Het juiste evenwicht
Mensen reageren op elkaar, op situaties, op gebeurtenissen. Dat is een normale zaak, gegeven met het leven. Er is ook een andere betekenis van reactie, namelijk 'de op een aktie volgende werking in tegengestelde richting, een tegenbeweging'. Van dat verschijnsel is met name de geschiedenis doortrokken, niet het minst ook de kerkgeschiedenis. Op bewegingen volgen tegenbewegingen. Uit actie en reactie wordt de geschiedenis der mensheid geboren, las ik. Maatschappelijk gezien wordt in de reactiebeweging alles wat in jaren is opgebouwd en veroverd weer teruggebogen of ingetrokken.
In de kerk
Ook de kerkgeschiedenis kent het reactieverschijnsel. Altijd weer blijkt het moeilijk te zijn om in alle zaken het juiste evenwicht te bewaren, zodat we als het ware met een slingerbeweging te maken hebben, met nu weer eens (te) sterke aandacht voor het ene en dan weer voor het andere.
Kerk en maatschappij
Het is niet moeilijk hiervan voorbeeldente noemen. In de theologische bezinning mag en moet het, naar het Woord, gaan om kerk èn maatschappij. Is er echter in de ene periode te weinig aandacht voor het maatschappelijke dan is de reactie een overtrokken aandacht voor het maatschappelijke. En zijn we zover, dat de theologie in het maatschappelijke opgaat - onze tijd kent daarvan immers de verschijnselen in de zogeheten maatschappij-kritische theologie - dan is er ook weer het gevaar van de reactie, namelijk dat de theologische bezinning, en annex daarmee de aandacht van de gemeenteleden, zich louter gaat beperken tot het hart en de vragen van het persoonlijk leven. Maar het blijft voor elke tijd een groot goed - ons in de Reformatie ook geschonken - om zowel de aandacht te hebben voor de vragen van het hart als voor de vragen van het leven.
Verbond en Verkiezing
Een tweede punt, waarmee met name de Gereformeerde theologie altijd heeft geworsteld, is de verhouding van Verbond en Verkiezing. Het mogen dan punten uit de leer des heils zijn, die nauw bijeen horen, we zien ook hier telkens weer beweging en tegenbeweging, ds. I. Kievit stelde dat God Zijn verkiezing realiseert in de weg van en op de wijze van het Verbond. Ze horen nauw bijeen. Maar in de geschiedenis van de Kerk der Reformatie hier te lande - óók in eigen kring - zien we perioden met zó eenzijdige nadruk op het Verbond, dat er welhaast sprake is van Verbondsautomatisme inzake de toeeigening des heils, die dan weer afgewisseld worden met perioden, waarin zó sterk en eenzijdig de nadruk op de Verkiezing wordt gelegd, dat het lijkt alsof de weldaden en toezeggingen van het verbond er niét zijn en de mens niet als verantwoordelijk schepsel tegenover de God des Verbonds is gesteld.
Voorwerpelijk en Onderwerpelijk
En om nog een derde punt te noemen; de Waarheid heeft haar voorwerpelijke en onderwerpelijke zijde. Gods Woord is de Waarheid en het heil is geschied en geschiedt in Gods daden, geopenbaard in het het verkiezende werk van de Vader, het Verlossingswerk van de Zoon en het toepassende werk van de Heilige Geest. Maar de Waarheid wordt ook als waar bevonden. Een mens krijgt er deel aan in het wederbarende werk van de Geest. En zien we ook hier in de gereformeerde theologie en in de daarin gewortelde prediking niet telkens weer, bij alle zorg overigens die er is om het voorwerpelijke en het onderwerpelijke nauw bijeen te houden, het gevaar van vereenzijdiging? Hetzij dat zó sterk de nadruk wordt gelegd op 'het is geschied' (op Golgotha), dat het werk van de Heilige Geest in rechtvaardiging en heiliging er niet meer schijnt te zijn, hetzij dat men al toe is aan de bevinding nog voordat er gezegd is wat God gedaan heeft en wat dan ook alszodanig bevonden wordt.
In een magistrale rede over 'Het mystieke element in de prediking' van prof. dr. H. Visscher op een jaarvergadering van de Gereformeerde Bond in 1929, wordt op buitengewoon evenwichtige en anderzijds scherpe wijze het Schriftuurlijk bevindelijke afgegrensd naar de zijde van intellectualisme enerzijds en vals mysticisme anderzijds. Uit deze rede nemen we enkele kernpassages over.
't Gaat om dat leven dat uit God is, door den Geest. Hier zijn twee gevaren, die dreigen; Intellectualisme en Mysticisme. Gods Woord is geen gewoon geschrift; dat wij met onze rede kunnen opnemen en verwerken, 't Is het levend Woord Gods, dat wij beleven moeten door den Geest.
Hier dreigen twee gevaren; en wel het intellectualisme, dat is het verkeerd inzetten van het verstand bij deze dingen; en het mysticisme, wat een ziekelijke ontaarding is van de mystiek. Het is nu eenmaal een feit dat er geen zaak is, waarop de mens trotser is dan op zijn intellect, op zijn verstand. En de moderne mens verwacht er alles van. Alles wordt intellectualistisch ingesteld in onze tijd; denk maar aan het onderwijs. Geen wonder dat het dus óók op kerkelijk gebied telkens de voorrang vraagt.
Het theoretische wordt gesteld boven alle levensfeiten, boven het beleven. De religie wordt er door omgezet in iets dat geen religie meer is. Het religieuse leven wordt gemaakt tot een vorm van wijsgerig kennen; of eenvoudiger uitgedrukt, tot een verstandelijk weten. De Schrift veroordeelt dat overal. De religie wordt dan een bloot leersysteem. (...)
De tegenvoeter van dit Intellectualisme, het verkeerd inzetten van het verstand, is het Mysticisme, de ontaarding van de Mystiek. Dit mysticisme siert zich gaarne met de naam 'bevindelijk', hoewel het dit volstrekt niet is. De bevinding in Schriftuurlijke zin genomen als in Rom. 5 vers 4 blijkt, is de ervaring die een christen in zijn loopbaan opdoet, als hij geen vreemdeling is in depractijk der godzaligheid. Kinderen Gods zonder bevinding, zonder bevindelijk leven, zonder een leven waarin zij de kracht en de heerlijkheid der godzaligheid ervaren, proeven en smaken, zijn er niet. Want God wil bij de Zijnen woning maken in Christus Jezus door den H. Geest (Joh. 14, Joh. 15). En Gods verborgen omvang vinden zielen daar zijn vrees in woont. Gods kinderen kunnen en mogen zeggen: 'hoort, wat mij God deed ondervinden, wat Hij gedaan heeft aan mijn geest'. Daarom moet er ook bevindelijk preken zijn; want 't ware leven van Gods volk moet besproken worden; waarbij de dienst des Heeren aan de reizigers naar een beter Vaderland mag worden aangeprezen als een liefdedienst (...) Maar door hen, die hoog van bevinding opgeven, wordt nu helaas maar al te dikwijls dan heel iets anders gegeven en iets anders gevraagd. Want in onderscheidene kringen heeft zich een vals mysticisme van het woord 'bevinding' meester gemaakt. Want in plaats dat de vastigheid en de heerlijkheid van Gods Woord uitkomt, treft men vaak een geringschatting aan van de Schrift. Waarom? Omdat men zich beroept op een innerlijk licht, dat onmiddelijk en onafhankelijk van de Schrift - en dat noemt men dan 'bevinding' - in de ziel zou schijnen. Men wil zelf aan het woord komen, ten koste van het Woord. Men beroemt zich op ervaring - bevinding - buiten de Schrift om.(...)
Daarom neemt het ook onder ons dikwijls grillige vaak zelfs visioen-achtige vormen aan. Allerwonderlijkste dingen worden voorgedragen . Ook spreekt het zich wel uit in termen, die een ontwricht, onevenwichtig ziekelijk leven verraden. Meestal liggen er ziekelijke toestanden aan ten grondslag. Men is de gezonde. Schriftuurlijke waarheid en het gezonde geloofsleven kwijt (...)
Van uitlegging van Gods Woord en een ontsluiting der Schrift komt vaak niets of zo goed als niets terecht. Er is niet zelden een minachting van Gods Woord. Predikers of voorgangers lezen een tekst af, maar roeren het Woord verder niet aan. Er is geen uitgraven van de schatten van Gods Woord, geen diep afdalen om te zoeken de parelen van Gods Getuigenis, veeleer is er ontering van Gods Woord, dat door mensenwoord - en welk mensenwoord dan ook nog - vervangen wordt. De prediking doelt hier niet op de openbaring van de heerlijkheid van Gods Getuigenis voor de gemeente, maar op uitstalling van de diepzinnige allerwonderlijkste bevindelijkheid van de prediker. In de plaats der uitlegging en toeeigening treden zeer wonderlijke inleggingen en willekeurige, dwaze, belachelijke opsieringen, die Gods Woord mishandelen.
Op deze wijze worden gemeenten en soms bepaalde streken van ons Vaderland, waar men zulke dingen begeert en zoekt, volkomen bedorven. Daar wordt een gezonde schriftuurlijke prediking onmogelijk gemaakt en de schare wordt afgevoerd van de weg der Waarheid, van het leven uit en met Gods Woord, om afgevoerd te worden naar het moeras der ziekelijke bevinding, naar de drassige bodem van het ziekelijk mysticisme.
Tot zover professor Visscher.
Het is de kracht van de gereformeerde theologie, dat deze Woord-theologie wil zijn, dat wil zeggen in alle delen gebonden wil zijn aan het Woord, zodat ook alle stukken uit het Woord in hun verband en evenwichtig aan de orde komen. Verkiezing en Verbond, genade en menselijke verantwoordelijkheid, het voorwerpelijke en het onderwerpelijke, het persoonlijke en het collectieve, kerk en staat.
Reactie als houding
We schreven over het gevaar van de reactie, door het of teveel doorslaan naar de ene of teveel doorslaan naar de andere kant. Het is altijd weer goed dat de kerk meerdere predikers heeft, die ook samen de volle rijkdom der Schrift door mogen geven. Want wie heeft zijn eenzijdigheden niet! Anders wordt het echter wanneer reactie een houding wordt. Dat kan fnuikend worden. In een al of niet bewuste houding keert men zich tegen vroegere achtergrond, tegen eenzijdigheden die men bij anderen waarneemt, tegen een verschijnsel dat men overal gaat signaleren. Het reageren wordt reactionair. Uit reactie tegen b. v. verouderd taalgebruik, dat men signaleert, vervalt men in gewilde populariteit met volledige negering van de tale Kanaans. Uit reactie tegen eigentijdse taal grijpt men naar de oude doos, naar archaïsmen, zodat de taal van vroegere eeuwen, of zelfs die niet, gesproken wordt. Uit reactie tegen bepaalde stijl in kleding worden mensen uitdagend vrij en omgekeerd uit reactie tegen verlies van stijl zoeken mensen het in het excentrieke. Uit reactie tegen een overaccentuering van de Verkiezing moet overal het verbond genoemd of uit reactie tegen een Verbondsoverschatting moet de Verkiezing doorlopend genoemd worden. Uit reactie tegen een wedergeboortetheologie wordt het woord wedergeboorte zelfs niet meer genoemd of uit reactie tegen het verlies van het besef, dat een mens wederomgeboren moet worden wordt het zó herhaald, in een opeenstapeling van woorden, dat tenslotte niemand het meer hoort. Zulk een reactie kan in een gemeente óf naar de ene óf naar de andere kant frusteerend werken. Een christen is een vrij mens, zij het dat de vrijheid een gebonden vrijheid is. Reactie als houding is evenwel niet te rijmen met de vrijheid en daarin de onbevangenheid en evenwichtigheid van het christenleven, dat niet door angst maar door gebod en belofte is bepaald.
Maatschappelijk
Het verschijnsel reactie - en daarmee besluiten we - kan ook in politiek en maatschappelijk opzicht dermate houding zijn, dat het kwaadaardig wordt. Het reactionaire in politiek en maatschappij is uitermate gevaarlijk en kan demonisch worden. Nationaal Sociahsme en fascisme hebben er hun ontstaan aan te danken gehad. Men kan in een terechte vrees voor en strijd tegen bijvoorbeeld het communisme zó reactionair worden, dat men overal communisten gaat signaleren en men tenslotte in de fascistische ontaarding zit. Men kan in de fundamentele kritiek op maatschappijkritische stromingen zó ver gaan, dat men zelf dat wat onrecht is gaat sanctioneren of dat men van de weeromstuit van anti-racist zelf racist wordt.
We besluiten dan ook met een woord van Hoedemaker (zelf altijd bezig met Kerk en staat), een woord dat geldt in kerk én maatschappij: Noch rechts noch links maar de Koninklijke weg! En dat is altijd de weg van de Koning.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 10 maart 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's