Prediking en geloofservaring
(2)
In het licht van wat we vorige ikeer behandelden zullen dus vele belevenissen, die men als bevinding aanduidt, eenvoudig als werkingen van de algemene psyche van de mens moeten worden aangeduid. Soms zijn er oppervlakkige indrukken van godsdienstige aard die verwantschap vertonen met de echte bevinding. Geen wonder dan ook, dat de vraag van belang is: wat is bevinding eigenlijk? Wij slaan daartoe maar eenvoudig de Bijbel op. Dan doet zich het merkwaardige geval voor, dat het woord bevinding in de Heilige Schrift maar één keer voorkomt en wel in Romeinen 5 : 4: de lijdzaamheid werkt bevinding en de bevinding hoop. Het woord, daar in de Statenvertaling voor bevinding gebruikt, betekent: het beproefd bevonden hebben. De lijdzaamheid bewerkt, dat wij beproefd bevonden hebben.
Het komt er op neer, dat Paulus bedoelt: Wij hébben in de lijdzaamheid, in het verdragen van het leed en het hopen op de Heere, God betrouwbaar, beproefd bevonden. Wij konden op Hem aan. En dientengevolge bevonden wij ook ons eigen geloof beproefd; het bleek bestand tegen het vuur der beproeving. God was ons een rots en wij klemden ons op hope tegen hope aan Hem vast en wij werden doorgeholpen. In dat woord 'bevinding' horen wij dan de toon van: de proef op de som nemen. Wij ontdekken, dat het waar is, wat wij hopen. Het waar en zeker bevinden. Dat is nu al één element van de bevinding. Maar 't is maar een proefveld, een deel van 't veld der bevinding. Daarom: het woord bevinding komt maar weinig voor in de Heilige Schrift, maar de zaak daarentegen zoveel te meer.
Andere woorden
Wij willen de bevinding u dan ook uit de Heilige Schrift nog nader aandringen. De Bijbel gebruikt voor bevinding ook andere woorden: 'wandelen', 'kennen', 'geloven' en zo vele meer. Het woord, ervaren en ervaring komt in de Schrift in het geheel niet voor. De Schrift noemt de zaak, die wij bedoelen anders en beschrijft haar anders. Wij willen het u aan de hand van het woord 'kennen' eens duidelijk maken. 'Kennen' is in Gods Woord niet een verstandelijk beschouwelijk kennen, zoals ik bijvoorbeeld een bepaalde rekensom tot een oplossing weet te brengen. Neen, het is een praktisch kennen. Bij ons is kennen vrijwel een synoniem van 'weten' geworden. Ik ken de weg, ik weet de weg, die u het beste rijden kunt. In deze zin is geen verschil in kennen of weten te bespeuren. Wij hebben in ons hoofd een plattegrond. Wij gaan op een afstand staan en beschouwen allerlei dingen van hetgeen wij willen kennen. Hier draagt het woord in kwestie 'n vrij bespiegelend, dor karakter. Het leeft alleen intellectueel. Maar wandel nu eens de Schrift binnen. Daar begint door dit 'kennen' alles te leven en te tintelen.
'Kennen' is daar: de betekenis en de eis van het gekende doeltreffend maken. Kennen is daar omgang hebben met iemand. De Wet kennen is bij ons platvloers genomen: de wet van de tien geboden uit het hoofd kunnen opzeggen. Maar in de Heilige Schrift: erkennen, onderwerpen aan de eisen van de wet. Met de wet leven, geschoold wezen in de gangen van de wet. Alle bespiegeling is daar weg. Het warme bloed slaat er door heen. Kennen is daar erkennen. Niet kennen wordt daar: verwerpen. Kennen is bijbels bezien: gehoorzamen. Zo kunt u dus verstaan wat een heerlijke tekst het is, als wij lezen in psalm 46 : 2: hij is krachtiglijk bevonden een Hulp in benauwdheden.
Wat belijdt de dichter daar? Dat hij God zo kent, dat hij namelijk ervaring van die God heeft; hij vertrouwt als zodanig op Hem: want hij is door Hem beveiligd en geholpen. Dat zal hij nooit vergeten. Hier hebt u dan ervaringskennis van volkomen verlossing.
U begrijpt dan onmiddellijk, dat dit bijbels woord 'kennen' wetenschap en kunde aangaande de Waarheid niet geringschat. Integendeel, de Bijbel acht kennis en kunde hoog. Ook in geloofskennis moeten wij uitmunten.
Denk maar eens aan het Schriftonderzoek. Maar de Schrift weet ook, dat het om warme praktijk gaat en niet om het koude, ontledende verstand alleen. De gloed van de Geest slaat door het hart heen in kracht en liefde. Er is aan de éne kant het brede terrein van het intellect, het telraam, waar wij ontleden, classificeren, relativeren en duiden - daarnaast is er de klokkeklank van het hart. God schrijft door de Geest de waarheid van het verstand in het hart. Tussen die twee is evenwicht. Bijbels evenwicht in heldere harmonie. In Gods Woord worden alle dingen zo eenvoudig en wie er door wordt onderwezen, wordt zelf ook eenvoudig en stil. Hij spreekt het Woord na, met diepe, diepe warmte.
Gevaren
Toch kunnen wij er niet buiten u op enkele gevaren te wijzen. Wie enkel spreekt over bevinding loopt gevaar die los te maken van de voorwerpelijke geloofswaarheid. Hij gaat zich in allerlei oncontroleerbare ervaringen vermeien. Mogelijk kan dit uitlopen op dweperij. Dezulken eisen een christenprediking ten top gedreven. Voor hen heeft de term: 'Er viel met kracht in mijn ziel' veel meer waarde dan het wapen: Er staat geschreven!
Daarbij doet zich de dwaling voor van de overmacht der zelfbespiegeling. Dat wordt de eentonigheid. Het oerwoud derzelfinbeelding heeft hier mateloze kansen en niet zelden.... succes. Overgeestelijkheid en loslating van de maatstaf, van het geschreven Woord Gods treden op het toneel, 't Is niet te ontkennen, dat soms een waas aan termen en ideeën dienaangaande doorgaat voor echte bevinding.
Maar voor wie dieper ziet, is het onmiddellijk duidelijk dat geestelijke bazigheid en zelfherhaling door de kieren van het kleed zichtbaar zijn, waarmee dergelijke personen zich bedekken. Niettemin moeten wij ook dringend op een tweede gevaar wijzen: Wij leggen enkel nadruk op het uiterlijke woord. Wij verwarren intellectueel inzicht en begrip met geloofskennis.
Wij ondervinden bij het horen van de prediking: alles is waar, alles is waar - maar het tintelt niet. De ziel wordt niet geraakt. De gemeente wordt niet geweid en onderricht. Ze moet aldoor maar wat doen, doen, doen!.... De eenvoudigen ervaren dit als een leegte. Onder ons is het gevaar van verbondsoverschatting niet denkbeeldig. Met een overigens correcte prediking van het verbond wordt toch de klemtoon te eenzijdig gelegd op de geloofsbeslissing van de gemeente. Maar juist dan begint het manco. Wantuls dit niet nader wordt begeleid, ontaard men ook in wettische prediking.
Het zij duidelijk, wij bedoelen geenszins het verbond te ontkrachten, maar wij moeten ons er wel voor hoeden in een automatisme te vervallen, dat even ellendige gevolgen voor zich hebben zal als weleer de leer van de veronderstelde wedergeboorte in de Gereformeerde Kerken. Het verbond moet leven in alle verbanden van geloof, hoop en liefde; kennen, wandelen en vele acties meer. Anders zal het ons vergaan, dat wij wel de stenen van het huis hebben, maar het huis zelf niet.
Zo vertelt ons in dit verband een geestig Duits schrijver van een simpele ziel in Milaan, die zijn huis wilde verkopen. Opdat hij het te spoediger kwijt zou raken, brak hij een grote steen uit de muur, droeg hem naar de grote markt waar veel verkeer en handel was en zette zich daar neer onder de verkopers.
Toen er nu een koper kwam en hem vroeg: wat hebt u te koop, zo antwoordde de onnozele: mijn huis met twee verdiepingen in de Kapucijnerstraat. Hebt u er zin in - hier is een monster!
Helaas, helaas - zo kan door de prediking daveren: verbond, verbond - maar het is een steen uit de muur gebroken. Een steen komt tot glorie in de muur, het verbond leeft in de diepe verbanden van geloof en bekering.
Met andere woorden: dat moet door de prediking heenschrijden en uitwaaieren naar alle kanten. De dichter van psalm 25 bewaart het heilzaam evenwicht wanneer hij zingt: Heer', ai, maak mij Uwe wegen, door Uw Woord en Geest bekend.... Wat bedoelen wij niet die twee gevaren te signaleren? Wij hebben slechts op het oog een warme prediking te bevorderen. Een prediking, die niet aan de ene kant zijn innerlijke armoede verraadt door 'n uiterst povere uitleg te maskeren met een cliché-bevinding, week aan week hetzelfde. Maar aan de andere kant evenmin een prediking, die correct op het punt van de verklaring, niet uitmondt in de zielenood van de gemeente.
Toen bij de invasie de geallieerden van Engeland uit de kust van Frankrijk naderden legden ze een enorm rookgordijn voor de ogen van de Duitsers, opdat die de oorlogsverrichtingen van de vijand niet zou bemerken. Welnu, mysticistische preken, versierd met bevinding van een standaardmodel en rationalistische preken, met geruststellende verzekeringen van het verbond versierd, ze brengen geen van beide de gemeente in de tegenwoordigheid van de hoge God, Die beven doet voor Zijn heiligheid en troost in Zijn oneindige barmhartigheid in Christus.
Maar preken, die beide aangeduide klippen vermijden, juist die klinken als klokken met een ziel door de gemeente heen en hebben soms tientallen jaren later nog hun uitwerking in harten van mensen.
Dat zijn priesterlijke preken vol met onderwijs in de Goddelijke heilsbeschikking, heilsverwerving en heilsbediening. Ze geven geestelijke leiding en dragen daarom een persoonlijk warm karakter.
Het mag ons wel eens de vraag aan de hand doen: hoe komt het toch, dat veler prediking vaak zo spoedig totaal vergeten is? Ons is het althans wel eens als een angst om het hart geslagen dat uit de geschiedenis soms blijkt
Vervolg pag. 57
dat de prediking van voorgangers, die jarenlang hun werk deden, geen enkel spoor nalaat.
Waar mag dat toch in schuilen? Wij zijn nog lang niet gereed met het antwoord op deze vraag. Maar wij neigen er toe om te zeggen, dat het veelal komt omdat zij niet ingingen op de persoonlijke nood van de mens voor God. Het bleek ons bij toeneming daarentegen, dat een prediking die de spits op de persoonlijke omgang met God niet verwaarloosde, diep introk. In zoverre is het waar: hoe meer de prediking in deze zin is uitgewerkt. hoe dieper werkt ze in op 't leven der gemeente. Wonderlijk is het daarbij te ervaren, dat stille figuren van predikers in dit opzicht het langst worden herdacht. Ook hier geldt dat diepzinnige woord van Salomo: De woorden der wijzen moeten in stilheid worden aangehoord, meer dan het geroep desgenen, die over de zotten heerst. De diepte bepaald ook hier weer de duur.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 3 februari 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's