Uit de synode
(2)
* Nieuwe levensstijl
Er was heel wat 'politiek en maatschappij' op de laatste synode. Ook de zogeheten nieuwe levensstijl wordt goeddeels in dat kader gezet. Anders omgaan met geld, goederen, aarde, mensen en tijd, staat centraal in de bezinning. De hervormde synode boog er zich over naar aanleiding van de Gespreksnota van een werkgroep over dit thema.
Oud. J. Haeck (Hoevelaken), die stelde dat recht in de leer en recht in het leven moesten samengaan, zag in de activiteiten van werkgroepen als genoemde ook hier een vooruitgrijpen op het Koninkrijk. Ik maak alle dingen nieuw. Ook hier is alles te veel verpolitiekt. Niet vanuit de actiegroepen maar vanuit de prediking komt de nieuwe levensstijl op en worden Gods geboden gedaan uit dankbaarheid.
Ds. B. Duisterhof (Yerseke) zei t.a.v. de roep om nieuwe levensstijl: eigenlijk kan het niet, tóch kan het, niet door actie maar uit het Woord, het zal wel lukken met ongelukken, en: neem Kohlbrugge de heilige onheilige ook eens in de overwegingen mee.
Oud. J. Morreau (Hilversum) wees natuurverheerlijking van de hand. We leven nu in de tijd van de techniek. Laten we de gave Gods in de techniek positief waarderen.
Ds. W. Ph. E. van Kooten (Schoorl), wiens opmerking 'Beste mensen, maak er wat van, durf te leven' en 'Koop eens een taartje' in de pers vleugeltjes kregen, was bang dat er nu weer eens groepen gingen komen die kwamen vertellen wat er allemaal nu weer niet mag van de kerk.
Ds. H. Binnekamp (Maarssen) sprak over concentrische cirkels. Allereerst diende er te zijn gerichtheid op God in de verborgen omgang van Schriftlezing en gebed. Dan moet er zijn betrokkenheid op het Joodse volk, verder de dankbaarheid voor het dagelijks brood en tenslotte aandacht voor de verre naaste en de mens dichtbij in nood, voor de vreemdeling ook, die in onze poorten is.
In een lang betoog liep dr. Van den Heuvel tenslotte de sprekers langs. Hij had meer applaus verwacht van de rechterflank. 'De nieuwe levensstijl is nu juist de zaak die u voor ogen staat'. In de roep om een andere levensstijl ligt een oordeel over de bestaande. Maar, aldus v.d. Heuvel, bij de nieuwe levensstijl gaat het om de meest explosieve zaak en zitten we in het hart van het CDA en de PvdA. Bij de stemming straks gaat het om de levensstijl. Voortdurende verwijten van wetticisme mogen niet komen van hen die de oude levensstijl handhaven, wierp Van den Heuvel oud. Haeck tegen, hem oproepend in Hoevelaken de zaak van de nieuwe levensstijl maar aan de orde te stellen. (Ook hier ging de secretaris-Generaal o.i. buiten zijn boekje, v. d. G.). T.a.v. de cirkels van ds. Binnekamp zei hij: verborgen omgang is alleen mogelijk rond de klacht die van de aarde opstijgt, aandacht voor Israël middels Jezus die één der armen was, en besef dat de mens in nood onder ons de gestalte van Christus is. De conclusie van de secretaris-generaal was: de werkgroep nieuwe levensstijl mag van mij harder optreden.
Hoort hard optreden dan - zo vragen we tenslotte - in het kerkelijk spraakgebruik thuis? Moet hard optreden dan ook de Nieuwe levensstijl bepalen? Niet door kracht, noch door geweld zegt de Schrift. Dan zwijgen we maar over de vraag of Van den Heuvel zeggen mag dat het van hem mag. We behoeven toch niet bij de scriba te vragen of iets mag of niet?
* Nairobi
Onze kerk gaat drie onderwerpen 'uit de veelheid van het materiaal van Nairobi' (waar de assemblee van de Wereldraad plaatsvond), verwerken. Op voorstel van het moderamen zijn dat: totale aanpak van zending en evangelisatie, de kerkelijke eenheid, en de strategie van de mensen-rechten.
Ds. J. Vroegindeweij (Emmeloord) vroeg om verduidelijking van het eerste onderwerp. In de toelichting wordt totale aanpak van zending en evangelisatie direct in verband gebracht met 'sociaal engagement' van de kerk, emancipatie van de vrouw, van de jongeren, van de derde wereld. Behoort, bij die totaal-aanpak ook, zo vroeg ds. Vroegindeweij, hoe we de mensen leren de Schriften te lezen, als zondaren van genade te leven, Gods eer te bedoelen. Zijn Rijk te verwachten? Oud. Haeck vroeg of John Stott die in Nairobi indringend vroeg of de Wereldraad die zo duidelijk de schreeuw der onderdrukten hoort, ook het geschrei der verlorenen hoort, ook mee mag doen of moet hij eerst aan een aantal spelregels voldoen. Ds. C. van Sliedregt pleitte ervoor als tweede onderwerp, i.p.v. de oecumene dus, te nemen de spiritualiteit, het werk van de Heilige Geest. Het gaat ook om de gestalte van de kerk. Wat wil het zeggen kerk te zijn in een gebroken wereld? Wat wil het zeggen als Christus de vraag stelt of Hij bij Zijn wederkomst nog geloof zal vinden?
Dr. Th. C. Frederikse sloot zich bij ds. Van Sliedregt aan in de vraag om bezinning op de spiritualiteit. Dr. v. d. Heuvel merkte op dat oud. Haeck gesproken had naar het hart van het voorstel. Zou verder, zo meende hij, het voorstel van ds. Van Sliedregt aangenomen zijn, dan zou de omvang van het vraagstuk toch niet veranderen. (In Nairobi werd gesproken over spiritualiteit voor de strijd, waarmee ook dit onderwerp weer in sociale kaders werd geplaatst, v.d. G.). Het voorstel van ds. Van Sliedregt kreeg 17 stemmen en werd daarmee verworpen. De drie aangekondigde onderwerpen zullen dus de komende tijd op de agenda staan.
* Deelgemeenten
Het voorstel om de buitengewone wijkgemeenten in wording als zogenaamde deelgemeenten in de kerkordelijke bepalingen op te nemen heeft het niet gehaald. Wel is de naam deelgemeente aanvaard (28 tegen 20 stemmen) , maar deze gemeenten blijven in de zogenaamde overgangsbepalingen, om daarmee het bijzondere, het 'voorlopige' karakter aan te geven. We hebben over deze zaak al uitvoerig geschreven, waarbij we stelden dat aanvaarding van de voorstellen het bankroet betekende van gemeente-opbouw.
Ter synode hield prof. dr. A. J. Bronkhorst een emotioneel betoog, herinnerend aan de dagen van de richtingsstrijd, die hij 'in volle glorie' had meegemaakt. De oorlog was nodig om ons naar elkaar toe te slaan nadat de akkers waren geploegd door Kerkherstel. In het voorjaar 1944 werden de reorganisatievoorstellen met algemene stemmen aangenomen. Dat is bij alle verschrikking de vreugde van de oorlogsjaren geweest. Het is in de naoorlogse jaren echter steeds moeilijker gegaan. In de naam buitengewone wijkgemeente-in-wording, een constructie om minderheden van bovenaf een plaats te geven, 'zat een laatste respect voor de plaatselijke kerkeraad. Wat we nu meemaken, aldus prof. Bronkhorst is een begrafenis (van Gemeente-opbouw). Het zou hem spijten als de deelgemeenten (tegen welke naam hij ook bezwaar had) in de kerkordebepalingen zouden komen. Het verbaast mij dat zo weinig geloofd wordt in wat in bepaalde kringen zo graag genoemd wordt 'een onberouwelijke bekering’.
Dr. H. Bartels, vurig voorstander van de nieuwe regeling, door hem mede ontworpen in de Commissie voor Kerkordelijke Aangelegenheden, zei dat je de hoop op toenadering in de gemeenten wel kon laten varen. 'Ik bedrijf gemeente-opbouw na de dood van 'Gemeente-opbouw’.
Prof. dr. M. H. Bolkestein pleitte voor wettige pluriformiteit in de kerk op basis van artikel X van de Kerkorde. Weigert een kerkeraad in dat kader aan een minderheid een plaats, dan is dat een abnormaliteit, en dus mag een regeling voor de betreffende minderheden nooit in de normale kerkordebepalingen. Er moet sprake blijven van aanklacht tegen die kerkeraden die slechts uniformiteit erkennen en niet pluriformiteit (eenvormigheid i.p.v. veelvormigheid).
Ds. C. Mak, praeses van de Generale Synode, keek ook kritisch aan tegen de deelgemeenten. Als u een besluit neemt, adviseerde hij (het zou toch een besluit worden in eerste ronde, waarna de classes om advies gevraagd wordt) raadpleeg dan ook Samen-op-Weg, en de gereformeerde synode (op het niveau van uw classicale vergaderingen).
Op synodeleden, die gezegd hadden dat met de nieuwe regeling de hotelkerk gesanctioneerd zou worden (ds. D. D. Lucas, Waardenburg) of dat hier een federatieve kerkopvatting aan ten grondslag lag, dat wil zeggen de gedachte van een opgedeelde kerk (ds. H. Binnekamp, Maarssen) stelde dr. R. J. Mooi dat hij zo niet wilde 'jammeren en treuren'. Hij wilde erkennen dat kerkeraden samen soms geen ruimte aan anderen konden geven om des gewetens wil. Maar we verkeren nu eenmaal met elkaar in die ene Kerk. Zouden we dan niet met elkaar blijven spreken over het belijden en (in) de belijdenisgeschriften, het geloof, de toekomst van de Kerk? Juist handhaving van artikel X vraagt om de nieuwe regeling om zo samen kerk te zijn.
Toch bleken tenslotte slechts 14 synodeleden voor opneming van de deelgemeenten in de kerkordebepalingen. Overigens zal het wel mogelijk zijn dat minderheden uit verschillende gemeenten samen één deelgemeente vormen. Veel zal er verder in de praktijk niet veranderen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 21 april 1977
De Waarheidsvriend | 14 Pagina's