De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Rechtvaardiging en heiliging

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Rechtvaardiging en heiliging

Vragen van ds. A. A. Spijkerboer

10 minuten leestijd

ln het blad Kerk en Theologie, 3maandelijks verschijnende periodiek, wordt de Kroniek: o.a. verzorgd door ds. A. A. Spijkerboer. In het laatstverschenen nummer legt hij De Gereformeerde Gezindte 'in de ruime zin waarin Groen van Prinsterer erover sprak' een aantal vragen voor over rechtvaardiging en heiliging. Vragen staat vrij en op eerlijke vragen mag een eerlijk antwoord komen. Daartoe wagen we in het onderstaande een poging.

Weergave

Spijkerboer noemt het leerstuk van de rechtvaardiging en de heiliging het artikel waarmee de kerk staat of valt. Onze rechtvaardiging en onze heiliging mogen we enkel en alleen, maar dan ook helemaal van Jezus Christus verwachten. Spijkerboer heeft daarom - zo zegt hij - veel op met de belijdenisgeschriften van de Reformatie omdat 'de rechtvaardiging door het geloof de spil is waarom ze draaien', wat voor hem niet wegneemt dat hij ook bezwaren heeft, bijvoorbeeld tegen de eerste twee artikelen inzake de leer aangaande God en ook tegen wat over de kinderdoop beleden wordt.

De zaak is nu - aldus ds. Spijkerboer - dat de kerk 'begint te trillen, en tot barstens toe met spanningen vervuld wordt, zodra er beslissingen vallen op de punten, waarop de heiliging in de maatschappij en in de politiek aan de orde is'.

Spijkerboer 'probeert dan te begrijpen wat de heiliging in de maatschappij en in de politiek inhoudt, maar dan zo, dat de heiliging verbonden is met de rechtvaardiging'.

'Concreet noemt hij dan zes punten: terzake van bijvoorbeeld Zuid-Afrika onrecht noemen wat onrecht is, de mensen die daar onrecht - lijden bijstaan en je onthouden van ge schreeuw tegen de gebroeders Vorster; daadwerkelijke verbondenheid tonen met het Joodse volk; dankbaarheid als maatschappelijke deugd betrachten in het kader van 'een met kracht te voeren inkomensbeleid'; zorgvuldig omgaan met democratie zodat tegenstanders niet in hun mens-zijn worden geschonden; daadwerkelijke verbondenheid tonen met de armen in de wereld; en zorg hebben voor de verkeersveiligheid.

Aan de hand van deze punten wil ds. Spijkerboer laten zien, hoe de heiliging, ook in de maatschappij en in de politiek, verbonden is met de rechtvaardiging. En dan laat hij de volgende vragen volgen aan de Gereformeerde Gezindte.

Is de Gereformeerde Gezindte met mij van mening dat,

a. 'het nodig is na te denken over het artikel, waarmee de kerk staat en valt, omdat je anders in de valse kerk raakt voordat je er erg in hebt,

b. dit artikel, waarmee de kerk staat en valt, is dat wij onze rechtvaardiging en onze heiliging enkel en alleen, maar dan ook helemaal, van Jezus Christus mogen verwachten,

c. de proef op de som of we het ook ernstig menen genomen wordt bij de heiliging in de maatschappij en in de politiek,

d. deze heiliging op zijn minst in de richting van de door mij genoemde zes punten te zoeken is, en

e. wij op moeten houden de rechtvaardiging door het geloof alleen te preken als wij deze heiliging niet, of alleen maar in mindere mate, verwachten.'

Oorzaken

Ik moet eerlijk bekennen dat ik het niet zo eenvoudig vind greep te krijgen op deze gedachtengang van ds. Spijkerboer, om de eenvoudige reden dat er zoveel in staat dat ik zou willen beamen. Wanneer de Heidelbergse Catechismus gesproken heeft over de rechtvaardiging door het geloof en direct daarna alle verdienstelijkheid die in de goede werken zou liggen heeft afgesneden, wordt volmondig beleden dat het onmogelijk is, dat wie Christus door een waarachtig geloof is ingelijfd niet zou voortbrengen vruchten der dankbaarheid. In de heiliging van het leven gaat het dan om die werken der dankbaarheid, uitkomend in een leven naar de geboden Gods, naar de wet van God, die leefregel dankbaarheid is.

Dat daarbij zowel de rechtvaardiging als de heiliging in Christus zelf en Zijn verdienste verankerd zijn leert ons het formulier van het Heilig Avondmaal, als op onovertroffen wijze gezegd wordt dat Christus 'de toorn van God (onder welke wij eeuwig hadden moeten verzinken) van het begin zijner menswording tot het eind van Zijn leven op de aarde voor ons gedragen en alle gerechtigheid en gehoorzaamheid der goddelijke wet voor ons vervuld heeft'.

Rechtvaardiging en heiliging liggen beide in Christus, maar zo ook worden we geroepen tot de heiliging des levens. En dan is het gebod Gods zeer wijd. Dan wil ik namelijk gaarne met Spijkerboer - nadat ik opgemerkt heb dat de heiliging omvat het leven naar de geboden Gods - ook het veld van de politiek en de maatschappij betreden. Wat zou een christen - daar nog (mogen) doen als hij, er niet zijn roeping had, in het leven der heiliging? Het zou me evenwel een lief ding waard geweest zijn als ds. Spijkerboer óók gesteld had dat het héle politieke gebeuren onder de klem en de belofte van het Woord en het gebod Gods mag staan. Ik zou het allemaal theocratisch er getoonzet willen zien. Want als de Schrift over het toekomende vrederijk spreekt dan gaat het ook om de heiligheid des Heeren, die op de bellen van de paarden geschreven staat.

Ik beaam evenwel van harte dat we de heiliging ook ernstig hebben te nemen in de maatschappij en de politiek. Prof. dr. W. H. Velema heeft daarover op de laatstgehouden predikantenvergadering van de Gereformeerde Bond behartigenswaardige opmerkingen gemaakt. En dan zeg ik met Spijkerboer mee, dat onrecht onrecht genoemd moet worden (als het maar onrecht is ook naar de maatstaven der Schrift), dat het nodig is solidariteit te tonen met het volk Israël, mee te werken aan een rechtvaardig inkomensbeleid, verbondenheid te tonen (daadwerkelijk) met de armen, zorg te hebben voor de democratie (maar niet tot in het oneindige, want de democratie vraagt naar een theocratische normering), en te zorgen dat in het verkeer door onze schuld geen slachtoffers vallen. Maar ik vraag wèl: gaat het óók in de politiek om al de geboden Gods als het om de heiliging gaat? Gaat het ook om de zondagsheiliging, om het tegengaan van doodslag (op ongeboren leven), om de huwelijkswetgeving, om de vragen van de zedelijkheid? Want deze dingen staan toch niet buiten de heiliging?

En toch

Wellicht zou ds. Spijkerboer nu kunnen zeggen, dat er dan toch nauwelijks problemen (kunnen) zijn. En toch staat er in zijn artikel die zin, dat zodra er beslissingen vallen op de punten, waarop de heiliging in politiek en maatschappij aan de orde is, de kerk 'stagneert, begint te trillen en tot barstens toe met spanningen gevuld wordt'. Vanwaar dan die spanning als we (allen) erkennen dat de heiliging ook raakt aan de beslissingen in politiek en maatschappij? Ik zou kunnen antwoorden; de reden is, dat de één wél over het gebod Gods (voor héél de samenleving) spreekt en de ander (in dit geval ds. Spijkerboer) niet over de wet 'Gods spreekt en de heiliging dus niet verbindt met de wet van God. Ook zou ik als reden kunnen noemen, dat de orthodoxie gaat steigeren zodra in naam van de heiliging in feite een vereenzelviging plaats vindt van het evangelie met maatschappijkritiek (wat Spijkerboer niet doet overigens) of de kerk op de stoel van de politicus gaat zitten. Maar omdat Spijkerboer dat niet bedoelt gooi ik het over een andere boeg.

Wordt de rechtvaardiging gepreekt?

Wat het zwaarst is moet het zwaarst wegen. En het zwaarst weegt de (eeuwige) bestemming van de mens. De mens gaat naar zijn eeuwig huis en de rouwklagers zullen omgaan. En dan geldt de vraag hoe we rechtvaardig zijn voor God. De Heidelberger zegt daarop, dat, al heb ik tegen alle geboden van God gezondigd, mij de volkomen genoegdoening, gerechtigheid en heiligheid van Christus wordt geschonken en toegerekend, alsof ik nooit zonde gekend of gedaan had en alsof ik zelf al de gehoorzaamheid volbracht had die Christus voor mij volbracht heeft, 'in zoverre ik zulk weldaad met een gelovig hart aanneem'. Staat deze belijdenis van en de beleving van de rechtvaardiging van de goddeloze door het geloof zó centraal in de prediking dat de heiliging, met consequenties door Spijkerboer genoemd, niet anders is dan het voortbrengen van vruchten der dankbaarheid? De rechtvaardiging wordt vaak óf niet meer gepreekt, of ze wordt zelf getrokken in maatschappijkritische kaders (in Nairobi zei de theoloog Brown, dat rechtvaardiging nu is Gods 'ja' totalle mensen, met name de armen) of de rechtvaardiging is de grote vooronderstelling, een stand van zaken zonder doorleving vanuit de wedergeboorte door de Heilige Geest. Predikt de kerk de genade voor goddelozen, voor onwaardigen, dan kan de heiliging nooit een wettisch juk worden, maar behoort de heiliging tot de vreugde der wet. Doortrekt de genade echter niet het kerkelijk leven in al haar nerven en bloedbanen dan wordt wat heiliging heet te zijn een juk dat getorst wordt. Ik denk, dat de trilling der kerk en de spanning binnen de kerk alles te maken hebben met het feit, dat de heiliging (in de prediking) op gespannen voet staat met (de prediking van) de rechtvaardiging. Goddelozen worden vaak niet in hun van God vervreemde bestaan aangesproken en uitgedreven tot de Ene rechtvaardige, maar worden opgejaagd met zaken waar ze zelf geen greep op kunnen krijgen omdat ze zich ver van hun huis en haard afspelen en ze in de collectiviteit van het mensenleven er geen invloed op kunnen uitoefenen.

Nood

Waar ligt ten dippste de nood in de wereld, ook in ons land? Ligt die niet in de nood van de enkeling, die het verschil niet meer weet tussen rechter en linkerhand? Velen zijn heengegaan uit de kerken, de wereld in. Ten dele is dat vanwege de ergernis aan het evangelie des Kruises. Het gebeurde al in Christus' dagen, zodat hij aan Zijn discipelen vragen ging: wilt gijlieden ook niet weggaan? Maar ten dele is het ook omdat de kerk in bepaalde gebieden weinig of niets meer te bieden had, waardoor de mensen in hun nood en schuld werden aangesproken. De nood van het heengaan is niet zelden de nood van de prediking geweest.

Af en toe kan men op bijzondere wijze ervaren hoe er onder de oppervlakte in ons volksleven een hunkering is, naar een boodschap van bevrijding, die ik zou willen vertalen als een hunkering naar de werkelijke ervaring van God die goddelozen rechtvaardigt. De Rooms Katholieke schrijvers Godfried Bomans en Michel van der Plas schreven een boekje In de kou, waarin ze verwoordden de ontreddering die bij (ouderwetse) katholieken intrad toen deze kerk de netten ging hangen in vrijzinnige wateren. Maar evenzeer geldt dit in protestantse kring, waar de boodschap van de schuldvergeving werd vervangen door vertogen over politieke verantwoordelijkheid. We zijn b.v. bezig (vooral) met Zuid-Afrika maar in de Bijlmermeer leven mensen zonder God en zonder hoop in de wereld. We theologiseren over bevrijding in politiek en maatschappij maar dé bevrijding - mijnentwege vertaald in zo bij de tijds mogelijke taal - wordt gemist. In de angsten en noden, de leegten en vragen waarmee de mensen vandaag zitten helpen we hen niet met politieke verhandelingen, terwijl ze zelf nauwelijks politieke beslissingen hebben te nemen, maar met het antwoord op de vraag: hoe bent u rechtvaardig voor God en dan ook hoe zullen we heihg voor God leven?

Op de laatste vraag van ds. Spijkerboer, of we niet moeten ophouden de rechtvaardiging door het geloof te preken als we de (politieke) heiliging niet verwachten, zou ik dan ook willen antwoorden, dat de kerk de rechtvaardiging nooit en dan ook de heiliging nooit in de prediking naar achter mag dringen. Maar de heiliging komt wèl uit de rechtvaardiging op.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Rechtvaardiging en heiliging

Bekijk de hele uitgave van donderdag 27 januari 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's