. ƒ 7, 50 Ten Have, Baarn 1976.
In dit boekje treft u de complete, onverkorte tekst aan van de T.V.-uitzending van het IKON op 9 april in de serie 'Een laat uur theologie'. In deze uitzending werd de vraag van de hermeneuse en het Schriftgebruik aan de orde gesteld, d.w.z. de vraag: Hoe lees ik de Bijbel? Hoe zie ik de Bijbel en wat voor consequenties heeft dit voor mijn omgang met de Bijbel? Om niet te vervallen in een abstract betoog werd gekozen voor een methode, waarbij de boven genoemde vragen belicht werden vanuit de uitleg van een bepaald bijbelgedeelte. Daarvoor werd gekozen Genesis 19, het verhaal van Lot en Sodom, waarbij zoals te verwachten viel ook de problematiek van de homofilie ter sprake kwam. Nu kan men. zeggen: aan de ene kant is de keus van bij uitstek dit hoofdstuk een zeer gelukkige, omdat men dan aan zeer concreet ethisch vraagstuk kan illustreren hoe verschillend men binnen één kerk de Bijbel leest. De Bijbelbeschouwing blijkt de ethische beslissing te beïnvloeden. Anderzijds is het een zeer hachelijke keuze. Hachelijk nog niet eens vanwege de vraag of het met zoveel woorden in Genesis 19 over de homofilie gaat, iets wat Deurloo ontkent en Graafland staande houdt. Maar vooral hachelijk omdat het vraagstuk van de homofilie zoveel pastorale kanten aan zich heeft en zoveel emoties oproept dat men er in een betrekkelijk korte T.V. uitzending onmogelijk recht aan kan doen.
Toen ik de T.V.-uitzending gezien had drukte ik met een gevoel van onbehagen de knop in. Mijn eerste reactie was: Wat moet dit voor buitenkerkelijken een verwarrende uitzending geweest zijn? Wat heeft dit in feite voor zin?
Nu ik de complete tekst gelezen heb, moet ik zeggen dat de standpunten duidelijk uit de verf komen, blijf daarom des te sterker mijn twijfels houden of T.V. een geschikt medium is voor dergelijke zaken, en blijf me ook afvragen of de keuze van onderwerp toch niet anders had moeten uitvallen, omdat nu pastorale, uitlegkundige en hermeneutische vragen voortdurend door elkaar heenlopen.
Een ding is in elk geval duidelijk: De beslissingen inzake allerlei vragen valt bij de visie op het Schriftgezag. De wegen van Graafland en Deurloo gaan uiteen inzake de visie op openbaring, geschiedenis. Woord Gods en Bijbel.
Illustratief voor Deurloo's visie is zijn opmerking: De Schrift is niet het Woord Gods, maar kan het telkens worden als daarin de levende Stem klinkt midden in, en, in verband met onze situatie. Dat betekent dat we achter de geschreven woorden en de situatie, waarin zij gesproken en geschreven zijn, terug moeten vragen naar het getuigenis van de Heere God. Terwijl Graafland met nadruk stelt dat de openbaring van God in Zijn Woord aan ons gegeven is in het geschreven Woord, de Bijbel en dat we niet achter de Schrift zoals die daar ligt terug moeten vragen naar het voor ons gezaghebbende spreken Gods.
Het zou de moeite waard zijn na te gaan in hoeverre de tegenstelling Deurloo-Graafland te herlefden is tot de negentiende eeuwse discussie tussen de Gereformeerden, de moderne theologen en de ethische richting. In elk geval: de lezer oordele zelf. Afgezien van de hierboven genoemde bezwaren is het toch een illustratief boekje omdat het een tegenstelling laat zien waar we in het huidig kerkelijk en theologisch spreken telkens op stuiten.
Drs. H. J. Zeldenrust, Ervaring en keuze. Een theologische verk: enning op het voetspoor van Dietrich Bonhoeffer, 221 blz. Prijs ƒ 27, 50, Kok, Kampen 1976.
In de eerste twee hoofdstukken geeft de schrijver een inleiding tot de theologische gedachtenwereld van Bonhoeffer en de ontwikkeling van de radikale theologie na Bonhoeffer. De volgende hoofdstukken gaan in op het geloofsverstaan, de Godsvraag, Christologie en kerkzijn.
Het resultaat is een boek waarin de auteur helemaal mee gaat met de moderne vernieuwingstheologie. Het is alles interpretatie en ervaring wat de klok slaat. Het reformatorische 'sola scriptura' verdwijnt in de nevels van het subjectivisme (Schrift als neerslag van geloofservaringen), de Christologie wordt helemaal tot een Christologie van onderen (de mens Jezus in wie Gods heilsinitiatief gestalte krijgt). De kerk wordt tot een politieke en sociale avant-garde voor anderen. De verkondiging vraagt om een nieuwe taal met een duidelijk politiek accent als getuigenis van de menselijke hoop. Christelijk geloof is praxis van de hoop. De schrijver wijst de plaatsvervanging en dus de verzoeningsleer van de Geref. belijdenis radicaal af. Ook de almacht van God wordt ingeruild voor een spreken over de lijdende God. Godsgeloof betekent dat de mens niet zonder hoop werkt aan de wereld. Zeldenrust is studiesecretaris van 'Kerk en vrede'. Zijn pleidooi voor geweldloosheid meent hij te kunnen afleiden uit leven en werken van Jezus.
In deze theologische verkenning raken we het reformatorisch belijden totaal kwijt. De 'inbreng' van het denken van de moderne mens is van dien aard dat de Bijbel als Woord Gods gevangen wordt in eigentijdse interpretatie kaders.
Een teleurstellend boek voor wie wil spreken en handelen in verbondenheid met de Reformatie. Ik zou wel eens willen weten wat Zeldenrust als antwoord zou geven óp de vraag: Wat is Gereformeerd? Dat is voor een predikant in een reformatorische kerk toch geen zinledige vraag.
A. Noordegraaf
Dr. A. v. Roon, De Brief van Paulus aan de Efeziërs (Prediking van het Nieuwe Testament) Callenbach 1976. Prijs ƒ 33, 50.
De schrijver van deze commentaar promoveerde in 1969 op een proefschrift over de echtheid van de Efezebrief. De ons ter bespreking toegezonden commentaar is van dit proefschrift de rijpe uitwerking. De oude commentaar van prof. Berkelbach van de Sprenkel was reeds lang uitverkocht. Van Roon heeft geen bewerking gegeven, maar schreef een nieuw commentaar, dat in vergelijking met Berkelbach's boek iets meer aandacht schenkt aan filologie en woordbetekenissen, en op de hoogte is van de nieuwste publicaties over de Efezebrief. Toch blijft de oude commentaar van Berkelbach in deze serie nog altijd zijn waarde behouden, niet in het minst door de eigen toon die Berkelbach's bijbelverklaringen kenmerkten.
Terug naar het boek van Van Roon. Mij viel op hoe de auteur keer op keer vergelijkingen trekt, overeenkomsten en verschillen laat zien tussen Paulus en de rabbijnse bronnen en de Qumranliteratuur. Begrippen als lichaam en hoofd, vervulling en volheid, tempel en hoeksteen krijgen een brede aandacht. Het standpunt inzake de inleidingsvragen is gezien Van Roon's proefschrift bekend: De brief is van Paulus, en gericht aan de Phrygische steden Hierapolis en Laodicea. Wat dit laatste betreft, verder dan een hypothese komen we hier toch niet.
Ten aanzien van Ef. 1 : 4 (het 'ons' in onderscheid van het 'u' in vs. 13) spreekt schrijver over het Israel van de eindtijd, dat ook niet-joden omvat. Voortreffelijke bladzijden worden geschreven over de dankzegging in de paulinische brieven, en terecht wijst de schrijver op de achtergronden in het dooponderricht en de catechese. Uiteraard blijven er vragen. Dat Ef. 1 : 16, 17 verbindingslijnen met het Avondmaal heeft, acht ik niet dwingend bewezen. Of het 'komen van Christus' in 2 : 17 doelt op het verschijnen na zijn opwekking, is me ook de vraag. Liever denk ik aan het komen in zijn verschillende fasen, voor en na Pasen.
In Efeze 5 : 1 en 2 had ik graag wat meer gehoord over de verbanden met Leviticus. En ronduit jammer is dat de auteur nergens, maar dan ook nérgens de verklaring van Naastepad, Schouwspelers van God, noemt. Men behoeft het met de eenzijdige visie van Naastepad niet eens te zijn.
Zijn verklaring is niettemin te belangwekkend om er stilzwijgend aan voorbij te gaan. Juist in een theologische commentaar die aandacht geeft aan de prediking had een confrontatie met Naastepad boeiende gezichtspunten op kunnen leveren.
Niettemin zijn we voor Van Roon's commentaar bijzonder dankbaar. Een welkome aanvulling van de verklaringen op dit niet gemakkelijke, maar zo rijke bijbelboek.
A. Noordegraaf
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 januari 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 6 januari 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's