De Waarheidsvriend cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van De Waarheidsvriend te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van De Waarheidsvriend.

Bekijk het origineel

Boekbespreking

Bekijk het origineel

Boekbespreking

6 minuten leestijd

C. Steenblok, Gisbertus Voetius, zijn leven en werken, 2e (vermeerderde) druk, 247 blz., ƒ 35, - , Gereformeerde Pers, 1976.

Dit boek over Voetius is opnieuw uitgegeven ter gelegenheid van de 300ste sterfdag van Gisbertus Voetius. Daarom is enig excuus op zijn plaats voor het feit, dat het nu pas hier wordt besproken, al mag misschien als verontschuldiging gelden, dat de recensent het boek pas tegen het eind van 1976 heeft ontvangen. Het is de tweede druk van de reeds in 1942 verschenen studie van dr. Steenblok, die toen eenjaar er vóór was gepromoveerd ook op een studie van Voetius, namelijk van zijn sabbathsleer. Steenblok was dus een Voetius-kenner, en dat niet alleen. Zijn theologische habitus had veel met die van Voetius gemeen, zij het dat de horizon, waarbinnen de theoloog Voetius ademde veel ruimer was en veel meer perspectief kende dan die van Steenblok. Voor wie de uitvoerige studie over Voetius van A. C. Duker (3 delen en register, 1897, 1910, 1914/15) kent, heeft dit boek niet zo veel nieuws te bieden. Daar staat tegenover, dat de beknoptheid van het boek van Steenblok het leven van Voetius weer gemakkelijker toegankelijk maakt, ook al is de toon waarin geschreven wordt hier en daar te oncritisch en verheerlijkend. Bijzonder waardevol is, dat in deze tweede uitgave ook twee bekende oraties van Voetius zelf zijn opgenomen, namelijk zijn 'Meditatie over de ware praktijk der godzaligheid of der goede werken' en zijn 'Godsvrucht, vereiste tot wetenschap'. De laatste vooral doet ons Voetius zelf kennen in zijn hartstochtelijke gerichtheid op ware vroomheid, maar ook in zijn brede belangstelling voor de theologische wetenschap. Graag wil ik aanraden dit boek aan te schaffen. De prijs is niet laag, maar de uitvoering is goed, temeer omdat het boek is verrijkt met een groot aantal historische illustraties.

C. G.

B. Kristensen, J. E, de Vries, F. P. Doornbosch, H. M. I. Bos-Arends, N. Visser-Martinov, S. G. Hoeksema: 'Sensitivity-training ... en hoe verder? ' Uitg. Buy ten en Schipperheyn, Amsterdam 1976, 243 blz.

De schrijvers van dit boek bedoelen een stuk objectiviteit en duidelijkheid aan te dragen om enkele leemten op te vullen bij ieder, die met sensitivitytraining te maken heeft. (blz. 11). Het boek is een bundel opstellen, naugezet op elkaar afgestemd. Men geeft uitvoerige achtergrondinformatie en voorlichting. In het tweede, kleinere deel belicht men het verschijnsel van verschillende kanten waarbij ook levensbeschouwelijke aspecten aan de orde komen. De socioloog Kristensen geeft in zijn eerste bijdrage, 'Wat is S. T. ? ' allereerst een overzicht van de achtergronden van deze vorm van training. Het is een beknopte, maar boeiende uiteenzetting over de dynamiek van onze cultuur en de daarin aanwezige leemte op het gebied van de intermenselijke relaties, waarbij dan s. t, 'de' oplossing zou moeten bieden. Deze bijdrage geeft een helder en uitgebreid overzicht van verschillende vormen van s. t. Op verantwoorde wijze is hier een grote hoeveelheid, meestal zeer verspreid en sporadisch te achterhalen, materiaal bijeengebracht en geordend.

Hoewel het artikel van Doornbosch over de humanistische psychologie van Maslov een zijweg inslaat, biedt het relevante achtergrondinformatie. Vanuit een geheel andere gezichtshoek belicht mevr. Bos het thema: wetenschappelijk onderzoek kan niet anders dan leiden tot de conclusie, dat s. t. een twijfelachtige zaak is. De bijdrage van dokter De Vries bestaat uit een zeer uitvoerig verslag, gemaakt als 'anoniem deelnemer' aan een aantal trainingen. Stellig zijn zijn verhalen interessant en verhelderend, maar 't is de vraag of een dergelijke deelname, zowel ten opzichte van de betrokken groepsleden als ten opzichte van schr. zelf, die uiteindelijk geen heil in s.t. ziet, raadzaam en ethisch toelaatbaar is.

Voor het eerste deel hebben we veel waardering: veel goede informatie in betrekkelijk kortbestek. Het tweede gedeelte, van verschillende auteurs, zoekt een antwoord op het verschijnsel s.t. Na 'n duidelijke uiteenzetting van praktische problemen als de verplichtstelling, onvoldoende voorlichting, gebrekkige nazorg e.d., trekt men de o.i. juiste conclusie, dat s.t. meer is dan een neutrale techniek. Soms lijkt het om een religieuze zaak te gaan (blz. 202). De auteurs vragen dan, of de christelijke gemeente hier antwoorden kan geven. Deze vraag en probleemstelling lijkt ons juist. De gemeente kan niet om een stuk moderne nood heen. Is juist de gemeente niet de plaats, waar men oog dient te hebben voor de ander?

Toch hebben we moeite met de wijze, waarop de schrijvers hier formuleren. Stellen zij de 'training' en de 'chr. gemeente' als de 'plaats, waar de menselijke relaties vanouds aandacht krijgen' (blz. 202) niet te veel op één lijn? Terwille van het ingaan op bepaalde relatieproblemen mogen we toch het zwaartepunt van het gemeente-zijn, nl. het bijeen zijn rondom de verkondiging, niet gaan verleggen? Naast vragen over de gemeentebeschouwing hebben we enige moeite met de wijze waarop de auteurs de verhouding pneuma-psyche aan de orde stellen (o.a. op blz. 208). Ingewikkelde zaken worden hier toch wel wat al te snel en eenvoudig afgedaan. Bestaat hier bovendien niet enig gevaar van een nieuw soort wetticisme? En wat de titel betreft: als we de trainingsbeweging, m.n. wat de achtergronden aangaat, willen confronteren met het gemeente-zijn, zouden we dan niet beter kunnen vragen 'hoe anders' in plaats van 'hoe verder'?

Ter informatie en critische doordenking van het voor velen fascinerende verschijnsel sensitivitytraining biedt dit keurig uitgegeven boek waardevolle gegevens voor ambtsdragers en (vooral jongere) gemeenteleden. Ede-Utrecht

Ds. A. Romein

Drs. G. Dekker-van der Kuil

J. T. Bakker/K. A. Schippers, Gemeente: Vindplaats van heil? , 105 blz.. Kok, Kampen, z.j.

In de serie Cahiers voor de Gemeente is dit boekje verschenen, dat aansluitend bij de impasse, waarin de gemeente (met name in de Geref. Kerken) op dit ogenblik verkeert, tracht een weg te zoeken naar een nieuwe vorm van gemeente-zijn in de toekomst. De gerichtheid op de toekomst is dan ook veel sterker dan de oriëntatie op het verleden. Een poging tot nieuw verstaan van het klassieke belijden aangaande de kerk wordt in dit boek niet gevonden. Wel wordt getracht in een gepolariseerde situatie uit te grijpen naar een gemeenschappelijk kerk-zijn, waarvan het grondpatroon gevormd wordt door de moderne visie op de geschiedenis als een voortgaand creatief gebeuren, waarin telkens nieuwe gestalten zich voordoen van het handelen Gods in en met deze wereld. Dat de gemeente daarvan weet en daaraan vorm geeft maakt haar tot een vindplaats van heil. Zo blijft de gemeente een onmisbare gestalte van het heil, maar haar oriëntatie hierin is niet gericht op haar zelf, maar op de wereld, waarin zij leeft.

Gelijktijdig met dit boek las ik het nieuwe boek van J. Moltmann over de kerk (Kirche in der Kraft des Geistes, München, 1975). Mij trof de grote overeenkomst tussen beide. Beide willen een messiaanse gemeente voorstaan, waarin de beweging naar de toekomst toe centraal staat. Deze dynamische gemeentebeschouwing heeft haar ware en waardevolle kanten, maar gaat mank aan een grote eenzijdigheid, omdat zij het statische element van de kerk (Kerk als pilaar en vastigheid der waarheid) mist. Het gemis aan aansluiting aan het klassieke belijden aangaande de kerk wreekt zich in deze bezinning en mede als gevolg hiervan ook steeds meer in de practijk van het gemeente-zijn.

C.G.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's

Boekbespreking

Bekijk de hele uitgave van donderdag 31 maart 1977

De Waarheidsvriend | 12 Pagina's