De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Naar het land van de Nijl

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Naar het land van de Nijl

8 minuten leestijd

(1)

Het was buiten kil, toen wij 's morgens om ongeveer vier uur in Cairo landden met een vliegtuig van de Egyptian Airways, uren te laat: om twaalf uur hadden we moeten aankomen, maar het was al twee uur in de morgen, toen we van Athene opstegen met bestemming Egypte. Een overgang was het wel, allereerst het verschil met de Hollandse winterkoude - het was begin februari - en de zuidduitse sneeuw, die in München lag, het startpunt van de reis met het kleine Duitse reisgezelschap, waarmede wij de reis maakten.

Onbekend Egypte

Het land van de Nijl is voor ons ver weg. In afstand? Dat is de zaak niet. Het aantal vlieguren maakt niet zoveel verschil met een vlucht naar Israël. Maar met Egypte is veel minder contact. Brieven en ansichtkaarten hadden meer dan veertien dagen nodig om de afstand van Egypte naar Nederland te overbruggen. Vergelijk daarmee post naar Kenya, dat veel verder ligt - en een brief uit Kenya is in het algemeen na een dag of vijf in het bezit van de geadresseerde.

Egypte is voor ons ver en vreemd. Veel meer dan - over het geheel beschouwd - Israël dat ons vertrouwder overkomten dat voor de toerist in vele opzichten gemakkelijker toegankelijk is; al is er menigmaal een merkwaardige overeenkomst; in sommige buurten van Cairo heb je meer dan eens het gevoel ergens in oud-Jeruzalem te wandelen. En dat is geen wonder, want in beide heerst de sfeer van het midden-Oosten.

Egypte in de Bijbel

Voor de Bijbellezer is het land van de faraonen toch niet onbekend, al wordt in de Schrift geen enkele farao bij naam genoemd. Naar Egypte trok Abraham in dagen van hongersnood, zoals vele malen zwervende stammen hun toevlucht zochten, daar waar brood was en er was een tijd, dat de farao tot gebreklijdende Egyptenaren zeide: gaat naar Jozef. En dan ontvingen zij brood. Egypte was ook het land waar harde slavenarbeid het volk in de grootste nood bracht, waar zij met radicale ondergang werden bedreigd. En in het gebied van Zoan (Tanis in de Nijldelta) deed de Heere Zijn tekenen en Zijn wonderen. Wat heeft Israël in latere eeuwen menigmaal opgezien tegen het machtige Egypte en velerlei hulp verwacht van dat land, ondanks de herhaalde waarschuwing van de profeten, dat de Egyptenaren mensen waren en geen God, en hun paarden vlees en geen geest, dat de hulp van Egypte ijdel was, nietig en nietswaardig. Wat hebt gij te doen met de weg van Egypte? Juda wil maar niet inzien, dat het nutteloos is om van Egypte heil te verwachten. (Jer. 2 : 18 om water van de Nijl te drinken). Men vertrouwt op Egypte, maar het is gebroken rietstaf, op de paarden en de wagens, die geen hulp kunnen bieden. De goden van niets, die in Egypte worden geëerd zullen worden weggedaan, de nietige afgoden van Nof zal de Heere doen ophouden en de hovaardij van Egypte zal Hij verwoesten (Jes. 30 : 7, 31 : 3, Ez. 30 : 13, 32 : 12). Zo onbekend is Egypte dus voor ons niet. Ik herinner aan de tijd van de derde eeuw vóór Christus. Toen was er een grote Joodse gemeenschap in Alexandrië; zij leefden aldaar in de verstrooiing; daar is de Septuaginta tot stand gekomen: et Oude Testament werd uit het Hebreeuws in het Grieks vertaald in de tijd van Ptolemeus Philadelphus (ongv. 250 v. C.), een vertaling, die van enorme betekenis is geweest voor de nieuwtestamentische gemeenten. Dikwijls haalt Paulus het Oude Testament aan met de woorden van de Griekse tekst, zoals wij allen wel weten door de verschillen tussen de oudtestamentische tekst en de nieuwtestamentische aanhaling. Zo kunnen wij nog wel even doorgaan. Het was Egypte waarheen Jozef en Maria met het kindeke Jezus vluchtten en daar was het, dat het heilige gezin een veilig dak boven het hoofd vond.

Egypte en de geschiedenis der kerk

Ook Egypte kent zijn martelaren voor de zaak des Heeren. In Alexandrië was het, dat Athanasius een tijdlang patriarch was. Zijn naam blijft voor altijd verbonden met de belijdenis, die in ons kerkboek is opgenomen, waarvan de beginwoorden en het slot luiden: al wie zalig wil worden heeft nodig dat hij het algemeen geloof vasthoudt. Wie dit niet geheel en ongeschonden bewaart, zal zonder twijfel voor eeuwig verloren gaan.

Een onbekende wereld gaat open

Is er in Egypte wel zoveel te zien? vroeg men ons meer dan eens, toen wij van ons plan vertelden. Het is wel duidelijk, dat een antwoord hierop niet zo moeilijk te geven is, waarbij ik niet eens denk aan de beloften in het Oude Testament over Egypte opgenomen (Jes. 19 : 2I vv) en aan de dagen van het pinksterfeest. Hier worden Egypte en het gebied van Lybië uitdrukkelijk genoemd (Hand. 2 : 10). In Egypte reizende en trekkende krijgt men zoveel indrukken te verwerken, dat men ogen en oren te kort komt. U vraagt of de tocht dan niet al te vermoeiend is, daarover geen zorg, men kan in de zon zitten, zoals wij deden bij de piramiden in de eerste dagen van februari ondereen wolkenloze blauwe lucht: dat geldt nog sterker van het zuiden, Luxor en Asuan, bij een temperatuur van 18C in de schaduw en stoelen genoeg om rustigite zitten; en gelegenheid genoeg om een verrukkelijke tocht op de Nijl te maken met een kleine zeilboot, een feluka, rustig en zonder lawaai, maar wel primitief; met zijn drieën maakten wij is Assuan een afspraak met een Nubiër, die ons voor weinig geld liet genieten van een vaart op de Nijl en met bijzondere trots voerde hij ons over de eerste cataract (stroomversnelling) van de rivier. Niet iedere kapitein kan dat, verklaarde hij.

De ruïnes van Memphis

Vele eeuwen lang is Memphis de hoofdstad geweest van Egypte sinds Menes, die Bovenen Neder-Egypte onder één kroon verenigde, deze stad een vesting maakte en tot residentie koos (ongv. 3100 v. C.). De bloei van deze stad was de periode van het Oude Rijk, de tijd van de farao's der piramiden, tot ongeveer 2200 V. C. Ook in latere tijd toen Thebe in het zuiden de hoofdstad werd bleef Memphis van grote betekenis. Ook na de Amarnatijd (na ongeveer 1360 v. C.) is Memphis hoofdstad geweest. Later had het leger hier zijn steunpunten; in Memphis waren de wapendepots en wie Egypte wilde veroveren trok in de eerste, plaats daarheen, zoals Esarhaddon (zoon en opvolger van Sanherib) van de Assyriërs Memphis innam. En tegen Kambyses de perzische koning was men een 150 jaar later evenmin opgewassen. Ook in de Schrift wordt Memphis genoemd als in dagen van grote internationale verwikkelingen en dreigingen menigeen in Israël het plan maakt en dat uitvoert om naar Egypte te vluchten, omdat men zich daar veilig gevoelt tegen de oordelen Gods over de afgodendienst in Israël en over de ontrouw tegen de God van het verbond; zij zijn bij voorbaat door de profeet Hosea gewaarschuwd, dat Egypte hun tot een graf zal worden, die van dat land redding en verlossing verwacht. Moph of Noph (Hos. 9:6) is Memphis. Als Jeruzalem in de handen van de Babyloniërs gevallen is en de stadhouder Gedalja is omgebracht, dan vluchten velen uit vreze voor de wraak van de bezetters het land, maar de profeet waarschuwt dat het niet mee zal vallen in Tachpanhes noch in Noph: en zal u de schedel afweiden d.w.z.: zij zullen u kaalplunderen (Jer. 2 : 16; 44 : 1).

Van het roemruchte Memphis is weinig overgebleven. In letterlijke zin is het woord van de profeet in vervulling gegaan: Noph zal ter verwoesting worden en zal verbrand worden, dat er niemand in woont. (Jer. 46 : 19). De spaarzame resten van de oude stad spreken van vergane glorie; het ruïnenveld ligt op ongeveer 25 km ten zuiden van Cairo op de westelijke Nijloever. Vooral twee dingen trekken de aandacht: allereerst het kolossale beeld van Ramses II oorspronkelijk 13 meter hoog; omdat enige delen van de kroon en van de voeten ontbreken nog 10 meter. Het beeld is ondergebracht in een bouwsel met veel glas; vanuit een verhoogde omloop ziet de bezoeker op de zijn rug gevallen kolos neer. De tweede, hierbij behorende kolos staat in Cairo op het plein bij het centraal station. Op het beeld op meer dan één plaats de naam van de farao in een cartouche (een ellips of een lus aan het einde samengeknoopt, waarin de naam staat). Half onder de palmbomen (de verwoesting is dus niet het einde van Jeremia) aan de rand van de woestijn ligt nog een granieten beeld van dezelfde farao, van wie wij nog vele bouwwerken en beelden zullen zien. Hier ligt ook een sfinx van respectabele afmetingen, die ondanks dat hij eeuwenlang in een zeer vochtige bodem van de Nijl lag, maar weinig beschadigd is; de albasten figuur heeft nog de ondoorgrondelijke glimlach op het gelaat. Hoe kan dat toch vroeg iemand aan de Egyptische gids? Och, zei deze, deze glimlach vindt men bij iedere Egyptenaar.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 1977

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's

Naar het land van de Nijl

Bekijk de hele uitgave van donderdag 17 februari 1977

De Waarheidsvriend | 16 Pagina's