Een ontdekkende rondgang
Yad Washem
Israël bezoekt men niet als gewoon toerist. Het landschap mag afwisselend zijn, variërend van dorre en barokke woestijnen tot streken met zeer stille wateren, maar Israël is vooral bakermat van de Bijbel. Niet de zogeheten heilige plaatsen spreken aan. Eerder is het irriterend, dat op zulke plaatsen de kerken als het ware over elkaar heen tuimelen, elkaar in pracht en praal trachten te overtroeven; en met name de via dolorosa, de lijdensweg van Christus, wordt zo opgesmukt met verhalen en afbeeldingen, dat de suggestie wordt gewekt, dat het lijden van onze Heere en Zaligmaker een romantisch lijden is geweest en niet een bitter lijden, dat niet uit te beelden is. Ieder wil een stukje 'heilige' grond hebben, terwijl heilige grond alleen daar is waar de Godsspraak is, als bij de brandende braambos, waartoe Mozes vanwege de aanwezigheid Gods niet naderen mocht. De grond was Heilige grond.
Dat neemt intussen niet weg, dat Israël het land is waar God de heilige bladen van de heilige historie schreef. Daar openbaarde God zich. Zó, zoals God met Israël handelde, wilde hij met geen volken handelen. Daar gaf God Zijn wetten, daar was er deverbondssluiting, daar wandelde Christusen werd de heils geschiedenis geschreven met het bloed van de Zaligmaker daar ligt het open graf, een graf dan ook intussen, waarvan geldt: Hij is hier niet, zodat we de Levende niet bij de doden hebben te zoeken.
Maar de Olijfberg met het zicht op Jeruzalem, de stad van de grote Koning het uitzicht over de velden van Efratha, kortom al die historisch bekende plaatsen roepen te sprekender in herinnering de daden Gods in Jezus Christus. En staande bij Jeruzalem of staande bij de bronnen van de Jordaan; bij het land van de Hermon, spreken met name de psalmen hun eigen taal. Rondom Jeruzalem zijn bergen; Jeruzalem, eer dat ik u vergete; daarom gedenk ik uwer uit het land van de Jordaan en de Hermon.
Maar behalve de liefelijkheid van de psalmen is er ook de levende herinnering aan de sprake Gods ten gerichte. Het verwoeste Jericho, de verwoeste synagoge van Kapernahum (gij Kapernaüm, die tot de hemel toe zijt verhoogd, gij zult tot de hel toe nedergestoten worden) en de zoutvlakte van Sodom zijn de toonbeelden van het gericht, laten zien wat de huiveringwekkende consequenties zijn van het niet willen horen naar de stem van de levende God en Zijn Zoon, Jezus Christus. Welke visie men ook op Israël heeft, men kan Israël niet als gewoon toerist bezoeken. Daar K. Exalto Daarvoor is de historie van Israël teveel vervlochten met de historie van de Bijbel en omgekeerd.
In het heden
Er is ook een anderekant aan een bezoek aan Israël. Israël, het land van de Bijbel, dat is de éne kant. Israël-in-het-heden, dat is de andere kant.
Er is één plek in Israël, die men niet met droge ogen bezoeken kan, niet overigens dat, wat in het bijbels verleden plaats vond, maar vanwege wat in het heden bittere realiteit werd. Yad Washem, het opgerichte huiveringwekkende teken in Jeruzalem, teken van de gruweldaden aan het Joodse volk in de Tweede Wereldoorlog. Het ligt niet ver van de Knesseth, het Israëlisch parlementsgebouw, waarvan het hekwerk, dat de vorm heeft van een prikkeldraadversperring, óók de gedachte aan de moordkampen levend houdt.
Yad Washem treedt men binnen in een grote stille ruimte. Een vlam brandt in stilte boven een mozaiekstenen vloer, bestaande uit zes miljoen steentjes, voor elk slachtoffer van Hitlers geweld één. In de vloer staan de namen van de kampen: Bergen Belsen, Buchenwald Dachau.... Niemand zegt er een woord, velen huilen van ontroering, ontzetting, bittere vragen deernis met het lot van die miljoenen onschuldigen, mannen, vrouwen en kinderen, die louter vanwege hun Jood zijn werden afgeslacht als dom vee. Afgeslacht door de man, die zich door 'de Voorzienigheid' zó verkoren waande, dat hij niet alleen, zoals hij in zijn boek Mein Kampf stelde, geen andere macht op het vaste land van Europa kon dulden, maar zéker ook geen volk kon dulden, waarvan de Schrift zegt, dat het, aangaande de verkiezing, beminden om der vaderen wil zijn.
Lopend door de gangen van Yad Washem ziet men de huiveringwekkende afbeeldingen van de grootste genocide (volksmoord) uit de geschiedenis. Men ziet de vrouwen angstig hun kinderen tegen zich aandrukken als ze voor het vuurpeloton staan en ze over enkele seconden zullen vallen in de schacht, waar honderden lijken al kris kras dóór elkaar en over elkaar liggen.
Men ziet hoe de lijken als broodjes in de oven geschoven worden.
Men wéét, dat het allemaal is gebeurd maar het zien van de afbeeldingen doet opnieuw vragen: hoe was dit mogelijk? Menigeen loopt terug, kan het niet langer aanzien. En bij de uitgang staat het beeld van Job, symbool van het lijden.
Welke les?
Wat is de les van Yad Washem? Ik kan het niet beter zeggen dan met een woord van de Jood Abel Herzberg, dezer dagen in een interview in Hervormd Nederland Hij zei nooit gelegenheid gehad te hebben om 'heil Hitler' te roepen en dat hij niet zou hebben geweten wat hij dan zou hebben gedaan. De les van Yad Washem is, dat het mogelijk is, dat de mens lager daalt dan het redeloze vee, dat de mens zó de mens een wolf wordt, dat het geweten met brandijzers is toegeschroeid. Yad Washem confronteert ons met de beul in ons. Een rondgang door dit oorlogsmuseum is een ontdekkende rondgang. Het laat zien, waartoe 'beschaafde' mensen kunnen komen. Mensen van ónze generatie kwamen immers zover. En al bidden we dat dit nooit meer gebeuren zal, wie zegt dat het inderdaad voorgoed verleden tijd is?
In ieder geval geldt, dat wie het verleden, dit verleden, vergeet, gedoemd zal zijn het opnieuw te beleven.
Israël nu
Het is duidelijk, dat het volk Israël het bezit van het land na eeuwen van ballingschap envooral na het bloedbad van de veertiger jaren als een kostbaar ding beschouwt. Eindelijk een tehuis! En nóg is Israël omringd door vijanden.
Aan al haar grensen loeren ze als roofdieren op hun prooi. Het is dan ook duidelijk, dat Israël datgene, wat in haar bezit kwam de strategisch belangrijke Golan, het onvergetelijke oude Jeruzalem met de Wetsmuur uit lijfsbehoud niet meer zal kunnen afgeven.
In Israël zegt men: géén tweede Masada! De burcht Masada is de laatste verschansing geweest van gevluchte Joden na de val van Jeruzalem in het jaar 73. Na een beleg van een jaar door de Romeinen viel Masada, toen de Romeinen een opgeworpen wal tegen de berghelling hadden voltooid Maar toen de Romeinen over de muren binnenkwamen, vonden ze slechts doden. Liever dan te vallen in de handen van de Romeinen hadden ze elkaar gedood. Tien door het lot aangewezenen doodden de overigen (ongeveer duizend), één doodde de negen, en de laatste sloeg de hand aan zich zelf. Géén tweede Masada. Israël wil als volk in eigen land leven. Maar geen volk is intussen zo bedreigd als dit volk.
Dit volk mag rekenen op onze solidariteit. Wie door Yad Washem loopt beseft welk een geweldige schuld we hebben aan dit volk, ook al mogen we zeggen - en in Israël leeft de herinnering daaraan diep - dat Nederland door de eeuwen heen de Joden geherbergd heeft en opgevangen heeft. Maar in de bedreigingen van nu, waarin altijd weer sprake is van onuitroeibaar antisemitisme, heeft Israël het nodig door het (christelijke) westen dat zich zo vaak aan haar vergreep te worden gesteund. Opdat Israël worde worden voor nieuwe rampen!
Er is geen enkele reden om de staat Israël te idealiseren, integendeel, er blijft bovendien het niet opgeloste en om oplossing schreeuwende vraagstuk van de Palestijnen, die gevlucht zijn; maar ik verstout mij om te zeggen, dat, naarmate we minder solidariteit met dit volk tonen, we ons verder begeven op de weg van nieuw antisemitisme.
De anti-Israël stemmen nemen toe, met name ook binnen onze kerk. Toen vorig jaar door de Nederlandse Hervormde Kerk een actie werd gevoerd voor een technische school in Eshel Hanassi, waren er heel wat felle tegenstemmen. Recent heeft verder de Hervormde Jeugdraad van Amsterdam voor een zogenaamde informatiemarkt wél uitgenodigd het Palestinacomite, dat er in feite op uit is om Israël te vernitigen en niet de werkgroep Israël. En ook al heeft de Amsterdamse centrale kerkeraad dan in een verklaring gezegd niet mee te willen werken aan vernietiging van de staat Israël en heeft zij toetreding van de werkgroep Israël bepleit, handhaving van de band met het Palestinacomite staat in principe gelijk met een eigentijdse vorm van antisemitisme. We kunnen bepaald niet zeggen dat onze Kerk in haar geheel naast Israël staat. Helaas! Ook diakonaal niet.
Tussen verleden en toekomst
We kunnen druk bezig zijn met het Israël uit het verleden. We kunnen ons ook druk bezig houden met het Israël van de toekomst. Wie zal daarover het laatste woord spreken. Paulus worstelt in de hoofdstukken Romeinen 9-11 met het vraagstuk van de toekomst van zijn volk. Hij valt zichzelf als het ware iedere keer in de rede als hij de bedoelingen Gods met zijn volk tracht te peilen. Heeft God Zijn volk verstoten? Dat zij verre. We beseffen, dat het wereldbestuur in Gods handen ligt. We beseffen ook, al doorgronden we niet hoe, dat de lijdensgang van het Joodse volk niet buiten Gods bestel staat. Hij is God! We zullen ook wat de toekomst betreft God God laten in Zijn gang met dit volk. Hebben we verwachting voor dit volk en bij het licht van de Schrift mag dit gegronde verwachting zijn - dan nóg zeggen we, dat God Zelf Zijn geschiedenis dit volk schrijven en voleindigen zal. Maar we kunnen intussen zo druk en abstract bezig zijn aan het Israël van de toekomst dat we Israël in het heden voorbijzien. Israël is de wortel en wij zijn de, takken. Wie de christennaam draagt zal dat beseffen en deswege staan naast dit volk, dat zo vaak alleen woonde en ook nu in eigen land alleen woont omringd door vijanden. Yad Washem is een teken, een teken van een absurd verleden, een opgestoken vinger in het heden en voor de tijd die komt.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 28 april 1977
De Waarheidsvriend | 12 Pagina's